woensdag 29 oktober 2014

Te korte armen

Afgelopen weekend appte ik met vriend Leon in Nederland die mij liet weten dat hij tot aanschaf van een leesbril was overgegaan. Hij stuurde een foto van zichzelf mee. De bril was van hout, vederlicht en comfortabel. Het was onvermijdelijk, schreef hij: zijn armen bleken definitief te kort... Leon is een boekenwurm, net als ik – al staat zijn überdrukke internationale baan hem minder leesuren toe dan mijn huisvrouwenbestaan. Met mijn reader kan ik een leesbril nog even uitstellen; die zet ik gewoon op een lettergrootte naar behoefte. Tegen de tijd dat het scherm alleen nog maar chocoladeletters vertoont, zal ik zonder morren naar de optometrist gaan.

Ik beschouw mezelf als een veellezer. Mijn moeder vreesde dat ik als kind mijn verstand zou verlezen (of iets van gelijke strekking). Mijn linkerhersenhelft functioneerde echter goed, de prille bibliotheek aldaar groeide gestaag. Altijd zat ik met mijn neus in de boeken, mijn bibliotheekkaart smeulde, ik las meer dan wekelijks was toegestaan. Het ging nooit over. Sterker: ik maakte van leesboeken mijn studieobject. Het is evenmin verwonderlijk dat ik ging bloggen, als je de -feministische- Britse schrijfster Caitlin Moran mag geloven. Zij stelt dat, als je maar genoeg boeken eet, je vanzelf woorden gaat poepen!

Lezen verbetert je woordenschat en taalvaardigheid. Door fictie te lezen, kun je je beter in mensen en situaties inleven, van non-fictie word je wijzer. Lezen is tevens ontspannend en voorkomt stress. Het scherpt je verstand en traint je geheugen. Dus waarom zou je het niet veel doen?! Ieder mens leest om verschillende redenen. Lezen is leven voor mij, een leven zonder boeken is ondenkbaar. Sinds de reader heb ik altijd een flinke voorraad boeken onder handbereik en dat maakt mij intens gelukkig.

Een lijst van de tien beste auteurs is voor mij ondoenlijk; ik kan en wil niet kiezen. Dat geldt eveneens voor een boeken Top10. Het boek dat mij ten diepste roerde, is van Sebastian Faulks, getiteld ‘On Green Dolphin Street’ (2002). Het is de geschiedenis van een gepassioneerde, onmogelijke liefde die zich afspeelt in Amerika, met de Koude Oorlog en de Burgerrechtenbeweging als achtergrond. Ik weet nog precies waar ik was toen ik het las. Ik lag in bed, de Spaanse ochtendzon bescheen de slaapkamer, ik las de laatste bladzijden met natte ogen. Het boek was uit en ik leek zum Tode betrübt, ik kon niet stoppen met snotteren. Waarom? Om de complexiteit van de karakters, Faulks’ taal, de tragiek van het einde. Op zijn eigen site beschrijft de auteur het als volgt: ‘A flurry of missed phone calls and misunderstandings bring the story to an emotionally harrowing conclusion’. Finis, coronat opus, het einde is de kroon op het werk.

Vanzelfsprekend heb ik naast Sebastian Faulks andere (hedendaagse) favorieten: Ian McEwan, Khaled Hosseini, Zadie Smith, F. Scott Fitzgerald, Carlos Ruiz Zafon, Donna Tart, James Mitchener, Marcel Proust, Margaret Atwood, Gabriel Garcia Marquez, Paul Theroux, Nicci French, Dave Eggers, Geraldine Brooks, Martin Amis, Robert Harris, A.F.Th. van der Heijden, Jodi Picoult, Amos Oz, Isabel Allende, John Irving, André Brink, Julian Barnes, Irvin Yalom, Toni Morrison, John Boyne, Arnon Grunberg, Ken Follett, Martin Bril, Jeanette Winterson, Pramoedya Ananta Toer, Patricia Cornwell. Van hen las ik (bijna) alles. Een bont gezelschap. Deze lijst is overigens niet compleet. (Rara wiens portret ontbreekt in de collage?) Ik houd mij overigens aanbevolen voor boekentips van andere auteurs.

Naast literaire romans, behoren historische romans, reisverhalen en biografieën tot de veelgelezen genres. Maar een goed geschreven spannend boek kan mij bij tijd en wijle ook bekoren. Vriend Ben maakte mij hier onlangs attent op iets dergelijks. Ook hij is een verwoed lezer en het is boeiend om met hem van gedachten te wisselen over het onder handen zijnde boek. Hij las ‘De zeven minuten’ van Irving Wallace. Na een rondje golf wilde hij zo snel mogelijk naar huis om het boek uit te lezen. Dat maakte mij heel nieuwsgierig. Wallace is een Amerikaan van Russisch-Joodse afkomst (1916-1990) die na zijn diensttijd in de Tweede Wereldoorlog aanvankelijk schreef voor bladen, vervolgens scenarioschrijver in Hollywood werd en uiteindelijk boeken begon te schrijven. Ik vond een Engelstalige digitale versie en begon te lezen. Ook ik kon niet stoppen. Het is een boek over een boek en dat maakt het interessant voor fervente lezers. Het gaat over censuur, vrijheid van meningsuiting en persvrijheid. De auteur beschrijft het bittere gevecht tussen moraalridders en verdedigers van die vrijheden, in de raadzaal. Is het betreffende boek literatuur of pornografie? Verheft of verderft het? Hoe ver ga je bij de verdediging van zo’n werk? Een aanrader! Ik heb er misschien wel een favoriet bij... (Wallace schreef veel meer.)

'People who never read, only live once'. Ik weet niet wie het schreef maar ik omarm de uitspraak. Met korte of lange armen!


vrijdag 24 oktober 2014

Een roosje, mijn roosje

Gisteren was de dag van de grote medische keuring van mijn liefje. Het is vijf jaar geleden dat zij de diagnose borstkanker kreeg en dit jaar was voor haar de eerste keer dat er een (één)jaarlijkse controle was. Het klinkt wellicht vreemd maar dit schema, dat op zich heel positief is, is een kwestie van overgave en dat bleek psychisch een grote stap. In een jaar tijd kan er immers veel misgaan in een mensenlichaam. De leek zal zeggen: “je voelt toch of je lichaam in orde is”?! maar dat is juist het punt: mijn liefje voelde zich ook goed voordat werd geconstateerd dat er een agressieve tumor in haar borst groeide... Vanwege de regelmaat in de controle waren we er echter vroegtijdig bij en dat bleek een zegen. De stap naar een eenmalige jaarlijkse controle is nu definitief gezet. Nog vijf jaar zonder problemen en dan zal zij officieel genezen worden verklaard.
 
We waren de eersten op de afdeling Oncología dus ze kon meteen door naar de verpleegster om bloed af te staan. We herkenden haar in eerste instantie niet toen ze binnenwandelde: het bleek toch onze favoriet Tati. Haar lange donkere lokken ruilde ze in voor kort, geblondeerd haar. Ik zei dat ze leek op een Deense. Ze schoot in de lach, zei dat ze in de supermarkt al Engels tegen haar waren gaan spreken terwijl ze de taal nauwelijks machtig is…

Er werden buisjes bloed afgetapt en het tapkraantje bleef voorlopig in de arm zitten. Daarna kreeg ze een fles gesteriliseerd water, een bekertje en circa 20 minuten tijd om driekwart van het water te drinken, ter voorbereiding op een TAC - zoals het onderzoek in het Spaans wordt genoemd; CT-scan in het Nederlands.
 
Tijdens de scan lig je op een beweegbare tafel die telkens enkele millimeters verder onder de scanner doorschuift, net zolang tot het te onderzoeken lichaamsdeel in beeld is gebracht. Elke opname legt een plakje lichaam vast. In haar geval betrof het de torso. Door de vloeistof zullen de nieren minder oplichten op de scan. Bij dit type scan krijg je een sterkere dosis röntgenstraling te verduren dan bij een ‘gewone’ röntgenfoto.

Daarna mocht ze ontbijten en begon het wachten op de uitslag. Wij leven zeker niet van onderzoek naar onderzoek; dat is geen leven. Enkele dagen voor de dag van onderzoek slaapt mijn liefje minder goed en zelf word ik prikkelbaar. De spanning loopt op in huize Barefoot en het gewone leven staat voor even stil. We zijn telkens blij dat D Day aanbreekt.

De tijd in de wachtkamer van de afdeling kroop voorbij. We zochten afleiding in de vorm van kranten en tijdschriften maar bleven contact maken met de omgeving. Ook deze keer. Naast ons zaten twee leuke Spaanse jonge vrouwen. Een van hen had een kort koppie; een kapsel dat mij deed denken aan de terugkerende haargroei na de chemo van mijn liefje. Er was een aantal keren oogcontact geweest tussen mijn liefje en haar en tussen ons vieren. Op een bepaald moment vroeg mijn liefje of zij zussen waren. Dat bleek niet zo te zijn; ze waren al lange tijd vriendinnen. Zij: “je gaat op elkaar lijken als je lang samen bent”. Tja, tell me: ons wordt ook met regelmaat gevraagd of we familie zijn.
Degene die voor controle kwam, bleek Sandra te heten en komt uit Alicante. Bij haar werd drie jaar geleden nierkanker geconstateerd en de zieke nier werd verwijderd. Chemotherapie heeft bij dit type kanker geen bewezen meerwaarde maar ze kreeg het om haar lichaam voor te bereiden op immunotherapie. Ze kreeg diverse behandelingen, werd zelfs experimenteel behandeld met een therapie die niet beschikbaar is in Spanje. Zoon James van dokter Brugarolas is hematoloog in Dallas (Texas) en is gespecialiseerd in de behandeling van nierkanker. Sandra moet -drie jaar na dato- elke vier maanden worden gecontroleerd maar ze leeft en voelt zich goed.

Antonio Brugarolas -onze held- en het medische team van het Plataforma de Oncología van het Quirón-ziekenhuis in Torrevieja (voorheen San Jaime), verrichten wonderen. Niet alleen omdat elke (ex-)patiënt daar in een warm bad stapt maar ook door de expertise die het team vertegenwoordigt. Ze doen er alles aan om iedereen op de dag van onderzoek alle uitslagen te geven. Het kan in zo’n korte tijd dus het moet, is hun adagium. Zij begrijpen als geen ander hoe moeilijk het is om lang in spanning te moeten afwachten. Dokter Dussan, degene die vijf jaar geleden de chirurgische ingreep deed, liep ons in de gang tegemoet. Alle voorgaande keren was dat ook het geval dus we legden die ontmoeting uit als een goed voorteken. Hij stapt zo uit een doktersroman... door hem te worden gekust, maakt zelfs zo'n dag tot een mooie dag! 

Om een lang verhaal kort te maken: we bladerden met de arts door 94 digitale opnamen van schijfjes torso. Er was niets te zien dat er niet hoort. Ook de bloedwaarden waren in orde. Mijn liefje werd dus wederom goedgekeurd. ¡Alegría! We vierden die uitslag met een feestelijke lunch bij restaurant Casa Araez. We zien het komende jaar met vertrouwen tegemoet. Ik wens dit Spaanse Sandra ook van harte toe.

We pakten de draad van het gewone leven weer op. Vannacht sliep mijn liefje als een roos. De stemming in huis is opperbest. We zijn drukdoende om de laatste boekingen te doen voor onze aanstaande rondreis door Zuid-Amerika. We leggen wel veel maar niet alles vantevoren vast. Bij Booking.com kun je kosteloos reserveren en ongedaan maken.
In de bijlage [Buenavida] van El País las ik over Palador Buenos Aires, het thuisrestaurant van Chef Pablo en sommelier Ivana (zijn vrouw), in de stad van de tango. Het is een restaurant met gesloten deuren, je moet ervoor worden uitgenodigd. Ik abonneerde mij reeds op hun nieuwsbrief. De kritieken zijn lovend. Het restaurantbezoek staat hoog op ons lijstje.

 

woensdag 22 oktober 2014

VOR-virus

Vorige week deden we het nog: in de haven van Málaga gingen mijn liefje en ik aan boord van een boot. We kunnen het niet laten maar dat is niet zo gek voor personen die zich watermensen noemen. Ik kan mij geen vakantie heugen zonder aan boord van iets drijvends te gaan. Zo waren we passagiers op de Club Med 2, deden mee aan Sail Amsterdam, waren aanwezig bij skûtsjesilen, zeilden op een Friese platbodem, zaten op een cruiseschip toen de tsunami van 2004 zich ontrolde, gingen aan boord van een onderzoeksschip in Bremer Bay. En niet te vergeten: ik was een windsurfer. Heel af en toe deden we iets onverantwoord zoals op zoek gaan naar walvissen in de Ierse zee, op een kleine, aftandse vissersboot, bij slecht weer. Ik sla weer groen uit als ik daaraan terugdenk. Of die keer dat we in Mexicaanse wateren zeilden en mijn liefje bijna overboord sloeg. Tja.


Ik heb momenteel het VOR-virus onder de leden en dat zal wel even gaan duren. De Volvo Ocean Race houdt mij bezig. Sinds 11 oktober volg ik de zeiltocht op de voet, via een informatieve app op de iPad. Voor de regelmatige lezer: van Apple kreeg ik onlangs een gloednieuw apparaat. In mijn vorige, getroebleerde apparaatje bleek een poltergeist te huizen. Het was dermate mis met de electronica van het aanraakscherm dat genie Alvaró van de Apple Store in Murcia het ding onherstelbaar achtte. Er werd geen discussie gevoerd, ik hoefde de oude iPad slechts aan te zetten om een nieuwe te krijgen.

Terug naar de app en de race. Je vindt er verslagen in woord en beeld, elke twee uur is er een update van de info, om de drie uur worden de posities van de schepen bijgewerkt die twee- en driemensionaal worden weergegeven via de tracker. Zelf ben ik vooral fan van de roze damesboot van team SCA, door mij liefkozend de Tena Ladies genoemd, naar een van hun sponsoren. De dames deden het in de afgelopen dagen minder goed; ze waren hekkensluiter van de flottielje. Ze hadden de pech in een net van een vissersboot te geraken. Shit happens, de zee zit vol gevaren. Maar op er gebeuren ook mooie dingen. Zo werden de dames in de Straat van Gibraltar uitgeleide gedaan door een grote school grienden!

Op het moment van typen ligt hun boot op de zesde plek, 115 nautische mijlen achter koploper Abu Dhabi (een zeemijl is 1.8 kilometer). Alhoewel dat op het water een tamelijk grote afstand is, is dit traject van de wedstrijd nog lang niet beslist. Het Nederlandse team Brunel vaart in tweede positie, het Spaanse team MAPFRE is laatste.

De nieuwe designboten (VO65) zijn heuse racemachines maar comfort is ver te zoeken. Slapen doen de zeilers in een soort Spartaanse hangmat, binnen is het aardedonker, je moet grotendeels op een schuin vlak lopen, de toilet is niet meer dan een brilloze kom die (los) hangt en wassen doen ze zich met een natte lap of met een regenbui.

Alle boten lieten de Kaapverdische Eilanden inmiddels achter zich en varen nu het gebied tussen de keerkringen binnen. In deze equatoriale stiltegordel zal de bemanning te maken krijgen met wolken zo groot als steden waaruit van alles kan voortkomen: hevige storm, complete windstilte, tropische buien, donder en bliksem uit alle hoeken. Het navigatiesysteem zal in dit gebied minder te vertrouwen zijn dan de eigen ogen. Een scherpe wolkenstaarder is zijn of haar gewicht in goud waard. Onder die omstandigheden moet worden bepaald of een westelijke of juist een oostelijke koers wordt gevaren. Geen sinecure.

De Hollandse organisator van dit oerspannende zeilevenement verklaarde in een interview dat de wedstrijd een succes zal worden als de harten van niet-zeilers worden veroverd. En wat ben ik?

In de beginjaren van onze relatie werden mijn liefje en ik trotse eigenaren van een tweedehands kimkieler, genaamd ‘What Next?’. Bijgestaan door mijn toenmalige baas Hans, een verwoed zeiler, testte ik het scheepje en besloten we tot koop over te gaan. Het betrof een polyester toerboot van bijna 7 meter lengte, die geschikt was voor varen op de Waddenzee omdat zo’n boot kan droogvallen: er zitten twee zogenaamde kielpoten onder de romp waarop het zonder water rechtop blijft staan. Het had een kombuis met stahoogte, een keukentje en een tweepersoonsbed in de punt, er was plek voor logés.
We vonden een ligplaats aan de Loosdrechtse Plassen en gingen regelmatig het water op. De doop van de boot was een feestelijke aangelegenheid. Mijn vriendin Nelly was van de partij, er was confetti en champagne. Mijn liefje en ik speldden elkaar een schippersbadge op. Zelf had ik als middelbare scholier zeilkampen gevolgd en ook mijn liefje zeilde in haar jeugd. Ik vond dat ik beter was dan zij, zij op haar beurt meende de beste stuurvrouw te zijn. Maar twee kapiteins op een schip… daarvan kwam weinig goeds. Op enig moment moest de hamvraag worden gesteld: gaan we voor de boot of voor onze relatie? De rest is geschiedenis; deze week vieren we 25.8 op de schaal van Richter. Daarna stond ik nooit meer aan het roer van een zeilschip. We bleven water(sport)liefhebbers.

zondag 19 oktober 2014

Rondje Málaga

Toen we bepakt op de parkeerplaats achter ons huis stonden, klaar om weg te zoeven, vroeg buurman Steve waar we heen gingen. “Málaga”, zei ik enthousiast maar hij trok zijn neus op… We zouden daar onder andere mijn zwager en zijn partner ontmoeten. Zij boekten een vakantieweek in Andalusië en het leek ons leuk enkele dagen met hen door te brengen. Wij reserveerden in hetzelfde hotel als zij, centraal gelegen en op korte loopafstand van de oude binnenstad. Overdag verkenden mijn liefje en ik de stad samen te voet, aan het einde van de dag en ’s avonds spraken we met hen af. Het was een fijn weerzien.

Bij de plaatselijke VVV legde ik uit waar mijn interesse lag en van onderuit een laatje kwam een brochure van MAUS, Málaga Arte Urbano Soho. Het bleek een wandelroute langs bijzondere muurschilderingen in een kunstzinnige wijk van de stad. We zagen werken van Spaanse (Malaga, Madrid, Santander, Granada), Belgische en Chinese kunstenaars; sommigen wereldberoemd. Op de route lag ook het CAC, het Centrum voor Hedendaagse Kunst, in een fraai Art Déco-gebouw. De toegang was gratis en fotograferen was toegestaan. Kom er eens om?!

Het was niet alleen moderne kunst die we bezichtigden, we legden ook een bezoek af aan het kasteel van Gibralfaro en het Alcazaba. Daarmee liepen we vijf eeuwen terug in de tijd. Het kasteel ligt op minder dan 200 meter hoogte en is vanuit de haven goed te zien maar de weg ernaartoe was dermate steil dat we regelmatig een stop moesten inlassen. De weg naar beneden was zowaar nog zwaarder. Het uitzicht over deze mooie stad was echter al die moeite waard.
’s Middags bezochten we het museum CarmenThyssen waar we ons vergaapten aan de werken van Spaanse meesters. Afgezien van Goya en Velazquez ken ik er -nog- niet veel. Ook hier was fotograferen zonder flits toegestaan. Ik zag prachtige zonsop- en -ondergangen, indrukwekkende zeeën en andere natuurelementen, stierengevechten, dansers en musicerende zigeuners. Tijdelijk was er één olieverfschilderij van El Greco te zien. De oude Griek (1541-1614) werkte als kunstschilder jarenlang in Spanje. Het werk ‘Las Lagrimas de San Pedro’ is daar tijdelijk te zien omdat het in heel Spanje de 400ste herdenking van zijn sterfdag is.

Net als in Cartagena werd ook de haven van Málaga in de afgelopen jaren gemoderniseerd en uitgebreid. Elke dag lag er een groot cruiseschip maar de marina was tijdens ons verblijf ook de aanlegplaats van een indrukwekkend opleidingsschip (driemaster) uit Oman, ferries naar de Spaanse enclaves in Marokko en de ijsbreker Arctic Sunrise van Greenpeace. Ook Ketut deed de terminal met zijn cruiseschip Regent Seven Seas aan.
Ik vroeg een van de Greenpeace-bemanningsleden waarom ze daar zijn. De organisatie wil aandacht vragen voor alternatieve vormen van oliewinning; Spanje overweegt traditionele boringen in de baai van Alboran en rondom de Canarische Eilanden.

Het waren echter niet alleen schepen die onze aandacht kregen. In het havengebied deden we ook een rondje culinair: we lunchten en dineerden bij restaurant JCG en bij Café de Paris, beide van dezelfde Spaanse chef-kok Juan Carlos Garcia. Het eerstgenoemde restaurant is strakker ingericht en heeft meer experimentele gerechten op de kaart. Vooral de smaak van de knoflook-amandelsoep met op de bodem een stevige mousse van groene appel en verse pruim van JCG zal mij lang bijblijven. Mijn liefje genoot daar van de bijzondere steak tartare. Het Café is gezelliger en ook de kaart is gemakkelijker. We vielen sowieso met onze neus in de (truffel)boter: Málaga organiseerde tijdens ons verblijf een 10-daagse tapasroute door de stad.

Andalusië, de geboortegrond van de Spaanse tapa, maakte de borrelhapjes in de loop van de tijd tot ware culinaire kunststukjes. Ik zou ze elke dag kunnen eten, in plaats van een hoofdgerecht. Op 26 oktober wordt bekendgemaakt welk etablissement de beste tapas serveerde. Mijn liefje en ik kozen unaniem voor het miniburgertje van eend met een plakje ananas en kruimel, op een gazpacho van lever met alfa-alfa.

Het uitje naar Málaga smaakt zeker naar meer: de stad met zijn rijke cultuur, het typisch Spaanse, de ontspannen sfeer op straat, de heerlijke restaurants, de mooie stranden, lijken ons een geschikte plek om (echt) oud te worden… Traditioneel en modern, er is voor ieder wat wils. We zijn weer terug aan de Costa Blanca waar de buikriem vanaf vandaag wordt aangetrokken, de kniegewrichten weer normaal beginnen aan te voelen. Ik zal een web-album samenstellen.


zondag 12 oktober 2014

Alweer nautisch!

Vandaag is het hier dia de Hispanidad, een van de grootste nationale feestdagen van España. Deze dag is ter ere van Columbus die op 12 oktober 1492 Amerika ontdekte. Voor werkende Spanjaarden is het jammer dat de feestdag op zondag valt. Wij gaan nergens heen om de festiviteiten te zien; vandaag blijven we thuis. Afgelopen week was een betrekkelijk drukke -maar wel heel leuke- week dus het is fijn om even niets te ‘moeten’.

 Gisteren reden we naar Alicante om iets van de sfeer en de activiteiten rondom de start van de Volvo Ocean Race 2014-2015 mee te maken. Onderweg zette ik de radio aan en viel ik middenin een uitzending over Zuid-Amerika, met bijbehorende muziek. Aan het woord was een Chileense die over een groot cultureel project in haar land vertelde. Ze vertelde ook over de collectieve verwerking van de zwarte periode van dictator Augusto Pinochet. Ze trok een vergelijking met het Franco-regime in Spanje. Met de eigen reis in het verschiet, bracht het ons in de juiste stemming. Leerzaam en boeiend! De muziek van Chili klinkt tamelijk anders dan die van Spanje: andere woordkeus, meer akoestische gitaren, trompetten, harpen. Ik kan mij er erg op verheugen dit soort klanken elke dag te horen.

Alicante was eerder de startplaats voor deze race over de wereldzeeën. Gisteren hoorde ik dat de Spaanse havenstad ook voor de komende twee races de verkozen startplek zal zijn. Kennelijk doet Spanje dat goed! We parkeerden de auto in een overdekte garage en liepen langs de boulevard naar de haven. We sloten ons bij een dikke stroom mensen aan. Het evenement is gratis toegankelijk, dat trekt veel publiek. Er waren heel veel Spanjaarden op de been. Elk raceteam had een eigen paviljoen, er stond een zeilschip dat je van binnen en van buiten kon bekijken, er waren koffie- en tapastentjes.

Zeven zeilschepen doen mee aan de race, waaronder een Spaans (sponsor MAPFRE), een Hollands (Brunel) en een internationaal vrouwenteam (SCA). Een van de sponsoren van het vrouwenteam is producent Tena… De schipper van het Nederlandse team heet Bouwe Bekking, Carolijn Brouwer vaart mee op de vrouwenboot. Het Nederlandse team bestaat uit een multiculturele crew, onder andere een Spanjaard.

De boten lagen aan de kade, daaromheen speelden zich allerlei ceremonies af. Zo was er een parade van alle teams. De leden liepen door een erehaag die door het publiek werd gevormd, voorafgegaan door een grote groep Spaanse, vrouwelijke trommelaars. Bij die gelegenheid wenste ik Bekking heel veel sukses en een behouden vaart. Daarna kwam er een priester die alle schepen zegenden. Er werd geïnterviewd; crew members werd gevraagd wat ze de voorafgaande avond aten (grote biefstukken voor de meeste mannen), wat er aan persoonlijke spullen in hun reistas zat (‘een foto van mijn zoon’, ‘geen foto van mijn vriendin… ik weet hoe ze eruit ziet’, ‘niets… we hebben werk te doen’, vijf onderbroeken inclusief degene die ik aanheb’). De volgende bestemming is Kaapstad waar 25 à 30 dagen over wordt gedaan. Ze zeilen non-stop, op astronautenvoedsel. Er is niet eens een kombuis aan boord.

De officiële start van de wedstrijd was om twee uur ’s middags. Eerst moesten er twee rondjes in het havengebied worden gemaakt voordat de schepen de Middellandse Zee opgingen. Team Brunel maakte een vliegende start, hun geel-zwarte schip ging als eerste op weg.

Aan het einde van de middag kwamen we thuis. Ik zette de foto’s over naar mijn notebook en constateerde dat mijn liefje met haar Olympus wel heel bijzondere shots had gemaakt?! Ik vroeg haar wat ze had gedaan. Tijdens de opnamen had ze de vreemde resultaten wel op het scherm gezien maar ze had er niet over willen praten. Wellicht had ze aan een verkeerde knop gezeten? Ik was geïntrigeerd door de beelden dus ik bekeek de verschillende opties op de camera (heb na maanden nog niet alles uitgevonden) en vond de ‘Magic’-knop! Zo gebeurde het dus. Ik vind het een fascinerende functie.  
 
’s Avonds waren wij voor een etentje uitgenodigd bij onze vrienden Ben & Joan die in dezelfde woonwijk wonen maar in een penthouse op een aanzienlijk hogere heuvel dan wij. Vanaf hun terras zagen we de zeilschepen op de Middellandse Zee ons beeld binnendruppelen! Ze voeren dicht langs de kustlijn. Ik telde een… twee… drie… vier... vijf... zes boten. Met de telelens van mijn Canon-camera zag ik de zeilen en de kleuren van de boot. Vestas Wind lag nu aan kop, gevolgd door Brunel. De Tena Ladies, Team SCA, waren hekkensluiter. Op dit korte traject zullen geen grote verschillen ontstaan.
 
Intussen downloade ik de app waarmee we de race (bijna) realtime kunnen volgen. Van elke boot kun je de verschillende vaarbewegingen goed zien. Waar zij zijn, kunnen we op de voet volgen. Waar zouden wij zijn zonder internet? Op dit moment naderen ze de Straat van Gibraltar. De tracker laat een kluwen boten zien. De dames zijn lekker bij. Ik ga de race in de komende negen maanden volgen.


donderdag 9 oktober 2014

Schip ahoy

We reden het centrum van Cartagena in toen ik het bovendek van het cruiseschip al overal bovenuit zagen torenen. De Regent Seven Seas Mariner is een heel groot schip: het heeft twaalf dekken. We parkeerden de Kuga (die fantastisch rijdt) op loopafstand van de pier. We waren aan de late kant: TomTom bleek ons via een enorme omweg naar de plaats van bestemming te hebben gebracht. In de haven van Cartagena is veel moois te zien: naast de gerenoveerde pier is ook het auditorium op de boulevard zeer de moeite van het bekijken waard. Beide van Spaanse architectenhand.

Maar we kwamen vooral voor Ketut. Naast het Regent-schip lag een Duits cruiseschip… kleiner en lang niet zo mooi als de Amerikaanse gigant. De Spaanse douanier bij de cruise terminal had moeite onze namen op de bezoekerslijst te vinden. Op enig moment zag ik ondersteboven ‘Ketut Sudita’ staan dus ik legde mijn wijsvinger erop. Aan boord werden we opgewacht door een Aziatisch beveiligingsteam. Toen we Ketuts naam noemden, zei de Aziatische medewerkster: ‘hij verwacht jullie’. We overhandigden onze paspoorten, kregen onze bezoekerspassen en Ketut werd opgeroepen. Hij kwam aangesneld in zwart-witte bedrijfskleding, met een naamplaatje en de naam van het schip op zijn shirt.

Hij gaf ons een rondleiding door de personeelsvertrekken van het schip: de kantine, de wasserette, de sportschool, de mess (met bar en tafelvoetbal). In een van de gangen liepen we Deborah, de struise HR Manager van de Mariner, tegen het lijf. Ze vroeg wat onze relatie met Ketut was en ook of wij zussen waren. “Nee”. Of we dan anderssoortige familie van elkaar waren? “Min of meer maar niet zoals je denkt…” zei ik, terwijl ik haar recht in de ogen keek. Ze begreep het, moest hard lachen. Ze kent Ketut van zijn werk aan boord van de Regent Seven Seas Navigator, zijn vorige schip. “He is great” en dat zijn we met haar eens.

Hij liet ons zijn hut zien: een kleine tweepersoonskamer met stapelbed en badkamertje, onder de waterlijn. Ketut deelt die ruimte met de Filippijnse Ronald. Twee klokken op een burootje houden de lokale en de Balitijd bij. Met de lift gingen we naar het bovendek voor de crew waarop de kapitein vanaf de brug goed zicht heeft. We ontmoetten enkele van zijn oude en nieuwe vrienden aan boord, groetten zijn Indiase supervisor, spraken kort met een handjevol andere Indonesiërs die dagelijks met elkaar aan dezelfde tafel eten. Ketut zei ons dat hij zijn collega’s vertelde dat hij familie heeft in Spanje. Wij, witten, oogsten grote ogen. Ik vermoed dat hij gisteravond het een en ander had uit te leggen.

Ketut was vrij tot 3 uur ’s middags dus we gingen van boord en liepen gezamenlijk het centrum van Cartagena in. Hij was verguld met ons bezoek, sloeg telkens zijn armen om onze schouders. Dit is zijn eerste kennismaking met Europa en die bevalt hem goed. In het vliegtuig gezeten, verbaasde hij zich over het vlakke Nederland en de groene lappendeken. “Are they rice fields?” We spraken over Hollandse landbouw en leven onder de waterspiegel. Zijn reis begon in Venetië en voerde hem langs de landen van het voormalige Joegoslavië, Griekenland, (weer) Italië en nu Spanje. In elke haven brengt hij minstens één uur aan de wal door. Hij is vrij om van boord te gaan en we zagen hoe gemakkelijk dat is. Hij constateerde met plezier dat de immigratiediensten van Europa veel relaxter zijn dan die van Amerika. (Laat Wilders het maar niet horen!)

We spraken voorts over het afscheid in Bali, de mannetjes, de reden waarom hij vaart, onze relatie met hem en Elsa. Alhoewel hij zijn gezin en zijn geliefde eiland erg mist, realiseert hij zich dat zijn leven daar veel voorspelbaarder is… Hij geniet dan ook van het wereldse aan boord van het cruiseschip. Los van zijn heimwee past hij er wel. We bezagen Ketut in een andere omgeving, op een nieuwe manier.
 
Hij vertelde dat hij 21 zakjes droge noodles, een grote zak sambal en vele sachets Balikoffie meebracht aan boord. Binnen een week was zijn hele voorraad op; die deelde hij met zijn collega’s. Hij is een zeer sociale jongen en bovendien een goeierd… We aten tapas op een Spaans terras. De octopustentakels met peper vond hij niet voor herhaling vatbaar, de inktvisringen gingen erin als Gods woord in een ouderling. Als verrassing belden we Elsa en de boys met onze telefoon. Ketut had rode konen tijdens dat gesprek.

Mijn liefje en ik voelden ons zeer voldaan aan het einde van die dag. We vonden het een kans die we niet mochten missen. Met natte ogen zeiden we vaarwel. Vandaag is Ketut in Malaga, morgen vaart het schip naar Cadiz. Vervolgens verruilt de Mariner de Middellandse Zee voor de Atlantische Oceaan. Selamat Jalan, Ketut!


dinsdag 7 oktober 2014

Oktober borstkankermaand

Oktober is wereldwijd borstkankermaand en daarbij sta ik jaarlijks stil. Wekelijks ontvangt mijn liefje automatische updates over de ontwikkelingen en vorderingen op het vlak van onderzoek en behandeling van borstkanker. Zij besloot recent, vijf jaar na haar eigen diagnose, dat ze de internationale info niet meer wil ontvangen. Dat is haar keuze en haar goed recht. Dat neemt niet weg dat het onderwerp deel blijft uitmaken van haar leven. Van ons leven.

Zelf zal ik de berichten blijven volgen; er is immers zoveel positiefs te lezen. Zo las ik onlangs dat vrouwen die reeds aan borstkanker werden behandeld en een tekort aan vitamine D hebben, een grotere kans hebben op terugkeer van een tumor in een ander deel van het lichaam. Uit ander onderzoek weten we dat vitamine D een beschermende rol speelt tegen allerlei ziekten en aandoeningen. De aanmaak van de ‘zonlichtvariant’ van vitamine D verloopt stapsgewijs. Een onzichtbaar onderdeel, UV-B genaamd, wordt in de huid tot vitamine D omgevormd. De lever zet die vitamine vervolgens om in calcidiol. Deze stof kan als voorraad in het menselijke lichaam worden opgeslagen. Als inwoonsters van Spanje behoeven we geen vitamine D-supplementen te slikken… een uurtje lezen op het terras of een rondje golf is voldoende om de voorraad op peil te houden!
Later deze maand zal mijn liefje weer een grote medische controle op de afdeling Oncologie ondergaan. Voor het eerst een jaarlijkse. We gaan uit van een goede uitslag maar het expertiseteam van dokter Brugarolas zal dat moeten bevestigen.

Maar zover is het nog niet. Er is deze week veel te doen in en om huize Barefoot. Vandaag is vooral een keukendag; vanavond organiseren wij de bonte avond voor onze vrienden Hugo en Emmy die morgen terug naar Nederland reizen. Die traditie hebben we al jaren: op de avond voor het vertrek van goede vrienden, koken wij hun afscheidsetentje. Voor deze gelegenheid haalde ik de kookboeken van Jamie Oliver weer eens tevoorschijn. Het wordt driegangen Italiaans.

Sinds kort kijk ik weer naar Masterchef Australia 2014. Jurylid George Columbaris keerde in deze jaargang terug met een smal koppie, de overige heren van de jury zijn ogenschijnlijk niets veranderd. Deze week is Marco Pierre White -wederom- speciale gast. Voor vele amateurs is hij een intimiderende aanwezigheid en dat begrijp ik. Hij laat zich in het programma ook van zijn goede kant zien: personen met talent die soms weinig vertrouwen in hun eigen kookkunst lijken te hebben, spreekt hij bemoedigend toe en geeft hij wijze lessen mee. Het is nog te kort om een favoriet aan te wijzen maar de jongste deelneemster, de 18-jarige Laura (met Italiaanse roots, net als Marco), maakte indruk met haar gerechten. Ik ga het weer op de voet volgen en zal er met enige regelmaat over berichten.

Het is voor ons doen een relatief drukke week, zeker op nautisch vlak. De regelmatige lezer weet dat wij woensdag een uitstapje naar Cartagena gaan maken om Ketut te zien. Hij stuurde ons onlangs een tekstbericht met de boodschap dat wij om 12 uur ’s middags worden verwacht. Elsa stuurde onze Indonesische telefoon gisteren extra ‘pulsa’ (beltegoed) om zeker te zijn dat we in de komende dagen met haar echtgenoot kunnen sms’en. De slimmerik; we vroegen haar er niet om – zo anticipeert ze op de ontmoeting. We kijken ernaar uit.

Dat verlate tijdstip stelt mij in staat eerst naar de Apple Store in Murcia te rijden. Maanden geleden kocht ik een iPad mini. Na enige tijd begonnen er problemen te ontstaan: zonder dat ik het scherm aanraakte, werden allerlei applicaties geopend en gesloten. Dat leidde ertoe dat ik niet ongestoord een krant of tijdschrift kan lezen, geen mails kan beantwoorden en geen muziek kan afspelen. De apps die ik wil openen, worden even later gesloten. Dingen die ik niet wil zien, verschijnen op het scherm. Het scheelt weinig of de iPad doet zelf bestellingen… ik vind inmiddels boeken samples die ik zou hebben gedownload?! Ik weet van niets. Kortom: het is inmiddels een onhoudbare situatie. Een zoektocht op internet toonde aan dat er meer mensen zo’n problematisch apparaat bezitten. Ik stuurde een mail naar de winkel om mijn komst aan de kondigen; zo doe je dat bij Apple. Ik heb garantie dus ik ga ervan uit dat men mij tegemoet zal komen.

In het weekend gaan we naar Alicante om de start van de Volvo Ocean Race 2014-2015 mee te maken. Het is de tweede keer dat de beroemde zeilrace start in die havenplaats, die op een half uurtje rijden van ons huis ligt. Er is veel te zien, we gaan vroeg op pad. Je kunt de teams aan de slag zien en de zeilschepen bekijken. Vanzelfsprekend zal ook de innerlijke mens niets tekortkomen.
Op zaterdagmiddag om 14.00 uur is de start van de race. De teams zullen dan op weg gaan naar Kaapstad. De race zal in totaal negen maanden in beslag nemen. In die tijd zullen ze elf havens aandoen, in elf landen. Er is wederom een All Women Team dat meedoet. Pretty in Pink. Yes, women can compete! Ook varen de vliegende Hollanders weer mee (Team Brunel). Voor het eerst in de geschiedenis van de race heeft elk team eenzelfde boot en is er een Chinees team, Dongfeng Raceteam. De VOR-app waarmee je op de hoogte blijft van de race kan ik helaas op de iPad voorlopig niet gebruiken.

En dan wordt het deze week ook nog volle maan. Ahwoeoeoeoeoeh…

donderdag 2 oktober 2014

Bye, bye Beast

Onlangs kregen we een telefoontje van de varende Ketut die zich op dat moment aan Joegoslavische wal bevond. Het was een slechte verbinding maar zijn vraag was duidelijk: of wij onze persoonlijke gegevens konden verschaffen, dan zou hij onze passen voor aan boord het cruiseschip Regent Seven Seas Mariner met personeelszaken in orde maken. We gaan hem dus volgende week in Cartagena zien en we mogen aan boord. Ik verheug mij erop. Vorige week hadden we kortstondig contact met Elsa in Bali. Zij vertelde ons dat Yuda zich elke avond in slaap huilt omdat hij zijn papa zo mist. We hebben met het ventje te doen. Hij is zeven jaar en beleeft deze situatie voor het eerst intens. Elsa meldde ons dat ze hem -ook namens ons- 'extra vitame L' (van Liefde) geeft. Onze grootmoederlijke, pedagogische lessen werpen vruchten af!
 
Ketut’s schip komt om 8 uur ’s ochtends aan en zal tot 5 uur ’s avonds aan de pier van de cruise terminal liggen. Dat betrekkelijk nieuwe gebouw is op zich een bezichtiging waard; als we dan ook nog aan boord van een heus schip mogen, hoor je mij niet mopperen!

We gaan dus vroeg op pad naar de fraaie havenplaats… met een nieuwe auto! Voordat we op pad gingen naar Sulawesi, hoorde ik een geluidje onder de motorkap van The Beast, de koosnaam voor onze elf jaar oude Engelse Jeep. Het was een blikkerig geluid dat niet constant was te horen maar als het er was, spitste ik mijn oren. We lieten ernaar kijken in een betrouwbare garage in de buurt. Het kon worden gerepareerd maar het onderdeel moest worden besteld en was duur.
Alhoewel de auto in de afgelopen jaren nauwelijks grote reparaties onderging, is het gezien die leeftijd van het beestje een kwestie van tijd dat de onderhoudskosten flink (kunnen) gaan oplopen. Ik ben erg gehecht aan die auto, die mij jarenlang veilig naar mijn werk in Londen Heathrow vervoerde, die ons naar prachtige plekken in West- en Zuid-Europa voerde, die de grote caravan trok alsof het een zak met veren was. Kortom: zo’n reismaatje zet je niet zomaar aan de kant.

Maar ik was ontvankelijk voor het gevoel van mijn liefje. Die voelde zich erg ongemakkelijk onder het gerammel en hield als CFO van de familie haar hart vast voor wat in de toekomst kon komen. In een van haar dromen zag ze ons aan de kant van de weg staan, in van die sneue gele vestjes… Op het web deden we daarom wat vergelijkend onderzoek en diverse automerken hadden onze aandacht. Op een druilerige ochtend stelde mijn liefje voor ter oriëntatie eens naar de Forddealer om de hoek te gaan; die heeft immers een goede reputatie en de Spaanse eigenaar was jarenlang hoofdsponsor van het golftoernooi op Campoamor. Dat schept een band.

We liepen de showroom in, groetten Pepe de eigenaar en kwamen in gesprek met verkoper Juan Carlos. Van het een kwam het ander. Wie eenmaal aan een SUV is gewend, wil niet gauw iets anders. Je zit relatief hoog, hebt goed zicht over de weg en het daarmee samenhangende gevoel van veiligheid is prettig. De voorkeur ging uit naar een automaat. Ook daaraan wen je razendsnel al bestaan er in onze woonomgeving aan de Costa Blanca nauwelijks files. En wij wilden best een maatje kleiner gaan rijden dan tot nu toe.We zaten in een C-Max, een auto met deuren die naar achteren openschuiven (lijkt teveel op een bejaardentaxi), in een EcoSport (tè sportief voor ons, oudere jongeren) en we zagen een Kuga. Die beviel meteen. Vanzelfsprekend konden we een gloednieuwe auto bestellen maar in de showroom stond er een die tot nu toe eigendom was van Ford España, met weinig kilometers op de klok maar wel met héél véél accessoires.

Na een fijne proefrit met de showgirl en na onderhandelingen met JC hakten wij de knoop door: ter plekke kochten we de Ford Kuga Gris Sterling 2.0 TDCI 4x4 Powerboost voor een zeer aantrekkelijke prijs. Een mond vol maar dan heb je ook iets! Inmiddels maakten we onze eerste ritjes in de nieuwe auto. Het aller-allerleukste vind ik de optie van handsfree inparkeren. Zien is geloven. Je rijdt langs geparkeerde auto’s, drukt op het dashboard de knop Auto P in, en dan volg je braaf de info op de boordcomputer: rijdt ietsje door, schakel in zijn achteruit en haal je handen van het stuur. Strakker langs de trottoirband kun je niet komen… Geweldig!

Vandaag stond in Nu dat Tom-Tom met Volkswagen werkt aan de ontwikkeling van een zelfrijdende auto. Mij klinkt dat geenszins vreemd in de oren.

In onze Kuga zitten rondom sensoren voor uiteenlopende functies, er zit een camera in de voorruit die ervoor zorgt dat je op gepaste afstand van je voorganger en tussen de lijnen blijft, de boordcomputer heeft duizend-en-een opties, het dashboard heeft vele knoppen. Het interieur is zwart en de bekleding is een combinatie van leer en stevige stof. Twee golftassen met karretjes passen in de achterbak. Van Juan Carlos kregen we een rubberen mat en een net voor de boot cadeau. 

Mijn liefje stapt lachend uit vanwege de comfortabele kuipstoel en de beenruimte, ik stap lachend in vanwege het grote rijplezier.

Onze pluchen vriendjes verhuisden onlangs van de oude achterbank naar de nieuwe. Zonder hen voelt een zeer complete auto toch incompleet. Ook zij lijken content. Pooh liet mij namens zijn maatjes weten dat zij zich vooral verheugen op de stemmige autoverlichting 's avonds. En The Beast? Die vond enkele dagen geleden een nieuwe eigenaar. Een Britse dealer kocht de auto voor eigen gebruik. Bless him.