Kort voor Pasen ontving ik een mailbericht van de redactie van ‘Vroege Vogels’. Terwijl ik dit bericht publiceer, staat het programma op de achtergrond aan. Dat was niet om te vragen of ik weer aan een Buitenland Special zou willen meedoen. Dat wil ik best als ze die weer gaan organiseren aan het einde van dit jaar. Nee, ik werd door iemand gezocht! De redactie stuurde een Nederlandstalige mail door van een Engelse collega van vroeger. Ze schreef dat ze al jaren naar mij op zoek was om mij te bedanken...
Nu wil het toeval dat ik mij niet zo lang geleden, tijdens weer een onvrijwillige nachtelijke brainstormsessie met muzelluf, bedacht dat Vroege Vogels de enige plek is waar mijn ware en volledige voor- en achternaam bekend zijn. Op het wereldwijde web, bij Blogger, ben ik immers actief als Barefoot on the Beach. Tweemaal werd ik door de presentator van mijn favoriete radioprogramma met volledige naam aangekondigd. Ook mijn liefje, meewerkend voorwerp, werd de laatste keer bij haar voornaam genoemd.
Ashrina, die zichzelf een speurneus op het web noemt, bleek al jarenlang op mijn volledige naam en de voornaam van mijn liefje te zoeken. Ze vond mij dus via Vroege Vogels. In haar mail schreef ze dat ze zelfs naar Bali was gegaan om mij daar te zoeken. Dat we daar zouden wonen, had ze via-via begrepen. Ik moest er hartelijk om lachen. Op het eiland van de Goden wonen ongeveer 4,5 miljoen mensen; de meesten van hen in het zuiden en niet in het noorden zoals wij jarenlang deden. De kans om mij daar te vinden zonder adres was nihil. Ik dankte de doorzender van Vroege Vogels hartelijk en zette mij aan een rechtstreekse mail aan Ashrina.
Ik schreef wat een verrassing haar mail was. Dat ik mij haar herinner als de jongedame die zichzelf ’s avonds laat opsloot in de toilet van ons huis na een bachanaal feest in onze toenmalige achtertuin in Caversham Heights. Ze schaamde zich dermate voor haar aangeschotenheid dat ze het kleinste kamertje niet wilde verlaten om mij onder ogen te komen. Ze heeft Indiase roots, wellicht is de alcoholintolerantie genetisch bepaald? De schaamte was zó groot dat ze ter plekke haar ontslag indiende aan mij, haar manager. Door de wc-deur. Ik weigerde en vroeg haar mij de volgende ochtend te bellen, als ze weer nuchter was. Die zaterdagochtend belde ze en we spraken ruim een uur met elkaar. Mijn liefje en ik waren op weg naar een weekend in Wales. Zij vond nog steeds dat ze niet in het team kon blijven, ik wel. De maandag erop trof ik haar gelukkig weer op kantoor aan.
Mijn liefje en ik hadden die avond als gastvrouwen de wijnflessen expres zo ver mogelijk weggezet zodat drankinname niet al te aanlokkelijk zou zijn tijdens de vrijmibo en het daaropvolgende tuinfeest. Ik kende mijn pappenheimers! Voorafgaand aan het gezellige avondje bereidden we een uitgebreid internationaal (Europees en Indonesisch) buffet voor eenieder dus er kon een goede bodem worden gelegd.
Mijn team bestond uit een fantastisch stel superslimme jonge en iets oudere vrouwen en een enkele man. Als teamlid wist ik van eerdere uitjes dat ieder van hen wel een glaasje of twee lustte (op Ashrina na, maar dát wist ik nog niet). Ondanks onze voorzorgsmaatregelen bleek één vrouw in het team een volleerde horecavrouw te zijn in een vorig leven. Juist zij vroeg mijn liefje onschuldig en goedbedoeld of ze kon helpen bij het bedienen. Tuurlijk, goed plan. Zij kon echter in elke hand drie flessen tussen haar sterke vingers vasthouden. Dát wist ik ook niet. Ze voer die avond rond als een tanker over the Theems... Onze ruime voorraad wijn raakte zo goed als leeg. (Haar verwijt ik niets.)
In Londen werd ik manager van het OD&D-team van de organisatie die het werken in de nieuwe Heathrow terminal, door ons liefkozend ‘T5’ genoemd, ging vormgeven en inrichten. OD&D stond voor ‘Organisational Design and Development’. Als Change Management Team gingen we de nieuwe organisatiestructuur, -cultuur en werkprocessen bedenken en beschrijven. Zelf was ik niet op zoek naar een managementrol maar mijn toenmalige Ierse baas Sharon vond het een goed idee. Dat overkwam mij eerder. In een vorige baan in Nederland wilde het personeel mij als manager van het Amsterdamse kantoor en niet de, door de leiding voorgestelde, persoon. Zo gaan die dingen soms.
Nooit heb ik muzelluf gezien als ‘baas’ van iemand, die functie ambieer ik niet. Laat mij maar lekker mijn eigen gang gaan. Na uitgebreid overleg thuis (met mijn eigen HR Director) zei ik schoorvoetend ‘ja’. Ik wilde het avontuur wel aangaan als ‘primus inter pares’, als eerste onder gelijken. Een mens is immers nooit te oud om te leren en van inzicht te veranderen. Bovendien kunnen nieuwe ervaringen medevormend zijn.
Zo werd ik manager van een groep interne consultants die met elkaar nieuwe dingen gingen ontwerpen en uitwerken voor het nieuwe personeel van de nieuw te openen terminal. Het imposante gebouw verrees langzaam maar zeker uit de bouwput. Af en toe hadden we op het bouwterrein een vergadering of teamsessie. Weer eens iets anders dan op de hei!
Heathrow Terminal 5 werd ontworpen door de wereldberoemde architect Sir Norman Foster en werd gebouwd door personeel van het bedrijf Richard Rogers. Het duurde bijna 20 jaar om het idee te ontwikkelen, alle seinen op groen te krijgen en het gebouw van de grond, beter gezegd: op de grond, te krijgen. Heathrow ligt immers middenin een woongebied. De bouw kostte bijna 4 miljard Engelse pond. Ook tijdens de bouw werden de allerlaatste inzichten en nieuwe principes gehanteerd. Mijn manager Sharon schreef er een boek over nadat het project was afgerond, getiteld ‘Heathrow’s Terminal 5: History in the Making’.
Ik herinner mij de eerste vergadering met het team nog goed. Voor iedereen kocht ik een grappig c.q. ironisch Engelstalig boek over de cultuur van Nederland en de Nederlanders, getiteld ‘The Undutchables’. Zodat ze wisten welk vlees ze in de kuip hadden. Ik stelde voor dat ze het lazen voor een beter begrip van hun nieuwe manager, that Crazy Dutch Girl.In die vergadering legde ik ook uit wat voor mij als mens belangrijk was, waaraan ik waarde hechtte als collega en manager. Vervolgens stelde iedereen zich aan mij voor, we maakten een gezamenlijk actieplan en gingen ieder ons weegs. We werkten in verschillende hoeken van de (grote) organisatie maar elke week kwamen we bijeen. Ieder van hen was ‘toegewezen’ aan een directeur in de bouworganisatie. Zelf was ik als enige de persoonlijk adviseur van een senior directeur van BAA, de Londense equivalent van Amsterdam Schiphol. Zo legden we de verbinding tussen de staande en de projectorganisatie.
Ashrina was een van de teamleden. Een jonge, intelligente vrouw die was afgestudeerd aan de London School of Economics (LSE) en zich bij T5 bezighield met de financiële administratie van het project. Ik schreef haar een lieve, uitgebreide mail terug met foto’s van een vroegere teamsessie (ofcourse).
Aan haar veranderde achternaam constateerde ik dat ze was gehuwd. Had ze kinderen? Werkte ze nog steeds? Zo ja, wat en hoe? Had ze 20 jaar later nog contact met ex-collega’s van T5? Ook schreef ik beknopt hoe het mijn liefje en mij was vergaan in de tussenliggende jaren. Met een recente foto van ons tweeën.
De daaropvolgende dag ontving ik een mail van haar, rechtstreeks in mijn mailbox. Ook zij was verheugd. Tijdens haar zoektocht had ze ook de directeur van BAA gemaild met wie ik samenwerkte om te vragen of hij een adres van mij had. Nee, dat stond op een laptop die hij niet meer aan de praat kreeg. (Hij was geen computernerd...) Dat ze in Bali willekeurige mensen in Ubud, Sanur en Seminyak had gevraagd of ze bekend waren met twee vrouwen met die namen die daar zouden wonen, deed mij wederom schaterlachen.
Ze wilde mij bedanken omdat ik de beste manager van haar leven was en veel voor haar carrière heb betekend. Daarop volgden enkele zinnen met superlatieven die ik je zal besparen. De ervaring met mij had haar gevormd. Ze heeft tot dusver zelf een mooie (internationale) carrière met af en toe een stop, onder andere om kinderen te krijgen. Ze voegde een fraaie familiefoto toe.
Na de dramatisch verlopen opening van Terminal 5 in maart 2008 (zelf was ik toen al weg uit het Verenigd Koninkrijk, woonde permanent in Spanje en reisde met mijn liefje de wereld rond), verliet Ashrina de organisatie. Teleurgesteld. Ik begrijp dat.
Ze vroeg of ik nog steeds voor mijn liefje zing of een gedicht aan haar opdraag op onze jubileumdag. Dat vond ze toen zo romantisch! (Ik wist niet eens meer dat ik zoiets met haar had gedeeld?!) Ze was onder de indruk van onze 37 jaren samen. (Net als ik...) Ik heb haar niet geschreven dat ik in de recentste jubileumblog het gedicht zelf schreef, onder pseudoniem van Mary St.-Cloud. (Die alias past mij als professioneel wolkenstaarder!)
Ashrina
zou het leuk vinden ons een keer te komen bezoeken aan de Costa Blanca. Ik schreef
terug dat ze van harte welkom is. ‘To dredge up old cows’.
























