Translate

maandag 5 januari 2015

xBA

Ons verblijf in Buenos Aires zit erop. De weken vlogen om. Toen we op de avond van aankomst in de taxi door de stad reden, voelde ik mij licht teleurgesteld. Buenos Aires wordt wel het Parijs van Zuid-Amerika genoemd maar dat ervoer ik op dat moment niet. Het kwam nogal grijs en grauw op mij over. Maar je kunt niet oordelen na één taxirit, volgend op een transatlantische vlucht van 13 uur. Na vijf weken constateer ik dat er veel is dat aan de Europese lichtstad doet denken: de brede boulevards en wegen omzoomd door oude bomen, de verscheidenheid in architectuur, de cosmopolitische sfeer (in sommige wijken), de grootse monumenten. Het algemene straatbeeld is echter compleet anders.

Aanvankelijk moesten we wennen aan het stadsleven: de gillende sirenes van brandweer, politie en ambulance, de treinen voor de deur, het getoeter van auto’s, de overvolle straten, het gedrang in de metro. Op de dag na aankomst was mijn liefje klaar om te vertrekken. Alhoewel ze treintjesgek is, leek een spoor voor de deur een brug te ver. Twee dagen later was dat alles achtergrondgeluid, we accepteerden het en wenden eraan. Buenos Aires is relatief schoon: alle bussen en taxi’s rijden op LPG. Buenos Aires zou onleefbaar zijn als dat niet zo was. We wandelden vele kilometers, zaten in ettelijke bussen, metro’s en treinen. De openbaar vervoerpassen die wij kochten, geven we weg. Die is buiten de hoofdstad toch niet geldig.

Het appartement ter grootte van een postzegel zat ons als gegoten. Ik noemde de plek ons spiegelpaleisje. Die spiegels -in alle vertrekken, tot aan het plafond- maakten dat de spaarzame vierkante meters een reuzenpenthouse leken. Na een dag in de stad was het goed thuiskomen. We zwommen de warmte van ons af en trokken ons daarna terug, met de airco aan. ’s Avonds aten we doorgaans thuis en keken daarna op de flatscreen naar de foto’s van de dag of naar Uitzending Gemist, de schuifpuien wijd open. Zo komt splinter door de winter… Het was overigens een herbevestiging van het feit dat mijn liefje en ik, bekend met caravan en kampeerauto, harmonieus in een kleine ruimte kunnen samenleven.

De vriendelijkheid van de porteños zal mij bijblijven. De concierges in ons appartementencomplex, de dames van de schoonmaak, de buren, mensen op straat. Zelfs taxichauffeurs, die toch over de wereld niet persé een goede naam hebben, waren stuk voor stuk aardig en behulpzaam. Nooit hoefden we te vragen of de meter kon worden geactiveerd en altijd floepte het juiste beginbedrag aan. We kozen de aardigste man van Buenos Aires en toen wij het hem vertelden, bloosde hij tot ver voorbij zijn haargrens. Ché Juan Carlos komt uit Colombia en werkt in ‘Hola Jacoba’ waar we enkele keren lekker lunchten.

We voelden ons geen seconde onveilig in deze wereldstad. Wel vreesden we voor onze eetlust… Zoals ik reeds blogde, kan de Argentijnse keuken ons niet bekoren. In die zin lijkt Buenos Aires geenszins op Parijs. Ik weet het inmiddels zeker: de recepten bleven achter op de boten die immigranten uit Europa naar hier brachten! Argentinië heeft mooi vlees en een grillcultuur en daarmee denken sommige hoofdstedelijke restaurants het, ten onrechte, te redden. Er waren uitzonderingen: Las Pizarras Bistro (Frans), Cocina Sunae (Aziatisch), La Fabrica del Taco (Mexicaans), Hola Jakoba (Joods) en Burger Joint (Urban). Chef Rodrigo Castilla bleek de favoriet. De slechtste ervaring deden wij op in een Argentijns restaurant waar ons voor de lunch een schaal vlees van onduidelijke herkomst werd voorgezet op eerste kerstdag. Zelfs Luna zou haar hondeneus ervoor ophalen. Zonder smaak en zonder liefde bereid. Men maakte misbruik van de situatie: veel restaurants waren dicht maar zij waren open; ze boden een menu, geen menukaart. De keuze was uiterst beperkt. We betaalden de hoofdprijs, spraken er schande van en gingen hongerig huiswaarts.

Qua taal was het eveneens wennen; de oren moesten aanvankelijk hard werken om het Rioplataanse Spaans goed te verstaan. Niet alleen gebruiken de inwoners van Buenos Aires ander vocabulair (bijvoorbeeld: frutila = fresa, aardbei, valija = maleta, koffer, jugo = zumo, sapje), zij spreken lettercombinaties anders uit dan in Spanje. De dubbele l wordt in Spanje als j uitgesproken, in Argentinië maakt men er ‘zj’ van. De klemtoon kan tevens anders liggen. Die afwijkingen verhinderden het intermenselijke contact geenszins. Ook de dagelijkse gesprekken met lokalo’s droegen bij aan vijf mooie weken.

Een van de leukste dingen vond ik de alomtegenwoordige straatkunst. Buenos Aires heeft veel urban artists en kunstcollectieven maar ook buitenlandse kunstenaars doen de stad aan en laten hun creatieve sporen na. Veel van het Argentijnse werk ontstond na de economische crisis van 2001, muurschilderingen hebben vaak een politieke ondertoon. Ik verzamelde in deze periode vele exemplaren en de mooiste zitten in mijn webalbum. Kunstenaar Malatesta leerde ik persoonlijk kennen; als dank voor de leuke gesprekken vereeuwigde hij mijn portret op een stadsmuur in Palermo. ¡Macanudo!

En ja, de moeders en grootmoeders van Plaza de Mayo maakten een onuitwisbare indruk op ons beiden. Sinds 1977 eisen de vrouwen elke donderdag de aandacht op. Zo oud als ze zijn, ze zijn strijdbaar tot ze erbij neervallen en daarvoor heb ik veel respect. Ik hoop dat in de toekomst, met behulp van DNA, veel kleinkinderen zullen worden teruggevonden.

We gaan vandaag met de ferry enkele dagen naar Montevideo (Uruguay). Daarna keren we voor een nachtje terug alvorens we door de pampa’s, de sierras en het centrale Andesgebergte van Argentinië gaan reizen.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten