Translate

vrijdag 30 januari 2015

Hoog water

Tijdens het diner onder de sterren op woensdagavond in Biezja Oenion keken mijn liefje en ik gebiologeerd naar de rode bergrug waar het flitste en bliksemde. We zaten in een openluchtbioscoop met spectaculaire beelden. Steeds meer medegasten volgden ons voorbeeld. Het was grappig om te zien en zeer gezellig. Er heerste een herbergsfeer in het hotel: er was veel onderling contact, veel uitwisselingen van ervaringen en nieuwsgierigheid naar elkaars reisschema. We hadden geluk dat we Talampaya -met strakblauwe lucht- reeds bezochten. De extreme regenval van het moment zou ook een bezoek aan dat park in het water hebben doen belanden, net zoals Ischigualasto.

We reden donderdagochtend terug naar Mendoza, wederom via de ruta naciónal 40. Ik kan duidelijk zijn: die weg en wij werden geen vrienden. Na ongeveer 40 kilometer op de route bleek een rivier dusdanig buiten de oevers te zijn getreden dat Clio Mio zou verzuipen, met ons erin. Het is opmerkelijk dat geen hotelmedewerker erover sprak of vroeg naar onze reisroute maar dat is wellicht te westers gedacht. De politie handelde evenmin: er stonden nergens waarschuwingsborden. Langs de kant van de weg stond een Ford Ecosport met knipperende lampen waarin ik een andere hotelgast herkende. De Argentijn meldde mij dat deze rivier niet eens het grootste probleem op deze route was; even verderop lag er een die dieper en breder was. Het was onmogelijk om onze weg te vervolgen dus we draaiden om. Wederom!

We keerden om, tankten benzine bij het tweede station. Het eerste had geen brandstof; misschien zat de bevoorrading wel vast tussen twee rivieren? Na een kopje koffie op het plein van Villa Unión begonnen we monter aan onze reis naar Mendoza van ruim 500 kilometer. Ook op dit alternatieve traject hielden we het niet droog. We staken enkele keren een buiten de oevers getreden rivier over. Soms lieten we een andere chauffeur voorgaan, om te zien hoe diep een en ander was, op sommige plaatsen had de provincie materiaal ingezet om de oversteek te vergemakkelijken.

Denkend aan Argentijnse autowegen zie ik electriciteitsdraden die soms links en dan weer rechts hangen, weinig verkeer en het verkeer dat hier is, bestaat vaak uit oldtimers van 40 of 50 jaar oud. Dit deel van Argentinië lijkt in alles op de Australische outback. Uitgestrekt gebied, gaucho’s met karakteristieke koppen, grazende dieren, grote landerijen, rijdende barrels. Naarmate we dichter bij stad Mendoza kwamen, nam het aantal moderne auto’s toe maar circa 40 kilometer ten noorden van Argentinië’s epicentrum van de wijnbouw zag ik tegelijkertijd tot mijn verbijstering nog veel, heel veel lemen hutten. Waarschijnlijk zijn dat de onderkomens van landarbeiders die druiven en olijven in de regio plukken.
Bij de afrekening door het verhuurbedrijf bleek dat wij in de afgelopen dagen 2.087 kilometer reden; we gaven 156 aan benzine uit. Het pittige autootje bracht ons en zichzelf veilig en zonder butsen terug.

We sluiten ons verblijf van twee maanden in Argentinië hiermee af. We genoten van alle ervaringen, koesteren vooral de vriendelijkheid van de Argentijnen. Morgen steken we de landsgrens over. De wollen mutsen, handschoenen en warme jacks gaan mee in de bus. Bij de douane, op 3.000 meter hoogte, moeten we namelijk met alle bagage de bus tijdelijk verlaten. Het is koud in de Andes!

In de plaatselijke ochtendkrant las ik dat het een van de warmste zomers in Santiago de Chile is. Deze Argentijnse krant noemt Chili een van de landen met de grootste economische ongelijkheid ter wereld… Mensen met geld gaan ’s zomers naar zee, arme mensen blijven in de stad. Er is sprake van een aanhoudende hittegolf en het stadsbestuur besloot daarop in bepaalde wijken zwembaden neer te zetten voor de jeugd. Ook fonteinen en brandweeraanpompen worden gebruikt. Wij gaan eerst naar de kust en dan staat een bezoek aan de hoofdstad op het programma. We gaan ons reisprogramma wellicht aanpassen: meer koelte van zee, minder stadshitte.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten