Translate

woensdag 29 november 2017

De mondkapjes liggen klaar

Foto: Emilio Kuzma-Floyd (via Reuters)
Staan wij in de startblokken om naar Bali af te reizen, gaat een van de vulkanen daar spuwen! Eerlijk gezegd, hebben we mazzel dat het niet eerder gebeurde. Heel Indonesië ligt immers aan de Ring van Vuur. Van de krachtigste vulkaanuitbarstingen vond de meerderheid langs de Pacifische ring plaats. Mijn liefje vroeg onlangs waar ik de eerste vulkaan met eigen ogen zag. Dat was de Teide op Tenerife in 1988, een jaar voordat ik haar leerde kennen. Ik huurde een auto en maakte een uitstapje naar de vulkaan. De Fiat had echter onvoldoende motorkracht om tegen de steile helling op te kunnen. De auto en ik slipten achteruit op de smalle bergweg. Ik moest toeren uithalen met de handrem om het tot een goed einde te brengen... Voor haar waren de vulkanen van Bali de eersten (2005).

Vulkaan Agung barstte in 1963 uit en doet het nu weer. Op 25 september jongstleden blogde ik erover. We leken toen af te stevenen op een hevige uitbarsting maar dat pakte anders uit. Er was zelfs sprake van een dalend lavaniveau in de krater. Afgelopen zaterdag was het echter weer goed mis op het eiland van de Goden. Het was de tweede keer in minder dan een week dat Agung zich liet gelden. Een vulkaan is een gat in de aardkorst waardoor magma vrijkomt. De krater stootte een brede kolom zwart-witte rook uit (magma en stoom) en de Balinese autoriteiten riep daarop ‘Code Rood’ uit. Het was, naar verluidt, wachten op een nóg heviger eruptie. Als het serieus gaat knallen, kunnen vast of halfvloeibaar lava, vulkanisch gas, stenen en as met snelheden tot 150 kilometer per uur de lucht in worden geslingerd; die projectielen kunnen temperaturen hebben tussen 100° en 800° Celsius.

Vulkanisch as bestaat uit gepulveriseerde stenen, mineralen en glas. Zo’n aswolk kan dus gevaarlijk zijn voor vliegtuigen en hun passagiers. Een zes kilometer hoge aswolk zorgde ervoor dat vliegtuigen van Australische luchtvaarmaatschappijen en van KLM in de lucht rechtomkeert maakten en naar hun plaats van vertrek terugkeerden. Andere vliegmaatschappijen landden die dag wel op luchthaven Denpasar. Op zondag dreef de aswolk in de richting van het naburige Lombok; daar sloot het vliegveld (inmiddels weer open). Afgelopen maandag sloot ook de luchthaven van Bali zijn deuren. Dat  vliegveld is nog steeds dicht.

Na dat alarmerende nieuws appten we met Elsa om te vragen hoe het haar en het gezin in Noord-Bali verging. Ze antwoordde dat ze het voorlopig goed maken. We maken ons nu vooral zorgen over hun luchtkwaliteit. Vulkanisch as is niet alleen gevaarlijk in de lucht, het is ook schadelijk op de grond. As bestaat uit giftige gassen die zeer ongezond zijn als ze longen of ogen binnendringen. Een bekend lange-termijn effect van het inademen van vulkanisch as is silicosis, een nare longziekte. In dorpen aan de voet van de berg daalde in het weekend een halve centimeter as neer. Gede Suantika, een vulkanoloog van de Indonesische overheid verwacht dat de vulkaan nog minstens een maand as zal spuwen. Vanwege het regenseizoen zijn modderstromen van as, steen en lava (lahar) niet uit te sluiten.

Elsa houdt de vinger goed aan de pols, er is geen paniek. Op onze regelmatige vraag naar hun welzijn stuurde ze ons info van een PDC-alert (Pacific Disaster Center). Kennelijk heeft ze een app die een Ash Movement Forecast afgeeft en waarop is te zien waar de rode zone op enig moment ligt op Bali. Een gewaarschuwd mens telt voor twee. Daarop kon ik inderdaad zien dat Singaraja en omgeving thans niet in de gevarenzone ligt. Wel werd hen inmiddels aangeraden mondkapjes aan te schaffen. Ze ging naar de apotheek om ze voor de hele familie te kopen. De kinderen kunnen niet thuisblijven van school want ze hebben deze hele week schriftelijke overhoringen voor het eindejaarsrapport. Kasian.

Het klinkt misschien cynisch -zo is het zéker niet bedoeld- maar het lied ‘Dansen op een vulkaan’ van Annie M.G. Schmidt schoot mij te binnen en liet mij in de daarop volgende dagen niet meer los. Een associatieve geest is doorgaans een zegen maar soms is het een straf.

Allemaal om de krater
We horen een dof geluid
Het staat als een paal boven water
Morgen barst-ie uit

Allemaal om de krater
Het rommelt overal
De uitbarsting komt later
Met een boem en een flits en een knal

Maar we trekken ons er niets van aan
We beginnen weer van voren af aan
Het is altijd zo gegaan
Nooit iets anders gedaan
Dansen op een vulkaan

Het lied komt uit de musical Foxtrot, het verhaal speelt zich af rond de jaren '30 van de vorige eeuw. De vulkaan in deze musical verwees naar de dreigende politieke situatie van toen. Ik was wèg van de liedjes en de auteurs: Willem Nijholt en Gerrie van der Klei. Na een avondje uit in het theater kocht ik de plaat die ik vervolgens grijs draaide. Als 17-jarige vond ik de liedteksten van Annie M.G. heel  intrigerend. Ze gingen over homoseksualiteit (‘Sorry dat ik besta’ en ‘Wat ik nou toch heb gelezen’), abortus (‘Over tijd’) en zelfmoord (‘To be or not to be’). Ons kikkerlandje kreeg ervan langs met een lied over de naïeve politici van destijds (‘Niks aan de hand’) en onze kolderieke klompendans (‘The Dutch don’t dance’). Als ik de eerste regel of klank van een van die liedjes nu hoor, zing ik alles weer mee.

We zijn nog niet echt bezig met onze eigen reis naar Bali en het verblijf aldaar. Voor onszelf schaften we nog geen mondkapjes aan. Onze aandacht en zorg richt zich nu vooral op Elsa, Ketut en de kids. Wel zijn we bezig met alternatieve routes om naar Bali te gaan, als de luchthaven van Denpasar gesloten blijft. Maar zelf dansen op een vulkaan? Liever niet.



zondag 26 november 2017

Konnichiwa

Hallo! Het is weer hoog tijd voor een blog over Masterchef Australia 2017. We zijn inmiddels beland bij de Top9 van kandidaten. Afgelopen week waren die bofkonten in Japan. Ik zag ze koken tegen de achtergrond van eindeloze theeplantages van Obuchi, met uitzicht op berg Fuji.

Net voordat deze Japan-week plaatsvond, raakte ik in de ban van dat land want de EO zendt op dit moment BBC Earth-natuurseries uit waarin ook de flora en fauna van het Land van de Rijzende Zon figureren (‘Wild Japan’). In huis durf ik het bijna niet meer hardop te zeggen als de reiskoorts mij weer in zijn greep heeft na het zien van zo’n  documentaire. Het is bijna vaste prik; ik ben nu eenmaal oeverloos reislustig. Het liefst zou ik het gehele jaar rond de wereld trekken. Voor de realisatie van dat plan moeten we echter eerst gelukkig worden in het spel. (In de liefde zijn we dat doorgaans al.) Mijn liefje zou uit zichzelf niet naar Japan reizen maar ik geloof dat er geen principiële bezwaren zijn tegen het land. Alles is daar immers gestructureerd, georganiseerd en punctueel. Ik las onlangs dat een Japanse treinconducteur zijn nederige excuses aanbod aan de reizigers omdat hij één minuut te vroeg vertrok.

Elk jaar kijk ik met vriendin en reismaatje Bernadette naar Masterchef Australia, ieder op onze eigen bank. We zijn beiden groot fan van het programma. Ook zij reageerde tijdens die specifieke Japan-uitzending via whatsapp met Ik wil wel naar Japan. Fuji zien en lekker eten.” Klonk mij als muziek in de oren. Zij merkte ook nog op dat er zulke beleefde mensen wonen. Dat kan mijn liefje toch zo bekoren? Klopt. Alsmede hun vriendelijkheid, respectvolle houding, reinheid en arbeidsethos. Zij en ik hebben zo onze manieren om de neus van reismaat nummer 3 in de goede richting te krijgen… Reizen is verslavend. Ruim voor die tijd starten we dan met Duolingo Japans. 

Als jonge consultant werkte ik een korte periode voor een Japanse autofabrikant in het oostelijk havengebied in Amsterdam. De klus had betrekking op hun IT-systeem. De personenauto’s werden elders geproduceerd en met containerschepen zo hoog als torenflats naar Europa gevaren. Daar werden de auto’s tijdelijk geparkeerd voordat ze over land naar dealers werden vervoerd. Vanaf mijn bureau had ik zicht op het lossen van de schepen. Het was een logistiek gekrioel van jewelste. De auto’s werden achterstevoren uit de laadruimte naar de kade gereden!

Op kantoor ging het er beheerst, rustig en vriendelijk aan toe. Collega’s waren inderdaad voorkomend maar de meesten bleven op gepaste afstand. Een van hen leerde mij echter enkele uitdrukkingen in hun moerstaal. Zo weet ik nog steeds hoe ik muzelluf moet voorstellen: 私の名前は XXX ですIn fonetisch schrift staat hier ‘watashinonamaeha XXX desu’. Ik kan het zelfs uitspreken.

Op een dag kwam de Japanse afdelingsbaas terug van een zakenreis naar zijn vaderland. Ook voor mij had hij een kado meegebracht. Hij zette een ingepakt doosje op mijn bureau. Nu had ik mij, leergierig als ik was, goed voorbereid op de cultuur van deze werkgever. Zo wist ik dat je een geschenk niet uitpakt in het bijzijn van de gever. Openscheuren van de verpakking is helemaal uit den boze. Dat werd gezien als lomp. Het doosje stond de hele dag op mijn bureau te branden. Voordat ik aan het einde van mijn werkdag in de tram stapte, was het geopend. Het ware delicate fruitsnoepjes in mooie wikkels.

In de omgeving van Hokkaidō (hoge noorden), heb je een nationaal park met veel bezienswaardige flora en fauna. In centraal-Japan liggen Tokyo en de berg Fuji. Verder naar het zuiden kom je langs Kyoto en Hiroshima; een bezoek aan die steden mag niet op het reisprogramma ontbreken. In het diepe zuiden, in de buurt van Nagasaki, heb je een nationaal park met fraaie onderwaterwereld. Bovendien tref je daar tropische temperaturen waardoor je goed kunt snorkelen. De reisroute is dus niet ingewikkeld om te bepalen, daarvoor heb je geen Lonely Planet nodig. Het idee inspireert, de tijd zal het leren.

De amateurkoks van Masterchef Australia zijn stuk voor stuk top. Nog nooit in al die negen jaar dat het programma op de Nederlandse tv is te zien, was het voor mij zó moeilijk een favoriet te kiezen. Spierballenbonk Ben met Hollandse roots, OK-verpleegkundige Eliza, kleine Eloise met creatief kapsel, hoogblonde Tamara, bescheiden Brit Arum, jongste bediende Callan, accountant Diana, Sarah met Maleise roots, lange Karlie Verkerk (met zo’n achternaam weet je het wel…). Ieder van hen kookte afgelopen week de sterren van de Japanse hemel. De lokale keuken en ingrediënten bleken zeer inspirerend te werken. In een Australisch krantenartikel las ik dat ze wel stiekem extra cursussen snijtechniek en verfijnd serveren volgden, voordat ze afreisden. Ik vermoed dat de bedenkers van het programma en de juryleden graag naar Japan willen uitbreiden...

Acht kandidaten moesten in een Michelsterrenrestaurant in Tokyo een 8-gangenmenu koken voor de chefkok en de culinaire elite van de stad. Chef Kagehisa Imada is derde generatie sushi-chef in een gelauwerd familierestaurant in Ginza. Tijdens deze uitzending kreeg ik te horen dat Tokyo voedselhoofdstad van de wereld is. In deze stad vind je namelijk meer Michelinsterrenrestaurants dan in alle andere steden ter wereld tezamen! Overigens is sterreneten in Japan doorgaans betaalbaarder dan elders.

Voor Sarah Tiong heb ik een zwak. Als ze een gerecht proeft, slaat ze eerst keurig haar hand voor de mond en roept van daarachter doorgaans iets zeer waarderend over eigen brouwsels. Ik moet er telkens om gniffelen. Ze is vol zelfvertrouwen, daar kom je ver mee. Ze onthulde tijdens deze Japan-week dat ze lijdt aan diabetes. Als suikerpatiënt bereidt ze nauwelijks desserts. Zij moest als laatste in de kookestafette een toetje maken. Sarah gaf er een ingenieuze draai aan: een cremeux van zwart sesamzaad en verse gember, met sojasaus-pindapraline, omgeven door gekarameliseerde gember, zelfgemaakte gembersiroop en verse bramen als kers op de taart. Kom er eens om! Met dit hartige dessert won ze eindelijk (na vier keer strijden) de felbegeerde immuniteitsspeld, die haar zonder al te veel tegenslag naar een finaleplaats moet leiden.

De volgende dag werd ze echter de pechvogel van de Japan-week: in een groepsopdracht bereidde zij weliswaar het Gerecht Van De Dag maar haar overige teamleden (Callan & Tamara) verprutsten het. Het hele team belandde in de afvalronde. Zal Sarah haar zwaar verdiende geluksspeld teruggeven om eliminatie te voorkomen? We gaan het morgen zien. Spannender kan het programma -bijna- niet worden dus je begrijpt dat ik inmiddels weer als vanouds aan de buis zit gekluisterd. Happy Days! Masterchef Australia is het beste wat er is te zien op het gebied van kookprogramma’s. Arigatō.





donderdag 23 november 2017

Vogeltrek in Spanje

De tijd van de vogeltrek brak aan. Inmiddels zie ik regelmatig V-formaties in de lucht. De vogels trekken momenteel van West-Europa naar Afrika. Dat is laat voor de tijd van het jaar. Normaliter vindt de grootste trek tussen september en oktober plaats. Vooral rondom Tarifa schijnt het in die periode een feest voor vogelliefhebbers te zijn. Jaarlijks gaan vrienden van onze  gevederde vrienden in het najaar op excursie naar de Miradores van Tarifa. Duizenden zang- en roofvogels, ooievaars (onder andere de zwarte) en andere vogels zouden daar vanaf diverse observatiepunten zijn te zien als ze de straat van Gibraltar oversteken. Pijlstormvogels, sterns en bijzondere meeuwen maken ook onderdeel uit van die trek. Het moet een spectaculair gezicht zijn. Dat uitje staat op mijn wensenlijst.

Mijn liefje en ik wandelen 's middags langs de plaatselijke duinen of andere  wandelgebieden. Voor haar, fiefe Fitbitch, is dat doorgaans de tweede keer van de dag dat ze haar stevige stappers aantrekt. Ik ben om uiteenlopende redenen minder groot beoefenaar van de wandelsport maar met de camera om mijn nek is dat een ander verhaal. Als zij 's ochtends in haar eentje loopt, is zij in Zen-modus, 's middags hebben we beiden ogen op steeltjes. Zij werd in de loop van de tijd een goede vogelspotter, ik was al een scherpe kijker. Een leuke wandeling is voor mij een tocht waarin iets valt te beleven. Sneu maar waar. Het was ruim tien maanden geleden dat ik voor het laatst de telelens gebruikte (in Myanmar). Mijn ouwe, trouwe Canon Powershot SX50 HS doet het nog goed!

Ik heb weer veel zin in fotograferen en gevederde vriendjes zijn dankbare en interessante objecten. Hier hoeven we niet ver van huis om bijzondere vogels te aanschouwen. In de afgelopen weken ontwaarde ik de tapuit, buidelmees, geelgors, rietgors, groenling, putter, sijs, kuifleeuwerik, grauwe klauwier, rouwmees, zwarte mees, diverse soorten vinken en de Spaanse mus in bosjes en struiken langs de zee. In en om het water bespiedde ik de steltkluut, watersnip, strandloper, oeverloper, grote witte reiger, waterhoen en wilde eenden. Een mooie vangst, al zeg ik het zelluf. Niet elk vogeltje herkende ik meteen; als naslagwerk gebruik ik de website Birdpix.nl. Je vindt daar bijzondere vogels in de waanzinnigste constellaties die fotografen -amateurs en professionals- onder andere in Spanje kiekten.

De overgang van het zomerse weer van ruim twee weken geleden, toen we met Nederlandse vrienden nog met de voetjes in het zand de zomer uitluidden, en nu is groot. In de week die volgde op die zonovergoten lunch viel hier 's nachts de kou in. De Spaanse weerdienst AEMET meldde dat het 's nachts erg koud werd in de provincie Alicante: de laagste temperatuur lag in die week op -6 graden Celsius (Villena). Ook op andere plaatsen in de provincie daalde de temperatuur drastisch; onder andere in Orihuela (6 graden) en Benidorm (5 graden).

Hier maakten we dergelijke extremen tot dusver niet mee. Tot nu toe gaf de thermostaat in de eetkamer als laagste temperatuur 12 graden Celsius aan. Aan de frisse kant maar niet verwonderlijk voor een ruimte met glazen dak en pui. Ik realiseer mij dat onze nachttemperatuur hier in het vaderland voor overdag geldt. Dit weekend wordt natte sneeuw verwacht. Brrrrr. De eetkamer kan worden afgesloten van de rest van het goed geïsoleerde huis. Tegen de tijd dat we aan het ontbijt beginnen, is het daar 19 à 20 graden Celsius.

Tegenover die dalende nachttemperaturen staan hier nog hoge temperaturen overdag. Het kwik komt dagelijks nog boven 20 graden Celsius, met andere woorden: het blijft korte broekenweer. November is normaliter de regenmaand bij uitstek maar tot dusver viel er geen druppel. De boeren klagen dan ook. Nog even en onze eigen vogeltrek vangt aan. Tijdens ons verblijf in Bali gaan onze vriendinnen Rose-Marie & Ingrid uit Zwitserland in ons huis logeren en hopelijk van een goede winter onder Spaanse zon genieten. De verwachting is dat ook december hier relatief warm en droog blijft (net als vorig jaar). Zij ontvluchten 5 graden Celsius, regen, sneeuw en somberheid.

Wij maakten de eerste erwtensoep onlangs. Mijn liefje zinde al enkele weken op een kop vers gemaakte snert dus ik kon het niet langer uitstellen. Erwtensoep associeer ik met sneeuw, wollen  mutsen, gecondenseerde waterdamp uit je mond als je praat.  Winterse toestanden zijn hier nog ver te zoeken. We maakten de soep met onze nieuwste keukenhulp: de Crock-Pot. We stapelden de erwten en de gesneden overige ingrediënten in de pan en de slow cooker deed de rest, in acht uur en op lage stand. Het eindresultaat was heerlijk, de soep was perfect op smaak.

Doorgaans ga ik na de wandeling nog even op het terras in het zonnetje zitten lezen. Ik las net de roman ‘Manhattan Beach’ uit van de Amerikaanse schrijfster Jennifer Egan. Dit werk was in oktober boek van de Maand bij DWDD. Het verhaal speelt zich af in New York, tijdens de Grote Depressie en de jaren van de Tweede Wereldoorlog. We volgen hoofdpersoon Anna, een meisje van elf jaar dat duikster wil worden; een zeer ongebruikelijke wens voor die tijd. Ze staat haar mannetje en slaat zich dapper en vindingrijk door haar jonge leven dat menig tegenslag kent. Een langzaam boek, boeiend verhaal en mooi geschreven bovendien.

Als de zon achter de huizen zakt, is het tijd om naar binnen te gaan. Vogels fluiten dan nog steeds. Dan verruil ik de bermuda voor een comfortabele huisbroek, de Sketchers maken plaats voor warme Ugg-pantoffels. De kachel gaat aan, het is inmiddels tijd voor een glas Spaanse rode wijn. Het leven aan de Costa Blanca is eenvoudig maar fijn.  



maandag 20 november 2017

Dag van het Kind

Vandaag is het de Universele Dag van het Kind en dat wordt wereldwijd gevierd. De dag werd in 1954 door de Verenigde Naties uitgeroepen. Niet ieder land doet het per se op deze dag maar gevierd wordt het! Kinderen zijn de toekomst of je ze nu zelf op de wereld hebt gezet of niet. Dat neemt niet weg dat het vele kinderen bepaald niet voor de wind gaat. Volgens UNICEF leven 1 miljard kinderen in armoede, zelfs 387 miljoen van hen in extreme armoede. Elke dag sterven wereldwijd 22.000 kinderen vanwege armoede. Hartverscheurend.

Afgelopen weekend vond de allereerste officiële zwemwedstrijd plaats van onze grote, kleine vriend Yuda in Noord-Bali. Drie maanden geleden werd hij lid van een plaatselijke zwemclub en hij trainde bijna dagelijks. We leefden wekelijks mee via video’s en berichten. Aan beide kanten van de aardbol leefden we naar dit moment toe.

Zaterdag jongstleden nam hij deel aan de wedstrijden borstcrawl. Hij kwalificeerde zich voor de finale. Het 50-meter zwembad was voor die gelegenheid uitgerust met vlaggetjes en banners. Wij ontvingen een whatsapp-video van moeder Elsa die hem luid aanmoedigde. Onze zwemmer tikte als vierde aan. Voor het ventje zelf vond ik het jammer dat hij net naast een podiumplaats greep. Zelf was hij, naar verluidt, erg teleurgesteld. Het was zijn dag niet. Aan de video is te zien dat Yuda de kleinste en tengerste in het bad was. Tijdens de race zag ik hem echter geen moment verslappen dus al met al vind ik dit een prestatie van formaat.

Gisteren, zondag, werden de wedstrijden schoolslag gezwommen. Dit is Yuda’s beste slag, naar eigen zeggen. Zijn verwachtingen waren nóg hoger. Hij kwalificeerde zich wederom voor de finale en deze keer werd hij derde. Joehoe! Ons gejoel verstomde bij het volgende bericht dat we ontvingen. Hij werd inderdaad derde in deze race maar zijn tijd was niet de beste derde van het seizoen dus de bokaal ging naar een vriend bij dezelfde club. Kasian Yuda. Hij begreep het niet…

Hij mocht niet in de competitie voor beginnende zwemmers uitkomen, moest van zijn coach vanwege zijn leeftijd bij de gevorderden meedoen. Alle beginners van zijn club wonnen een beker en dat had ook voor hem moeten gelden. Dat zal hem nog wel even dwars zitten. Desalniettemin zette moeder Elsa hem op de foto (met de bokaal van zijn vriend). Ik zag een mannetje met dikkere ogen dan normaal. Ach gut. Voor mijn liefje en mij is en blijft onze zwemmer een held. Zijn zwemclub behaalde de meeste bekers tijdens deze regionale wedstrijd. Als wij in Bali zijn, gaan hij en ik een zwemwedstrijd houden en dan hebben we alsnog een toepasselijke prijs voor hem (maar daarover later meer).

In de aanloop naar deze wedstrijden moest ik vaak en intensief denken aan dit ventje dat we ruim negen jaar geleden leerden kennen. In 2007 en 2008 bezochten we Bali en daarna hielden we contact met Elsa. Destijds was Yuda nog enig kind van twee werkende ouders. Vanaf zijn geboorte werd hij dagelijks bij familie ondergebracht als zijn ouders gingen werken. Mijn liefje ging op een middag mee om hem op te halen. Wat ze zag, bezorgde haar een schok: de peuter lag half bloot op vuile grond te slapen, naast zijn Balinese overgrootmoeder. In die tijd kwam er geen geluid over zijn lippen; niet verwonderlijk want zijn buyut sliep ook de ganse dag.

Elsa & Ketut zijn beiden slim en volgden voorbereidend wetenschappelijk onderwijs in Singaraja. Hij  woonde met zijn familie in de bergen. Om naar een goede middelbare school te kunnen, verliet hij zijn ouderlijk huis en werd als jochie van 12 bediende in een huis van een stadse, ontwikkelde man. Elsa’s straatarme familie kon haar middelbare school evenmin bekostigen. Uit protest liep ze van huis weg. Soms doet Elsa mij denken aan mijn liefje… net zo vastberaden en eigengereid. Mijn moeder zou zeggen: wat ze in haar kop heeft, heeft ze niet in haar kont”. Het resultaat van die daad van verzet was dat ze mocht doorleren. Zij leerden elkaar op die middelbare school kennen. Na het behalen van hun diploma’s was er voor beiden geen geld om verder te studeren. Ze gingen op zoek naar werk maar dat viel (en valt) niet mee op Bali, zeker niet in het hoge noorden. Over passende arbeid zal ik maar helemaal niet reppen.

Vanaf het moment dat wij onze tropische villa in Noord-Bali betrokken (2009), werd Yuda vaste gast in ons gezin. In datzelfde jaar zorgden we ervoor dat hij als 3-jarige naar een goede peuterschool kon. Langzaamaan begon hij te praten. Elsa bestierde ons huishouden, Ketut trad in dienst als chauffeur en manus-van-alles. Hun zoon kwam minstens driemaal per week mee om te zwemmen, te spelen en mee te eten. (Hij was een lastige eter.) We leerden hun families kennen, hielden zelfs ‘Familiedagen’ op ons zonovergoten terras.

Inmiddels bestaat het gezin uit vier personen. Jongste zoon Damai volgde hetzelfde opleidingstraject als zijn grote broer: van peuterschool naar tweetalige lagere school. De 10-jarige krijgt al zeven jaar uitstekend onderwijs, de bijna 7-jarige al vier jaar. (Indonesische kinderen gaan pas na hun zevende verjaardag naar school.) Goed onderwijs is de basis van een beter leven. Het gezin bewoont inmiddels een eigen huis op eigen grond. Elsa heeft twee banen, Ketut werkt op een Amerikaans cruiseschip en is gemiddeld acht maanden per jaar van huis. Door hun eigen inspanningen en liefde en steun van onze kant lieten ze de armoede achter zich. Het leven van de kids is al zoveel beter dan dat van de ouders en dat is een belangrijke drijfveer in hun en ons leven.

Het Eiland van de Goden ontvangt jaarlijks ruim drie miljoen vakantiegangers en de jaarlijkse inkomsten uit toerisme bedragen ruim $5.000.000.000 (5 miljard Amerikaanse dollars) maar toch leven vele Balinezen in armoede. Men schat in dat het er bijna 163.000 zijn. In ruim 10% van de dorpen leeft meer dan 35% van de bewoners onder de armoedegrens, dat wil zeggen: levend van minder dan $2 per dag. En dat aantal neemt toe. Het klinkt ongeloofwaardig maar op veel van die plekken wordt geen onderwijs geboden en is er geen schoon drinkwater en elektriciteit.

Hillary Clinton schreef in haar laatste boek “the measure of your success should be how many kids clime out of poverty, get a good education, and receive the love and support they deserve.”

Mijn liefje en ik kijken van een afstand tevreden toe. Het is een voorrecht om hun ontwikkeling van dichtbij mee te maken. Vandaag vieren wij in Spanje de dag van ‘onze’ kinderen in Bali. 




zaterdag 18 november 2017

Kafka, of de paarse krokodil

In mei van dit jaar moest het rijbewijs van mijn liefje worden vernieuwd. Georganiseerd als ze is, ging ze begin april naar de betreffende instantie om de procedure in gang te zetten. Heel vroeger was er bij de Nederlandse Rijksdienst voor het Wegverkeer een speciale afdeling die rijbewijzen voor Nederlanders in het buitenland regelde. Het Europese Gerechtshof oordeelde in 2002 dat de registratie- en omruilplicht die in die tijd in Spanje gold, onrechtmatig was en moest worden afgeschaft. Dat gebeurde. In 2002 werd die speciale afdeling in het Vaderland eveneens opgeheven.

Als permanente resident in Spanje ben je dus genoodzaakt in het nieuwe vaderland je rijbewijs aan te vragen. Dat betekent automatisch dat je een Spaanse 'licencia de conducir' ontvangt. Zelf had ik een BE-aantekening op mijn Nederlandse rijbewijs waarmee ik als chauffeur een grote, zware caravan mocht trekken. Hoe zou omzetting naar het Spaanse systeem op dit punt uitpakken? Dat bleek niet onze grootste zorg.

We togen destijds naar een medisch centrum in Torrevieja. CENCA is in Spanje de officiële instantie die medische verklaringen afgeeft ter verkrijging van een rijbewijs. Ons zicht werd getest en we moesten een proeve van bekwaamheid afleggen, achter een computerscherm. De verpleegster legde de computertoepassing uit: met behulp van een toetsenbord moest je een auto langs een bochtige weg tussen de lijnen houden. Als een wiel over de streep kwam, klonk een harde toon. Je zou denken ‘appeltje-eitje’ maar dat was niet zo. Ik wist immers niet hoe vaak je de lijn mocht overschrijden. Verkrampt stapte ik achter het scherm vandaan, excessief transpirerend. De verpleegster mat mijn bloeddruk daarna op: 190. Ik vond dat niet vreemd gezien de stress van dat moment. Dat herhaalde zich bij mijn liefje, met vergelijkbare uitkomst. Wij werden beiden doorverwezen naar de huisarts.

We ontvingen allebei een Spaans rijbewijs al was mijn nieuwe geldigheid (10 jaar) langer dan die van mijn liefje. Zij was zo eerlijk de vraag of zij ooit chemotherapie had gekregen, te bevestigen. Dat gegeven was op zich al straf genoeg maar in Spanje werd haar rijbewijs minder lang geldig dan het mijne. Ze sputterde dat dit discriminerend was maar dat mocht niet baten. Haar rijbewijs is en blijft  vijf jaar geldig.

Gelukkig hoefde ze bij de recente vernieuwing van haar rijbewijs geen proeve van bekwaamheid af te leggen; een fysieke test door een keuringsarts volstond en die verliep goed. De instantie die rijbwijzen in Spanje afgeeft, heet ‘Tráfico’. Zij zouden het rijbewijs via -onaangetekende- post naar ons nieuwe huisadres sturen. Het document was een maand later nog niet gearriveerd. Onderzoek wees uit dat het in de post was kwijtgeraakt. Iedereen waste de handen in onschuld. Een nieuw rijbewijs werd niet stante pede uitgegeven, een tijdelijke verlenging wel. Mijn liefje, de onschuld zelve, was verre van blij.

Ook de tweede, tijdelijke verlenging werd ondertussen afgegeven; sporen van het origineel waren in geen velden of wegen te bekennen. Die verlenging zou in oktober verlopen dus begin september maakten we een online afspraak bij de ‘Jefatura Provincial de Tráfico’ in Alicante. Spanje heeft een face-to-face-cultuur, bellen of schrijven is minder effectief (als dat al mogelijk is). Ik hoef je niet te vertellen hoe zo’n kantoor eruit ziet: groot, grijs, kaal, zonder ramen. Met expressieloze ambtenaren achter een batterij loketten. De zaal zat boordevol klanten, wij sloten ons geduldig bij hen aan.

Toen het onze beurt was, liepen wij op de aangewezen balie af. De ambtenaar had aanvankelijk weinig zin om te helpen. Hij begreep het niet, een rijbewijs kon toch niet zomaar verdwijnen, ze konden toch niet zomaar een tweede exemplaar uitgeven en meer prietpraat. Klantvriendelijk handeling stond niet hoog op zijn agenda. Wij bleven echter vriendelijk, haalden alles uit de kast om hem in beweging te krijgen. Uiteindelijk lukte dat. Joehoe! Het nieuwe document zou binnen een maand klaar zijn. Wij hoorden van hen.

Niet dus. 

Deze week, zes weken later en zes maanden na het eerste verzoek van mijn liefje, bezochten we de plaatselijke dependance van Tráfico maar weer eens. Zij legde de situatie (wederom) aan baliemedewerker Victor uit, terwijl ik in de wachtkamer bleef. Sinds zij op Spaanse les zit, wil zij uitsluitend en onder alle omstandigheden Spaans te praten. Een goed uitgangspunt. Zittend in de wachtkamer ving ik op enig moment het woord ‘Kafka’ op. En Engelse tekst. Ik hoorde haar uitleggen wie die schrijver was en hoe zij zich persoonlijk onvrijwillig slachtoffer voelde van een kafkaiaans drama. Ik hoorde hem daarop lachen. Dat mocht hij doen, zolang hij maar voor haar aan de slag ging. Dat deed hij. De volgende avond belde hij terug om te zeggen dat we weer naar Alicante moesten, nu om het nieuwe rijbewijs op te halen. Echt waar. Een afspraak was niet nodig.

Afgelopen donderdag was het weer zover. We betraden het sombere Alicantijnse kantoor opnieuw en trokken een volgnummer voor de Informatiebalie. De medewerkster deed iets in het systeem, vijf minuten later moesten we zelf weer een afspraak maken en opnieuw een nummertje trekken, nu voor de Afhandelingsbalie. Zou het eindelijk lukken? Baliemedewerkster nummer 2 bleek een en al bereidwilligheid. Het felbegeerde document kwam tevoorschijn. Aanvullend legde ze, behulpzaam als ze was, alle andere wijzigingen in hun gebruikersonvriendelijke systeem voor ons vast. Er zaten twee opgeluchte vrouwen tegenover deze Heldin van de Dag. Een van ons riep haar waarderend uit tot ¡Heroína!” Ze gaf ons een glimlach vol ongeloof terug. Dat maakt ze kennelijk niet vaak mee…


woensdag 15 november 2017

Drie schorten

Onze overburen uit Madrid keerden onlangs terug naar hun huis aan zee. Zodra mijn liefje en ik de straat in liepen, kwamen zij met uitgestoken hand op ons af. Guillermo en María zijn bereisd, ontwikkeld en aardig. We houden altijd een praatje; de ene keer verloopt dat beter dan de andere keer.

Hun zoon António werkt voor een internationaal ingenieursbureau en woont met vrouw en kinderen in Den Haag. De ouders gingen hen de afgelopen zomer een week bezoeken. María vond de hofstad fantastisch. (Als ex-Kijkduiner glom ik van trots.) Het autovrije centrum, de groenvoorziening, de vele kinderspeelplaatsen, het strand, het heerlijke bruine brood, de open ramen 's avonds, de biologische winkels. Zij vond het “una maravilla”. Guillermo was verbaasd dat zijn kleinkinderen met hun Spaanse inborst zonder morren om acht uur 's avonds naar bed gaan en dat je in Nederland geen rundvlees van eigen bodem kunt kopen. Dat vond ik op mijn beurt grappig. Hollandse bitterballen vonden ze allebei lekker, wij houden van de Spaanse croquetas de jamón. Gelijk oversteken.

Wij vertelden dat de zomer van 2017 ons qua drukte en warmte erg was meegevallen. Zij weken uit naar het koelere Santander en hadden het daar naar hun zin. We kregen het vervolgens over eten, ik vertelde over de aanschaf van onze slow cooker en de stoofgerechten die we ermee maken. Op mijn beurt vroeg ik naar hun recept voor paëlla. Het grote geheim zit 'm wat mij betreft in de bouillon (‘caldo’) en hoe stelden zij die samen? Nou, dan moesten we maar een kijkje in hun keuken komen nemen en het resultaat helpen opeten. Hun jongste dochter en haar vriend zouden dat weekend overkomen uit Madrid en dit gerecht stond op het menu. Paëlla mag wat mij betreft direct tot cultureel erfgoed worden uitgeroepen!

Ik sputterde uit beleefdheid tegen en opperde dat het mij echt alleen was te doen om hun bereidingswijze maar dat was tegen dovemansoren gezegd. We waren uitgenodigd voor de lunch. Op zaterdagochtend belde Guillermo aan om de afspraak te bevestigen: om 13:00 uur zou de kookles beginnen. Klokslag 1 uur stak ik de straat over om aan te bellen maar de deur zwaaide reeds open. Met schort en notitieblok stapte ik hun huis binnen. De eerste vraag van María was, waar mijn liefje was. Die deed kleine boodschappen dus ik verwachtte haar snel terug.

Op het aanrecht stonden alle ingrediënten uitgestald voor paëlla de mariscos (schaal- en schelpdieren), voor zes personen. Ik merkte donkerrode gambas en roestbruine bouillon op. Dat beloofde weinig goeds… Mijn liefje is namelijk hyper-allergisch voor zeevruchten. Bij het minste hapje wordt ze zo wit als een tafellaken, waarna allerlei andere ellende volgt. Wanneer moest ik dit aan onze gastheer en -vrouw vertellen? Ik hield mijn mond voorlopig, wachtend op een geschikter moment.

Voor hun recept gebruikten zij:
  • Sabroz Brillante-rijst, die ronder en dikker is (verkrijgbaar bij supermarkt Mas y Mas)
  • Caldo de Pescado (visbouillon), kant & klaar verkrijgbaar bij lokale vishandel  Albaladejo
  • 1 blikje tomate frito (het beste merk is Hida)
  • 500 gram gambas rojas medianas (middelgrote, rode garnalen)
  • 500 gram calamares (schoongemaakte inktvis, inclusief tentakels)
  • 1 kopje geweekte ñoras (gedroogde paprikaschil; alleen het vruchtvlees wordt gebruikt)
  • ½ rode paprika, klein gesneden
  • 1 witte ui, klein gesnipperd
  • 2 teentjes knoflook, gesnipperd
  • Een snufje saffraan of colorante alimentario
  • Zout (Maldon; daar koken chefs ook mee)
María vertelde dat Guillermo drie jaar geleden (na zijn pensioen, vermoed ik) met koken begon. Hij hield altijd al van lekker eten maar hij bracht tot dan toe nauwelijks tijd in de keuken door. Dat is nu anders. Hij was el Jefe van de paëlla, zij was de lieflijke keukenassistente, ik keek toe en schreef op. Intussen belde mijn liefje driemaal aan zonder resultaat. Wij waren te druk met koken en praten en de keukendeur zat dicht.

Paëlla maken is slow cooking. Guillermo gebruikt liever een gietijzeren pan met dikke bodem dan een paëlla-pan van doorgaans dunner materiaal. Alles wordt met extra virgin-olijfolie bereid. Eerst wordt de ui aangezet tot glazig. Daarna wordt het teentje knoflook toegevoegd, gevolgd door de klein gesneden rode paprika. Roeren tot de groenten zacht worden. Daarna wordt het vruchtvlees van de geweekte ñoras met een theelepel uit de schil geschraapt. Een bergje pulp ter grootte van een golfbal wordt aan de pan toegevoegd.

Ondertussen knipte María de calamares in stukjes en verwijderde koppen, schil en darmkanaal van de gambas rojas. De garnalen sneed ze in stukjes, de koppen werden in een separate pan met olijfolie en een teentje knoflook aangebakken. Om al het vocht uit die garnalen te drukken, gebruikte ze een houten vork. Het vrijgekomen sap werd aan de caldo (in een separate pan) toegevoegd, de koppen hadden hun dienst bewezen en verdwenen in de vuilnisbak.

Slechts één derde van de tomato frito gaat in de pan; het geheel moet goed worden gemengd. Daarna gaan de inktvisstukjes bij het mengsel; er komt dan veel vocht vrij. Als de inktvis gaar is en het vocht is geslonken, gaan de rode garnalen erbij. Pas als die op kleur zijn, wordt de droge rijst toegevoegd: circa 2.5 melkbeker. De rijst en het zeevruchtenmengsel moeten heel goed worden omgeschept tot een compact mengsel. De laatste stap in de bereiding bestaat uit het toevoegen van de visbouillon. Ook daarvan gebruikten zij 2.5 melkbeker. Daarna moet er absoluut worden geproefd. Alleen zout wordt toegevoegd, peper ontbreekt. Het duurde vervolgens vijfenveertig minuten voordat al het vocht door de rijst was opgenomen. De rijstkorrel moet ‘a punto’ zijn (net als ‘al dente’ bij pasta).

Tegen die tijd was mijn liefje al geruime tijd binnen. Als snack bij het aperitief werd nog inktvis in speciale bloem licht gefrituurd. Tijdens het nuttigen van dit knapperige gerecht zei ik dat mijn liefje hun zorgvuldig bereide paëlla niet kon eten… Moeder María zette daarop brood, extra calamaris, olijven, amandelen en milde chorizo voor haar neus. We dronken er een droge witte wijn uit Galicia bij.

We vinden het leuk Spanjaarden persoonlijk te leren kennen. Het geanimeerde gesprek ging nog een tijd door. Hun dochter María is een schatje. Na de zelfgemaakte cake (van spelt & appel) staken wij de straat over terwijl zij aan hun siësta begonnen. Zij keerden inmiddels naar Madrid terug, wij aten onlangs met Nederlandse vrienden onze laatste paëlla van dit jaar bij Chiringuito Ramón waarmee we het zomerseizoen feestelijk afsloten.



zondag 12 november 2017

Route 2017-2018

Sinds wij in Alicante aanwezig waren bij de start van de Volvo Ocean Race volgen we deze beroemde (en soms beruchte) zeilrace om de wereld op de voet, via de VOR-app. Deze versie vind ik minder goed werken dan die van de vorige race. Er wordt minder snel ververst -de artikelen zijn dus minder recent-, verhalen en video’s kun je op de iPad niet in landscape zien, er loopt dagelijks wel iets vast of de app crasht in zijn geheel.

Het verstrekte nieuws vind ik tevens minder boeiend dan voorheen; dat is echter een kwestie van smaak. Nu zijn we nog maar bij de tweede leg, van Lissabon naar Kaapstad, maar ik vind het toch een gemiste kans. Ik liet het niet bij mopperen en nam contact op met de makers. De applicatie is gebouwd door mueva.eu, hun hoofdkantoor zit in Madrid dus wellicht is het een Spaans bedrijf. Mijn ervaringen met Spaanse internetbedrijven zijn niet onverhoopt positief… Ik kreeg inmiddels antwoord: er wordt aan de haperingen gewerkt. Ik constateerde trouwens dat er ook een fout zit in de officiële routekaart van de race. Melbourne staat er niet op terwijl die geliefde Australische stad eindbestemming is van leg 3. Slordig.

De organisatie introduceerde dit jaar een nieuwe optie: de Stealth-modus. Elk zeilschip heeft de mogelijkheid om eenmaal per leg in die modus te gaan, vooropgesteld dat het verzoek niet aan de start of net voor de finish wordt gedaan. Viermaal per dag worden de posities van alle zeilboten aan elkaar doorgegeven: om 1:00 uur ('s nachts), 7:00 uur, 13:00 uur en 19:00 uur. Als een team het verzoek aan de organisatie doet, betekent dit dat de andere boten gedurende drie opeenvolgende rapportagemomenten niet krijgen te horen en te zien op welke positie de betreffende boot ligt.

Dat doet een team bijvoorbeeld omdat ze een tactische zet overwegen die voor de concurrenten verborgen moet blijven. De aanvrager is dus evenmin te zien op de tracker van de app. De Britse schipper van Turn the Tide On Plastic, Dee Caffari -de enige vrouw aan het roer-, deed dat verzoek tijdens dit traject. Het is overigens de eerste keer in de geschiedenis van de Volvo Ocean Race dat met gemengde teams wordt gevaren. (Vorig jaar deed voor het eerst een team mee met uitsluitend vrouwen.) De zeilers naderen thans het gebied van de doldrums, de equatoriale stiltegordel rondom de evenaar. Daar moet je van alles uit de kast halen om een beetje wind te vangen; die tactische manoeuvres wil je voor anderen verborgen houden.

Tot nu toe geeft de tracker aan dat team TTOP achteraan zeilt, op bijna 2 uur achterstand van de koploper. Team DongFeng -met de Scheveningse Carolijn Brouwer (43) aan boord- gaat voorop, het Spaanse team MAPFRE ligt tweede, het Hollandse AkzoNobel-team ligt op de vierde plaats en team Brunel met Bouwe Bekking aan het roer, ligt op de vijfde plaats. Laatstgenoemde team kreeg op dit traject een probleem met de trimtuigage. Het werd opgelost door Peter Burling, de Nieuw-Zeelander die afgelopen week werd uitgeroepen tot Zeiler van het Jaar 2017. De app besteedde er weinig woorden aan. Er was niet eens een feestelijke foto van de laureaat. Jammer.

Over ongeveer een maand beginnen mijn liefje en ik ook aan een reis naar de andere kant van de wereld. Door de lucht. Wij vertrekken weer naar Bali voor een familiereünie. Mijn liefje doet doorgaans de boekingen van een vliegreis; zo ook deze keer. Bij toeval kwam zij erachter dat de vliegmaatschappij een wijziging doorvoerde. Tja. Reizen is verslavend maar je moet wel het koppie erbij houden. We gaan met een ander toestel vliegen. Voor het eerst gaan we op reis in een Airbus A350, het kleine zusje van big bird A380 waarmee we reeds meermalen vlogen naar Verweggistan. (KLM gaat pas in 2020 met de A350 vliegen.) Door die verandering klopten onze stoelreserveringen niet meer en als we iets niet willen op zo’n lang traject, is het zitten op een ongewenste plek. Normaliter kun je je boeking online aanpassen maar dat bleek gemakkelijker getypt dan gedaan. Hun systeem was nog niet bijgewerkt. Het had wat voeten in de aarde maar de akela regelde het uiteindelijk. We zitten op papier weer precies waar we willen zitten, fijn naast elkaar.

Het Balinese ontvangstcomité zal dit jaar bestaan uit Ketut, Elsa, Yuda en Damai. Pa zou volgens eerdere plannen reeds aan boord zijn van het Amerikaanse cruiseschip Regent Seven Seas Explorer. Deze boot onderging begin van dit jaar een indrukwekkende renovatie, als onderdeel van een $125 miljoen dollar upgrade van de totale vloot. 
Op RTL-Z keek ik in september naar een documentaire over de verbouwing in een Italiaanse haven. Zo zag je onder andere hoe het schip in stukken werd gezaagd, elk los onderdeel onder handen werd genomen en weer te water werd gelaten om vervolgens weer aan elkaar te worden gezet door een team onderwater lassers. Fascinerend!

't Is dat Ketut niet kan zwemmen anders zou ik hem die baan aanraden in plaats van steward-op-het-droge te zijn. (De verdiensten van een lasser liggen aanzienlijk hoger.) We weten niet waarom hij tot nu toe niet afreisde. Zijn agent in Denpasar laat soms een steekje vallen maar de vertraging kan ook te maken hebben met de ziekenhuisopname van zijn vader. Het eerste bericht was dat hij in september naar Europa zou vliegen om daar aan boord te gaan van de Explorer. Begin november zou het schip afmeren in Cartagena. Ons idee was oorspronkelijk om hem daar op te halen en mee te nemen voor een dagje op ons Spaanse terras. Schepen kwamen en gingen. Hij zal nu op zijn beurt moeten wachten om aan boord te gaan. Hij is echter happy, iedereen in het gezin is blij dat hij thuis is.

Onlangs bekeek ik de bezoekersstatistieken van mijn blog weer eens toen mijn oog viel op een wel heel opmerkelijke stip op de wereldkaart. Recht onder Kaapstad dobbert kennelijk een lezer?! Is dat Dee Caffari en haar team, in stealth mode? Een saildrone met verstekeling? Een verdwaalde antarctische walvis met vintag? Saskia & Kirk op hun zeiljacht? Of een doodgewone fout in de app? Het is een blijft een raadsel.


donderdag 9 november 2017

Today is a gift

Het is vandaag precies zes maanden geleden dat ik in een Spaans ziekenhuis de eerste stappen deed met mijn nieuwe heup. Het was niet alleen dat de sneue heup van daarvoor veel pijn gaf, ik liep als mijn hoogbejaarde moeder. Ik voelde mij oud. Dat vond ik misschien wel het lastigst aan het hele euvel: dat mijn binnenste niet in overeenstemming was met mijn buitenste. Dat alles ligt inmiddels ver achter mij.

“Yesterday is history, tomorrow is a mystery, today is a gift. That’s why it’s called the present.” Aldus de wijze Master Oogway (Kung Fu Panda).

De nieuwe heupprothese doet het goed, ik gedraag mij weer als een blij geitje in het weidje en geniet van mijn hervonden mobiliteit. Bovendien voel ik mij weer net zo oud als mijn biologische leeftijd aangeeft en dat is prettig. Nu moet ik wel zeggen dat ik niet precies weet hoe een 57-jarige zich dient te voelen of te gedragen. In mijn hoofd ben ik nog een jong, springerig ding dat van alles wil en kan…

Afgelopen week was Bernadette, vriendin, leeftijdgenoot en reismaatje, voor een lang weekend bij ons. Als zij er is, is het zeker een feestje. In het verleden maakten we gezamenlijke reizen naar Sulawesi en Australië. Het was aan de andere kant van de globe dat mijn liefje, zij en ik elkaar elf jaar geleden leerden kennen. Ik sluit niet uit dat we in de toekomst weer samen op reis gaan. Ook als ze ons opzoekt in Spanje -wat ze regelmatig doet- maken we altijd een uitstapje. Deze keer stonden de kanonnen van Mazarron en de zandsteenformaties van Bolnuevo (beide in de provincie Murcia) op het programma.

De provincie Murcia kent vele bezienswaardigheden, vooral op natuurlijk vlak: regionale natuurparken, stranden, wilde dolfijnen in verschillende soorten en maten. Je vindt er sporen van Romeinse en Moorse geschiedenis, overblijfselen van middeleeuwse steden, prehistorische rotstekeningen en pootafdrukken van dinosaurussen, om maar wat te noemen. Een paar van die plekken (in Yecla, Cieza en Moratalla) hebben de status van UNESCO-werelderfgoed. 

De kanonnen stonden al jarenlang op mijn lijst van te bezichtigen objecten; goede kennis en amateur-historicus Piet bracht ze onder mijn aandacht. Tijdens het plannen las mijn liefje dat de route er naartoe eveneens aantrekkelijk is. De dag van het uitstapje begon met enige bewolking maar de temperatuur lag ruim boven 20 graden Celsius. October was de warmste en droogste maand was sinds ze in Spanje weerkunde bedrijven. Het is ook ongekend lekker weer voor november. 

We reden richting Campillo de Adentro dat is gelegen in het dal van een vallei die geheel is omgeven door heuvels. Mooi. De weg was zoals voorspeld, gelukkig kregen we tegenliggers op delen die uitwijkmogelijkheden boden. De route, die deels langs de kust gaat, bleek tevens smal en met haarspeldbochten maar prachtig; inderdaad niet geschikt voor angsthazen. Als chauffeur slaakte ik een zucht van verlichting toen we zonder krassen en deuken op de eindbestemming aankwamen. Daar werd het alsnog lastig: de parkeerplaats is hooguit geschikt voor circa 20 auto’s die dan ook nog kris-kras moeten worden neergezet. Het smalle pad naar een iets hoger gelegen terrein is moeilijk begaanbaar, tenzij de auto vierwielaandrijving heeft (zoals de onze). Vanwege de beperkte ruimte bleef het echter manoeuvreren op de vierkante centimeter.

Zelf ben ik geen fan van militaire geschiedenis maar de twee giga-kanonnen van Castillitos op de kaap van Tiñoso, met hun controleposten en uitzicht over de Middellandse Zee zijn de moeite van een bezoek waard. De omliggende forten zien eruit alsof ze eeuwenoud zijn maar de bouw begon in de jaren '20 van de vorige eeuw. Die forten, met torens, schilden en kantelen, zouden niet misstaan in een Disney-film. Ze zijn geheel opgetrokken uit lokale steen. De kanonnen maken deel uit van de kustdefensie van de stad Cartagena, het hoofdkwartier van de Spaanse mediterrane vloot. De forten werden gebouwd in opdracht van generaal Primo de Rivera. De constructie begon in 1926 en de Big Mama’s werden geïnstalleerd tussen 1932 en 1936.

Het vreemde is dat op locatie nergens informatie wordt verstrekt over de geschiedenis van de plek. Dat vonden wij een groot gemis. Bernadette las daarom uit eigen werk voor: elk kanon is bijna 18 meter lang en heeft een loop van 35 centimeter doorsnee. Het gevaarte kan een stalen projectiel met een gewicht van 885 kilo over een lengte van 35 kilometer afschieten. Elk kanon weegt ruim 80.000 kg. Het is onduidelijk of de kanonnen van Mazaróne ooit formeel werden gebruikt. Het verhaal gaat dat ze door militairen van generaal Franco werden ingezet in de Spaanse burgeroorlog, tegen de Republikeinse tegenstanders.

Daarna was het tijd voor iets luchtigers: Las Gredas de Bolnuevo (‘greda’ betekent leem of klei). Onze vriendin vond deze bezienswaardigheid echter een “hoog kerststalletjesgehalte hebben. Die uitdrukking komt uit de koker van mijn -overleden- vriendin Nelly die het gebruikte als ze iets kneuterig vond. Bernadette was die mening nu toegedaan omdat ze een groots en meeslepend natuurverschijnsel verwachtte. Je moet weten dat dit kleine brok eroderende stenen aan een grote parkeerplaats (!) langs de kust van Puerto de Mazarrón ligt. Mijn liefje en ik bezochten de site eerder. Het is immers 4.5 miljoen jaar oud; zoiets wil je wel zien, zeker als het ook nog in eigen achtertuin ligt. Overigens ziet de rotsformatie er telkens anders uit. Wat ik wel wist maar Bernadette bij deze gelegenheid vergat te vertellen, is dat de Gredas werden gebruikt als achtergrond voor Star Trek. (Echt waar.)

Zelf liep ik als een klipgeit tegen de helling op. In no time stond ik bovenop de heuvel en keek ik neer op de meisjes. Joehoe! Met mijn heupprothese ben ik ouderwets mobiel. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat de afdaling minder vlot verliep. Ik vroeg Bernadette, die achter mij afdaalde, hoe het eruit zag… “Beeldvullend.
Mijn liefje maakte een filmpje van mijn neerwaartse slakkengang op handen en voeten. Van je beste reismaatjes moet je het hebben. Zelf was ik blij dat de heup in de kom bleef. Een fan van wandelen zal ik nooit worden, misschien volg ik nog een lesje goed lopen bij een fysiotherapeut maar bewegen zonder pijn is fijn. Met dank aan doctor César.



maandag 6 november 2017

Onze zwemmer

Ik zwem nog bijna iedere dag in zee zolang het een wolkeloze dag is. Ik ben een typische mooiweerzwemmer. Gisteren deed ik het hier nog met vriendin Bernadette die een lang weekend bij ons logeerde. De watertemperatuur ligt rond 22 graden Celsius dus dat is te doen.

Later deze maand gaat onze kleine vriend Yuda in Bali voor het eerst aan een officiële zwemwedstrijd deelnemen. Enkele maanden geleden werd hij, tot groot plezier van mij en mijn liefje, lid van een heuse zwemclub. Sindsdien worden we wekelijks door moeder Elsa en vader Ketut op de hoogte gehouden van zijn verrichtingen. Hij traint vijf keer per week dus vorderingen konden niet uitblijven. Hij heeft een lichaam dat uitermate geschikt is voor zwemmen: grote handen, grote voeten, een lang en slank torso.

De eerste beelden waren van een bruin mannetje met zwembril en badmuts die met regelmaat als laatste eindigde. Een groter, Balinees meisje in roze eindigde voortdurend als eerste in haar baan, onze zwemmer ver achter zich latend. Ook de start van Yuda was niet om over naar huis te appen. Aanvankelijk was het een combinatie van een duik en een verre sprong; als kijker voelde ik de klap op mijn buik. Oefff. Hij zette echter door, onverschrokken en enthousiast. Het was Winston Churchill die ooit zei “success is the ability to go from one failure to another with no loss of enthusiasm.”

En succes heeft onze zwemmer inmiddels. Er volgden filmpjes waarin we Yuda als een speer van het startblok zagen vertrekken. Zijn vorderingen was onmiskenbaar. Weer op een later moment zagen we  hem en twee andere zwemmers aan de start voor een wedstrijdje borstcrawl. Ketut filmde en zei vanaf de start“Yuda first.” Die positie behield hij tot hij aantikte aan de andere kant van het bad. Joehoe! Ik zag een ventje dat constant en snel door het water sneed. Geen idee of hij überhaupt adem hapte maar hij tikte inderdaad als eerste aan. Ik had natte ogen toen ik de beelden zag. Als een professional zwom hij naar de zwemtrap, stapte uit het bad en kwam triomfantelijk, met opgeheven armen richting camera gelopen. Dit soort beelden zijn dopamine-injecties voor ons!

Onze zwemmer en ik houden al jarenlang een zwemcompetitie. Als didactus liet ik hem tot dusver regelmatig winnen maar als hij zo door gaat, zal ik harder moeten zwemmen om het eigen eergevoel te redden. Na zijn overwinning stapte hij voor de camera en sprak de legendarische Engelse tekst uit: “in December I win, you loose.” Daarna brak de mooiste glimlach door op zijn gezicht en zwaaide hij liefdevol. Hij is een hartenbreker, hoor! Ik kan niet wachten tot het zover is. In december gaan we in Bali inderdaad tegen elkaar racen.

Mijn liefje stuurde hem in de afgelopen weken opnamen van mijn eigen training in het zwembad van vrienden Frans & Roland en in zee; vooral met vlinderslag en borstcrawl. In een van de vele albums ging ik op zoek naar een foto waarop ik op het hoogste podium sta, na het winnen van een zwemestafettewedstrijd freestyle met andere meiden. Die stuurde ik in gedigitaliseerde vorm naar Bali terug. De reactie van zijn moeder was dat dit beeld zeker motiverend zou werken op haar oudste zoon, zijn eigen reactie was dat hij mij daar “dun” vond. Tja.

De regelmatige lezer weet dat ik zelf geen kinderen op deze aardkloot zette, welbewust en vol overtuiging. Toen mijn liefje en ik in Noord-Bali neerstreken, kregen we er ongevraagd een familie bij. Twee jonge ouders en hun schattige zonen helpen we sindsdien op weg in het leven. De nu 10-jarige Yuda leerden wij kennen toen hij circa 1 jaar oud was, broertje Damai (nu bijna 7) was nog geenszins in de maak. De gemiddelde Balinees is niet van zwemmen maar de kereltjes werden allebei verwoede zwemfanaten. Wij leerden het hen in ons eigen tropische zwembad van semi-Olympische afmetingen.

Wat mij verraste, was het feit dat Yuda eindelijk een bezigheid vond die hem bij voortduring boeit. Hij is snel afgeleid, iets waarvoor ik mij deels verantwoordelijk voel. Mijn liefje en ik verwenden hem, hij had veel om mee te spelen. Ook zijn zin om te zwemmen komt hoogstwaarschijnlijk door een genmodificatie van Nederlandse origine... In voorgaande jaren vertelde ik hem over Ranomi Kromowidjojo en Gede Siman Sudartawa, de 22-jarige Balinees die excelleert in rugslag. In juli van dit jaar werd diezelfde Gede in Boedapest wereldrecordhouder op de 50 meter rugslag. Tijdens de South East Asian Games van 2017 won deze jongeman de 50 meter rugslag in recordtijd. Met zijn team won hij voor Indonesië een zilveren plak met 4 x 100 meter estafette wisselslag ook met een nationaal record. Brons won hij met 4 x 100 meter borstcrawl, eveneens met NR. Een mooi voorbeeld om te volgen en een rolmodel bovendien.

Illustratie: Sharon de Waard
Daarna bekeek ik de beelden van onze zwemmer nog regelmatig, nu met droge ogen. Succes went snel. De week erop kwam er een filmpje waarin hij tegen twee concurrenten uitkwam met schoolslag; naar verluidt, is dat zijn sterkste slag. Ik moest grinniken: dat was ooit mijn sterkste slag; daarmee won ik als kind mijn eerste medaille in een regionale wedstrijd.

Zijn duik vanaf het startblok was dermate perfect dat hij meteen voorlag. Dat bleef hij, ook op het oudere Balinese meisje. Zijn tempo lag hoog, zijn lichaam dobberde als een vrolijke walvis op en neer. Af en toe zag ik hem naar links kijken om te zien of de anderen in hun baan een bedreiging vormden. Nee, dus. Yuda won again! Na aantikken, kreeg hij aanvullende instructies van zijn zwemcoach. 
Ik hoop dat met hem een ‘atlet renang’ op regionaal en later wellicht op nationaal niveau in de maak is. Kan hij als zwematleet met een sportbeurs naar Australië gaan om te studeren en te trainen… Nee, niet doorslaan Barefoot. Eerst maar eens zien hoe het onze zwemmer later deze maand vergaat.


woensdag 1 november 2017

#HeToo

Onlangs stak er een storm op in de Verenigde Staten die inmiddels de plas overstak en ook Europa bereikte. Het ziet ernaar uit dat die voorlopig niet gaat liggen. Die storm kreeg de naam #MeToo, seksueel misbruik is het oog. Het begon met één bekende Amerikaan (nee, niet Trump maar die hoort wel in het rijtje thuis) die publiekelijk werd aangeklaagd vanwege zijn wandaden tegen vrouwen. Daarna rolde de storm over andere terreinen, andere daders, andere landen. Steeds meer bekende en minder bekende personen kwamen ervoor uit dat het hen overkwam. De zaak Jelle Brandt Corstius is nu in Nederland voorpaginanieuws.

Seksueel misbruik is van alle tijden; het wordt al beschreven in de bijbel. Misbruik wordt gepleegd door VIPs en door gewone mensen; vooral mannen maken zich eraan schuldig. Zelf kreeg ik er in mijn jeugd -ik zat nog op de lagere school- ook mee te maken. De persoon in kwestie kwam regelmatig bij mijn ouders op bezoek. Op een zondag, terwijl ik in mijn kamer lag te lezen, stapte hij onuitgenodigd binnen. Hij sloot de deur achter zich. Zijn grote lichaam was vervolgens waar het niet hoorde te zijn, zijn handen zaten waar ze niet hoorden te zitten. Een ding wist ik zeker: dit wilde ik ab-so-luut niet! Ik schopte hem geluidloos van mij af. Dat beeld kan ik zo weer oproepen. Hij stond op en liep rustig de trap af, naar waar mijn ouders en anderen waren terwijl ik op mijn kamer bleef. Mijn ouders vertelde ik het die dag niet. Jaren later vroeg een ander familielid mij of er iets ongepast was voorgevallen tussen hem en mij; daarop antwoordde ik bevestigend.

Gelukkig bleef het bij deze eenmalige, ongewenste intimiteit. Mijn fysieke integriteit werd hierdoor niet blijvend geschonden, mijn vertrouwen in die ene mens wel. Het kwam nooit meer goed tussen hem en mij. Hij overleed enkele jaren geleden. Ik vergaf hem zijn wandaad, al zal ik het nooit vergeten.

Het recht op lichamelijke integriteit is vastgelegd in artikel 11 van de Nederlandse grondwet, onder de kop Onaantastbaar lichaam. Het luidt als volgt: Iedereen heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op onaantastbaarheid van zijn lichaam. Iemand bepaalt dus zelf welke handelingen hij of zij van derden duldt. Niemand mag worden gedwongen tot iets dat hij of zij niet wil. Iedereen is baas over eigen lichaam. En als een meisje ‘Nee’ zegt, dan is het nee; dat leerde ik vroeg in mijn leven. Zelfs als een meisje of vrouw -om wat voor reden ook- niet expliciet nee zegt, geeft dat een ander nog steeds geen recht om aan haar te zitten.

Het goede nieuws is, dat ik door die aanranding geen trauma opliep. Ik verwerkte het op mijn manier en ging door met leven. Ik vertelde het aan mijn liefje, er rust wat mij betreft geen taboe op het onderwerp. Persoonlijk schaam ik mij niet voor wat mij overkwam. En voor de goede orde: het maakte mij evenmin lesbisch. Die mythe moet ook maar direct worden ontmanteld. Al op jonge leeftijd kwam ik tegenover mijn ouders uit de kast over mijn ‘anders zijn’. Dat had ik vroeg in de gaten. Ik werd destijds al af en toe verliefd op meisjes en vrouwen: op de zwemjuf, een meisje van het schoolplein, de akela bij de Kabouters, de eigenaresse van de plaatselijke notenbar. Het leek alsof ik de enige in mijn omgeving was. Tja.

Het is een lange inleiding op het onderwerp van deze blog, getiteld #HeToo. Mijn liefje liet mij onlangs een krantenartikel lezen over een acteur die ik zeer waardeer: Kevin Spacey (1959). 

Hij speelde de hoofdrol in een aantal heel goede films en zorgde er persoonlijk voor dat ik een Netflix-abonnement nam vanwege de serie House of Cards waarvan hij producent en hoofdrolspeler is. Diezelfde Spacey haalde deze week de voorpagina van alle kranten in de wereld. Hij werd door acteur Anthony Rapp publiekelijk aangeklaagd voor aanranding in 1986. Naar verluidt, besprong de volwassen Spacey de toen 14-jarige jongen in een dronken bui en klom bovenop [hem], op een seksuele manier, aldus Rapp. De minderjarige wist Spacey van zich af te duwen en weg te komen. Spacey ontkende niet, zei dat hij zich de situatie niet kon herinneren en betuigde diepe spijt. Inmiddels is bekend dat hij kan fluiten naar de internationale oeuvreprijs die hij later deze maand zou ontvangen en Netflix stelt de uitzending van het nieuwe HoC-seizoen uit. 

Sowieso dien je als volwassene met je tengels (en andere lichaamsdelen) van minderjarigen af te blijven. En als je als volwassene zin hebt in een dolletje met een andere meerderjarige dient de andere persoon daartoe te allen tijde toestemming te geven. Het gaat om wederzijdse instemming, vrijwilligheid en gelijkwaardig. Zonder deze voorwaarden is er sprake van seksueel misbruik. Hoe moeilijk is dat te bevatten?!

Spacey gebruikte dat publieke optreden om nog iets anders te zeggen: hij kwam uit voor zijn homoseksualiteit. Mij als blogger kennende, zul je als lezer waarschijnlijk verwachten dat ik dit toejuich. Welnu, dit meisje zegt ja èn nee. In House of Cards zoent hoofdpersoon Frank Underwood (door Spacey gespeeld) met vrouwen en mannen, gaat met zowel vrouwen als mannen naar bed. De mate waarin dit voorkomt en het gemak waarmee het gebeurt, gaf mij weleens te denken. Zei dat wellicht iets over de man Kevin? Daar is niks mis mee, ik vond het echter opmerkelijk.

Dat Spacey bij die gelegenheid officieel aan de buitenwereld liet weten homo te zijn, vind ik een goede stap. Zijn binnenwereld zou al jaren op de hoogte zijn van zijn seksuele voorkeur dus het werd tijd om uit de kast te komen. Dat is de Ja van mijn kant. Mijn Nee is echter ook loud & clear: als je aan de schandpaal wordt genageld als aanrander van een jonge jongen, is het dubieus om dat moment tevens te gebruiken om over jouw eigen homoseksualiteit te spreken. Alsof er een causaal verband bestaat tussen gay zijn en jongens seksueel misbruiken?! Dat vind ik onbeschaamd, onbehoorlijk en ongepast.