De Belgische Tine Hens ontving vorige week de prijs voor het beste Natuurboek van dit jaar in mijn favoriete zondagochtend radioprogramma ‘Vroege Vogels’. Haar boek is getiteld ‘Archief van mogelijk verlies’. Ze duikt in haar eigen natuurgeheugen en schrijft over de planten, dieren en natuurfenomenen die op het punt staan te verdwijnen. De schrijfster werd door de jury vooral geprezen om haar poëtische taalgebruik.
Ik heb het winnende boek niet gelezen en ik weet ook niet of ik dat snel zal doen. Te treurig onderwerp... Een ander boek van een van de vijf genomineerden zal ik eerder ter hand nemen. Dat boek is getiteld ‘In lange rok de koraalriffen op’, geschreven door Andrea Kieskamp. Dat boek is een biografie van de Nederlandse biologe (specialiteit algen) Anna Weber-van Bosse (1852-1942). Dit was een onbekende naam voor mij maar dat is geheel onterecht. Zij was de eerste vrouw in Nederland die een eredoctoraat ontving. Zij was tevens de enige vrouw die een gouden prijspenning van de Hollandse Maatschappij der Wetenschappen (HMW) ontving.
In januari 2026 werd een onderzoeksschip in de vaart genomen met haar naam, de RV Anna Weber-van Bosse. Dit innovatieve, duurzame en 80 meter lange vlaggenschip van het oceaanonderzoek in Nederland is ontworpen op basis van de toekomstige behoeften van de Nederlandse mariene onderzoeks gemeenschap. Zo is het nieuwe schip geschikt voor het gebruik van methanol en kan het dicht bij de rand van het zee-ijs in het Noordpoolgebied en Antarctica werken. Het schip is uitgerust met ruimere laboratoria, meer accommodaties en modernere apparatuur dan haar voorganger RV Pelagia.
Bij de prijsuitreiking was ook sneldichteres Dominique Engers aanwezig. Speciaal voor deze gelegenheid schreef ze een gedicht. Hieronder tref je enkele coupletten aan.
Knap, hoor! Dit is niet het gehele gedicht dat Engers voordroeg tijdens de uitzending. Wat zij voorlas was minstens een keer zo lang en benoemde ieder van de (5) genomineerden voor deze mooie boekenprijs. Dit excerpt is echter leuk genoeg om het te delen.
Bij deze prijs hoort een prent van de Rotterdamse illustrator Raoul Deleo. Hij studeerde af aan de Willem de Kooning Academie. Met name de natuur inspireert hem. Hij is bekend om zijn fantasierijke afbeeldingen. Voor deze gelegenheid schilderde Deleo een vroedvrouwpad die overgaat in het kronkelende lichaam van een paling. Hij gebruikte het lichaam van de paling als een soort tijdlijn. Als je de kronkelende beweging vanaf de pad terug in de tijd volgt, zie je dat de kleur geleidelijk uit de tekening verdwijnt. Dat symboliseert ons geheugen en verwijst naar het zogenaamde Shifting Baseline Syndrome, waarover prijswinnares Hens vaak spreekt en schrijft.
Het betekent dat mensen van elke nieuwe generatie vergeten hoe rijk de natuur vroeger was, waardoor onze definitie van 'normaal' steeds verder achteruitgaat. Dat is ook de reden waarom er maar drie spreeuwen in het werk zijn te zien. Waar je vroeger enorme zwermen van duizenden vogels zag, toont zijn tekening er slechts drie en slechts één daarvan is amper half ingekleurd.De regelmatige lezer herinnert zich waarschijnlijk dat mijn liefje en ik vorig jaar naar Extremadura gingen om in die autonome Spaanse regio migrerende kraanvogels te zien. (Hier vind je het webalbum van dat uitstapje.)
In voorbereiding op die reis legde ik contact met een lokale deskundige die ik in mijn blogs Señor José noemde. Het betrof een 57-jarige verpleegkundige en amateur ornitholoog, die al bijna 40 jaar onderzoek doet naar het gedrag van migrerende kraanvogels. Hij is ook een fervent beschermer van deze bijzondere vogels. Hij gaf mij tips over de plekken waar we foeragerende kraanvogels zouden kunnen zien en wat een goed punt zou zijn om ze te zien overvliegen. Dat is namelijk magisch...
Alhoewel hij voorstelde elkaar te treffen, lukte dat door omstandigheden niet. We betreurden dat aan beide zijden. Hij gaf mij zijn persoonlijke mailadres om ‘de volgende keer’ directer contact te kunnen onderhouden. Nu de tijd van vogelmigratie weer aanbreekt, keek ik weer eens op de website van zijn organisatie (hij is mede-oprichter van Grusextremadura) en trof daar de publicatie van zijn recentste boek aan, getiteld ‘Memorias Grulleras’. Het zijn zijn Kraanvogelmemoires. Dat kon ik niet ongemerkt voorbij laten gaan dus ik stuurde hem een enthousiaste mail.
Ook zijn boek documenteert, net als Tine Hens, de transformatie van het landschap waarin de kraanvogels leven: de achteruitgang van de traditionele dehesa (weidegrond) door de opmars van geïrrigeerd land en intensieve olijfgaarden, de drooglegging van wetlands en het verlies van belangrijke habitats. Dat wisselt hij af met persoonlijke anekdotes, biologische gegevens en een oprecht eerbetoon aan baanbrekende Spaanse natuuronderzoekers zoals José Luis Pérez Chiscano.
Deze man was botanicus, ornitholoog, apotheker, ecoloog, ontdekkingsreiziger en orchideeënspecialist. De auteur beschrijft de migratieroutes, tellingen op het Iberisch Schiereiland en de trouw aan het thuisland van de migranten. Het boek is een viering van de eeuwenoude seizoensgebonden terugkeer van de kraanvogels naar de geboortegrond van señor José.

