Nee, we gingen afgelopen week geen migrerende kraanvogels kijken in het noorden van Spanje als onderdeel van de najaarstrek. Helaas niet. Er fietste een medische kwestie tussendoor.
Dat zit zo. Al maandenlang ben ik niet in orde. In de afgelopen maanden vlogen de kilo’s van mijn lichaam, mijn eetlust verdween, ik voelde mij chronisch moe. Ik miste mijn energieke zelf heel erg.
Aanvankelijk bleek ik chronische bloedarmoede te hebben. Die diagnose werd door mijn Argentijnse gynaecoloog gesteld in mei van dit jaar. Mijn lichaam maakte wel bloedplaatjes aan maar ergens sijpelde er bloed weg?! De arts verwees mij door naar een internist.
Maandenlang werd er door artsen gezocht naar de oorzaak van dit euvel. De van oorsprong Britse internist schreef mij zeer sterke staalpillen voor. Daarna kwam ik bij een Venezolaanse gastro-enterologe terecht die opdracht gaf tot een lichaamsscan. Het was vervolgens een Slowaakse uroloog die mij vertelde dat er een grote tumor zit boven mijn nier. Dat was de bloedslurper en veroorzaker van mijn verminderde eetlust en mijn slapte (die tumor drukt op milt en ingewanden). Tumor en nier gaat hij later deze maand drastisch verwijderen met een collega-chirurg; zoiets wordt een ‘radicale nefrectomie’ genoemd. Met slechts één nier is goed te leven, weet ik van personen die dat overkwam.
In voorbereiding op deze operatie kwam ik bij een anesthesiologe uit Kazachstan terecht. Zij meldde mij op basis van de recentste bloedtest dat het hemoglobinegehalte in mijn bloed niet de minimaal vereiste waarde heeft. Dat is een risico tijdens een operatie dus er moeten eerst ijzerinfusen worden toegediend. De pillen die ik maandenlang slikte, hadden kennelijk te weinig effect. Mijn eerste dosis ontving ik afgelopen week, drie dagen na de diagnose. Er komt weldra een tweede dosis aan die ervoor moet zorgen dat het Hb-gehalte in mijn bloed flink wordt opgekrikt. De Colombiaanse hematologe bij wie ik daarna een consult had, berekende en plande deze ijzerinfusen in.
De anasthesiologe ontdekte nog meer: er zit een vlek op een long. De eerdere scan die door de gastro-enterologe was aangevraagd, had niet mijn bovenlichaam meegenomen, slechts mijn buikholte (abdomen) en bekken (pelvis). Zo was die vlek niet eerder op de radar verschenen.
Daar wil ik wel iets meer over zeggen. Toen mijn liefje in 2009 in hetzelfde ziekenhuis de diagnose borstkanker ontving, kwam zij in behandeling bij een multidisciplinair team van medisch specialisten die nauw samenwerkten. Men vergaderde wekelijks over elke patiënt en het hoofd van dat team, de zeer ervaren Spaanse arts-oncoloog dr Brugarolas, hield het overzicht. De ideale situatie, wat mij betreft. Zo ontsnapte niets aan hun aandacht.
Na de ontdekking van de vlek op een van mijn longen werd ik doorgestuurd naar een Colombiaanse longarts. Hij bekeek het beeld op de eenvoudige röntgenfoto en constateerde dat daarop een plek was te zien die ‘de vorm van een tumor’ heeft. Meer kon hij op dat moment niet zeggen. Hij gaf per omgaande opdracht tot een CT-scan met contrastvloeistof, ter betere detectie. Ook die heb ik inmiddels achter de rug. Net als een longfunctietest, die prima werd beoordeeld. Later deze week krijg ik het resultaat van de scan te horen en zien. Spannend is het.
Ik voel mij wel een pechvogel, hoor... Zelfmedelijden steekt af en toe de kop op.
Niet alleen omdat er serieus iets mis is in mijn lichaam (niet mijn hoofd!) maar ook omdat ik momenteel als een pakketje van de ene medische discipline naar de andere wordt geschoven; met het risico dat er iets tussen wal en schip terechtkomt. Dat was in de tijd van mijn liefje's behandeling heel anders. Ik durf te beweren dat de uroloog-chirurg momenteel geen idee heeft van de reden van uitstel van de operatie. Hij zal niet op de hoogte zijn van mijn ijzerinfusen en niet weten van de vlek op mijn long. Dat zou ik graag anders willen zien.
De nieroperatie stond oorspronkelijk voor vandaag gepland, 2 november. Allerzielen. Een dag waarop in katholiek Spanje de overledenen worden herdacht. Tja.
Het toeval wil dat mijn liefje, op weg naar een kopje meeneemkoffie, tegen dokter Brugarolas aanliep in de lift. Hij vroeg haar belangstellend hoe het met haar was. 'Regular', was haar antwoord. Ze vertelde hem dat het vooral met mij, die hij ook al 17 jaar tegenover zich ziet tijdens haar jaarlijkse kankerconsult, niet goed ging. Hij luisterde aandachtig en zei op enig moment 'we kunnen inmiddels zóveel'. Dat is een mooi houvast in sombere tijden... Hij raadde haar aan zijn secretaresse te vragen om een afspraak in zijn agenda te zetten. Hij wilde op korte termijn tijd voor ons vrijmaken.
Dat is overigens iets waarover ik als patiënte zeer tevreden ben: iedere specialist doet zijn of haar uiterste best om de doorlooptijd van een volgende afspraak tot een minimum te beperken! Soms lig ik de dag na consult al in een andere behandelkamer of scanner.
We gaan met Brugarolas praten, na de uitslag van de longscan. Als daar eveneens een tumor blijkt te zitten, moet er een traject worden uitgestippeld waarbij we zijn kennis en ervaring goed kunnen gebruiken.
Tot zover mijn relaas. Overdag gaat het prima met mij, 's nachts lig ik weleens te tobben. Samen maken we het goed, mijn liefje en ik. We zijn een sterk team, weten we van eerdere ervaringen. We worden omringd door mensen die van ons houden en ons proberen uit de wind te houden. (Ze koken hier bijvoorbeeld af en toe voor ons.) Ik heb eerder tranen om een lieve whatsapp van een vriend of vriendin of een andere blijk van welgemeende compassie dan om het zwaard dat boven mijn hoofd hangt...
Al
jarenlang beweer ik dat mijn blog geen klaagmuur mag zijn. Bij dat standpunt blijf
ik. Het aantal blogs zal de komende weken minder worden, ik heb teveel andere
dingen aan mijn hoofd en lijf. Als er weer iets van breder belang of iets
positiefs is te melden, lees je dat.



















