vrijdag 29 juli 2016

Hele en halve waarheden

Foto: Liutaurus Strimatis (AP)
Heh-heh… de kandidaten zijn bekend: Donald Trump en Hillary Clinton gaan strijden om het presidentschap van de Verenigde Staten. Ik hoop vurig dat zij wint. In de afgelopen weken volgde ik de Amerikaanse politieke conventies op de voet en keek met afkeer naar Trump en zijn aanhang. Hoe kan men zo’n man steunen?! Hij is een haatzaaier, houdt er bizarre standpunten op na over vrouwen, Hispanics, moslims, journalisten en buitenlandse mogendheden. Zijn kennis van de wereld is minimaal, zijn fascinatie voor wereldleiders met dictatoriale trekjes ronduit creepy. En het homohuwelijk: eerst was hij voor, inmiddels is hij tegen; dat typeert de man ook. Afgelopen week stond er een zeer kritisch artikel over Trump in The Washington Post. Deze onafhankelijke krant haalde ongekend hard uit naar de Republikeinse kandidaat. Het somde in details op hoe ongeschikt de man is voor de functie en wat een risico hij zal zijn voor de wereld.

Journalist Tony Schwartz, de ghostwriter van Trumps autobiografische boek ‘The Art of the Deal’ (1987), zei eerder deze week “I put lipstick on a pig”. Hij heeft veel spijt van zijn bijdrage aan het boek dat Trump in de schijnwerpers zette. Als hij het zou overdoen, zou het een heel ander boek worden. Wat zou de titel dan zijn? “The Sociopath”. “I genuinely believe that if Trump wins and gets the nuclear codes there is an possibility it will lead to the end of civilization.”

Niet alleen lees ik graag literaire werken, ook het genre (auto)biografie kan mij bekoren. Annejet van der Zijl is 's lands ongekroonde koningin van de historische biografie, ook de Amerikaanse journalist Walter Isaacson beheerst het genre. Maya Angelou schreef prachtig over haar leven, Ernest Hemingway deed dat, net als W.G. Sebald, Charles Darwin, Konstantin Paustovsky, Nelson Mandela, David Eggers, Malcolm X, Anne Frank, Hillary Clinton, George Orwell, Stephen King, Barack Obama, Elie Wiesel en vele, vele anderen.

Soms moet je iets slechts lezen om te weten wat goed is. 

Tijdens de presidentiële voorverkiezingen las ik werk van journalist Edward Klein. Hij schreef ‘Blood Feud: The Clintons vs. The Obamas’ (2014) en ‘Unlikeable: The Problem with Hillary’ (2015). Klein is geen kleintje op zijn vakgebied: hij werkte 60 jaar als journalist, waaronder zeven jaar als redacteur van Newsweek, tien jaar als hoofdredacteur van New York Times Magazine -in de tijd dat het tijdschrift voor het eerst de Pulitzerprijs won- en 26 jaar als schrijver voor Vanity Fair. Met zo’n achtergrond zou hij in staat moeten zijn tot het schrijven van objectieve, op feiten gebaseerde biografieën. In de loop van de jaren werd Kleins duim echter groter en zijn pen rechtser en venijniger.

In het voorwoord van beide boeken legt de auteur verantwoording af over zijn gebruik van anonieme bronnen. Hij verklaart omslachtig dat hij iedere bron meermalen interviewde om accuratesse en consistentie in hun uitspraken te controleren en te garanderen. Het spraakmakende materiaal dat hij in zijn boeken opvoert, wordt naar verluidt mogelijk gemaakt door een hechte samenwerking met een groep getalenteerde onderzoekers. Persoonlijk bouwde hij relaties op met bronnen in en om het Witte Huis, zowel in het Clinton- als het Obama-kamp; bronnen die hij zegt koste wat het kost te willen beschermen. Tja. Professionele journalistiek is gebaat bij transparantie, serieuze journalisten doen aan bronvermelding. Klein niet.

Hij stelt in zijn boek ‘Blood Feud: The Clintons vs. The Obamas’ dat beide families elkaars bloed wel kunnen drinken al behoren ze tot dezelfde politieke partij. Op de boekomslag staan de beide echtparen op hun ongunstigst afgebeeeld. Klein spiegelt Barack af als een kille en arrogante opportunist, iemand die zichzelf ziet als De Messias, een man die niet bereid is tot samenwerking en compromissen en neerkijkt op politieke tegenstanders. Als president maakt Obama niet veel klaar, aldus Klein. Hij is omringd door ongekwalificeerde mensen. De belangrijkste persoon in zijn entourage is Valerie Jarrett, een zwarte vrouw uit de Amerikaanse elite die nooit binnen- of buitenlandse politiek bedreef maar desalniettemin functioneert als zijn belangrijkste adviseur. Zij en Barack zouden de Clintons diep haten. Zij zou de beschermende moeder zijn die hij miste in zijn jeugd. Klein schuwt ook de psychologie van de koude grond niet.

De weerzin tussen Bill en Barack zou zijn begonnen toen Obama Clinton in 2008 uitmaakte voor racist en Clinton Obama’s politiek als the politics of trash” bestempelde. Klein schrijft dat Obama Clinton in de aanloop naar zijn herverkiezing vroeg om steun tijdens het Democratische congres; hij stond er toentertijd belabberd voor in de peilingen. Clinton, nog steeds een van de belangrijkste politici van deze tijd, schreef een vlammende speech die bijdroeg aan de herverkiezing van Obama. De heren spraken toentertijd een wederdienst af: Barack zou Hillary steunen in haar opmars naar de presidentsverkiezingen van 2016. Klein beweert dat Obama zich niet aan die afspraak hield. De Democratische conventie van afgelopen week toont het tegendeel. Gisteren hoorde ik op het journaal dat Obama de hele maand oktober vrijaf gaat nemen om samen met Clinton op campagnepad te gaan. 

Net als de Clintons, ambiëren de Obama’s een politieke dynastie na hun vertrek uit het Witte Huis, aldus Klein. Hij schetst dat hun streven vooral door politieke motieven is ingegeven; hij zou de linkse agenda van de Democratische Partij blijvend willen beïnvloeden en zo Hillary Clinton voor de voeten lopen. Obama zelf zei in een recent interview dat hij nog twee jaar in Washington DC wil blijven zodat zijn jongste dochter haar school daar kan afmaken. De oorspronkelijke uitgever van ‘Blood Feud’ haalde het boek begin van dit jaar uit de markt omdat de bronnen en aantekeningen van Klein door juristen niet konden worden geverifieerd.

In ‘Unlikeable: The Problem with Hillary’ verklaart Klein het hoe en waarom van de breed gevoelde antigevoelens jegens Hillary Clinton. Als vrouw, echtgenote en functionaris deugt ze niet. Ze is licht ontvlambaar, kan de harten van mensen niet raken, is een vrouw die liegt wanneer het haar uitkomt. Kortom: een mens zonder principes. Hij heeft een (negatieve) mening over haar leeftijd, haar kapsel, haar kledingkeuze. Pff. Als minister van Buitenlandse Zaken was ze ineffectief. Ondanks haar één miljoen vliegmijlen was ze drukker met de Clinton Foundation en de voorbereidingen op de presidentscampagne dan met haar baan, aldus Klein. Wederom een vreselijke boekomslag, zowel qua kleuren als qua beeld. 

Deze inmiddels 80-jarige journalist zei recent op Fox News over Hillary Clinton: “I think the problem really is that this is a woman that wants to be president. But I don’t think she knows the difference between the truth and a lie.” Een opmerkelijke uitspraak voor iemand die de leugen tot waarheid verhief.

Obama zei tijdens de Democratische conventie dat er geen vrouw of man is met betere kwalificaties voor het presidentschap dan Hillary Clinton (not me, not Bill, nobody”). Het is hoog tijd dat het glazen plafond wordt verbrijzeld. 

Hillary for President!



dinsdag 26 juli 2016

Houden van Spanje

In de afgelopen dagen hield ik een aantal vrienden in Nederland, die hier ook een optrekje hebben, op de hoogte van de laatste ontwikkeling in onze woonwijk. Er werden parkeervakken aangebracht op het privé-parkeerterrein achter onze appartementsblokken. Nu zul je denken: guttegut, is dat alles? Heeft Barefoot niets interessanters te bloggen?’ Wellicht niet maar lees toch even verder.

Ik kan mij niet herinneren dat het onderwerp op de agenda stond en tot stemming kwam in de afgelopen vergadering van de Vereniging van Eigenaren aangezien we die voor de eerste keer niet persoonlijk bijwoonden. In het voorafgaande jaar ontstond onmin met de president en het leek ons beter daarom deze keer niet van de partij te zijn. Mijn liefje en ik hadden geen zin in onzin. Het bleek een verstandige beslissing: de vergadering verliep wederom niet zoals gewenst.

Het onderwerp parkeervakken komt voort uit ergernis over een kapotte auto die al bijna twee jaar ongebruikt en onhandig staat geparkeerd. De Nederlandse buren van de Britse eigenaren verzochten hen meermalen vriendelijk het goggomobil te verwijderen. In drukke tijden hebben we de parkeerplaatsen hard nodig en bovendien is ons parkeerterrein geen autokerkhof. Het haalde niets uit.
Ook een verzoek van de president leverde geen actie op; saillant detail is dat diezelfde Britten zíjn appartement huren. De auto, die ogenschijnlijk geen wegenbelasting betaalt en geen ITV-keuring (APK) onderging, werd menige buur in de loop van de tijd een doorn in het oog. Wellicht dat de president met deze daad zijn autoriteit liet gelden? Zette hij de parkeervakken in als pressiemiddel? Hoe het ook zij, hij had geen budget voor de werkzaamheden. Daar zal ik mij, als lid van het auditteam van de vereniging, later dit boekjaar formeel mee gaan bemoeien.

Een Zuid-Amerikaanse medewerker van het vaste klusteam van de VVE liep op vrijdagmiddag op het parkeerterrein rond met een dikke rol tape en een blik verf. Ik liep op hem af, maakte een praatje en legde zijn werk en fotogenieke hoofd met de camera vast. Ik heb een zwak voor (autochtone) Zuid-Amerikanen, ze stralen levensvreugde uit. De man ging secuur te werk en kluste om geparkeerde auto’s heen. De kapotte auto kreeg een sticker met de mededeling dat’ie weg moet en op de voordeur van hun woonblok kwam de waarschuwing dat het parkeerterrein leeg moet om de klus goed te kunnen klaren. De vakken zijn klaar, de betreffende auto werd gisteren door een sleepdienst van de openbare weg weggevoerd.

De foto van hem en de nieuwe parkeervakken stuurde ik door naar een kleine vriendenkring. Eén reactie was opmerkelijk: men vond het jammer dat er zoveel wordt geregeld… ¡No pasa nada! Er is in dit land nog genoeg om je hart over op te halen. Mijn liefje en ik blijven Nederlanders in hart & nieren maar we wonen al 16 jaar buiten het Vaderland, waarvan elf in Spanje. Het aanbrengen van parkeervakken -die dusdanig breed uitpakten op ons terrein dat we per saldo minder plek kregen- vind ik persoonlijk geen voorbeeld van Spaanse overregulering.

Wat in dit verband niet onvermeld mag blijven is dat het bij ‘ons’ bij wet is verboden met (teen)slippers achter het stuur te zitten, te zwemmen in zee bij rode vlag en stoelen te reserveren aan het zwembad of op het strand zonder ervan gebruik te maken. Die overtredingen leveren geldboetes op. In mei van dit jaar kreeg een Madrileense man voor het eerst in de geschiedenis een boete van €150 voor het reserveren van een zitplaats (stoel en parasol) aan de vloedlijn van het strand El Cura van Torrevieja. Nou jij weer! 

Tijd voor serieuzere opmerkingen. Hieronder vind je een greep van de door mij geobserveerde ongeregeldheden’ in ons tweede vaderland
  • De cultuur van mañana-mañana. Een afspraak wordt menigmaal niet nagekomen. Met een beetje goede wil zou je dat ook iets positiefs kunnen noemen. Als het immers vandaag niet lukt, proberen we het morgen gewoon weer.
  • De achterstand op het gebied van internet. Ik blog er regelmatig over.
  • Het geregeld uitvallen van de elektriciteit.
  • Geluidsoverlast, binnen- en buitenshuis. De Spaanse bouw is eensteens waardoor wanden het minste of geringste burengerucht doorlaten. Spanjaarden zijn luidruchtig, in de zomermaanden gaat het lawaai tot ver voorbij middernacht door. Bareigenaren (vaak Brits) lappen de acoustische regels aan hun laars en de Spaanse politie treedt niet of nauwelijks op.
  • Inefficiënte postbezorging. De gemeente kwam jaren na de bouw van onze woonwijk pas met straatnamen en adressen. In de zomermaanden hebben we wekelijks andere postbezorgers met onvoldoende kennis. De aflevering van aangetekende stukken ging nog nooit goed.
  • Het dumpen van grofvuil, blikjes, glas en plastic langs de openbare wegen en zelfs in natuurparken. Behoeft geen toelichting.
  • Het ontbreken van regelmaat in het legen van afvalcontainers. Ik mailde al ontelbare keren naar het gemeentelijke bedrijf dat die taak uitvoert. In het hoogseizoen stapelt afval zich her & der naast de containers op, met alle gevolgen vandien.
  • Logistieke onbenulligheid in supermarkten. Het hoogseizoen begon, het aantal Spaanse en buitenlandse vakantiegangers nam substantieel toe en de lege supermarktvakken zijn weer aan de orde van de dag. Dit jaar is hierop geen uitzondering.
  • Onbegrepen rotonde- en invoegregels. Het aantal keren dat ik inhield of juist harder ging rijden teneinde aanrijdingen te voorkomen, is op de vingers van tientallen handen te tellen.
  • Het ontbreken van een alomvattend plan voor ruimtelijke ordening. De eerste bouwboom bracht zoveel urbanisaties voort dat er hier zeeën van beton ontstonden. De 100 meter-regel langs de kust werd in menig plaats met voeten getreden. De tweede bouwgolf is nu aan de gang, de lege plekken worden opgevuld.
  • Inefficiënte belastingdienst. De Nederlandse belastingdienst zou de Spaanse al jaren helpen om hun administratie op orde te krijgen maar wij merken er niets van.  
  • Bureaucratie. Afgelopen week las ik in de krant dat 30.000 overleden Spanjaarden pensioen ontvangen. De Spaanse Rekenkamer riep reeds in 2014 op tot herziening van het bureaucratische systeem dat vol gaten en zwakheden zit.
  • Corrupte politici, vooral van de PP. De Partido Popular stamt uit de tijd van de fascistische Franco; het is een rechtse, uiterst conservatieve partij. Ontelbare burgemeesters van die partij zitten door heel Spanje in de gevangenis. Tijdens de eerste bouwboom regelden zij hun eigen zaakjes te goed! De partij van Rajoy, die weigert zich te houden aan de Europese begrotingsafspraken, behaalde bij de laatste verkiezingen wederom een kleine meerderheid. Het zijn vooral Spanjaarden van de oude garde die alles bij het oude willen houden.


Ooit trof ik dit Maori-gezegde aan op een bankje langs de kustroute van Cogee naar Bondi Beach:Turn your face to the sun so the shadows fall behind you”. Wijs. Dat is precies wat we doen: we kijken zeker niet weg maar het goede van Spanje weegt op tegen de negatieve aspecten. Het onvolprezen Spaanse beachlife, de zon die aan de Costa Blanca gemiddeld 300 dagen per jaar schijnt, het buitenleven, het ruime en boeiende achterland, de rijke cultuur, het Mediterrane voedsel, de relaxte levensstijl. ¡Viva España! We all love Spain, om uiteenlopende redenen.


zaterdag 23 juli 2016

Wie wandelt wordt honderd

Gisterochtend keek ik op tv naar de vroegste finalisten van de 100ste editie van de Nijmeegse Vierdaagse. Dit jaar liep een recordaantal mensen mee: 50.000. Ik geef het je te doen, de minimale afstand was 30 kilometer per dag. Speciaal voor dit jubileum konden mensen ervoor kiezen eenmalig 55 kilometer per dag te lopen. In tegenstelling tot de voorgaande dagen, was dag 4 druilerig maar het mocht de pret ogenschijnlijk niet drukken. Om 10 uur ’s ochtends zag ik reeds mannen aan het bier.

Tijdens deze uitzending kwamen ook twee wetenschappers van de Nijmeegse universiteit aan het woord; een fysiologe en een arts Geriatrie. Deze universiteit is onder andere gespecialiseerd in de behandeling van aandoeningen aan het bewegingsapparaat. Al tien jaar volgen ze 80-plussers die aan de Vierdaagse meedoen. Deze editie van de loop was naar verluidt de zwaarste tot nu toe, het aantal uitvallers in de groep ouderen was hoger dan ooit.

Wie dertig minuten per dag beweegt, heeft 69% minder kans op hart- en vaatziekten dan iemand die niet beweegt, aldus onderzoekers van het Radboudumc in Nijmegen. Fysiologen stelden zichzelf tien jaar geleden de vraag hoe lang iemand dagelijks moet bewegen om dit risico maximaal te verlagen. Tien jaar volgden zij het beweegpatroon van ruim 20.000 jonge en oude wandelaars en hardlopers tijdens de Vierdaagse en de Zevenheuvelenloop. Die cijfers vergeleken zij met het bewegingspatroon van inactieve vrienden en familieleden van de sporters.

De norm Gezond Bewegen is gesteld op 30 minuten per dag. Bewegen volgens deze norm blijkt het meest op te leveren. Meer sporten is ook gezond maar levert niet meer gezondheidsvoordeel op. Daartegenover staat dat een beetje bewegen (drie kwartier per week) al een merkbaar gezondheidseffect heeft. Dit gegeven is vooral interessant voor ouderen en mensen met een beperking. “De relatief grote winst van een klein beetje bewegen zou inactieve en kwetsbare groepen ervan kunnen overtuigen om aan lichaamsbeweging te gaan doen.” De resultaten van dit onderzoek verschenen recent in het wetenschappelijke tijdschrift Mayo Clinic Proceedings. 
Het schijnt overigens dat er een nieuwe norm in de maak is. 30 minuten bewegen en dan de rest van de dag op de bank hangen, is niet gezond. 

Op 23 janauri 2016, precies zes maanden geleden, kocht ik een Fitbit Flex Tracker voor mijn liefje in een winkel in Launceston (Tasmanië). Het is de simpelste uitvoering: het apparaat telt uitsluitend stappen. Zwemmen of fietsen wordt niet meegeteld als activiteiten, al rekenen wij die actieve minuten zelf wel. Zij stelde haar norm op 40 actieve minuten per dag en 10.000 stappen; in haar geval komt dat neer op ongeveer 7 kilometer, ofwel anderhalf uur lopen. Ik downloadde de bijbehorende app op telefoon en iPad en zij ging enthousiast op pad. Wekelijks krijgt ze een overzicht en ontvangt ze badges voor bijzondere verrichtingen.

Ook een Fitbitch kan wandelend kruisjes verdienen! Zo behaalde zij reeds op 27 januari 2016 de Marathon-badge voor 42 kilometer wandelen en de Pinguïn-badge voor 112 kilometer op 6 februari. Deze vogels leggen diezelfde afstand namelijk elk najaar af naar hun broedplaats. Voorts ontving zij de London Undergrond-badge voor 402 kilometer (maart), de Hawaii-badge voor 563 kilometers - net zoveel als de omtrek van die eilandengroep (april) en de Serengeti-badge voor 804 kilometer (juni). Die medailles zijn fun maar werken tevens extra motiverend. Het is nu aftellen naar de Italië-badge bij 1.184 km!

De meeste stappen zetten wij tot dusver tijdens ons verblijf in Melbourne (januari 2016) maar de afgelopen weken in het koele Nederland scoorden ook goed. Daar konden we elk moment van de dag -weliswaar soms tussen de buien door- aan de wandel. De stadswandeling door Rotterdam met vriend Diederik sprong er qua stappen uit (15.000); op die dag ontving mijn liefje de Urban Boot-badge. Ook voor de tochten door de duinen van Burgh-Haamstede, onder leiding van onze vrienden Dini en Guus, beloonde Fitbit haar. Voor die trajecten zouden we allebei dubbele punten moeten krijgen want we liepen tegen een heuvel op met een stijgingspercentage van meer dan 10%! Vanwege mijn sneue heup noemde ik dat pad bij die gelegenheid De Weg Naar De Hel’ al liep ik voor de troepen uit. Guus had een ander idee: volgens hem was het de weg naar de hemel (omhooglopend).

In Spanje moet mijn liefje de minst warme momenten van de dag benutten. Ik weet uit ervaring dat als zij aan iets begint, zij zich erin vastbijt. (Au!) Ze is een doorzetter, intrinsiek gemotiveerd: haar overtuiging komt van diep van binnen. Dit jaar gaat zij de pensioengerechtigde leeftijd bereiken -Leo Dovente- en zij is van zins een heel dure voor het pensioensysteem te worden. Dat haar motivatie om dagelijks actief te zijn, zelfs nog kon toenemen bleek onlangs. Tijdens het oncologische onderzoek bleek haar cholesterolgehalte substantieel te zijn gedaald. Niet zo’n beetje, het resultaat was bijna 20% beter ten opzichte van de meting van vorig jaar oktober. Joehoe! Wij schrijven dat succes toe aan Fitbit en de daarmee samenhangende exercities.

En aan nieuwe haring! Wie regelmatig een mals maatje eet, wordt zeker 100...
Gisteren appten vriendin Bernadette en vriend Ger de winnaar van de AD Nationale Haringtest door. De gebroeders Simonis in Scheveningen werden wederom eerste. Zij kozen dit jaar niet voor een supervet maatje maar voor de ietwat slankere ‘clupea harengus’, met veel meer smaak. Hun keuze pakte goed uit. Wij aten welgeteld drie haringen bij Simonis en een flink aantal meer bij viskramen elders in het Vaderland. Mijn liefje en ik vonden zowel de haring van viskar Robbie’s Haring in Den Haag als die van viskraam Lijnzaat in Haarlem beter en lekkerder maar het is moeilijk winnen als je kraam niet deelneemt aan de test.



woensdag 20 juli 2016

Rollende keukens

Afgelopen weekend vierden mijn liefje en ik onze terugkeer op het Spaanse honk bij onze favoriete tapasbar in San Pedro del Pinatar. In het Vaderland smulden we van nieuwe haring, Zeeuwse mosselen en veel ander lekkers uit de zee. 
In deze tapasbar serveert men verse vis en allerlei schaal- en schelpdieren, geen nieuwe haring. Nederland is het enige land in Europa met deze traditie. Ik vraag mij af of Spanjaarden het visje zouden kunnen waarderen; ze weten weliswaar goed wat lekker is maar rauwe vis is geen onderdeel van de Mediterrane keuken, al staat grote, witte vis in een pekeljasje wel op het menu.

Onlangs vond ik op het web een interessante Gastro-Tapamap van alle regio’s in Spanje. Voor onze eigen streek wordt La Marinera opgevoerd als beste vertegenwoordiger. De Tonnetjes, zoals wij de tapasbar noemen, serveert dat hapje ook. Het bestaat uit een langwerpige cracker met daarop een laagje ensaladilla rusa con atún (aardappelsalade met tonijn) met daar bovenop een plakje verse ansjovis. Zonder die ansjovis noemt men de tapa Bicycleta (fiets). Menige tapa heeft in Spanje een bijnaam: een halve mosselschelp gevuld met vruchtvlees en kruiden heet een 'tigre'. Een combinatie van gedroogde tonijnplakjes met kuit heet een 'matrimonio' (huwelijk) en ga zo maar door. Grappig, he?! Ik leerde die namen door mijn buren aan de bar te vragen wat zij bestelden. Als je niet vraagt, dan weet je het niet. 

vlnr: Pedro, Clara, Ruben en Emilio
De mannen van de bediening hadden ons, naar verluidt, gemist. Altijd leuk om te constateren dat we kennelijk tot het meubilair behoren! We zegen tevreden op onze krukken aan de toog neer. Het was op dat moment nog niet druk maar dat duurde niet lang. Meestal beginnen we de lunch met een garnalenkroketje voor mij en een vleeskroketje voor mijn liefje. Doorgaans bestel ik daarna een paar oesters uit noordoost-Spanje en langostinos uit de Mar Menor, de binnenzee waaraan San Pedro ligt. De dieren zijn zó vers dat je hun schil zelfs kunt opeten. Mijn liefje is allergisch voor schaal- en schelpdieren dus zij laat deze tapas aan zich voorbijgaan. Zij is liefhebber van gegrillde octupus, met tentakels en al. Het was als vanouds. Een van de camareros liet achter de bar een bord op de tegelvloer vallen. Het was niet alleen een oorverdovend lawaai, een stukje porcelein vloog als projectiel op mij af en raakte mij net onder mijn neus. Er vloeide geen bloed maar ik ben thans een gehavend mens.

Op de wandelroute naar de auto viel mijn oog op een bord dat een gastro-event aankondigde: Gira Gastro Zoco. Het bleek te gaan om een soort rondreizend culinair circus van trucks die street food serveren. Een jaar geleden blogde ik voor de eerste keer over keukens-op-wielen. In juli 2015 kregen food trucks in Amsterdam namelijk toestemming van het gemeentebestuur om eten op wielen te gaan serveren. Er waren twee voorwaarden: men mocht niet alleen frites of hotdogs verkopen en men moest regelmatig van lokatie wisselen. Ze bestaan nog steeds.

Deze week rolden de food trucks San Pedro del Pinatar binnen. Op de website van het evenement en op de site van de provincie Murcia las ik dat de food trucks vanaf 12:00 uur 's middags tot 23:00 uur 's avonds zouden serveren. Terwijl in Nederland de vierdaagse startte en daar het nationaal hitteplan voor vier Nederlandse provincies in werking trad, deden wij onze 10.000 stappen (circa 7 kilometer) bij 29 graden Celsius; zonder blaren of flauwte al stond bij beiden het zweet op de bovenlip. Er is hier momenteel sprake van zeer hoge luchtvochtigheid, de hygrometer staat op max!

We passeerden ettelijke affiches die het evenement aankondigden maar geen passant op de boulevard wist ervan. Het bleek zich op steenworp afstand van de Tonnetjes af te spelen. Trucks en caravans stonden in een cirkel opgesteld, daarbinnen bevonden zich tafels en stoelen. Leeg. Er was geen leven in de brouwerij. Aan een chauffeur van een Argentijnse grilltruck vroeg ik naar de openingstijden… 19:00 uur 's avonds. Ik had het kunnen weten! Niet alleen loopt Spanje achter op internetgebied, ook de aangeleverde info klopt vaak niet. Zo ook nu. Ik keek de cirkel rond en was niet onder de indruk: geen leuke trucks, ik zag vooral krakkemikkige caravans. Het leek eerder op Meals on Wheels, waarop je je in een bejaardentehuis kunt abonneren. Bovendien vroeg ik mij in alle ernst af hoe het in sommige goggomobils zou zijn gesteld met de hygiëne. Ik voelde geen enkele behoefte om er 's avonds terug te keren. MJ en Biggetje B. dropen teleurgesteld af. Ter compensatie aten we verse sardientjes bij Chiringuito Rocio in dezelfde badplaats. Comfort food bij uitstek, bij een schone en gezellige strandtent.


zondag 17 juli 2016

Pulang, of Home again part 2

Niet alleen mijn liefje en ik keerden afgelopen week huiswaarts, ook Ketut vloog vanuit Alaska naar Bali terug. Aanvankelijk zou hij dat pas in augustus doen. Elsa vertelde ons over zijn vervroegde thuiskomst zodra zij het hoorde, voor haar beide zonen hield ze het geheim. Ze reed met beide jongetjes in haar lease-auto naar de luchthaven van Denpasar onder het mom van dat ze een vriendin uit Jakarta ging ophalen. Ik moest erom gniffelen; het is Elsa ten voeten uit. Ze verrast graag maar houdt ook van een beetje plagen. 
Net als de vorige keren vloog Ketut met China Airlines en landde volgens schema. Happy Family! Er valt mij nog iets op aan de foto: moeder en de kids houden hun mond stijf dicht, Ketut is de enige die zijn tanden bloot lacht. (In Bali wordt dat onbehoorlijk gevonden.) Zijn terugkeer pakt extra goed uit omdat Yuda en Damai momenteel schoolvakantie hebben. Pa kan nu veel tijd doorbrengen met zijn zonen terwijl Elsa zich niet in bochten hoeft te wringen. Tot voor kort combineerde zij haar baan in de huishouding met het bezighouden van energieke mannetjes die zeeën van tijd en zin in vermaak hebben.

We stelden Yuda’s verjaardagsdoos onlangs samen. Een bezoek aan de Spaanse ‘tante pos’ is doorgaans een verzoeking. Er bevinden zich relatief weinig postkantoren in de  omgeving; we gaan altijd naar hetzelfde kantoor. We kennen de baas en zijn medewerkers dan ook al langer dan vandaag. El Jefe was vroeger stuurs en klantonvriendelijk, nu is hij de mildste van het team. Gelukkig was het niet druk; er stonden slechts twee wachtenden voor ons. Mijn liefje fotografeerde mij met de doos op schoot. Verboden!” klonk het genadeloos van achter de balie. Op de foto zag je welgeteld 1 mens, 1 doos en 1 palmboom op de achtergrond. Tja.
Wij brachten een eigen kartonnen doos mee, een die we vorig jaar op hetzelfde kantoor aanschaften. Toen stopten we er een auto met afstandsbediening in; batterijen mogen volgens Spaanse regels niet worden verzonden dus de doos moest weer open. Diezelfde doos was nu wederom goed gevuld. De meeste kadootjes zijn voor de jarige maar zijn broertje en zijn moeder delen mee in de pret. Teneinde geruzie en tranen te voorkomen, krijgen pakjes een naamsticker.

De mannen aan het loket keken bedenkelijk toen ik het gevaarte voor hun neus neerzette. Consternatie! Het postbedrijf ging intussen over op andere verpakkingen en nu kon onze doos, naar verluidt, niet meer worden verzonden. Huh?! Nou ja, de doos kon wel worden verstuurd maar pas nadat wij tape zouden kopen en de doos zelf zouden sluiten. Hoe moeilijk kan dat zijn? No pasa nada. Voor € 2,50 schaften we een rol plakband aan en ik plakte deksel en naden zo goed mogelijk dicht.
Daarna was het tijd voor de formulieren. Wat zit er precies in die doos? Er ontstond verwarring over het woord puzzel (er zit een dino-puzzel in de doos). Ik wist het Spaanse woord niet dus ik begon het speelgoed te beschrijven. “Je hebt losse houten stukjes en als je die samenvoegt, krijg je een soort schilderij.” “Ahh siiiii, puzz-le.” Tja. Hoeveel kleding en hoeveel stuks van ander speelgoed zaten erin? Het leek wel een kruisverhoor. Ik wist het zeker: deze balie-medewerker-met-een-doos-naar-bali gaat voor een eervolle vermelding als kantoormedewerker van de maand!

Toen hij bijna klaar was, ontdekte ik een fout op het formulier: het Noord-Balinese adres was incorrect. Ik maakte hem erop attent en zei netjes dat hij een nieuw formulier moest invullen want een fout adres in Indonesië zou zeker tot een afleveringsprobleem leiden. Dat formulier wordt immers in een plastic hoes op de voorzijde van de doos geplakt. Hij mopperde, draaide de doos om in de hoop dat wij een fout adres op de deksel zetten zodat hem niets viel te verwijten. Helaas. Wij spelden de woonplaats goed, hij nam het verkeerd over. Hij verscheurde de papieren en deed de administratie opnieuw. Intussen was het bijna sluitingstijd maar we klaarden dit klusje op tijd.

Normaliter zou er stoom uit onze oren komen maar we waren in een zonnige bui daar mijn liefje die ochtend een goede uitslag ontving van de jaarlijkse oncologische controle. Ze is weer voor een jaar goedgekeurd. Joehoe! Na dit groene licht boekten we dit weekend onze vliegtickets naar Bali. We zullen in november weer naar de Indonesische archipel afreizen om samen te zijn met ons adoptiegezinnetje, al vraag ik mij af of Ketut dan nog thuis zal zijn.

Een ding weet ik zeker: één compleet AH-verzamelboek met alle 160 dino-plaatjes, een tweede (leeg) boek met veel dubbele en een dikke stapel ongeopende plaatjes, plus twee VR-brillen die we in eigen reistassen zullen meenemen, worden een doorslaand succes. De dino’s dansen ook in Spanje over de tafel. Nogmaals dank aan eenieder in Nederland die mee spaarde. Ik kan mij nu al verheugen op de enthousiaste reacties van Yuda en Damai. Voor nu hebben ze papa om mee te spelen.



donderdag 14 juli 2016

Home again

Mijn liefje en ik genoten van de laatste Hollandse dagen bij onze vrienden Dini & Guus. Het waren rijk gevulde, sportieve dagen: we wandelden in de duinen van Schouwen-Duiveland, liepen er over het strand, werden gezandstraald op de dijk bij de stormvloedkering en fietsten in de omgeving. Bij Neeltje Jans proefden we Zeeland; we snoepten daar van heerlijke, überverse vis. Dini weet veel van de natuur. Onder haar bezielende leiding vonden we duizendguldenkruid, zwanebloem en wilde orchidee aan de kant van een poeltje in hun woonomgeving. Zwanebloem is een beschermde plant die het -net als wij- naar de zin heeft in de Zeeuwse kleigrond. De geslachtsnaam 'Centaurium' ontleent het duizendguldenkruid aan de centaur Cheiron die er volgens Griekse mythe een voetblessure van Herakles mee genas. Toeval mag dan niet bestaan maar ik loop weer als een kievit!

Tussen Burgh-Haamstede (Zeeland) en Stiphout vielen welgeteld twaalf buien op het dak van de kittige Opel Corsa die we huurden. Vóór ons definitieve vertrek uit Nederland waren we uitgenodigd voor een Brabantse koffietafel bij Jos & Hemmie, die wij jaren geleden leerden kennen in Spanje. Zij hebben een vakantiewoning in dezelfde woonwijk, wonen in een belendend huizenblok. In de loop van de jaren leerden wij ook hun dochters en kleinkinderen kennen. De mannetjes Tim & Van en de meisjes Isa & Sam leerden wij -beter- zwemmen in het eigen bad. Ook Tim verzamelde in de afgelopen weken dino-plaatjes en leverde het laatste dino-plaatje (nr 103) aan dat ontbrak in het verzamelboek voor onze Balinese mannetjes. De kids komen hier volgende maand allemaal weer vakantie vieren. We zien naar hen uit.

Het was een prettige vlucht, met wind in de rug op het hele traject en nul turbulentie. We kwamen 20 minuten voor de verwachte aankomsttijd in Alicante aan. Het duurde echter bijna één uur voordat we onze reistas op de band aantroffen. Welcome back to Spain... zucht. De reizigers in het vliegtuig uit Italië dat later landde, haalden hun bagage eerder op dan wij?! Het goede nieuws was dat de auto wel direct voor ons klaarstond. We gingen deze keer in zee met een nieuwe dienstverlener op het gebied van parkeren. Dit bedrijf, gerund door Britten (hoe lang nog?), spreekt met chauffeurs af op de luchthaven en parkeert de auto’s in de nabijgelegen parkeergarage van de voormalige terminal, tegen een zeer competitieve prijs. De auto staat dus overdekt, voor weinig geld, op dezelfde plek als waar je zelf landt. Er komt geen voor- of natransport aan te pas.
Na drie weken rijden in schakelauto’s met versnellingspook, was wegrijden in de eigen automaat geen sinecure. Met beide voeten op de pedalen bij de start kreeg ik de auto niet in beweging. Scherp blijven, Barefoot! We reden huiswaarts over de kustweg met zijn tientallen rotondes, het was er zeer druk. Regelmatig betrapte ik muzelluf erop dat ik de hand op de versnellingspook legde. De mens is een gewoontedier.

We keerden terug naar een schoon huis, haalden de luiken op en zetten de schuifpui en schuiframen open. Het was een zwoele avond, de temperatuur was als vanouds. We sliepen als roosjes. En toen we vanmorgen opstonden, scheen de zon ‘gewoon’. Ook daaraan went een mens direct. Ik pakte de reistas uit, de wasvrouw deed het eerste wasje reeds. De lange broeken, truitjes en sokken gaan voor maanden de kast in. De krekels roeren zich hier inmiddels flink, dat was nog niet zo voor vertrek. De jacaranda onder ons keukenraam bloeit nog steeds niet. 

Mijn liefje en ik kijken terug op drie geweldige weken in het Vaderland. Het was een heerlijk weerzien met jullie allen. Nogmaals hartelijk dank voor jullie gastvrijheid, de pret, de fijne gesprekken, de leuke uitjes, de koffie-met-taart, de kado's, de mooie wijnen die jullie speciaal voor ons schonken, de heerlijke ontbijtjes, lunches en diners. We voelen ons grote bofkonten met jullie in ons leven. Tot over drie jaar! (Just kidding…)



maandag 11 juli 2016

Rondje Nederland


Ons rondje Nederland nadert zijn einde. Na Heemstede reden we in de richting van Brabant. We maakten een tussenstop in 's Hertogenbosch dat in de ban is van Jeroen Bosch. Op vele plekken in de stad troffen we mensen van de plaatselijke VVV aan die t-shirts droegen met de tekst Welkom Thuis, Jheronimus”. Overal zag ik vlaggen met fragmenten uit het oeuvre van de beroemdste Bossche kunstenaar. Het is namelijk 500 jaar geleden dat topstukken van deze schilder -die hij in zijn stad vervaardigde- (tijdelijk) naar hun plaats van oorsprong terugkeerden. Het bekendste werk is de drieluik Tuin der Lusten, dat behoort tot de permanente collectie van het museum Prado in Madrid. In het souterrain van het gemeentehuis kun je met een VR-bril op dwalen door die wonderbaarlijke tuin. (Zonder dino’s!)

Voor het eerst in ons leven boekten we een kamer bij een Bed & Breakfast; dat zal menigeen verbazen. Zowel mijn liefje als ik geven de voorkeur voor een verblijf in een -anoniemere- hotelkamer. Heel af en toe kijken we op de Nederlandse zender MAX naar een programma met dezelfde titel. Vaak vind ik het tuttigheid troef, heel soms zie ik een trendy gastenverblijf bij eigenaren thuis waar ik zelf zou willen logeren. Het programmaconcept ontstond in Engeland en de omroep nam het over. Drie stellen die allen eigenaar zijn van zo’n B&B, gaan bij elkaar logeren en betalen bij vertrek de vraagprijs, meer of minder – afhankelijk van hun tevredenheid.

Ons oog viel op Villa Maaskant in Vessem. Het gebouw viel op door zijn architectonische vorm. Jan & Ria zijn eigenaar van deze B&B die door architect Jan zelf werd ontworpen en tien jaar geleden werd gebouwd. Deze platte glazen doos ligt buiten de dorpskern, tegen de bosrand, in een groen-groen-groen-knollen-knollenland. Er viel namelijk meer dan genoeg regen in deze regio! Men beschikt over twee gastenverblijven aan weerszijde van het verzonken gedeelte van de villa. Die verblijven hebben een industriële uitstraling: onbewerkte betonnen wanden, gegoten vloeren, peertjes aan het plafond. Op datzelfde niveau bevindt zich eveneens de ontbijtkamer en het atelier van de vrouw des huizes. Op de begane grond casu quo de eerste verdieping wonen de eigenaren zelf. Wij waren die avond hun enige gasten. Aanvankelijk wilden we een kamer in hotel De Gouden Leeuw in dezelfde plaats maar dat was vol. Wel konden we er nog terecht voor het diner. Ook het restaurant was drukbezocht, de sfeer geanimeerd en de bediening prima. De volgende ochtend betaalden we de vraagprijs al waren er dingen te verbeteren: sneller wifi, een leeslampje naast de (comfortabele) bedden, een praktisch plankje voor douchespullen. Het ontbijt was uitgebreid, met verse eitjes van buurmans kippen.

Die dag lunchten we bij familie in Bladel. Marcel en Hennie zijn zelf fanatieke atleten. Zij waren afgelopen week aanwezig bij de EK-sprintfinales in Amsterdam, toen Churandy Martina en Dafne Schippers op weg gingen naar hun gouden medailles. Marcel liep reeds tientallen marathons en Hennie deed gisteren mee aan de 10K-race op het EK-traject van hun nationale sporthelden. We lazen op het nieuws dat enkele deelnemers onwel waren geworden door het broeiende weer maar dat betrof Hennie gelukkig niet. Die lag 's avonds moe maar tevreden vroeg in haar eigen bed.

We zijn nu bij onze vrienden Leon & Richard in Rhoon. Ook deze mannen zagen we enkele jaren niet maar mijn liefje sloeg de spijker op zijn kop door te zeggen dat oude liefde niet roest! Wat wel roestig bleek op zaterdag, was mijn pas richting het zonnige terras. Ik stapte vanuit de kamer op het lager gelegen terras toen mijn rechterenkel zwikte en ik met mijn snuffel bijna op de rand van de loungestoel klapte. Au. Er verscheen bijna direct een blauw eitje naast mijn enkel; enkele spieren rondom mijn enkel werden flink opgerekt. Snel werd er ijs op de voet gelegd om de zwelling tegen te gaan. Inmiddels draag ik een steunkous en zakte de bloeduitstorting richting -halve- voetzool. Tja.

De dag erop maakten we kennis met Omid (zijn naam betekent ‘hoop’), een Iraanse vluchteling die Richard sinds enige tijd onder zijn vleugels neemt. Gedrieën gingen ze recent op vakantie. De mannen zijn Omids steun en toeverlaat in Nederland. Deze aardige jongeman vluchtte uit zijn vaderland omdat hij daar zijn leven als homoseksueel niet zeker was. Inmiddels legde hij de inburgeringscursus met sukses af en ontving hij zijn verblijfsvergunning. Na een verblijf van vijf jaar zal hij de Nederlandse nationaliteit kunnen aanvragen. Hij spreekt al goed Nederlands, het was leuk kennis met hem te maken. Leon & Richard hebben sinds dit weekend twee zwerfkippen in hun tuin; de chickies werden naar ons vernoemd.

Mijn liefje en ik gaan aan onze laatste logeerpartij bij vrienden beginnen. In Zeeland. De ronde in Nederland is bijna af.


donderdag 7 juli 2016

Reiskoorts en andere klachten

Ben, Joan, Freek en de dino's 
Het was een warm weerzien met onze vrienden Joan & Ben. We brachten afgelopen dagen menig uurtje met elkaar door. Zowel Ben als Joan deden in de afgelopen tijd een jasje uit. Ziek zijn gaat niet in je koude kleren zitten, niet als patiënt, noch als partner. Ben is nog bleekjes om de neus maar zijn spirit is -bijna- als vanouds. Joan waakt als een ware Florence Nightingale over zijn welzijn. Het was deze beschermengel van de zieken die ooit opmerkte: “the very first requirement in a hospital is that is that it should do the sick no harm”. Tja. Ben gaat nu meer keren per week naar fysiotherapie en dat stimuleert en motiveert om gestadig richting herstel te gaan. 

Joan is een uitstekende gastvrouw. Op hun ruime terras praatten we bij en dronken we rosé uit de Provence. Samen bezochten we Heemstede, Aerdenhout en Bloemendaal aan Zee en legden we een bezoek af aan de plaatselijke horecagroothandel, waar ik mijn ogen uitkeek. Potten vol mayonaise, gefrituurde krekels en wormen als snacks, chocolade-tulpen, literflessen ketjap manis en heel veel soorten bijzonder zout.

Javaans prinselijk paar - Isaac Israëls
Naast de vele afspraakjes die we hebben met familie, oude en nieuwe vrienden -sommigen van hen zagen we drie jaar niet- proberen we in deze weken op vaderlandse bodem ook toerist in eigen land te spelen. In de afgelopen dagen hadden we hier ook een eigen programma. Zo gingen we met openbaar vervoer naar Haarlem waar we een interessante expositie aantroffen in De Hallen en het Frans Hals-museum getiteld ‘Wanderlust’ (Reiskoorts). Typisch iets voor mij.
Nederlanders staan bekend om hun reiskoorts. We leven in een klein land en daarbuiten is veel te ontdekken. Er zijn zeer uiteenlopende werken, in diverse stijlen te zien van Nederlandse kunstenaars die vanaf de 16de eeuw de wereld bereisden en hun ervaringen op het doek vastlegden. Ze raakten bevangen van een onbedwingbare drang om op pad te gaan en nieuwe ervaringen op te doen of historische tochten te herleven. Zoals valt te verwachten, nam (Nederlands-)Indië een prominente plaats in de tentoonstelling in. Interessant.

We aten vlezige, malse nieuwe haring bij de viskraam op de Grote Markt. Op dit moment zijn wij van mening dat de Katwijkse haring lekkerder is dan de Scheveningse. Oh-oh! Joan vertelde ons dat Haarlem over 600 restaurants beschikt. Wij lunchten bij To Amuse waar ons een culinaire verrassing wachtte. Het restaurant is gevestigd in een monumentaal pand: de voormalige Douwe Egberts-winkel aan de Zijlstraat. Het is stemmig ingericht, met originele glas-in-loodramen op de bovenverdieping, een glas-in-lood plafond en fraai betegelde kolommen op de begane grond.

Rector (l) en Lambremon
Wij namen beide met plezier plaats aan een tafel met zicht op de grote, open keuken. Ik meende een van de chefs te herkennen maar was niet zeker. Na een beetje surfen en een vraag aan de dame in de bediening werd bevestigd dat een van hen topkok en restaurateur Michèl Lambermon is. Arjen Rector is de collega-chef die zijn sporen in (sterren)keukens ook ruimschoots verdiende. Beide heren deden hun prille kookervaringen op bij sterrenchefs en koken inmiddels zelf jarenlang op hoog niveau; sinds begin 2015 in dit etablissement.

We keken aanvankelijke geconcentreerd toe en kwamen uiteindelijk in een geanimeerd gesprek met hen. We spraken over het wel en wee van kok zijn, de zin en onzin van Michelinsterren, culinaire trends, hun eigen missie, de Spaanse keuken en kookprogramma’s als Masterchef Australië. Beide mannen hebben een passie voor koken, zonder gaat het niet. Ze worden ondersteund door vaste jongelingen in de keuken die net gepassioneerd zijn als hun chefs. Dat zie en proef je.

Chef Arjen was druk met iets dat leek op de bereiding van pastadeeg maar bij navraag bleken het zelfgemaakte flinterdunne, krokante crackers in aanmaak te zijn. Ze worden langwerpig gesneden, gewenteld in olijfolie met knoflook en daarna overdwars in oorspronkelijke stokbroodmallen gelegd en kort in de oven gebakken. Het is monnikenwerk, hun bijnaam ‘waves’ doet het krokante toastje eer aan. Arjen liet ons ervan proeven, besmeerd met truffelmayo en ruim belegd met jamon ibérico. Een tapa om te zoenen (maar die staat niet op de kaart)!

Chef Michèl was ondertussen bezig met het schoonmaken van grote garnalen. Hun vis komt uit Breskens, gisteravond zwom het nog. Ham is, naar verluidt, een van zijn andere favoriete ingrediënten. Voor dat doel beschikt het restaurant over een zelf gerestaureerde Berkel-horecamachine waarmee onder andere Spaanse hammen worden gesneden. Mijn liefje en ik kozen voor tapa’s om te delen: kroketjes van ham, champignons en wild, krokante kwartelpootjes omwikkeld met spek en geserveerd met een toefje truffelmayonaise, steak tartare à la Amuse (een leuke variant op de klassieker) en als dessert crème brulée van tonkabonen. De rode wijn van het huis en de rosé waren heerlijk. Zelfs het kopje koffie was uitstekend. Een aanrader!

Gisteravond namen we voorlopig afscheid van Bernadette, vanavond hebben we het bonte avonduitje met Joan & Ben.


maandag 4 juli 2016

Blog van een aardappeleter

Voor aanvang van onze reis naar het Vaderland stelde ik een lijstje op van dingen die ik er wilde ondernemen. Nu gaat het met dat soort lijstjes zoals verwacht: het ene doe je wel, het andere niet. Eén van de dingen waarop ik mijn zinnen zette, was frites eten bij Sergio Herman. Herman is een Nederlandse topkok die voor zijn culinaire prestaties in restaurant Oud Sluis (in Sluis, Zeeuws-Vlaanderen) drie Michelinsterren ontving; dat doen niet veel chefs ter wereld hem na. Mijn liefje en ik bezochten het restaurant in de jaren '90 van de vorige eeuw. Wij waren op vakantie in België. Met mijn schoonmoeder genoot ik er toentertijd van een plateau fruits de mer, een schotel boordevol schaal- en schelpdieren. Ik denk niet dat het restaurant destijds een Michelinster bezat.

Herman begon onlangs aan een nieuw culinair avontuur: Frites Atelier. Het is de bedoeling dat er op vier locaties in Nederland ateliers worden geopend: in Amsterdam (de vlaggeschipzaak), Arnhem, Utrecht en Den Haag. Op termijn heeft men ook internationale ambities. Uit de tekst van de website maak ik op dat het initiatief van derden kwam en dat Herman erbij werd gevraagd. Momenteel is alleen Atelier Den Haag open dus we gingen op pad. Het ligt aan Venestraat 7, schuin tegenover het pand van Maison de Bonneterie, pal in het stadscentrum. Het is dagelijks geopend van 11:00 uur tot 20:00 uur.
Er stonden enkele wachtenden toen we bij het pand aankwamen. Het is klein maar fijn, de sfeer en entourage doen Belgisch of Frans aan. De meisjes van de bediening zijn fris en mooi aangekleed: witte blouses met zwart schort. In Den Haag bestaan vacatures voor Frites Spécialiste. Ben jij gastvrij, gedreven en heb je oog voor detail? Heb je tenminste één jaar horeca-ervaring en ben jij op zoek naar een part-time job? Wellicht ben jij dan de Frites Spécialiste die wij zoeken!

De aardappel is vanzelfsprekend de held van dit nieuwe initiatief. Het hoofdbestanddeel van Frites Atelier is afkomstig uit de Zeeuwse klei. Van de honderden aardappelen die het team proefde, vonden ze die uit Zeeland veruit de lekkerste. Om de continuïteit te bewaken, werken ze met verschillende rassen. Een frietje is voor mij a guilty pleasure. Mijn liefje is de ware aardappeleter van de familie: zij droomt van Opperdoezen, krijgt blosjes op haar wangen bij de gedachte aan Roseval-aardappeltjes uit de oven... Tja. 

Je kunt kiezen uit vijf sauzen, waarvan de receptuur is ontwikkeld door Sergio: béarnaise, classic, basilicum, truffel en peper. Alle sauzen zijn vrij van conserveringsmiddelen, geur, kleur- en smaakstoffen. Wij kozen allebei voor de klassieke mayonaise. De frites zijn gemiddeld dik met hier en daar een schilletje. Ze waren goudkleurig, krokant van buiten en romig van binnen. De saus kun je -in afgemeten porties- zelf uit een pomp halen; je krijgt een flinke klodder. De servetten van de hand van Kamagurka zijn verschillend en erg leuk. Het geheel was heel lekker, al was de portie voor ons te groot. Wij hadden gemakkelijk samen uit één bakje kunnen eten. Terwijl wij aan een hoge statafel naast de voordeur stonden te snoepen, zag ik vooral jonge buitenlanders binnenlopen. Ik denk dat Frites Atelier een succes zal worden.

Onze dagen in Den Haag zitten erop; we vertrekken vandaag in noordelijke richting. Bernadette keert terug van een actieve vakantie in Thailand en wij maken vanzelfsprekend plaats voor haar. Het was goed toeven in haar huis. De komende dagen zullen we in een hotel doorbrengen, in de omgeving van onze vrienden Joan & Ben. Ook daar zullen dinosauriërs ons vergezellen. Die zijn helemaal niet uitgestorven, Naar verluidt, ligt er een dikke stapel plaatjes op ons te wachten. Joehoe! 
Het vinden van een hotelkamer viel overigens niet mee want op dit moment worden voorbereidingen getroffen voor het EK Atletiek in Amsterdam. 1.300 atleten uit 51 landen doen deze regio deze dagen aan. Misschien kom ik Dafne Schippers wel tegen?! Of Yuliya Stepanova die als enige schone Russin aan dit kampioenschap mag meedoen maar niet voor haar land mag uitkomen. Ze komt onder neutrale vlag aan de start.

De regelmatige lezer weet dat Joan, Ben en wij goede vrienden werden in Spanje. Ben werd eind vorig jaar serieus ziek waardoor ze onverhoopt naar Nederland terugkeerden. Hij onderging een serie ingrijpende operaties. Alsof dat nog niet genoeg was, liep hij in het ziekenhuis ook nog een levensbedreigende bacterie op die hem  langer aan het ziekbed kluisterde. Joan was in die periode zijn toegewijde Florence Nightingale. We zijn inmiddels maanden verder. Het is dus de hoogste tijd elkaar weer in de armen te sluiten.


vrijdag 1 juli 2016

Top010!

Onze dagen als oppasmoeders van het Haagse huis zijn gevuld met bezoekjes aan vrienden en familie die in deze omgeving wonen. Elke dag staat er wel een ontmoeting met iemand op het programma. Terwijl ik naar buiten kijk, zie ik mensen diep weggedoken in hun kragen op de fiets, wandelaars met opwaaiende ponchos en  andere verzopen katjes. We hoeven Bers tuinplanten geen water te geven; die komen ruimschoots aan hun trekken.

Het is fijn om bij te praten met mensen die we soms jaren niet zagen. Zo ook met vriend Diederik, de man van mijn beste vriendin Nelly die in 2009 overleed. Hij woont al meer dan 20 jaar in Rotterdam. Ook mijn liefje bracht enkele jaren van haar leven in deze havenstad door. Ze streek er tweemaal neer: eerst in haar eentje en jaren later, komend vanuit het buitenland, met haar voormalige partner. Toen Nelly en Diederik naar Rotterdam verhuisden, begon ik die stad regelmatig te bezoeken en zeer te waarderen. Vooral de skyline kon mij bekoren en de vooruitstrevende architectuur vond en vind ik boeiend.

We spraken met Diederik af in de nieuwe hal van het verbouwde Centraal Station (bijnaam ‘Station Kapsalon’) van architect Crouwel en consorten. Voor de goede orde: Rotterdammers geven hun markante gebouwen bijnamen. Diederik schoor speciaal voor mij zijn prikkende baard af. Hij dook met roze wangen voor mij op. Ik was blij hem te zien. Terwijl we om elkaar heen draaiden, speelde een toevallige passant klassieke muziek op een pop-up piano in de hal. Na tien minuten sloot hij de pianoklep zacht, pakte zijn rugzak en liep door. Een passend begin van wat een topdag zou worden.
Het stationsgebouw heeft een indrukwekkende glazen pui en een opvallend puntdak dat in de richting van het kloppend stadshart wijst. We knobelden samen uit dat we elkaar voor het laatst in 2012 zagen. Op het stationsplein vielen de eerste regendruppels. Diederik nam ons geanimeerd mee op sleeptouw langs nieuwe aanwinsten van zijn stad. Net als vele andere Rotterdammers is hij content met de burgemeester. Hij vertelde ons dat hij diens eerste toespraak in functie in 2009 nog goed herinnerde: daar sprak een bedeesde man uit 020 (ofwel: Amsterdam) zijn nieuwe goegemeente toe. Inmiddels voelt Aboutaleb zich als een vis in de Maas. Als daadkrachtige leider wordt hij door menig burger op handen gedragen. Ook wat mij betreft, blijft hij zitten waar hij zit en laat hij de politieke stoelendans om het leiderschap van de PvdA aan anderen over.

Wat mij vanaf het begin van onze stadswandeling opviel, waren de kinderkopjes op en bij markante gebouwen, de eerste aan de gevel van het Groothandelsgebouw. Het blijkt onderdeel te zijn van de campagne ‘Rotterdam viert de stad!’, een culturele manifestatie waarmee in dit jaar 75 jaar wederopbouw van Rotterdam wordt gevierd. Zeven iconische gebouwen, die werden neergezet tijdens de jaren van wederopbouw (1945 tot circa 1968), hebben kunstwerken in de vorm van baby- en peutergezichten die met laserprojecties en animaties overdag en 's avonds tot leven worden gewekt.

We gingen in de richting van de Kruiskade en sloegen af naar de Meent waar we bij THOMS Restaurant & Underground Bar -een nieuwe hotspot in town- een kopje Giraffe-koffie dronken. Deze horecagelegenheid is gelegen naast het Timmerhuis, het recentste bouwwerk van architect Rem Koolhaas; het betreft weer zo’n vernieuwde versie van een iconisch gebouw uit de wederopbouw. Inmiddels was het droog, met dramatische wolkenluchten.

Keuvelend liepen we door naar de markthal (‘De Groentegrot’) die al lange tijd op mijn Nederlandse lijstje van te bezichtigen gebouwen staat. Het ontwerp is van architectenbureau MVRDV, de bouw begon in 2009. Ik vond het rijk geïllustreerde plafond prachtig. Kunstenaar Arno Coenen creëerde daarmee het grootste kunstwerk ter wereld: the Horn of Plenty, de Hoorn des Overvloeds. Het gehemelte wordt ook wel de Sixtijnse kapel van Rotterdam genoemd. De staalconstructie achter de glazen voorgevel vond ik eveneens imposant. Als voedselwalhalla vond ik de markt echter tegenvallen maar ik ben dan ook verwend met levendige overdekte markten in Spanje. Vooral de frietlucht van Bram Ladage stond mij tegen.

We haalden herinneringen op aan onze geliefde Nelly en pinkten alle drie een traantje weg. Diederik valt het leven zwaar zonder zijn Nelly. Ook ik mis mijn levenslustige, energieke en grappige vriendin nog elke dag. Ze is onvergetelijk. Bij boekhandel Paagman kocht ik recent het boek ‘De boom in het land van de Toraja’ van de Franse auteur Philippe Claudel; een favoriet. De hoofdpersoon beschrijft daarin de relatie met zijn beste vriend die overlijdt aan kanker en die hij daarna zeer mist. “Ik denk dat ik met dit verhaal, dat vrij is van vorm, opbouw en ontwikkeling, niet alleen Eugène bij me in de buurt kan houden maar ook dat ik hem min of meer aan de beademing leg, in een coma hou die niet geheel gelijk staat aan de dood, zodat ik ook weer door kan [..].” Ach.

De wandeling voerde verder over de Erasmusbrug (‘De Zwaan’) en via de Rijnhavenbrug (‘De Hoerenloper’) naar Katendrecht. We lunchten bij Hotel New York waar mijn liefje en ik in 1993 de opening meemaakten. Het was ouderwets lekker. Op de wandelroute terug naar het centrum dronken we een glaasje bij wijnbar Nostra in de Van Oldenbarneveltstraat. Diederik zegde bij die gelegenheid een bezoek aan Spanje toe; wij kijken ernaar uit. Hij ziet weliswaar op tegen de vele herinneringen van Nelly en hem in ons appartement maar daaraan gaan we een mouw passen. We zetten die dag ieder 15.000 stappen dus ook Fitbit was dik tevreden. A Meaningful Day, indeed.