zaterdag 18 november 2017

Kafka, of de paarse krokodil

In mei van dit jaar moest het rijbewijs van mijn liefje worden vernieuwd. Georganiseerd als ze is, ging ze begin april naar de betreffende instantie om de procedure in gang te zetten. Heel vroeger was er bij de Nederlandse Rijksdienst voor het Wegverkeer een speciale afdeling die rijbewijzen voor Nederlanders in het buitenland regelde. Het Europese Gerechtshof oordeelde in 2002 dat de registratie- en omruilplicht die in die tijd in Spanje gold, onrechtmatig was en moest worden afgeschaft. Dat gebeurde. In 2002 werd die speciale afdeling in het Vaderland eveneens opgeheven.

Als permanente resident in Spanje ben je dus genoodzaakt in het nieuwe vaderland je rijbewijs aan te vragen. Dat betekent automatisch dat je een Spaanse 'licencia de conducir' ontvangt. Zelf had ik een BE-aantekening op mijn Nederlandse rijbewijs waarmee ik als chauffeur een grote, zware caravan mocht trekken. Hoe zou omzetting naar het Spaanse systeem op dit punt uitpakken? Dat bleek niet onze grootste zorg.

We togen destijds naar een medisch centrum in Torrevieja. CENCA is in Spanje de officiële instantie die medische verklaringen afgeeft ter verkrijging van een rijbewijs. Ons zicht werd getest en we moesten een proeve van bekwaamheid afleggen, achter een computerscherm. De verpleegster legde de computertoepassing uit: met behulp van een toetsenbord moest je een auto langs een bochtige weg tussen de lijnen houden. Als een wiel over de streep kwam, klonk een harde toon. Je zou denken ‘appeltje-eitje’ maar dat was niet zo. Ik wist immers niet hoe vaak je de lijn mocht overschrijden. Verkrampt stapte ik achter het scherm vandaan, excessief transpirerend. De verpleegster mat mijn bloeddruk daarna op: 190. Ik vond dat niet vreemd gezien de stress van dat moment. Dat herhaalde zich bij mijn liefje, met vergelijkbare uitkomst. Wij werden beiden doorverwezen naar de huisarts.

We ontvingen allebei een Spaans rijbewijs al was mijn nieuwe geldigheid (10 jaar) langer dan die van mijn liefje. Zij was zo eerlijk de vraag of zij ooit chemotherapie had gekregen, te bevestigen. Dat gegeven was op zich al straf genoeg maar in Spanje werd haar rijbewijs minder lang geldig dan het mijne. Ze sputterde dat dit discriminerend was maar dat mocht niet baten. Haar rijbewijs is en blijft  vijf jaar geldig.

Gelukkig hoefde ze bij de recente vernieuwing van haar rijbewijs geen proeve van bekwaamheid af te leggen; een fysieke test door een keuringsarts volstond en die verliep goed. De instantie die rijbwijzen in Spanje afgeeft, heet ‘Tráfico’. Zij zouden het rijbewijs via -onaangetekende- post naar ons nieuwe huisadres sturen. Het document was een maand later nog niet gearriveerd. Onderzoek wees uit dat het in de post was kwijtgeraakt. Iedereen waste de handen in onschuld. Een nieuw rijbewijs werd niet stante pede uitgegeven, een tijdelijke verlenging wel. Mijn liefje, de onschuld zelve, was verre van blij.

Ook de tweede, tijdelijke verlenging werd ondertussen afgegeven; sporen van het origineel waren in geen velden of wegen te bekennen. Die verlenging zou in oktober verlopen dus begin september maakten we een online afspraak bij de ‘Jefatura Provincial de Tráfico’ in Alicante. Spanje heeft een face-to-face-cultuur, bellen of schrijven is minder effectief (als dat al mogelijk is). Ik hoef je niet te vertellen hoe zo’n kantoor eruit ziet: groot, grijs, kaal, zonder ramen. Met expressieloze ambtenaren achter een batterij loketten. De zaal zat boordevol klanten, wij sloten ons geduldig bij hen aan.

Toen het onze beurt was, liepen wij op de aangewezen balie af. De ambtenaar had aanvankelijk weinig zin om te helpen. Hij begreep het niet, een rijbewijs kon toch niet zomaar verdwijnen, ze konden toch niet zomaar een tweede exemplaar uitgeven en meer prietpraat. Klantvriendelijk handeling stond niet hoog op zijn agenda. Wij bleven echter vriendelijk, haalden alles uit de kast om hem in beweging te krijgen. Uiteindelijk lukte dat. Joehoe! Het nieuwe document zou binnen een maand klaar zijn. Wij hoorden van hen.

Niet dus. 

Deze week, zes weken later en zes maanden na het eerste verzoek van mijn liefje, bezochten we de plaatselijke dependance van Tráfico maar weer eens. Zij legde de situatie (wederom) aan baliemedewerker Victor uit, terwijl ik in de wachtkamer bleef. Sinds zij op Spaanse les zit, wil zij uitsluitend en onder alle omstandigheden Spaans te praten. Een goed uitgangspunt. Zittend in de wachtkamer ving ik op enig moment het woord ‘Kafka’ op. En Engelse tekst. Ik hoorde haar uitleggen wie die schrijver was en hoe zij zich persoonlijk onvrijwillig slachtoffer voelde van een kafkaiaans drama. Ik hoorde hem daarop lachen. Dat mocht hij doen, zolang hij maar voor haar aan de slag ging. Dat deed hij. De volgende avond belde hij terug om te zeggen dat we weer naar Alicante moesten, nu om het nieuwe rijbewijs op te halen. Echt waar. Een afspraak was niet nodig.

Afgelopen donderdag was het weer zover. We betraden het sombere Alicantijnse kantoor opnieuw en trokken een volgnummer voor de Informatiebalie. De medewerkster deed iets in het systeem, vijf minuten later moesten we zelf weer een afspraak maken en opnieuw een nummertje trekken, nu voor de Afhandelingsbalie. Zou het eindelijk lukken? Baliemedewerkster nummer 2 bleek een en al bereidwilligheid. Het felbegeerde document kwam tevoorschijn. Aanvullend legde ze, behulpzaam als ze was, alle andere wijzigingen in hun gebruikersonvriendelijke systeem voor ons vast. Er zaten twee opgeluchte vrouwen tegenover deze Heldin van de Dag. Een van ons riep haar waarderend uit tot ¡Heroína!” Ze gaf ons een glimlach vol ongeloof terug. Dat maakt ze kennelijk niet vaak mee…


woensdag 15 november 2017

Drie schorten

Onze overburen uit Madrid keerden onlangs terug naar hun huis aan zee. Zodra mijn liefje en ik de straat in liepen, kwamen zij met uitgestoken hand op ons af. Guillermo en María zijn bereisd, ontwikkeld en aardig. We houden altijd een praatje; de ene keer verloopt dat beter dan de andere keer.

Hun zoon António werkt voor een internationaal ingenieursbureau en woont met vrouw en kinderen in Den Haag. De ouders gingen hen de afgelopen zomer een week bezoeken. María vond de hofstad fantastisch. (Als ex-Kijkduiner glom ik van trots.) Het autovrije centrum, de groenvoorziening, de vele kinderspeelplaatsen, het strand, het heerlijke bruine brood, de open ramen 's avonds, de biologische winkels. Zij vond het “una maravilla”. Guillermo was verbaasd dat zijn kleinkinderen met hun Spaanse inborst zonder morren om acht uur 's avonds naar bed gaan en dat je in Nederland geen rundvlees van eigen bodem kunt kopen. Dat vond ik op mijn beurt grappig. Hollandse bitterballen vonden ze allebei lekker, wij houden van de Spaanse croquetas de jamón. Gelijk oversteken.

Wij vertelden dat de zomer van 2017 ons qua drukte en warmte erg was meegevallen. Zij weken uit naar het koelere Santander en hadden het daar naar hun zin. We kregen het vervolgens over eten, ik vertelde over de aanschaf van onze slow cooker en de stoofgerechten die we ermee maken. Op mijn beurt vroeg ik naar hun recept voor paëlla. Het grote geheim zit 'm wat mij betreft in de bouillon (‘caldo’) en hoe stelden zij die samen? Nou, dan moesten we maar een kijkje in hun keuken komen nemen en het resultaat helpen opeten. Hun jongste dochter en haar vriend zouden dat weekend overkomen uit Madrid en dit gerecht stond op het menu. Paëlla mag wat mij betreft direct tot cultureel erfgoed worden uitgeroepen!

Ik sputterde uit beleefdheid tegen en opperde dat het mij echt alleen was te doen om hun bereidingswijze maar dat was tegen dovemansoren gezegd. We waren uitgenodigd voor de lunch. Op zaterdagochtend belde Guillermo aan om de afspraak te bevestigen: om 13:00 uur zou de kookles beginnen. Klokslag 1 uur stak ik de straat over om aan te bellen maar de deur zwaaide reeds open. Met schort en notitieblok stapte ik hun huis binnen. De eerste vraag van María was, waar mijn liefje was. Die deed kleine boodschappen dus ik verwachtte haar snel terug.

Op het aanrecht stonden alle ingrediënten uitgestald voor paëlla de mariscos (schaal- en schelpdieren), voor zes personen. Ik merkte donkerrode gambas en roestbruine bouillon op. Dat beloofde weinig goeds… Mijn liefje is namelijk hyper-allergisch voor zeevruchten. Bij het minste hapje wordt ze zo wit als een tafellaken, waarna allerlei andere ellende volgt. Wanneer moest ik dit aan onze gastheer en -vrouw vertellen? Ik hield mijn mond voorlopig, wachtend op een geschikter moment.

Voor hun recept gebruikten zij:
  • Sabroz Brillante-rijst, die ronder en dikker is (verkrijgbaar bij supermarkt Mas y Mas)
  • Caldo de Pescado (visbouillon), kant & klaar verkrijgbaar bij lokale vishandel  Albaladejo
  • 1 blikje tomate frito (het beste merk is Hida)
  • 500 gram gambas rojas medianas (middelgrote, rode garnalen)
  • 500 gram calamares (schoongemaakte inktvis, inclusief tentakels)
  • 1 kopje geweekte ñoras (gedroogde paprikaschil; alleen het vruchtvlees wordt gebruikt)
  • ½ rode paprika, klein gesneden
  • 1 witte ui, klein gesnipperd
  • 2 teentjes knoflook, gesnipperd
  • Een snufje saffraan of colorante alimentario
  • Zout (Maldon; daar koken chefs ook mee)
María vertelde dat Guillermo drie jaar geleden (na zijn pensioen, vermoed ik) met koken begon. Hij hield altijd al van lekker eten maar hij bracht tot dan toe nauwelijks tijd in de keuken door. Dat is nu anders. Hij was el Jefe van de paëlla, zij was de lieflijke keukenassistente, ik keek toe en schreef op. Intussen belde mijn liefje driemaal aan zonder resultaat. Wij waren te druk met koken en praten en de keukendeur zat dicht.

Paëlla maken is slow cooking. Guillermo gebruikt liever een gietijzeren pan met dikke bodem dan een paëlla-pan van doorgaans dunner materiaal. Alles wordt met extra virgin-olijfolie bereid. Eerst wordt de ui aangezet tot glazig. Daarna wordt het teentje knoflook toegevoegd, gevolgd door de klein gesneden rode paprika. Roeren tot de groenten zacht worden. Daarna wordt het vruchtvlees van de geweekte ñoras met een theelepel uit de schil geschraapt. Een bergje pulp ter grootte van een golfbal wordt aan de pan toegevoegd.

Ondertussen knipte María de calamares in stukjes en verwijderde koppen, schil en darmkanaal van de gambas rojas. De garnalen sneed ze in stukjes, de koppen werden in een separate pan met olijfolie en een teentje knoflook aangebakken. Om al het vocht uit die garnalen te drukken, gebruikte ze een houten vork. Het vrijgekomen sap werd aan de caldo (in een separate pan) toegevoegd, de koppen hadden hun dienst bewezen en verdwenen in de vuilnisbak.

Slechts één derde van de tomato frito gaat in de pan; het geheel moet goed worden gemengd. Daarna gaan de inktvisstukjes bij het mengsel; er komt dan veel vocht vrij. Als de inktvis gaar is en het vocht is geslonken, gaan de rode garnalen erbij. Pas als die op kleur zijn, wordt de droge rijst toegevoegd: circa 2.5 melkbeker. De rijst en het zeevruchtenmengsel moeten heel goed worden omgeschept tot een compact mengsel. De laatste stap in de bereiding bestaat uit het toevoegen van de visbouillon. Ook daarvan gebruikten zij 2.5 melkbeker. Daarna moet er absoluut worden geproefd. Alleen zout wordt toegevoegd, peper ontbreekt. Het duurde vervolgens vijfenveertig minuten voordat al het vocht door de rijst was opgenomen. De rijstkorrel moet ‘a punto’ zijn (net als ‘al dente’ bij pasta).

Tegen die tijd was mijn liefje al geruime tijd binnen. Als snack bij het aperitief werd nog inktvis in speciale bloem licht gefrituurd. Tijdens het nuttigen van dit knapperige gerecht zei ik dat mijn liefje hun zorgvuldig bereide paëlla niet kon eten… Moeder María zette daarop brood, extra calamaris, olijven, amandelen en milde chorizo voor haar neus. We dronken er een droge witte wijn uit Galicia bij.

We vinden het leuk Spanjaarden persoonlijk te leren kennen. Het geanimeerde gesprek ging nog een tijd door. Hun dochter María is een schatje. Na de zelfgemaakte cake (van spelt & appel) staken wij de straat over terwijl zij aan hun siësta begonnen. Zij keerden inmiddels naar Madrid terug, wij aten onlangs met Nederlandse vrienden onze laatste paëlla van dit jaar bij Chiringuito Ramón waarmee we het zomerseizoen feestelijk afsloten.



zondag 12 november 2017

Route 2017-2018

Sinds wij in Alicante aanwezig waren bij de start van de Volvo Ocean Race volgen we deze beroemde (en soms beruchte) zeilrace om de wereld op de voet, via de VOR-app. Deze versie vind ik minder goed werken dan die van de vorige race. Er wordt minder snel ververst -de artikelen zijn dus minder recent-, verhalen en video’s kun je op de iPad niet in landscape zien, er loopt dagelijks wel iets vast of de app crasht in zijn geheel.

Het verstrekte nieuws vind ik tevens minder boeiend dan voorheen; dat is echter een kwestie van smaak. Nu zijn we nog maar bij de tweede leg, van Lissabon naar Kaapstad, maar ik vind het toch een gemiste kans. Ik liet het niet bij mopperen en nam contact op met de makers. De applicatie is gebouwd door mueva.eu, hun hoofdkantoor zit in Madrid dus wellicht is het een Spaans bedrijf. Mijn ervaringen met Spaanse internetbedrijven zijn niet onverhoopt positief… Ik kreeg inmiddels antwoord: er wordt aan de haperingen gewerkt. Ik constateerde trouwens dat er ook een fout zit in de officiële routekaart van de race. Melbourne staat er niet op terwijl die geliefde Australische stad eindbestemming is van leg 3. Slordig.

De organisatie introduceerde dit jaar een nieuwe optie: de Stealth-modus. Elk zeilschip heeft de mogelijkheid om eenmaal per leg in die modus te gaan, vooropgesteld dat het verzoek niet aan de start of net voor de finish wordt gedaan. Viermaal per dag worden de posities van alle zeilboten aan elkaar doorgegeven: om 1:00 uur ('s nachts), 7:00 uur, 13:00 uur en 19:00 uur. Als een team het verzoek aan de organisatie doet, betekent dit dat de andere boten gedurende drie opeenvolgende rapportagemomenten niet krijgen te horen en te zien op welke positie de betreffende boot ligt.

Dat doet een team bijvoorbeeld omdat ze een tactische zet overwegen die voor de concurrenten verborgen moet blijven. De aanvrager is dus evenmin te zien op de tracker van de app. De Britse schipper van Turn the Tide On Plastic, Dee Caffari -de enige vrouw aan het roer-, deed dat verzoek tijdens dit traject. Het is overigens de eerste keer in de geschiedenis van de Volvo Ocean Race dat met gemengde teams wordt gevaren. (Vorig jaar deed voor het eerst een team mee met uitsluitend vrouwen.) De zeilers naderen thans het gebied van de doldrums, de equatoriale stiltegordel rondom de evenaar. Daar moet je van alles uit de kast halen om een beetje wind te vangen; die tactische manoeuvres wil je voor anderen verborgen houden.

Tot nu toe geeft de tracker aan dat team TTOP achteraan zeilt, op bijna 2 uur achterstand van de koploper. Team DongFeng -met de Scheveningse Carolijn Brouwer (43) aan boord- gaat voorop, het Spaanse team MAPFRE ligt tweede, het Hollandse AkzoNobel-team ligt op de vierde plaats en team Brunel met Bouwe Bekking aan het roer, ligt op de vijfde plaats. Laatstgenoemde team kreeg op dit traject een probleem met de trimtuigage. Het werd opgelost door Peter Burling, de Nieuw-Zeelander die afgelopen week werd uitgeroepen tot Zeiler van het Jaar 2017. De app besteedde er weinig woorden aan. Er was niet eens een feestelijke foto van de laureaat. Jammer.

Over ongeveer een maand beginnen mijn liefje en ik ook aan een reis naar de andere kant van de wereld. Door de lucht. Wij vertrekken weer naar Bali voor een familiereünie. Mijn liefje doet doorgaans de boekingen van een vliegreis; zo ook deze keer. Bij toeval kwam zij erachter dat de vliegmaatschappij een wijziging doorvoerde. Tja. Reizen is verslavend maar je moet wel het koppie erbij houden. We gaan met een ander toestel vliegen. Voor het eerst gaan we op reis in een Airbus A350, het kleine zusje van big bird A380 waarmee we reeds meermalen vlogen naar Verweggistan. (KLM gaat pas in 2020 met de A350 vliegen.) Door die verandering klopten onze stoelreserveringen niet meer en als we iets niet willen op zo’n lang traject, is het zitten op een ongewenste plek. Normaliter kun je je boeking online aanpassen maar dat bleek gemakkelijker getypt dan gedaan. Hun systeem was nog niet bijgewerkt. Het had wat voeten in de aarde maar de akela regelde het uiteindelijk. We zitten op papier weer precies waar we willen zitten, fijn naast elkaar.

Het Balinese ontvangstcomité zal dit jaar bestaan uit Ketut, Elsa, Yuda en Damai. Pa zou volgens eerdere plannen reeds aan boord zijn van het Amerikaanse cruiseschip Regent Seven Seas Explorer. Deze boot onderging begin van dit jaar een indrukwekkende renovatie, als onderdeel van een $125 miljoen dollar upgrade van de totale vloot. 
Op RTL-Z keek ik in september naar een documentaire over de verbouwing in een Italiaanse haven. Zo zag je onder andere hoe het schip in stukken werd gezaagd, elk los onderdeel onder handen werd genomen en weer te water werd gelaten om vervolgens weer aan elkaar te worden gezet door een team onderwater lassers. Fascinerend!

't Is dat Ketut niet kan zwemmen anders zou ik hem die baan aanraden in plaats van steward-op-het-droge te zijn. (De verdiensten van een lasser liggen aanzienlijk hoger.) We weten niet waarom hij tot nu toe niet afreisde. Zijn agent in Denpasar laat soms een steekje vallen maar de vertraging kan ook te maken hebben met de ziekenhuisopname van zijn vader. Het eerste bericht was dat hij in september naar Europa zou vliegen om daar aan boord te gaan van de Explorer. Begin november zou het schip afmeren in Cartagena. Ons idee was oorspronkelijk om hem daar op te halen en mee te nemen voor een dagje op ons Spaanse terras. Schepen kwamen en gingen. Hij zal nu op zijn beurt moeten wachten om aan boord te gaan. Hij is echter happy, iedereen in het gezin is blij dat hij thuis is.

Onlangs bekeek ik de bezoekersstatistieken van mijn blog weer eens toen mijn oog viel op een wel heel opmerkelijke stip op de wereldkaart. Recht onder Kaapstad dobbert kennelijk een lezer?! Is dat Dee Caffari en haar team, in stealth mode? Een saildrone met verstekeling? Een verdwaalde antarctische walvis met vintag? Saskia & Kirk op hun zeiljacht? Of een doodgewone fout in de app? Het is een blijft een raadsel.


donderdag 9 november 2017

Today is a gift

Het is vandaag precies zes maanden geleden dat ik in een Spaans ziekenhuis de eerste stappen deed met mijn nieuwe heup. Het was niet alleen dat de sneue heup van daarvoor veel pijn gaf, ik liep als mijn hoogbejaarde moeder. Ik voelde mij oud. Dat vond ik misschien wel het lastigst aan het hele euvel: dat mijn binnenste niet in overeenstemming was met mijn buitenste. Dat alles ligt inmiddels ver achter mij.

“Yesterday is history, tomorrow is a mystery, today is a gift. That’s why it’s called the present.” Aldus de wijze Master Oogway (Kung Fu Panda).

De nieuwe heupprothese doet het goed, ik gedraag mij weer als een blij geitje in het weidje en geniet van mijn hervonden mobiliteit. Bovendien voel ik mij weer net zo oud als mijn biologische leeftijd aangeeft en dat is prettig. Nu moet ik wel zeggen dat ik niet precies weet hoe een 57-jarige zich dient te voelen of te gedragen. In mijn hoofd ben ik nog een jong, springerig ding dat van alles wil en kan…

Afgelopen week was Bernadette, vriendin, leeftijdgenoot en reismaatje, voor een lang weekend bij ons. Als zij er is, is het zeker een feestje. In het verleden maakten we gezamenlijke reizen naar Sulawesi en Australië. Het was aan de andere kant van de globe dat mijn liefje, zij en ik elkaar elf jaar geleden leerden kennen. Ik sluit niet uit dat we in de toekomst weer samen op reis gaan. Ook als ze ons opzoekt in Spanje -wat ze regelmatig doet- maken we altijd een uitstapje. Deze keer stonden de kanonnen van Mazarron en de zandsteenformaties van Bolnuevo (beide in de provincie Murcia) op het programma.

De provincie Murcia kent vele bezienswaardigheden, vooral op natuurlijk vlak: regionale natuurparken, stranden, wilde dolfijnen in verschillende soorten en maten. Je vindt er sporen van Romeinse en Moorse geschiedenis, overblijfselen van middeleeuwse steden, prehistorische rotstekeningen en pootafdrukken van dinosaurussen, om maar wat te noemen. Een paar van die plekken (in Yecla, Cieza en Moratalla) hebben de status van UNESCO-werelderfgoed. 

De kanonnen stonden al jarenlang op mijn lijst van te bezichtigen objecten; goede kennis en amateur-historicus Piet bracht ze onder mijn aandacht. Tijdens het plannen las mijn liefje dat de route er naartoe eveneens aantrekkelijk is. De dag van het uitstapje begon met enige bewolking maar de temperatuur lag ruim boven 20 graden Celsius. October was de warmste en droogste maand was sinds ze in Spanje weerkunde bedrijven. Het is ook ongekend lekker weer voor november. 

We reden richting Campillo de Adentro dat is gelegen in het dal van een vallei die geheel is omgeven door heuvels. Mooi. De weg was zoals voorspeld, gelukkig kregen we tegenliggers op delen die uitwijkmogelijkheden boden. De route, die deels langs de kust gaat, bleek tevens smal en met haarspeldbochten maar prachtig; inderdaad niet geschikt voor angsthazen. Als chauffeur slaakte ik een zucht van verlichting toen we zonder krassen en deuken op de eindbestemming aankwamen. Daar werd het alsnog lastig: de parkeerplaats is hooguit geschikt voor circa 20 auto’s die dan ook nog kris-kras moeten worden neergezet. Het smalle pad naar een iets hoger gelegen terrein is moeilijk begaanbaar, tenzij de auto vierwielaandrijving heeft (zoals de onze). Vanwege de beperkte ruimte bleef het echter manoeuvreren op de vierkante centimeter.

Zelf ben ik geen fan van militaire geschiedenis maar de twee giga-kanonnen van Castillitos op de kaap van Tiñoso, met hun controleposten en uitzicht over de Middellandse Zee zijn de moeite van een bezoek waard. De omliggende forten zien eruit alsof ze eeuwenoud zijn maar de bouw begon in de jaren '20 van de vorige eeuw. Die forten, met torens, schilden en kantelen, zouden niet misstaan in een Disney-film. Ze zijn geheel opgetrokken uit lokale steen. De kanonnen maken deel uit van de kustdefensie van de stad Cartagena, het hoofdkwartier van de Spaanse mediterrane vloot. De forten werden gebouwd in opdracht van generaal Primo de Rivera. De constructie begon in 1926 en de Big Mama’s werden geïnstalleerd tussen 1932 en 1936.

Het vreemde is dat op locatie nergens informatie wordt verstrekt over de geschiedenis van de plek. Dat vonden wij een groot gemis. Bernadette las daarom uit eigen werk voor: elk kanon is bijna 18 meter lang en heeft een loop van 35 centimeter doorsnee. Het gevaarte kan een stalen projectiel met een gewicht van 885 kilo over een lengte van 35 kilometer afschieten. Elk kanon weegt ruim 80.000 kg. Het is onduidelijk of de kanonnen van Mazaróne ooit formeel werden gebruikt. Het verhaal gaat dat ze door militairen van generaal Franco werden ingezet in de Spaanse burgeroorlog, tegen de Republikeinse tegenstanders.

Daarna was het tijd voor iets luchtigers: Las Gredas de Bolnuevo (‘greda’ betekent leem of klei). Onze vriendin vond deze bezienswaardigheid echter een “hoog kerststalletjesgehalte hebben. Die uitdrukking komt uit de koker van mijn -overleden- vriendin Nelly die het gebruikte als ze iets kneuterig vond. Bernadette was die mening nu toegedaan omdat ze een groots en meeslepend natuurverschijnsel verwachtte. Je moet weten dat dit kleine brok eroderende stenen aan een grote parkeerplaats (!) langs de kust van Puerto de Mazarrón ligt. Mijn liefje en ik bezochten de site eerder. Het is immers 4.5 miljoen jaar oud; zoiets wil je wel zien, zeker als het ook nog in eigen achtertuin ligt. Overigens ziet de rotsformatie er telkens anders uit. Wat ik wel wist maar Bernadette bij deze gelegenheid vergat te vertellen, is dat de Gredas werden gebruikt als achtergrond voor Star Trek. (Echt waar.)

Zelf liep ik als een klipgeit tegen de helling op. In no time stond ik bovenop de heuvel en keek ik neer op de meisjes. Joehoe! Met mijn heupprothese ben ik ouderwets mobiel. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat de afdaling minder vlot verliep. Ik vroeg Bernadette, die achter mij afdaalde, hoe het eruit zag… “Beeldvullend.
Mijn liefje maakte een filmpje van mijn neerwaartse slakkengang op handen en voeten. Van je beste reismaatjes moet je het hebben. Zelf was ik blij dat de heup in de kom bleef. Een fan van wandelen zal ik nooit worden, misschien volg ik nog een lesje goed lopen bij een fysiotherapeut maar bewegen zonder pijn is fijn. Met dank aan doctor César.



maandag 6 november 2017

Onze zwemmer

Ik zwem nog bijna iedere dag in zee zolang het een wolkeloze dag is. Ik ben een typische mooiweerzwemmer. Gisteren deed ik het hier nog met vriendin Bernadette die een lang weekend bij ons logeerde. De watertemperatuur ligt rond 22 graden Celsius dus dat is te doen.

Later deze maand gaat onze kleine vriend Yuda in Bali voor het eerst aan een officiële zwemwedstrijd deelnemen. Enkele maanden geleden werd hij, tot groot plezier van mij en mijn liefje, lid van een heuse zwemclub. Sindsdien worden we wekelijks door moeder Elsa en vader Ketut op de hoogte gehouden van zijn verrichtingen. Hij traint vijf keer per week dus vorderingen konden niet uitblijven. Hij heeft een lichaam dat uitermate geschikt is voor zwemmen: grote handen, grote voeten, een lang en slank torso.

De eerste beelden waren van een bruin mannetje met zwembril en badmuts die met regelmaat als laatste eindigde. Een groter, Balinees meisje in roze eindigde voortdurend als eerste in haar baan, onze zwemmer ver achter zich latend. Ook de start van Yuda was niet om over naar huis te appen. Aanvankelijk was het een combinatie van een duik en een verre sprong; als kijker voelde ik de klap op mijn buik. Oefff. Hij zette echter door, onverschrokken en enthousiast. Het was Winston Churchill die ooit zei “success is the ability to go from one failure to another with no loss of enthusiasm.”

En succes heeft onze zwemmer inmiddels. Er volgden filmpjes waarin we Yuda als een speer van het startblok zagen vertrekken. Zijn vorderingen was onmiskenbaar. Weer op een later moment zagen we  hem en twee andere zwemmers aan de start voor een wedstrijdje borstcrawl. Ketut filmde en zei vanaf de start“Yuda first.” Die positie behield hij tot hij aantikte aan de andere kant van het bad. Joehoe! Ik zag een ventje dat constant en snel door het water sneed. Geen idee of hij überhaupt adem hapte maar hij tikte inderdaad als eerste aan. Ik had natte ogen toen ik de beelden zag. Als een professional zwom hij naar de zwemtrap, stapte uit het bad en kwam triomfantelijk, met opgeheven armen richting camera gelopen. Dit soort beelden zijn dopamine-injecties voor ons!

Onze zwemmer en ik houden al jarenlang een zwemcompetitie. Als didactus liet ik hem tot dusver regelmatig winnen maar als hij zo door gaat, zal ik harder moeten zwemmen om het eigen eergevoel te redden. Na zijn overwinning stapte hij voor de camera en sprak de legendarische Engelse tekst uit: “in December I win, you loose.” Daarna brak de mooiste glimlach door op zijn gezicht en zwaaide hij liefdevol. Hij is een hartenbreker, hoor! Ik kan niet wachten tot het zover is. In december gaan we in Bali inderdaad tegen elkaar racen.

Mijn liefje stuurde hem in de afgelopen weken opnamen van mijn eigen training in het zwembad van vrienden Frans & Roland en in zee; vooral met vlinderslag en borstcrawl. In een van de vele albums ging ik op zoek naar een foto waarop ik op het hoogste podium sta, na het winnen van een zwemestafettewedstrijd freestyle met andere meiden. Die stuurde ik in gedigitaliseerde vorm naar Bali terug. De reactie van zijn moeder was dat dit beeld zeker motiverend zou werken op haar oudste zoon, zijn eigen reactie was dat hij mij daar “dun” vond. Tja.

De regelmatige lezer weet dat ik zelf geen kinderen op deze aardkloot zette, welbewust en vol overtuiging. Toen mijn liefje en ik in Noord-Bali neerstreken, kregen we er ongevraagd een familie bij. Twee jonge ouders en hun schattige zonen helpen we sindsdien op weg in het leven. De nu 10-jarige Yuda leerden wij kennen toen hij circa 1 jaar oud was, broertje Damai (nu bijna 7) was nog geenszins in de maak. De gemiddelde Balinees is niet van zwemmen maar de kereltjes werden allebei verwoede zwemfanaten. Wij leerden het hen in ons eigen tropische zwembad van semi-Olympische afmetingen.

Wat mij verraste, was het feit dat Yuda eindelijk een bezigheid vond die hem bij voortduring boeit. Hij is snel afgeleid, iets waarvoor ik mij deels verantwoordelijk voel. Mijn liefje en ik verwenden hem, hij had veel om mee te spelen. Ook zijn zin om te zwemmen komt hoogstwaarschijnlijk door een genmodificatie van Nederlandse origine... In voorgaande jaren vertelde ik hem over Ranomi Kromowidjojo en Gede Siman Sudartawa, de 22-jarige Balinees die excelleert in rugslag. In juli van dit jaar werd diezelfde Gede in Boedapest wereldrecordhouder op de 50 meter rugslag. Tijdens de South East Asian Games van 2017 won deze jongeman de 50 meter rugslag in recordtijd. Met zijn team won hij voor Indonesië een zilveren plak met 4 x 100 meter estafette wisselslag ook met een nationaal record. Brons won hij met 4 x 100 meter borstcrawl, eveneens met NR. Een mooi voorbeeld om te volgen en een rolmodel bovendien.

Illustratie: Sharon de Waard
Daarna bekeek ik de beelden van onze zwemmer nog regelmatig, nu met droge ogen. Succes went snel. De week erop kwam er een filmpje waarin hij tegen twee concurrenten uitkwam met schoolslag; naar verluidt, is dat zijn sterkste slag. Ik moest grinniken: dat was ooit mijn sterkste slag; daarmee won ik als kind mijn eerste medaille in een regionale wedstrijd.

Zijn duik vanaf het startblok was dermate perfect dat hij meteen voorlag. Dat bleef hij, ook op het oudere Balinese meisje. Zijn tempo lag hoog, zijn lichaam dobberde als een vrolijke walvis op en neer. Af en toe zag ik hem naar links kijken om te zien of de anderen in hun baan een bedreiging vormden. Nee, dus. Yuda won again! Na aantikken, kreeg hij aanvullende instructies van zijn zwemcoach. 
Ik hoop dat met hem een ‘atlet renang’ op regionaal en later wellicht op nationaal niveau in de maak is. Kan hij als zwematleet met een sportbeurs naar Australië gaan om te studeren en te trainen… Nee, niet doorslaan Barefoot. Eerst maar eens zien hoe het onze zwemmer later deze maand vergaat.


woensdag 1 november 2017

#HeToo

Onlangs stak er een storm op in de Verenigde Staten die inmiddels de plas overstak en ook Europa bereikte. Het ziet ernaar uit dat die voorlopig niet gaat liggen. Die storm kreeg de naam #MeToo, seksueel misbruik is het oog. Het begon met één bekende Amerikaan (nee, niet Trump maar die hoort wel in het rijtje thuis) die publiekelijk werd aangeklaagd vanwege zijn wandaden tegen vrouwen. Daarna rolde de storm over andere terreinen, andere daders, andere landen. Steeds meer bekende en minder bekende personen kwamen ervoor uit dat het hen overkwam. De zaak Jelle Brandt Corstius is nu in Nederland voorpaginanieuws.

Seksueel misbruik is van alle tijden; het wordt al beschreven in de bijbel. Misbruik wordt gepleegd door VIPs en door gewone mensen; vooral mannen maken zich eraan schuldig. Zelf kreeg ik er in mijn jeugd -ik zat nog op de lagere school- ook mee te maken. De persoon in kwestie kwam regelmatig bij mijn ouders op bezoek. Op een zondag, terwijl ik in mijn kamer lag te lezen, stapte hij onuitgenodigd binnen. Hij sloot de deur achter zich. Zijn grote lichaam was vervolgens waar het niet hoorde te zijn, zijn handen zaten waar ze niet hoorden te zitten. Een ding wist ik zeker: dit wilde ik ab-so-luut niet! Ik schopte hem geluidloos van mij af. Dat beeld kan ik zo weer oproepen. Hij stond op en liep rustig de trap af, naar waar mijn ouders en anderen waren terwijl ik op mijn kamer bleef. Mijn ouders vertelde ik het die dag niet. Jaren later vroeg een ander familielid mij of er iets ongepast was voorgevallen tussen hem en mij; daarop antwoordde ik bevestigend.

Gelukkig bleef het bij deze eenmalige, ongewenste intimiteit. Mijn fysieke integriteit werd hierdoor niet blijvend geschonden, mijn vertrouwen in die ene mens wel. Het kwam nooit meer goed tussen hem en mij. Hij overleed enkele jaren geleden. Ik vergaf hem zijn wandaad, al zal ik het nooit vergeten.

Het recht op lichamelijke integriteit is vastgelegd in artikel 11 van de Nederlandse grondwet, onder de kop Onaantastbaar lichaam. Het luidt als volgt: Iedereen heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op onaantastbaarheid van zijn lichaam. Iemand bepaalt dus zelf welke handelingen hij of zij van derden duldt. Niemand mag worden gedwongen tot iets dat hij of zij niet wil. Iedereen is baas over eigen lichaam. En als een meisje ‘Nee’ zegt, dan is het nee; dat leerde ik vroeg in mijn leven. Zelfs als een meisje of vrouw -om wat voor reden ook- niet expliciet nee zegt, geeft dat een ander nog steeds geen recht om aan haar te zitten.

Het goede nieuws is, dat ik door die aanranding geen trauma opliep. Ik verwerkte het op mijn manier en ging door met leven. Ik vertelde het aan mijn liefje, er rust wat mij betreft geen taboe op het onderwerp. Persoonlijk schaam ik mij niet voor wat mij overkwam. En voor de goede orde: het maakte mij evenmin lesbisch. Die mythe moet ook maar direct worden ontmanteld. Al op jonge leeftijd kwam ik tegenover mijn ouders uit de kast over mijn ‘anders zijn’. Dat had ik vroeg in de gaten. Ik werd destijds al af en toe verliefd op meisjes en vrouwen: op de zwemjuf, een meisje van het schoolplein, de akela bij de Kabouters, de eigenaresse van de plaatselijke notenbar. Het leek alsof ik de enige in mijn omgeving was. Tja.

Het is een lange inleiding op het onderwerp van deze blog, getiteld #HeToo. Mijn liefje liet mij onlangs een krantenartikel lezen over een acteur die ik zeer waardeer: Kevin Spacey (1959). 

Hij speelde de hoofdrol in een aantal heel goede films en zorgde er persoonlijk voor dat ik een Netflix-abonnement nam vanwege de serie House of Cards waarvan hij producent en hoofdrolspeler is. Diezelfde Spacey haalde deze week de voorpagina van alle kranten in de wereld. Hij werd door acteur Anthony Rapp publiekelijk aangeklaagd voor aanranding in 1986. Naar verluidt, besprong de volwassen Spacey de toen 14-jarige jongen in een dronken bui en klom bovenop [hem], op een seksuele manier, aldus Rapp. De minderjarige wist Spacey van zich af te duwen en weg te komen. Spacey ontkende niet, zei dat hij zich de situatie niet kon herinneren en betuigde diepe spijt. Inmiddels is bekend dat hij kan fluiten naar de internationale oeuvreprijs die hij later deze maand zou ontvangen en Netflix stelt de uitzending van het nieuwe HoC-seizoen uit. 

Sowieso dien je als volwassene met je tengels (en andere lichaamsdelen) van minderjarigen af te blijven. En als je als volwassene zin hebt in een dolletje met een andere meerderjarige dient de andere persoon daartoe te allen tijde toestemming te geven. Het gaat om wederzijdse instemming, vrijwilligheid en gelijkwaardig. Zonder deze voorwaarden is er sprake van seksueel misbruik. Hoe moeilijk is dat te bevatten?!

Spacey gebruikte dat publieke optreden om nog iets anders te zeggen: hij kwam uit voor zijn homoseksualiteit. Mij als blogger kennende, zul je als lezer waarschijnlijk verwachten dat ik dit toejuich. Welnu, dit meisje zegt ja èn nee. In House of Cards zoent hoofdpersoon Frank Underwood (door Spacey gespeeld) met vrouwen en mannen, gaat met zowel vrouwen als mannen naar bed. De mate waarin dit voorkomt en het gemak waarmee het gebeurt, gaf mij weleens te denken. Zei dat wellicht iets over de man Kevin? Daar is niks mis mee, ik vond het echter opmerkelijk.

Dat Spacey bij die gelegenheid officieel aan de buitenwereld liet weten homo te zijn, vind ik een goede stap. Zijn binnenwereld zou al jaren op de hoogte zijn van zijn seksuele voorkeur dus het werd tijd om uit de kast te komen. Dat is de Ja van mijn kant. Mijn Nee is echter ook loud & clear: als je aan de schandpaal wordt genageld als aanrander van een jonge jongen, is het dubieus om dat moment tevens te gebruiken om over jouw eigen homoseksualiteit te spreken. Alsof er een causaal verband bestaat tussen gay zijn en jongens seksueel misbruiken?! Dat vind ik onbeschaamd, onbehoorlijk en ongepast. 


dinsdag 31 oktober 2017

Laat ze maar komen!

Vandaag is het Halloween. De oorspronkelijke schrijfwijze is Hallowe'en, een samentrekking van All Hallow's Evening, de vooravond van Allerheiligen. In een aantal westerse culturen geloofden christenen dat op die avond de scheidslijn tussen de materiële en de geestenwereld het dunst, het meest transparant was.

In voorgaande jaren kregen we op deze dag een geanimeerde e-card van onze Schotse onderburen; die waren groot fan van de Britse kunstenares Jacquie Lawson. Nu we zijn verhuisd, zijn we elkaar aan het kwijtraken. Zo gaat dat en daarmee hebben we vrede. Jacquie’s heksen maken er dit jaar weer een pruttelpotje van, zag ik op de website. In Spanje wordt de avond beschreven als Noche de los Muertos, Avond van de Doden. In winkels liggen de pompoenen, kostuums, enge maskers, spinnen, vleermuizen en afgehakte ledenmaten opgestapeld maar de meeste Spanjaarden gaat het om de ‘quemada’, een alcoholische kruidendrank -afkomstig van Keltische voorouders- die wordt aangestoken voordat het wordt genuttigd. Om ongeluk en duistere krachten af te wenden. We leven in gevaarlijke tijden! Ik verwacht hier dit jaar geen kinderen aan de deur.

Volgens de eeuwenoude legende komen op deze dag de geesten van de doden van het afgelopen jaar op bezoek. Ik ben klaar voor een 100% Hollands griezelfeestje. Laat ze maar komen…

schrijfster Helga Ruebsamen (82), chefkok Joop Braakhekke (75), tekenaar Peter van Straaten (81), regisseur Egbert van Hees (70), ondernemer Hans Breukhoven (70), tv-presentatrice Letty Kosterman (81), voetballer Piet Keizer (73), tekenaar Dick Bruna (89), cabaretier Henk Elsink (81), regisseur Guus Verstraeten Jr (69), actrice Kitty Courbois (79), vakbondsman Anton Westerlaken (62), architect Piet Tauber (91), kunstschilder Herman Gordijn (85), zangeres Sandra Reemer (66), graficus Ootje Oxenaar (87), kinderboekenschrijfster Miep Diekmann (92), politicus Gerrit Braks (84), cabaretier Rients Gratama (85), presentator Hans Sleeuwenhoek (78), tv-presentator Dick Passchier (84), zwemster Hansje Bunschoten (59) en de alom betreurde burgemeester van Amsterdam Eberhard van der Laan (62).

(Deze lijst is niet volledig.)


Griezel ze!


zondag 29 oktober 2017

Hoe doen potjes het?

Langzaam, héél langzaam... Vooropgesteld dat je een crock pot bent. Sinds vorige week hebben we een slow cooker in da house. Deze keer was ik het niet die de suggestie deed voor een nieuw keukenapparaat. Het was mijn liefje die onlangs in een tijdschrift een interessante vermelding zag van een keukenhulp. Het klopt wel: zij is degene van de langzaam bereide schotels als erwtensoep, boeuf bourguignon en osso bucco. Nu we een nieuwe keuken hebben met een betere oven en fornuis zou je denken dat langzaam koken een eenvoudige zaak is. Ja en nee. De nieuwe apparatuur is veel beter maar we moeten het gas regelmatig temperen of zelfs doven om ervoor te zorgen dat de gerechten niet aanbakken. Het natuurlijke gas brandt hier veel intenser. We lieten ouderwetse, gietijzeren vlamverdelers invliegen maar zelfs die bleken onvoldoende.

Zij vertelde over de slow cooker, ik ging daarna op zoek naar meer info over het ding. Mijn moeder deed in de jaren '70 van de vorige eeuw al aan langzaam koken toen zij een römertopf in huis haalde. Het was een langwerpige, aardenwerk schaal met deksel waarin ze aardappelen, groenten en vlees bereidde. Het ding was groot genoeg om er een hele kip in te bereiden. Ik herinner mij dat het puur, gezond eten was (al was het qua smaken wel een beetje saai). Onze tajine hanteert dezelfde kookwijze. In de maat die wij hebben, kun je echter niet veel ingrediënten kwijt en bovendien moet ook die pot op enig moment uit of op de vlamverdeler. We zouden langzaam kunnen koken in onze superoven maar daarvan maakte ik tot dusver geen gewoonte.

Gezien het feit dat we langzaam richting herfst glijden -de temperatuur is hier nog dagelijks ruim boven 20 graden Celsius- kan een slow cooker zijn dienst bewijzen. Ik keek op sites met product- en prijsvergelijkingen en kwam weldra tot de conclusie dat het merk ‘Crock-Pot’ goed uit alle tests kwam en veel tevreden klanten kent. Dit merk was de eerste in zijn soort, in Amerika (Chicago) uitgevonden. Ik las over belangrijke aspecten van de kookpot, zoals de energiebesparing, de gewenste inhoud in liters, het nut van een glazen deksel en meer van dergelijke tips. Vervolgens zocht ik op de Spaanse site van Amazon, waar we klant zijn, naar de pot met de beste prijs-/kwaliteit-verhouding en bestelde nog diezelfde dag een programmeerbare langzaamkookpan die de volgende dag thuis werd bezorgd.

Onze Crock-Pot bestaat uit vier losse onderdelen: de behuizing van het verwarmingselement met handgrepen, een diepe aardenwerk schaal van 4.7 liter met handgrepen, een glazen deksel en een stroomsnoer. Met deze maat maak je gerechten voor maximaal vijf personen. Op de behuizing zit een digitale display met druktoetsen waarmee temperatuur en kooktijd gemakkelijk kunnen worden ingesteld. De schaal kan in de oven en de vaatwasser.

Naast het apparaat bevatte de doos een kookboek met typisch Spaanse gerechten dat chef-kok Lorenzo Herrero voor Crock-Pot samenstelde. Deze kok werkte in het restaurant van chef Martín Berasategui en bij El Bulli. Gedurende zeven jaar had hij zijn eigen bar-restaurant in San Sebastian, sinds juni van dit jaar kookt hij in Gerald’s Bar, een etablissement dat zich eveneens in het Baskische San Sebastian bevindt. Die stad is niet alleen het culinaire centrum van Spanje maar momenteel van de hele wereld. Van het web downloadde ik aanvullend een kookboek met 222 recepten, specifiek voor ons merk en type pot.

De dag erna gingen we naar een lokale gourmetwinkel in San Pedro waar je mooi en bijzonder vlees kunt kopen. De eigenaar van Cammmpillo is van oorsprong slager. We gingen onder andere op zoek naar runderwangen; mijn liefje voorop, met roze wangen van opwinding. Enkele weken geleden ontdekten we in onze vorige woonomgeving een nieuw restaurant, genaamd ‘The Fish Bowl’ met zicht op Campoamor’s strandje La Glea en de Middellandse Zee. De Brit Peter Fisher (ik verzin het niet) is chef-eigenaar en hij kookt zeer naar onze zin, tegen redelijke prijzen. Mijn liefje at daar al driemaal achtereen zijn langzaam bereide runderwangen in rode wijnjus, op een bedje van zijdezachte aardappelpuree. Dat wilde zij graag namaken.

Het is Crocktober in Huize Barefoot! Het eerste gerecht dat we uit ons prille pottenkindje toverden, was echter geen runderwang maar langzaam gegaarde ossenstaart in wijn; een typisch Spaans recept uit het kookboek van Lorenzo, genaamd ‘rabo guisado al vino tinto’. We kochten een hele staart, in stukken gehakt en begonnen aan de bereiding. Mijn liefje braadde de ossenstaart kort aan terwijl ik twee rode uien in stukken sneed en een wortel schilde. Het vlees ging op de bodem van de pot, met daar bovenop de groenten, een laurierblaadje, een teentje knoflook, een halve liter rode wijn, een eetlepel extra virgin-olijfolie en zout en peper. Deksel erop, stekker in het stopcontact en langzaam koken maar, gedurende zes uur. Slowly, slowly.

¡Despacito! ♫Ya, me está gustando más de lo normal, todos mis sentidos van pidiendo más, esto hay que tomarlo sin ningún apuro. (Ik houd er al meer van dan normaal, al mijn zintuigen smeken om meer, we moeten dit niet overhaasten.)♫

Het eindresultaat was om te zoenen. Ik ben verliefd… op een glimmende, zwarte pot met grote oren en heel veel geduld. Ideaal! Haar alcoholwalm neem ik op de koop toe.



donderdag 26 oktober 2017

Apapos, peperas, papiros papuros

Er reed een splinternieuwe Mercedes onze Spaanse straat binnen. Mijn hart stond even stil toen ik Yvon, de jongste zus van Nelly, zag uitstappen. Ze gaat met de jaren meer en meer op haar oudere zus lijken! 
Nelly was mijn beste vriendin tot 2009 toen zij overleed aan de gevolgen van ongeneeslijke longkanker. Sinds begin jaren '80 waren wij onafscheidelijk. Zij en ik zijn van hetzelfde geboortejaar en we klikten. We woonden in hetzelfde studentenhuis in Delft, kookten met en voor elkaar, gingen samen naar concerten, maakten talloze ritjes in Nelly’s auto, bezochten elkaars ouderlijk huis, gingen naar school waar we haar klasje samen oppimpten (Nelly was juf). Ik was er deelgenoot van toen zij haar grote liefde Diederik ontmoette. Sweet memories. Haar moeder en mijn vader overleden in die periode; ook dat schiep een band.

Diederik zagen wij vorig jaar tweemaal: in Nederland (juni) en Spanje (september). Voor hem was het de eerste keer sinds het overlijden van zijn geliefde dat hij ons kwam bezoeken op Campoamor, waar we veel lief en leed met elkaar deelden. Op 2004 na, kwamen Nelly en Diederik elk jaar bij ons logeren; ook nadat Nelly ziek werd. Hij stelde dat bezoek aan ons uit omdat het wellicht te confronterend zou zijn. We zijn blij dat hij destijds de stoute schoenen aantrok; die drempel verdween daarmee.

Het was fijn en gezellig om Yvon, haar partner Ton en Diederik weer te begroeten. Zij zijn op vakantie en een bezoek aan ons en onze nieuwe woonomgeving mocht niet in hun reisprogramma ontbreken. Ik ben blij dat oktober zo mooi is; nu pikken zij daarvan een graantje mee en wellicht overtuigt het... Gedrieën gaan zij zich hier -maar ook elders- namelijk oriënteren en panden bezichtigen; ze hebben een gezamenlijk project. Yvon en Ton zouden het overvolle Nederland wel willen verlaten om onder de zon een nieuw bestaan op te bouwen als mede-eigenaren en beheerders van een B&B, ook Diederik heeft zin in een vakantiehuis onder de zon. We zijn benieuwd hoe hun avontuur verloopt.

Ook vriend Frans was die avond van de partij. Mijn liefje en ik houden al jarenlang de traditie van de ‘bonte avond’ in ere. Aan de vooravond van iemands terugkeer naar het Vaderland, wordt er voor de vertrekkende vriend(en) gekookt. Het feit dat zijn avond samenviel met het bezoek van Yvon, Ton en Diederik veranderde niets aan die traditie. Frans is een graag geziene gast en absoluut niet eenkennig dus we durfden wel te mengen. Wat ik tijdig aan hem -carnivoor- meldde, was dat ik die avond vegetarisch zou koken. Yvon en Ton eten diervriendelijk.

We begonnen aan de buitenbar. Op die plek vangen we de laatste stralen van de ondergaande zon. In onze vorige woning waren we rond deze tijd al lang binnen; het terras lag dan volledig in de schaduw. Nu serveerden we een glaasje cava aan eigen bierton. We toasten op Nelly en op de vriendschap. Het voorgerecht nuttigden we binnen, in de Oranjerie, waar ik de eettafel uitschoof om zes eters te accommoderen. Deze gang bestond uit tapas: zelfgemaakte hummus (inclusief eigen tahini) en tapenade van geroosterde amandelen met knoflook, tomatenpesto, sherry-tomaten en rode peper, artisjokkenharten en kapperappels uit het vuistje, spinazietortilla en tomatensalsa met aïoli.

Mijn liefje vertelde trots dat ze op Spaanse les zit waarop Diederik zijn onovertroffen imitatie van Oenos Apapos van de Spaans sprekende José ten gehore gaf. Herinner je je die hilarische Spaanse les van Theo en Thea (VPRO Kreatief met Kurk 1993-'94, met Arjan Ederveen en Tosca Niterink)? Het YouTube-filmpje is speciaal voor vriend Roland (partner van Frans) die net zo enthousiast en goed Spaans oefent als mijn eigen partner. Unas apapos, unas peperas y unas pagueras papirus papuras”… onvergetelijke tv!

Mijn liefje haalde een herinnering op die mijn persoon als lijdend voorwerp had. In 1994 gingen Nelly, Diederik en wij samen op vakantie naar Noord-Spanje. In een klein dorp aan de Costa Brava huurden we twee huizen van een vriendin die als jong meisje met een Spanjaard trouwde (ze scheidden inmiddels). Het grote huis had een ruime eetkeuken en dakterras met zicht op de Pyreneeën en het belendende poppenhuis bood onderdak aan mijn liefje en mij. Gut, wat waren we nog piepkuikens op die foto. Toen dronken we al rosé.

Die vakantie namen we surfplank en opblaaskano mee. De meeste tijd brachten we door aan het strand of spelend in het water. De rode hoofden en lijven zijn het bewijs.  Op een van die middagen was ik met Diederik aan het frolliken in zee toen hij mij op een grote schelp wees. Altijd was ik in de weer met het rapen van (dode) schelpen; ook die vakantie. Tot dusver vond ik daar nonnetjes, tere platschelpen, hartschelpen, tafelmesheften, zaagjes, mosselen, tepel- en sleutelgathorens en venusschelpen. Ik keek en geloofde mijn ogen niet. Huh?! Een meloenslak in Spaanse wateren?! Hoe komt die in hemelsnaam hier?! Deze slakkensoort komt weliswaar in het ondiepe voor maar dan wel in tropische wateren, vooral aan de west- en oostkust van het Caribisch gebied. Ik was over the moon, ongekend verguld. Ik kon mijn ogen die dag niet van het gave exemplaar houden. Zalig zijn de eenvoudigen van geest.

Een dag later biechtten ze op dat ik in de maling was genomen. Door drie reisgenoten, voorheen mijn beste vrienden. Mijn liefje en Nelly bedachten het snode plan. Zij kochten de schelp de dag ervoor in een lokale souvenirwinkel. Diederik stak de schelp -onder druk van de dames- in zijn zwembroek om op de bodem te leggen. Ze voelden zich alle drie schuldig toen ze zagen hoe blij ik met mijn vondst was. Van je vrienden moet je het hebben. Ik heb daarna een paar uur niet tegen hen gesproken. We constateerden deze avond dat de meloenslak niet langer deel uitmaakt van mijn schelpencollectie. Het verhaal overleefde alle verhuizingen wel. Overigens vind ik hier nog maar sporadisch schelpen aan het strand. De strandjutter in mij moet alleen al daarom steeds verder van huis.

Als hoofdgerecht maakte ik twee groentetaarten. Een van bladerdeeg met drie soorten tomaat en blauwe kaas, de andere van korstdeeg met bimi, groene asperges en een papje van geklopte eieren, kookroom en geitenkaas. Eenvoudig, voedzaam en smakelijk. Geroosterde pijnboompitten en uitgebakken spekjes stonden op tafel voor de liefhebber. Net als een salade met kumato-tomaten, een aparte groente uit Murcia. De tomatentaart was aan de natte kant maar Frans slobberde de laatste punt met smaak naar binnen. Van je vrienden moet je het hebben, inderdaad. Een Power Pin zal ik er niet mee winnen (Masterchef Australia!) maar er werd gesmuld.

Het was een uiterst gemoedelijke avond. Er is weinig mooier dan samenzijn met goede vrienden. Ons huis leent zich uitstekend voor dit soort vermaak. ¡Alegria!


maandag 23 oktober 2017

Tienpont grutten

Gisteren waren we aanwezig bij de start van de Volvo Ocean Race 2017-2018. ‘We’ waren dit jaar mijn liefje, verwoed zeiler en vriend Frans en mijn persoontje. Wij haalden Frans bij zijn casa in Cabo Roig op en op ons gemak reden we naar Alicante. Het was de vierde opeenvolgende keer dat deze stad de startplaats is van la Vuelta al Mundo a Vela, de prestigieuze en indrukwekkende zeilrace om de wereld. Zeven identieke boten leggen in acht maanden 83.000 kilometers af, over alle wereldzeeën en oceanen van Moedertje Aarde. Voor mijn liefje en mij was het de derde keer dat we bij de start aanwezig waren.

De ondergrondse parkeerplaats langs de binnenhaven van Alicante waar we normaliter staan, was al vroeg vol. In een Spaanse krant stond dat het evenement weleens 100.000 bezoekers zou kunnen trekken dus we hielden er rekening mee. Het alternatief was snel gevonden al lag die op iets meer afstand van de Village. We sloten aan bij de lange rij wachtenden voor de -gratis- entree. Bij de ingang werd iedereen door security-medewerkers gescand dus dat duurde even. Lange Frans hield ons op de hoogte van de vorderingen (en gaf af en toe een duwtje aan een potentiële voordringer).

Voor de aanlegplaats van de zeilboten die aan deze jaargang deelnemen, stond het al rijendik met toeschouwers. Dat kwam met name omdat de vorige koning van Spanje dit jaar de start zou begeleiden. De vorige keer stonden wij er met onze neus bovenop en zagen een priester alle boten en manschappen zegenen en een behouden vaart wensen. Nu was het de beurt aan Don Juan Carlos maar dichtbij komen was niet mogelijk door een woeste zee van rood (kleur van MAPFRE). Dat er ook in Spanje veel aandacht is voor deze zeilrace, bewezen de zes bladzijden in de weekendkrant. 

Simeon Tienpont in de rode cirkel
Aan de jaargang 2017-2018 doen twee schepen van Nederlandse origine mee: team Brunel en team AkzoNobel. Dat laatste team kreeg te maken met nogal wat ophef aan de vooravond van de start van de race. Skipper Simeon Tienpont (35) werd door de sponsor uit zijn functie gezet vanwege contractbreuk. Het verhaal gaat dat hij teveel sponsorgeld zou hebben uitgegeven. Tienpont recruteerde alle bemanningsleden dus zijn ontslag sloeg ook bij de crew in als een bom. We zullen de echte reden van het gedoe hoogstwaarschijnlijk nooit weten. 

Wat we wel weten, is dat diezelfde Tienpont afgelopen weekend een arbritagezaak tegen de sponsor aanspande en won. Zaterdagavond vloog hij terug naar Alicante en stapte vol vertrouwen weer aan boord van het schip. Iene miene mutte… tienpont is de baas. Wederom. Als reactie hierop, stapten drie ervaren mannen van boord. Ook hun redenen zullen een goed bewaard geheim blijven. Van Sun Hung Kai Scallywag leende team AkzoNobel het Portugese bemanningslid António Fontes voor het eerste traject naar Lissabon. De afstand is circa 1.500 nautische mijlen, het zal de boten ongeveer een week duren om aan te komen. Dit is een van de grootste verschillen met de vorige race. Toen voer men rechtstreeks van Alicante naar Kaapstad.  

Helaas doet aan deze jaargang geen vrouwenboot mee, zoals de vorige keer. Wat ik van deze jaargang wel interessant vind, is dat er een tamelijk jong team onder het motto Turn The Tide On Plastic meedoet. Met deze boot vraagt men aandacht voor de campagne ‘Clean Seas’ van de Verenigde Naties. Ik hoef je niet te vertellen dat onze oceanen ernstig te lijden hebben vanwege plasticsoep. Ik wens het team veel succes toe; aandacht voor hun boodschap is verzekerd. De Britse ervaren zeilster Dee Caffari staat aan het roer. 

Voorafgaand aan de start van de race vond in Alicante een conferentie plaats over het voortbestaan van bedreigde zeeën en oceanen. Daaraan namen politici, wetenschappers, zakenmensen en sportlui uit de hele wereld deel. Spanje trad bij die gelegenheid toe tot de 32 andere landen die dit programma reeds actief ondersteunen. Raquel Orts Nebot, algemene directeur van Spanje’s organisatie voor de Sostenibilidad de la Costa y el Mar onderschreef het belang van dit initiatief.

Er is een handjevol Nederlanders aan boord van vijf schepen. De ervaren Carolijn Brouwer (44) is deze keer lid van het Dongfeng Raceteam; dit is haar derde Volvo Ocean Race. De Groningse Olympische medaillewinnares Annemieke Bes (39) vaart mee op Sun Hung Kai; het is haar eerste keer. Bouwe Bekking (54) staat wederom aan het roer van team Brunel. Hij is erop gebrand deze race -zijn achtste- te winnen! Voor mij zijn het nu al stuk voor stuk helden, voordat ze 1 nautische mijl hebben gezeild. Ga er maar aan staan: acht maanden slapen in een hangmat, eten uit een zakje, soms wekenlang geen douche, met velen letterlijk leven op de vierkante centimeter... Met recht Life at the Extreme. 

Voor de start kwamen de Aguilas nog even een vliegend saluut geven. En na de start kwam een groot personenvliegtuig laag over de binnen- en buitenhaven van Alicante. Mijn liefje vond het eng zoals het gevaarte op ons af vloog… Wij vermoeden dat het Don Juan Carlos was die de schepen en hun bemanning op eigen wijze een behouden vaart toewenste. (Alleen iemand van het koninklijk huis krijgt eventueel toestemming voor zoiets, aldus Royalty Watcher Frans.) Voordat wij thuis waren, waren de boten Mar Menor al ruim gepasseerd. De noord-noordoosten wind gaf hen vleugels. 

MAPFRE ging op dat moment aan kop, team Brunel lag op de laatste plaats, nadat de bemanning problemen had met het uitrollen van het grootzeil. Inmiddels ligt team Brunel op de derde plaats en is team AkzoNobel tweede. Ik volg de race weer op de voet, met behulp van de officiële VOR-app op de iPad. We overwegen serieus om volgend jaar juni/juli bij de finish in Scheveningen aanwezig te zijn. Wordt zeker vervolgd!