Translate

Posts tonen met het label natuur en milieu. Alle posts tonen
Posts tonen met het label natuur en milieu. Alle posts tonen

donderdag 5 december 2019

Spanje’s nieuwe groene deal

Teresa Ribera (1969) is Spanje’s huidige ‘Ministra’ van Energietransitie en Milieu. Zij is al minstens 20 jaar een vaste waarde in het debat over duurzaamheid. Vorig jaar gaf ze een goede baan in Parijs op om namens de PSOE minister te worden. Nu is ze verantwoordelijk voor Spanje’s Klimaatagenda. Voor mijn tweede Vaderland betekende haar komst een 180-draai ten opzichte van het conservatieve beleid van de voormalige Minister-President Mariano Rajoy van de Partido Popular. De fijne collega’s van de Nederlandse Vroemmmmmm-partij.

Op haar aantreden in 2018 volgden direct twee belangrijke besluiten: er werd een deal gesloten met de mijnbouwvakbonden om alle kolenmijnen in het land te sluiten. Daar stond een financiële injectie van €220 miljoen in de mijnbouwregio’s in de daarop volgende tien jaar tegenover (onder andere voor omscholing en verhoging van pensioenen).

Haar tweede besluit was minstens zo belangrijk: het schrappen van de zogenaamde ‘sun tax’, belasting op de aanschaf van zonnepanelen en andere initiatieven op het gebied van zonenergie. Die belasting in het zonnigste land van Europa was ook voor mij jarenlang een doorn in het oog. De voormalige minister van Energie (eveneens PP) was obsessief gekant tegen de ontwikkeling van hernieuwbare energiebronnen. Ribera was getergd door het feit dat in Sunny Spain slechts 1.000 van dit soort installaties staan terwijl Duitsland er al 1 miljoen heeft. De toenmalige regering committeerde zich niet aan de Europese klimaatdoelen; de ambities gingen niet verder dan een reductie van 20% van de uitstoot van broeikasgassen. Nog zo’n doorn.

Ribera kondigde vorig jaar aan dat de regering Sánchez tot 2030 elk jaar tussen 6.000 en 7.000MegaWatt aan hernieuwbare energiebronnen in het land gaat installeren. Tevens kondigde ze een verhoging aan van de belasting op dieselauto’s, een verbod op de verkoop van diesel en benzine in 2040, plaatsing van ‘electrolineras’ (oplaadstations) op alle snelwegen en stimulering van electrische mobiliteit in grootstedelijke gebieden. Voorts zijn er plannen voor de hybridisering van wind- en zonparken, voor betere energieopslag en recycling van water (zodat daarmee meermalen energie kan worden opgewekt). Van de vorige minister kregen bedrijven vergoedingen voor waterkrachtcentrales en kerncentrales die reeds waren afgeschreven en buitenlandse investeerders waren niet welkom. Ook daarin bracht deze minister verandering.

Het moest en moet ook over een andere boeg in dit land van de ellenlange kustlijn en kurkdroge binnenlanden. Als er niets gebeurt, zal 70% van Spanje aan het einde van deze eeuw uit woestijn bestaan. De Middellandse Zee warmt thans sneller op dan menig andere plek op de planeet. Het is een van de hotspots van de klimaatcrisis in de wereld. Mag ik dat woord gebruiken? (Ja, dat mag ik.) Het gebied is tegelijkertijd een hotspot van biodiversiteit dat moet worden beschermd.

2019 was in Spanje een jaar van extremen: de vroegste hittegolf, de warmste Middellandse Zee-temperatuur die bovendien het langst aanhield, de meeste overstromingen, de ergste DANA in de geschiedenis van de meteorologie, de vroegste sneeuw. Dat was nog niet alles. Deze week kregen we hier weer een DANA met hevige storm uit het noordoosten, vergezeld van slagregens die soms uren aanhielden. Het bliksemde en donderde dat het een aard had. Dat is ongekend voor deze tijd van het jaar. Deze frequentie en intensiteit zijn een anomalie. Sommige Spaanse dorpen zijn nog niet bekomen van de schade door de recente extreme overstromingen als de volgende zich alweer aandienen. Klimaatverandering? Hoe kom je erbij!

Met het aantreden van Ribera veranderde Spanje van een hevig tegenstribbelend jongetje achterin de klas in een klassenvertegenwoordiger van formaat. Eentje met een missie! Het land staat verregaande verduurzaming voor, voor zichzelf en Europa. Ribera en haar collega’s riepen op tot een Nieuwe Groene Deal. Vorige maand werd de Europese Top ‘Business for Nature’ gehouden in Madrid. Het evenement bracht de belangrijkste bedrijven en overheidsinstellingen bijeen om gezamenlijke acties te bepalen voor behoud van het milieu en de biodiversiteit. De Directeur-Generaal van Milieu van de Europese Commissie, de Spanjaard Daniel Calleja, was een van de sprekers.

Calleja is verantwoordelijk voor alles dat heeft te maken heeft met circulaire economie, biodiversiteit en duurzame ontwikkeling en voor de Europese strategie met betrekking tot milieubescherming en de strijd tegen klimaatverandering. De definitie van circulaire economie is: een economisch systeem van gesloten kringlopen waarin grondstoffen, producten en onderdelen hun waarde zo min mogelijk verliezen en waarin hernieuwbare energiebronnen worden gebruikt. Het wordt ook wel aangeduid als de 3R-strategie, van Reduce-Reuse-Recycle.

Het was dan ook niet verrassend dat Spanje zich opwierp als uitwijkplek voor de klimaattop (COP25) die aanvankelijk in Santiago de Chile zou worden gehouden. De onlusten in die hoofdstad zetten een streep door dat plan. Het Brazilië van Bolsonaro weigerde maar Madrid stak de vinger op om het evenement over te nemen en op korte termijn te organiseren. (Dat neemt niet weg dat Chili voorzitter blijft.) De slogan van deze conferentie is ‘Time for Action’, de top duurt tot 13 december.

De nieuwe president van de EU, Ursula von der Leyen, heeft klimaatneutraliteit tot speerpunt van haar beleid gemaakt. De Europese Unie moet onder haar gezag het eerste klimaatneutrale (koolstofarme) continent worden. Afgelopen maandag was Von der Leyen’s eerste werkdag en dit was (deels) wat ze zei in haar eerste publieke verklaring tijdens de opening van de klimaatconferentie:

This will include extending emission trading to all relevant sectors [e.g. shipping], clean, affordable and secure energy, the boosting of the circular economy, a farm-to- fork strategy as well as a biodiversity strategy.

De allereerste Europese Klimaatwet die de transitie naar kimaatneutraliteit in 2050 mogelijk moet maken, wordt gepresenteerd in maart volgend jaar. Frans Timmermans, Eurocommissaris voor de Green Deal (aka ‘De Klimaatpaus’), zal op 11 december een eerste presentatie erover houden.

Bovenaan de agenda van deze conferentie staat het afronden van de regels voor het naleven van het Parijs-akkoord (2015). Dit verdrag in een notendop: 1) het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen met 45% vóór 2030. 2) Het bereiken van klimaatneutraliteit vóór 2050 (een volledig koolstofarme economie). 3) Het stabiliseren van de wereldwijde temperatuurstijging op 1.5°C tegen het einde van de eeuw. Landen die het akkoord hebben ondertekend, gaan vanaf 1 januari 2020 alle benodigde maatregelen nemen om de opwarming van de aarde onder dat niveau te houden.

Met ingang van 2020 worden de afspraken van het Kyoto-akkoord dus door scherpere bepalingen vervangen. Vorig jaar kwam men in Katowice (Polen) al samen om Het Grote Boek van Klimaatregels op te stellen. Daar werden de processen, mechanismes en instituties gedefineerd die moeten zorgen voor naleving van het verdrag. Destijds bleven enkele punten onbesproken die nu in Madrid op de agenda staan. Het gaat nu dus niet om onderhandelingen over te hanteren normen of het aansporen van individuele landen tot meer actie.

25.000 deelnemers uit bijna 200 landen nemen aan de conferentie in Madrid deel. Grote afwezige: Donald Trump. Daar staat tegenover dat Nancy Pelosi, voorzitter van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden, en een afvaardiging van het Congres wel aanwezig is. Daarmee geven ze het signaal af dat belangrijke staten van Amerika als New York en Californië (de 9de economie van de wereld) zich wèl wensen te houden aan de klimaatafspraken in het Parijs-akkoord. Gretha Thunberg zeilde -met  storm- over de Atlantische Oceaan naar Portugal. (Ze was drie weken zeeziek.) Daar kregen de 16-jarige Zweedse klimaatactiviste en haar entourage een electrische auto aangeboden om naar Madrid door te reizen maar dat had zo zijn beperkingen: er zijn te weinig oplaadpunten op de route. Dat zegt genoeg.

In Madrid zijn nogal wat hete aardappels te bespreken: de internationale emissiehandel (artikel 6). Landen met een lage(re) uitstoot kunnen hun ruimte verkopen aan landen met meer uitstoot. Voor de goede orde: reeds 71 landen -veelal degenen met minder uitstoot- hebben zich gecommitteerd aan een doel van 0 uitstoot vóór 2050. De nationale bijdragen aan de wereldwijde emissiereductie moeten worden aangescherpt en vastgesteld.

Daarnaast staat compensatie van natuurschade aan ontwikkelingslanden op het programma. Vooral Afrika en Zuid-Oost Azië hebben dat nodig om schade door toenemende overstromingen en droogte financieel te kunnen opvangen. Ook moet worden besloten hoeveel het Green Climate Fund zal gaan bevatten. Per volgend jaar zou het moeten gaan om USD$100 miljard.

Dat ons heel veel staat te doen, blijkt uit de Climate Action Tracker. In september  jongstleden vond de Climate Action Summit in New York plaats. Meer dan 70 landen committeerden zich daar aan de doelstellingen van 2050, al lieten enkele grote vervuilers dat na. Meer dan 100 steden ter wereld committeerden zich eveneens, met inbegrip van enkele van de grootsten. Alle kleine eilandstaten, voor wie het water in sommige gevallen al letterlijk tot de lippen staat, committeerden zich aan  carbonneutraliteit en gebruik van 100% hernieuwbare energie vóór 2030.

En van Pakitstan tot Guatemala, van Colombia tot Nigeria, van Nieuw-Zeeland to Barbados gaat men vanaf volgend jaar 11.000.000.000 bomen planten. Meer dan 100 aanwezige bedrijfleiders in de private sector zegden toe de groene economie actief te gaan stimuleren. Een groep van de grootste beheerders van activa (met elkaar goed  voor USD$2.000 miljard), committeerden zich aan een compleet portfolio van koolstofneutrale investeringen vóór 2050.

Geen land, bedrijf of individu kan in zijn of haar eentje de klimaatcrisis het hoofd bieden. Met elkaar hebben we wellicht een kans om het tij te keren, als we onze schouders er gezamenlijk onder zetten.

De Climate Action Tracker volgt de verrichtingen van 32 landen die met elkaar goed zijn voor 80% van de wereldwijde uitstoot op de voet. De zwarte vlakken zijn de landen die niet aan het Parijs-akkoord meedoen. Europa kleurt oranje (Insufficient), we doen onvoldoende. De doelen die we voor 2020 stelden qua uitstootreductie van broeikasgassen halen we niet. India en Ethiopië liggen op koers (geel). Marokko en Nepal zijn in dit verband de enige twee groene naties.

De verwachting is dat continent Europa op dat punt op koers liggen voor wat betreft het doel voor 2030 (te weten: 48% ten opzichte van 45%). Als dat gaat lukken, halen we de doelen voor 2050 hoogstwaarschijnlijk ook. Fingers crossed! Electrificatie van de transportsector (inclusief luchtvaart!) en renovatie van de bouwsector blijven in Europees verband achter; die situatie moet in de komende jaren drastisch  verbeteren. Bovendien moet openbaar vervoer worden uitgebreid, net als de infrastructuur van het continentale treinennetnetwerk.

Zo, voorlopig ben je weer bij. Wij overleefden het recente noodweer; wel met enig ongemak maar zonder schade. Onze eigen tunnel op de AP-7 liep weer onder. In buurgemeente Los Alcázares, net over de provinciegrens (aan Murciaanse kant), moesten weer 100 inwoners worden geëvacueerd. Die autonome Spaanse regio heeft wel erg veel taken op het bordje liggen.


zaterdag 17 februari 2018

Woest Wint(er)Weer

Het winterse weer blijft voor Spaanse begrippen betrekkelijk lang hangen al mogen we geenszins klagen. De zon schijnt bijna dagelijks, op sommige ochtenden staat de thermometer om 10 uur al rond 20 graden Celsius. We drinken ons kopje koffie doorgaans op een zonovergoten  terras. Ter vergelijking: de  temperatuur overdag in Nederland ligt aanzienlijk lager dan onze nachttemperatuur. 's Middags maken we onze wandeling in een truitje, eergisteren was het hier zelfs weer voor shorts. Mij hoor je dus niet mopperen!

Ook in onze tuin is thans van alles aan de gang. Mijn liefje plantte vorig najaar bloembollen: tulpen, narcissen, blauwe druifjes en krokussen. De moedigste van hen piepen inmiddels als groene puntjes door de zwarte aarde. Ze worden als baby’s gekoesterd en elke ochtend wordt de stand van hun welzijn aan mij doorgegeven. Ook onze limonero (citroenboom) gaat als een tierelier. Er hangen circa 20 kleine, groen vruchten aan de takken en het aantal bloesems is minstens zo groot. Dat worden veel Gins & Tonic voor mijn liefje. Voor het zover is, zullen we moeten oppassen dat de boom niet onder het gewicht van al die vruchten bezwijkt. Onze tuinbewoners zijn senang.

We wandelden recent langs een van de salina’s waar je een uitkijkpost hebt om naar overwinterende vogels te gluren. Mijn oog viel niet op een gevleugeld vriendje maar op iets glimmend aan een tak. Ik liep erop af en bezag het ‘ding’. Het leek op een cocon, de schil glinsterde in de zon. Het was bedekt met een kleverige substantie. Wat zou dat beschermen? Aanvankelijk dacht ik aan spinnen in winterslaap. Mijn vingers kriebelden maar ik liet de behuizing intact. In plaats daarvan nam ik foto’s om die te gebruiken bij mijn latere zoektocht. Eenmaal thuis, kwam ik na enig zoeken op een Nederlandse website terecht van een amateur-fotograaf die het reilen en zeilen in zijn tuin vastlegt. Ik ben dus niet de enige. Hem stuurde ik een mail met foto’s met de vraag of hij mij kon vertellen wat ik had vastgelegd. Jan van Duinen beantwoordde mijn vraag binnen enkele minuten.

Het blijkt te gaan om een eicocon van de bidsprinkhaan, mantis religiosa. Daarin zitten vele eitjes die wachten totdat de grootste kou uit de lucht is om daarna uit te komen. Sprinkhanen had ik de voorgaande zomer al in allerlei soorten en maten in de eigen tuin gezien dus dat kon kloppen. Ik dankte hem voor zijn snelle en doeltreffende antwoord. Van vroeger herinner ik mij sprinkhanenplagen in Afrika. Als zo'n zwerm op een landje of boom neerstreek, was de oogst of de boom binnen een paar minuten kaal gegeten. Het zijn vraatzuchtige diertjes! In mijn eigen bibliotheek ging ik op zoek naar digitale plaatjes van soorten sprinkhanen die toen bij ons neerstreken; voor een fotosessie, zal ik maar zeggen. Je hoeft niet ver te reizen om bijzondere dingen te aanschouwen. Het speelt zich ook af in je directe omgeving. Als je er maar oog voor hebt! 


Eentje vond ik destijds extra bijzonder omdat het een leeg omhulsel betrof van een compleet lichaam. Alsof hij of zij zo een jasje uit deed. Hoe dat lukte, was en is mij een raadsel. Ik vind het fascinerende dieren al weet ik van de ervaren naturalist David Attenborough dat deze geleedpotige soort niet alleen destructief maar ook bijzonder agressief kan zijn. Zo kunnen vrouwtjes hun partner doden en oppeuzelen, nadat ze hun ouderlijke plicht hebben vervuld, na de paring. Ik ben benieuwd wat ons de komende zomermaanden aan natuurverschijnselen te wachten staat.

Het waren afgelopen week volle dagen. Huize Barefoot is tijdelijk in de ban van de Nederlandse schaatsers op de Olympische Spelen van Pyeongchang. De rest van de wintersporten kan mij worden gestolen, al had ik te doen met de snowboarders -waaronder enkele kaaskoppen- die tijdens hun verrichtingen door extreme wind van de Koriaanse hellingen werden geblazen. Tijdens zo’n wedstrijd daalden slechts negen van de 52 sporters zonder vallen of kleerscheuren af. Dat kun je geen eerlijke uitslag noemen. Maar ja, Olympische Spelen zijn doorgaans niet gestoeld op eerlijkheid...

De wedstrijden van geweldeling Ireen Wüst (1986) en alle andere vertrouwde en aanstormende Nederlandse sporters volgden mijn liefje en ik op de voet. Het goede van deze Spelen is dat we de wedstrijden overdag live kunnen zien. Ik moest grinniken toen ik de Koriaanse speaker haar naam hoorde uitspreken tijdens de uitreiking van de gouden medaille op de 1.500 meter. Aairien Woest deed iets wat geen sporter vóór haar deed. Tijdens vier Olympische winterspelen op rij behaalde ze een gouden medaille op een individuele afstand. Ik keek met mededogen naar deze topschaatser die de spanning van de wedstrijden na haar ronde niet aankon. Ze durfde niet te kijken, deed schietgebedjes, huilde, kruiste haar vingers, sloeg haar handen voor het gezicht… en overwon. Ze is ook de enige schaatser ter wereld met tien gouden medailles. Er wordt weleens gezegd dat als je iets heel heel graag wilt, het niet gaat lukken. Zij logenstrafte die bewering. Haar allergrootste sportieve droom kwam uit. Woest Wint er Weer! Ik neem mijn wollen muts diep voor haar af. Op de bijgevoegde foto zoekt ze na de verzoeking oogcontact met haar partner Letitia de Jong (ook schaatser) op de tribune. Ze hebben het, naar verluidt, fijn samen. 

Foto: NOS
Zelf ken ik dat intense gevoel van blijdschap na een overwinning niet. Als kind won ik op regionaal niveau weleens medailles met zwemmen en judo maar ik kan mij geen euforie herinneren. (Mijn zeges zijn niet te vergelijken met Olympische topprestaties, don’t get me wrong.) Ik vroeg het aan mijn liefje; zij zegt het wel te kennen. Zij noemde het winnen van de P&O-jaarprijs als zo’n moment. In 1994 werd zij gekozen als beste op haar vakgebied met een baanbrekend, innovatief HR-product. Misschien was de verovering van haar hart wel mijn grootste prijs in het leven. Volgens Wüst kan onze koning lekker knuffelen. Dat gaat mij ook goed af. De Nederlandse schaatsdames doen het uitzonderlijk goed in Pyeonchang. Gisteren veroverde de 22-jarige Esmee Visser uit het niets de mooiste medaille op de 5.000 meter. Vorige week verzamelde ze nog landenpins, deze week pakt ze Olympisch goud. Het leverde haar de bijnaam 'Klapper van Korea' op. En voor ons spannende tv!

We gaan vandaag een uitstapje maken naar de Alicantijnse binnenlanden, over heuvels en door valleien, op zoek naar amandel- en perzikbomen in bloei. Als amateur-fotograaf verheug ik mij op een wit en roze tapijt, met blauwe lucht. We nemen even een dagje pauze van dit intensieve schaatsfestijn. En bij thuiskomst staat er (weer) een heerlijk bord zelfgemaakte erwtensoep op het menu. Uit de Crock-Pot.


zondag 17 september 2017

Over junk food

Foto: Geoff Johnson (voor POLITICO)
Afgelopen week las ik een interessant artikel in POLITICO, getiteld ‘The great nutrient collapse’. Het gaat over klimaatverandering en de gevolgen voor onze voeding. De openingszin luidde: The atmosphere is literally changing the food we eat, for the worse. And almost nobody is paying attention.” Dat trok mijn aandacht.

Het gaat over de onderzoeken van wetenschapper Irakli Loladze. Hij is wiskundige van opleiding maar deed zijn doctoraalstudie in een Amerikaans laboratorium voor biologie. Daar stuitte hij op een puzzel die zijn leven zou veranderen. Mede-wetenschappers van datzelfde lab vertelden hem over een mysterieuze ontdekking bij zoo-plankton. Algen, het voedsel voor zoo-plankton, gingen sneller groeien toen ze met meer licht werden beschenen. Meer groei zou tot meer voedsel moeten leiden. Het plankton overleefde echter niet of slechts moeizaam. Wat bleek? Die algen groeiden inderdaad sneller maar ze bleken ineens veel minder voedingsstoffen te bevatten. Zo maakten wetenschappers onbedoeld junk food van algen.

Dat zette Loladze aan het denken: hoe ver zouden de bevindingen strekken? Zouden ze ook van toepassing zijn op gras en koeien? Op rijst en mensen? Wat zou dat betekenen voor planten die de mens eet?

Zijn eerste paper over dit onderwerp publiceerde hij in 2000. Daarvoor las hij alles over het stijgende CO2-niveau in de atmosfeer en de gevolgen voor de natuur. Elk boomblad en elke grasspriet maakte meer suikers aan als het kooldioxideniveau steeg. Onderzoek naar de gevolgen voor de kwaliteit van planten die mensen eten, ontbrak evenwel. Algemeen landbouwkundig onderzoek toonde al wel aan dat groenten en fruit in de afgelopen 50 à 70 jaar minder voedzaam werden; het percentage mineralen, vitaminen en proteïne nam af.

Als postdoc-student aan Princeton University publiceerde hij in 2002 een paper getiteld ‘Trends in Ecology and Evolution’ waarmee hij de eerste wetenschapper werd die een verband legde tussen stijging van het CO2-niveau, de kwaliteit van planten en de invloed op menselijke voeding. Stijgend CO2-niveau spoort fotosynthese aan waardoor planten sneller groeien maar dat brengt tevens meer kooldioxide met zich mee dat ten koste gaat van de productie van proteïne, ijzer en zink in planten.

Hij luidde de noodklok maar bleek een roepende in de woestijn. Hij had moeite fondsen te werven voor nader onderzoek omdat biologen zijn onderzoeksresultaten te wiskundig en wiskundigen ze te zeer biologie-gerelateerd vonden. Zijn rapport en de bevindingen dreigden tussen wal en schip te geraken. Gelukkig vond zijn werk weerklank.

Deze zomer publiceerde een groep wetenschappers de eerste studie die tracht te schatten wat deze ontdekkingen betekenen voor de wereldbevolking. Planten zijn een cruciale bron van proteïne in ontwikkelingslanden. In 2050 zouden weleens 150 miljoen mensen aan een tekort aan proteïne kunnen lijden. Een gebrek aan zink, de belangrijke stof voor de gezondheid van moeders en zuigelingen, zou risico’s voor 138 miljoen mensen met zich meebrengen. Een miljard moeders en 354 miljoen kinderen kunnen tegen die tijd lijden aan bloedarmoede vanwege een tekort aan ijzer in hun voeding. Er zijn (nog) geen specifieke projecties gedaan voor de Verenigde Staten maar wetenschappers verwachten dat de toename van suikers in planten zal leiden tot een nóg hoger aantal Amerikanen met obesitas en hart- en vaatziekten.

Loladze zelf toonde in bijna 130 plantenvariëteiten en meer dan 15.000 monsters uit proeven in de laatste 30 jaar aan, dat de concentratie van mineralen als calcium, magnesium, potassium, zink en ijzer met gemiddeld 8% afnam. Net als het verloop bij algen worden planten langzaamaan junk food. Wat dat voor de mensheid gaat betekenen, begrijpt men nog nauwelijks. Ik word er niet vrolijk van maar meten is weten. Er zijn nog veel vragen, er moet nog veel worden onderzocht. Loladze geeft niet op.

Sinds Masterchef Australia 2017 weer op de Nederlandse tv is te zien, nam ik mij voor regelmatig te bloggen over het kookprogramma. Afgelopen week stond in het teken van thuis koken, eenvoudig koken zonder speciale keukenmachines. Vooral  de opdracht om de beste chips & dips te maken, vond ik vermakelijk. Mijn liefje begint nog steeds te kwijlen als zij praat over de patat van Gijsje (Tilburg). Als kind kocht ze daar een zakje friet voor 25 cent, inclusief klodder zelfgemaakte mayo. Mijn schoonmoeder Johanna maakte zelf ook heerlijke dubbel gefrituurde frietjes.

De kandidaten met Aziatische roots bleken de meeste moeite met de opdracht te hebben. Welke aardappel kies je? Michelle van Indonesische afkomst wist niet dat je aardappelschijfjes eerst moet koken alvorens ze verder te verwerken. Kun je ook lekkere friet maken met zoete aardappel en polenta? (Ja.) Sommige kandidaten maakten frieten in een pan op het fornuis, anderen in de oven en in de frituurpan. Frieten werden eenmaal, tweemaal en zelfs driemaal gebakken. Begeleidende sauzen waren chili-mayo, zelfgemaakte whiskey- en barbecuesaus, aïoli van geroosterde knoflook. Yumm! Kandidaat Jess liet zich deze week van haar creatiefste kant zien. Brit Arum maakte wat mij betreft de mooiste frietjes. Aziatische Sarah profileerde zich als een alleskunner. Zij staan momenteel op mijn radar, al heb ik nog geen favoriet.



donderdag 31 augustus 2017

I care

De drukste zomermaand van dit jaar zit erop! We kwamen goed door deze periode heen, al zeg ik het zelluf. Er is hier duidelijk sprake van Retorno de Verano: de Spanjaarden pakken in en verlaten hun vakantiehuizen. Het is bijna weer 'vida normal' met een paar permanente bewoners. Deze week hadden we twee aaneengesloten regendagen, zeer ongebruikelijk voor deze tijd van het jaar. De krant noemde het de eerste nazomerse 'gota fria'. Zuid-Alicante (wij) hadden hier code geel. Dit was de natste augustus ooit.

Voordat de zomer losbarstte, voerde de plaatselijke milieuraad met de toeristenbond van onze gemeente een bewustzijnscampagne over afval op de stranden. Heel grote colablikjes, giga-sigarettenpeuken en melk- en sapverpakkingen moesten mensen bewust maken van hun eigen rol in het schoonhouden van de stranden en de zee. Men lichtte toe dat een achtergelaten peuk er circa twee jaar over doet om te vergaan; in die tijd wordt acht liter water besmet. Een blikje heeft gemiddeld 50 jaar nodig om te vergaan en als het van aluminium is 200 jaar, een plastic zak en fles respectievelijk 450 en 500 jaar. (Een batterij is het allerergst: pas na 1.000 jaar vergaat het en heeft dan 3.000 liter water besmet.) Op ons maken dergelijke feiten indruk. Jaren geleden gaf ik mijn liefje de bijnaam Bag Lady; waar ze gaat, staat of zwemt, raapt ze plastic om het vervolgens op gepaste wijze af te voeren.

Het is niet alleen maar Zon, Zee en Zaligheid in Spanje. Jaarlijks wordt 45.000 ton plastic verbruikt in de Spaanse kassenbouw, er drijft 3.000 ton plastic aan het oppervlakte van de Middellandse Zee, 90% van de schildpadden in diezelfde zee hebben plastic in hun lichaam. Wetenschappers van SPOT, Society for the Protection of Turtles, houden sinds 1992 de vinger aan de pols maar zijn nu ronduit gealarmeerd. De projectcoördinator van het gezelschap verklaarde dat plastic ophoping in groene schildpadden inmiddels doodnormaal is.

Het zijn niet alleen schildpadden die de pineut zijn. In 2013 trof men op een strand van Almeria een dode potvis aan, met 17 kilo plastic in zijn maag. Wetenschappers waren destijds verbaasd dat de walvis 59 verschillende soorten plastic had doorgeslikt, waaronder het dikke plastic dat op grote schaal in de kassenbouw in het zuiden van de provincie Almeria wordt gebruikt. De eerste keer dat wij die kant op reden, was ik in de war: lag daar sneeuw? Dat kon niet waar zijn in die tijd van het jaar… Het was een zee van plastic schitterend in de zon, zover als het oog reikte. De grote hoeveelheid plastic blokkeerde de maag van de walvis en dat werd zijn dood.

Op Mallorca is de groep OceanCare actief. Zij maken mensen bewust van het plasticprobleem in de Middellandse Zee; dat doen ze bij voorkeur op onconventionele manier (het blijven Spanjaarden). De Balearen liggen middenin de Mar Mediterráneo dus daar is het probleem van plastic afval alomtegenwoordig. Men is zich daar veel meer bewust van de noodzaak de cultuur van wegwerpplastic drastisch te veranderen. OceanCare werkte samen met de activistische Duitse punk-rock band Itchy, met wie een muziekvideo voor kinderen werd vervaardigd, getiteld The Sea. Jong geleerd is  oud gedaan.

Spanje is niet het braafste jongetje van de klas als het om de beheersing van het plastic afvalprobleem gaat. De Europese Unie tikte het land onlangs op de vingers voor het niet navolgen van de Richtlijn Plastic Zakken & Verpakkingen (mijn vertaling). Supermarkten in het hele land geven inmiddels -laat maar beter dan nooit- plastic draagtassen voor eenmalig gebruik uit, à 5 cent per stuk, een belasting die door de EU aan alle deelnemende staten werd opgelegd. Ter vergelijking: Denemarken belastte de plastic zakken uit zichzelf al in 1993, Finse supermarkten gebruiken al jarenlang papieren zakken.

Volgens die richtlijn moeten Europese landen het gebruik van dunne plastic draagtassen, dat wil zeggen: zakken van minder dan 50 micron, uitbannen en daaraan is Spanje nog niet begonnen. (De deadline verliep in november 2016.) Je kunt ze hier nog op veel plaatsen vinden maar mijn liefje en ik branden onze vingers er niet aan. Als ik naar die tasjes kijk, zie ik dode schildpadden. We hebben onze handen meer dan vol aan het weren van verpakkingsmaterialen; er is nog zóveel te doen om plasticloos door het leven te kunnen!

De kans dat mijn tweede Vaderland voor de Europese rechter moet verschijnen, is groot. Het land krijgt nog uiterlijk twee maanden de tijd om zich te committeren. Genoemde richtlijn stelt ook dat eind 2019 niet meer dan 90 lichtgewicht plastic draagtassen per persoon per jaar mogen worden verkocht. Eind 2025 moet dat aantal liggen op gemiddeld 40 stuks. Ik vraag mij af hoe dat precies gaat worden gemeten maar ik vind gereglementeerde plasticreductie een goede zaak. Plastic vervuilt, plastic doodt. Weg ermee.



zondag 13 augustus 2017

De weervrouw spreekt

De Spaanse kranten staan momenteel bol van de verhalen over het uitzonderlijke weer. In de afgelopen week kregen we aan de kust van de provincie Alicante te maken met de gevolgen van windschering. Deze ‘reventones calidos’ (‘microbusts’ in het Engels) zorgden voor een fikse temperatuurstijging die gepaard ging met wind die tot een kleine tornado aanzwol. Het zijn echter stormen zonder neerslag. Zo’n fenomeen is niet nieuw voor de Spaanse kust maar wij maakten het zelf niet eerder mee aan de Costa Blanca. Sinds we niet meer op de golfbaan maar aan de kust wonen, beleven we de weersverschijnselen intenser.

Ietsje langer geleden las ik een reportage (van Bea Lutje Schiphorst) over de mogelijkheid dat de Costa Blanca haar milde klimaat kan gaan verliezen. Bijna 20 jaar geleden kozen mijn liefje en ik dit gebied als vakantie- en overwinteringsplek vanwege het milde en stabiele klimaat. De zomers zijn hier minder heet dan in de binnenlanden van Spanje en de winters zijn warmer dan andere kuststreken. Bovendien prees de Wereldgezondheidsorganisatie deze streek als een van de gezondste van Europa, vanwege de salinas en het gebrek aan vervuilende industrie.

Toch verandert het ook hier: de droge periodes worden langer, hittegolven en tropische nachten doen zich vaker voor, net als regenbuien die woestijnzand met zich meebrengen. Spaanse meteorologen berekenden dat de gemiddelde temperatuur in de provincie Alicante sinds 1980 met 0.6 graad Celsius steeg. Diezelfde meteorologen stelden vast dat het minder vaak regent, vooral in de lente. En als het regent, gebeurt dat in de vorm van stortbuien die zoveel neerslag met zich meebrengen dat de aarde het niet kan opnemen. Regenwater stroomt dan naar zee zonder dat het wordt benut, met woestijnvorming tot gevolg.

De provincie Alicante is hedetendage tweede -na de belendende provincie Murcia- als het gaat om landerosie door woestijnvorming. In de afgelopen tien jaar ging daar 20% van de vruchtbare landbouwgrond verloren. Nog eens circa 20% is momenteel in slechte staat en kan tevens verloren gaan als er geen maatregelen worden genomen. Wij worden hier deels omringd door landbouwgronden maar die worden nog heel goed benut. Wij hebben een eigen ontziltingscentrale in de gemeente (Pilar de la Horadada) die voor voldoende water voor de landbouw zorgt, al heeft dat water een hogere kostprijs per liter.

Ook deze zomer kregen we hier te maken met records: de maand juni was anderhalve  graad Celsius warmer dan het langjarige regionale gemiddelde, de maand juli was de warmste maand ooit. Córdoba werd vorige maand de heetste stad van het land ooit gemeten: ruim 47 graden Celsius. In een vorige blog noemde ik al de hoogste temperatuur van de zee. Deze extremen in heel Zuid-Europa zouden de schuld zijn van de Ola de Calor (hittegolf) Lucifer. In de nacht van donderdag op vrijdag mat men de laagste nachtelijke temperatuur in Alicante in de maand augustus, ooit. Dit ‘ooit’ betekent sinds de Spaanse meteorologen (AEMET) temperaturen registreren.

Na die vreemde zomerstorm konden wij op alle terrasmeubels schrijven. Ook in huis waren stoffige voetstappen op de tegelvloer zichtbaar. Alles sloeg bruin uit en plakte. Het was een combinatie van zout, vocht en woestijnzand. Mijn lichaam gaat goed om met hoge temperaturen maar langdurig extreme luchtvochtigheid ondergaan, is geen sinecure. Eigenlijk wendt dat nooit. We stelden de schoonmaak van het huis dan ook vol overtuiging uit.

Op donderdag jongstleden was het zover: het ontbijt op het terras begon met 23 graden Celsius en wolken. Een uurtje later was het 25 graden Celsius; ongekend. We liepen allereerst naar zee om naar woeste golven te kijken. Qua waterkleur leek de plas op de Noordzee. Ik zag aangespoelde boeien op het strand, onder een dreigende wolkenlucht. De rieten parasols die doorgaans zonnebadende gasten tegen de koperen ploert beschermen, stonden met hun pootjes in het water. 

Ligbedden bleven opgestapeld staan, de rode vlag wapperde fier: er mocht niet worden gezwommen. Een jonge persoon met body-board werd terecht door de strandwacht uit het water gefloten. In de regio Valencia verdrievoudigde het aantal drenkelingen, in vergelijking met de voorgaande twee jaren. De maand juni was het heftigst met 16 verdrinkingen in onze provincie (Alicante).

Eenmaal terug op het Spaanse honk verdeelden wij de straftaken. Ik zou het huis van boven naar beneden stoffen, zuigen en moppen, zij zou het terras en alle tuinmeubelen voor haar rekening nemen. Circa twee uur later kwamen we, gescheiden van elkaar, tot dezelfde conclusie: de lunch gingen we buiten de deur nuttigen. Daarvoor was maar één plek geschikt: Chiringuito Ramón in de eigen woonwijk. Even dacht ik dat daar niets was te beleven. De bar zat namelijk potdicht maar de keuken bleek open. De opgerolde zonneschermen klapperden als een loszittend gebit, door de neergelaten windschermen viel niets te zien. De zilte lucht maakte alles goed.

We bestelden hun heerlijke paëlla met kip voor twee. Zelf zou ik een andere uitvoering prefereren als liefhebber van schaal- en schelpdieren maar mijn liefje is er allergisch voor dus dan is de keuze snel gemaakt. Zoals de kokkies van Ramón hun bouillon laten inkoken totdat die bomvol smaak zit, de rijst smoren totdat die nog een beetje plakkerig is. Mmmm! De pan werd goedgevuld en bloedheet geserveerd. Sinds mijn liefje er in juni voor vrienden een lunch voor 30 mensen organiseerde, kan de relatie niet meer stuk. Het volledige personeel zoent haar, Ramón vroeg haar reeds ten huwelijk. Vind ik dat gek? Helemaal niet. Kijk eens in de poppetjes van haar ogen! (Ze zwemt in een zee van blauw...)

De zee bulderde nog lang na in Calle de Descalzo, Barefoot’s straatje. Gisteren verdronk hier iemand in zee; het zou gaan om een buurman uit onze woonwijk die kennelijk de rode vlag negeerde. Kasian. In Nederland zijn strandwachten vrijwilligers, in Pilar de la Horadada niet; de gemeente betaalt €250.000 per jaar voor hun professionele toezicht.

Het huis is op orde, de zon schijnt, de lucht is weer strakblauw. De woonwijk is veel rustiger dan gedacht en voorspeld. Het is een fijne plek om te wonen; we hebben geen seconde spijt van onze verhuizing.



vrijdag 21 juli 2017

Chasing Coral

Begin van deze maand besloot de UNESCO-Werelderfgoedorganisatie dat het Great Barrier Reef aan de oostkust van Australië niet op de lijst van erfgoed ‘in gevaar’  wordt geplaatst. Australische wetenschappers in relevante vakgebieden waren het niet eens met deze beslissing. Nog nooit was koraalbleking zo uitgestrekt, extreem en langdurig als nu. Een groot deel van het koraal is morsdood. Als het barrièrerif op de gevaren-lijst zou komen, zou de Australische overheid nóg meer moeten doen om de crisis in het gebied af te wenden. Diezelfde overheid vreest dat zo’n besluit een negatieve uitwerking heeft op het toerisme Down Under. Adviesbureau Deloitte Consulting rekende in 2014 uit dat het rif jaarlijks ruim ASD $5 miljard dollars bijdraagt aan de Australische economie. Voor velen zijn natuur en milieu ondergeschikt aan economische belangen.

Afgelopen weekend had Netflix een primeur: de documentaire ‘Chasing Coral’ was voor het eerst te streamen. Mijn liefje en ik keken. De maker heet Richard Vevers, een voormalige fotograaf in de advertentiewereld die al duikt sinds zijn 16de. Hij maakte zich toenemend druk over de achteruitgang in de onderwaterwereld, gaf zijn baan op en begon aan dit project na in een vliegtuig de film ‘Chasing Ice’ te hebben gezien. Die film brengt het smelten van de ijskappen op Moedertje Aarde in beeld; eveneens dramatisch. Vevers vroeg dezelfde producent, Jeff Orlowski, voor zijn project.

De Amerikaan Vevers ging verder op zoek naar een deskundig team dat hem kon bijstaan. Het idee was om de achteruitgang van koraal met gebruikmaking van timelapse-technologie inzichtelijk te maken. Een van de teamleden is mariene bioloog Zack Rago die niet alleen veel verstand heeft van zee en technologie maar als jongetje al een koraalriftank in huis had – zonder vissen. Hij was en is gefascineerd door koraal. Met anderen ontwikkelden zij een systeem met onderwatercamera’s dat het geheel moest gaan vastleggen. Men koos voor Panasonic LUMIX-camera’s die werden ingebouwd in waterdichte perspex bollen en op diverse riffen in de wereld werden opgesteld. Het project duurde drie jaar, het team legde meer dan 500 uur onderwateropnames vast.

Rondom Florida Keys, Jamaïca, Hawaii, Amerikaans Samoa, Indonesië, Nieuw-Caledonië, Fiji en diverse plekken op het Great Barrier Reef filmden ze. De ondertitel van de documentaire is veelzeggend: ‘What lies below, reveals what lies ahead’. De New York Times noemt de documentaire een emotionele race tegen de klok. Ik had het niet beter kunnen verwoorden. In de Keys is nog 0.1% van het koraal aanwezig, rondom Jamaïca is geen koraal meer te bekennen.

De eerste run op testplekken in de Bahama’s, Bermuda’s en op Hawaii liep helemaal fout: de lenzen deden niet wat ze moesten doen, ze waren uit focus. Het was een grote tegenslag, maanden achteruitgang van het koraal was niet vastgelegd. De tweede run deed men daarom handmatig, uitsluitend op het Great Barrier Reef. De electronische apparatuur werd ondertussen aangepast en verbeterd.

Gedurende vier maanden maakte men elke dag op meer dan 60 plekken handmatige opnames. Het is een treurige klus, je ziet duiker Zack Rago regelmatig zijn emoties wegslikken. Intussen werkte de vernieuwde configuraties in andere oorden goed en konden de timelapse-opnames worden gebruikt.

In Nieuw-Caledonië troffen de onderzoekers iets opmerkelijk aan: het koraal in nood bleek bizarre, fluoriserende kleuren aan te nemen. De makers noemen ze the colours of death… Alsof het koraal de duikers voor de laatste keer groette vóór het definitieve afscheid.

Ik vond de documentaire heel interessant. Anderhalf uur lang hield het mij aan de buis gekluisterd. Timelapse als techniek maakt dit soort dramatische ontwikkelingen extra indringend om naar te kijken. Je ziet hetzelfde beeld steeds bleker en grimmiger worden. Veelkleurige velden met levend hard en zacht koraal zie je in korte tijd veranderen in dode skeletten, omwikkeld door alg. Er was doorgaans geen vis meer te zien. Op de website chasingcoral.com lees je wat je zelf kunt doen om aandacht voor dit probleem te vragen. Je kunt daar ook de trailer bekijken.

Samenvallend met de documentaire, verscheen maandag jongstleden het boek ‘A Life Underwater’ van Charlie Veron. Hij is eveneens te zien en te horen in de documentaire van Vevers. 
Deze Australische professor (1945, Sydney) wordt The Godfather of Coral genoemd. Al ruim 40 jaar doet hij onderzoek naar koraal. Hij is de ontdekker van de Koraaldriehoek, een gebied in het westelijke deel van de Stille Oceaan. Die driehoek omvat de wateren van Indonesië, Maleisië, Papua Nieuw-Guinea, Oost-Timor en de Solomoneilanden. 20% van alle koraalsoorten ter wereld werd door Veron ontdekt. De onderwaterwereld heeft veel aan hem te danken. Ik ga de plaatselijke boekhandel vragen een papieren exemplaar voor mij te bestellen; eens kijken wat ze kunnen. Zo’n autobiografie is een parel in mijn bibliotheek.


dinsdag 18 juli 2017

Happy-pee!

We hebben hier alweer de tweede vroege hittegolf achter de rug; de temperatuur komt 's nachts niet meer onder 24 graden Celsius. Inmiddels lig ik elke dag in de Middellandse Zee, dobberend op een kanariegele spaghetti. Zwemmen behoort tot de lage impactsporten dus met de heupprothese is het toegestaan vanaf zes weken tot drie maanden na operatie. De schoolslag lukt aardig maar de beenslag heeft nog niet de kracht van voorheen. Borst-crawlen doe ik voorlopig alleen met mijn armen. Zittend op mijn drijfhulpje maak ik fietsbewegingen in het water. Nog even en ik loop los naar Chiringuito Ramon, de lokale strandtent op 1 kilometer van ons huis (heenreis).

Nu dé zomervakantiemaand van het jaar nadert, worden de stranden hier gereed gemaakt voor sportieve activiteiten. Torrevieja gaat een aantal officiële strandvolleybal-toernooien organiseren en in de aanloop er naartoe, werden in de afgelopen twee weken spijkers en schroeven opgeraapt. Je hoeft geen Barefoot on the Beach te zijn om te weten waarom. Wel vraag ik mij af hoe dat soort projectielen überhaupt op het strand terechtkomt. De ironie wil dat een van de rapers een spijker in zijn voet opliep, aldus een Engelstalige krant.

In een andere lokale krant las ik dat vandaag, 18 juli, aan de hele Costa Blanca een nieuwe algemene politieverordening in werking treedt, ‘de Ordenanza de Uso y Disfrute de las Playas’ die het gebruiken en genieten van de stranden moet aanscherpen. Het strand met de strengste regels ligt op steenworp afstand van ons woonoord: San Pedro del Pinatar. Wij wonen aan Alicantijnse zijde, San Pedro behoort tot Murcia.

Deze buurgemeente spant de kroon qua strengheid. Er mag daar voortaan niet meer met een bal op het strand en in zee worden gespeeld; de boete bij overtreding van deze regel kan oplopen tot €750. Boetes zullen ook worden uitgedeeld aan mensen die 's morgens plaatsen op het strand reserveren met parasols of handdoeken maar dat is niet nieuw; dat gebeurde vorig jaar al meer keren aan dit deel van de Costa Blanca. Wat ik heel goed vind, is dat viespeuken voortaan worden beboet met maximaal €750 als ze hun afval op het strand niet opruimen. Ook de badgast die een huisdier meeneemt of muziekapparatuur (iPod, MP3, stereoset, mobiele telefoon) afspeelt op het strand, zand van het strand verwijdert, fietst op de wandelboulevard en zichzelf in zee wast met zeep kan rekenen op een boete. Bbq'en op het strand zonder voorafgaande toestemming levert een boete op van €1.500 en ambulante verkopers van gekoelde hapjes en drankjes kunnen een boete van €3.000 tegemoet zien.

De controversieelste maatregel is dat de gemeente van San Pedro deze zomer alle nudisten weert van het naakstrand van La Llana dat op gepaste afstand van de urbane stranden ligt. De voorzitter van de Federación Española de Naturismo, Ismael Rodrigo, vindt het een gotspe. Hij noemde het in de krant criminalisering van het menselijke lichaam”. Men is van mening dat het gemeentebestuur misbruik maakt van hun macht. De vereniging gaat dan ook gerechtelijke stappen nemen; men haalde reeds 6.200 handtekeningen op. De website roept nudisten op, het naaktstrand van San Pedro del Pinatar te boycotten.

Die oproep werd gevolgd door een sneer naar de kwaliteit van het zeewater van Mar Menor (ook Murcia), dat te wensen zou overlaten. Daarin hebben zij gelijk. Er is al jarenlang zorg om het voortbestaan van Europa’s grootste binnenzee. Boeren in het gebied Campo de Cartagena dumpen al jarenlang brak water van hun velden in de Rambla del Albujón, dat in verbinding staat met de Mar Menor. Het is niet zo’n beetje ook: het betreft 500 liter per seconde! Het hoge nitraatgehalte van die lozingen brengt de binnenzee uit balans; er is een toename van schadelijke alg die zwemmen ongezond maakt. Ik vind het een grof schandaal en daarin ben ik niet de enige. In mei van dit jaar verloren 19 stranden aan de Mar Menor hun blauwe vlag, een duidelijk signaal.

De lokale overheid is laks; men startte veel te laat met het nemen van maatregelen. De kosteneffectiefste maatregel is plaatsing van een zogenaamde groene filter tussen de landbouwgronden en de Rambla. In april van dit jaar werd de aanbesteding (€3.500.000) pas uitgeschreven. Men hoopt de filter voor eind 2017 te hebben geïnstalleerd. Dat klinkt mij optimistisch in de oren gezien de aanloop maar het zou goed zijn. De oplossing op langere termijn bestaat uit de aanleg van een 16 km lange pijplijn die het afvalwater naar de ontziltingscentrale van San Pedro del Pinatar voert, het daar reinigt en vervolgens schoon loost in de Middellandse Zee.

De meest komische maatregel van San Pedro is dat je vanaf vandaag wordt beboet als je in zee plast, al vertelt niemand erbij hoe de lokale politie-agent zoiets moet bepalen. Dat is Spanje’s bijdrage aan een beter milieu. Ik zou het wel weten: met een sensor in je broek! Zwemgoed met UV-filter bestaat al dus dat is een fluitje van een cent. Als je je echter de enorme hoeveelheden geloosde nitraat realiseert in de Mar Menor, is zo’n plasje een druppel in een ehhhh… gloeiende zee. Tja.






maandag 5 juni 2017

We girls need our heroines

In de afgelopen periode las ik het boek ‘The Sea Around Us’ van de Amerikaanse Rachel Carson (1907-1964). Het kwam uit in 1951 en werd direct een internationale hit. De editie die ik las, dateert van 1961 met -na elk hoofdstuk- opmerkingen van de auteur. Kleine Rachel wilde schrijver of dichter worden maar ze werd zoöloge, met een passie voor de zee en een diep gevoelde behoefte erover te schrijven. Na haar afstuderen werkte ze bij de United States Fish and Wildlife Service maar het succes van dit boek stelde haar in staat haar baan op te zeggen en voltijd auteur en onafhankelijk onderzoeker te worden.

Het boek is 65 jaar oud dus bepaalde wetenschappelijke inzichten en verklaringen zijn achterhaald. Zo is de Sargassozee (de enige zee die geheel is omgeven door oceaan), die Carson bijna lyrisch beschrijft nu een van de -kleinere- plaatsen in de Atlantische Oceaan waar plasticsoep zich verzamelt. Ze schrijft over het onstaan van de aarde en de maan, van zeeën en oceanen, van continentale platen, hellingen en de bodem van de diepzee. Ze beschrijft de werking van golven - ook gevaarlijke seismische, onder water; ze wijdt een bladzijde aan de oorzaak en gevolgen van de watersnoodramp in Nederland. Ze legt uit hoe zeestromen veranderen en samenkomen, temperatuur het leven in zee beïnvloedt, erosie impact heeft op zoutgehalte, vispopulatie en micro-organismen. Niet Atlantis maar de ooit dichtbevolkte Doggersbank in de Noordzee is het verdwenen land! Een hoofd vol nieuwe feiten, te veel om te onthouden.

Carson is een landschapsschilder met pen. Je zou haar boek een biografie van de zee kunnen noemen, met diepzinnige, scherpe waarnemingen. Het is een meesterwerk op ecologie vlak dat ik in één adem uitlas. Niet alleen haar kennis, ook haar taal droeg daaraan bij. Ik vind het een van de mooiste boeken die ik over dit onderwerp heb gelezen. Onbedoeld werd ze de moeder van de Amerikaanse milieubeweging. Rachel Carson overleed aan de gevolgen van uitgezaaide borstkanker; ze werd net zo oud als ik nu ben.

Het is vandaag Wereldmilieudag. Vorige week werd ik eraan herinnerd door een bericht van het actiecomité van de Verenigde Naties in mijn postbus. Vorig jaar op deze dag deed ik mee aan de actie ‘Zero Tolerance’ tegen de illegale handel in wilde dieren (vandaar dat men mijn gegevens heeft). Het thema van dit jaar is 'Connecting People to Nature' en ook dat is niet tegen dovemansoren gezegd.

De organisatie roept mensen wereldwijd op om vandaag de natuur in te trekken en hun favoriete plek op de gevoelige plaat te leggen, bij voorkeur met henzelf in beeld. Foto’s kunnen via sociale media worden gedeeld op #WorldEnvironmentDay of #WithNature. Het digitale foto-album dat zo ontstaat, wordt opgenomen in een grote expositie die de komende tijd aan bezoekende wereldleiders in het gebouw van de Verenigde Naties zal worden getoond.

Ik zou mijn natuurfoto’s best willen lenen aan dat goede doel maar ik zit nu eenmaal niet op Facebook, Twitter, Pinterest, Instagram en LinkedIn. Als ik niet beter wist, zou ik muzelluf een grote sukkel vinden… Ik laat sociale media echter bewust aan mijn neus voorbijgaan. Als je nu een visum voor de Verenigde Staten aanvraagt, moet je het adres van je Facebook- of Twitter-account opgeven. Heb je dat niet, dan ben je bij voorbaat verdacht. Ik voel geen enkele behoefte om naar de Joe-Ess-Of-Ee af te reizen dus dat probleem lost zich vanzelf op. De regelmatige lezer weet dat natuur, met name zeeën en oceanen, passies en terugkerende blogonderwerpen zijn. De onderwaterwereld nodigt bij uitstek uit tot verwondering. Ik voel mij bevoorrecht veel van die plekken met eigen ogen te hebben gezien.


Zo bezochten mijn liefje en ik in 2006 het Great Barrier Reef, het beroemdste werelderfgoed van Australië, als onderdeel van onze eerste wereldreis. We voeren met een klein cruiseschip van Captain Cook vijf dagen rond in dat gebied en snorkelden op barrière-, franje-, atol- en lintriffen. Ik trof er koraal in alle vormen, maten en kleuren, kleine en grote vissen in overvloed. Met een enkele schildpad hier en daar. Als ik mij bedenk hoe slecht het nu met grote delen van dit rif is gesteld vanwege immense en -wellicht onomkeerbare- koraalbleking, dan kan ik wel janken… In juli zal de UNESCO-organisatie bepalen of ze het Great Barrier Reef op de lijst van ‘werelderfgoed in gevaar’ zetten.


Mijn tweede foto in dit verband werd gemaakt tijdens een rondreis door Sulawesi (Indonesië) in 2014. Mijn liefje, vriendin Bernadette en ik haalden onze harten op in zeepark Bunaken. Dat park ligt recht tegenover de stad Manado. Je kon daar met hoog water vanaf het strand zo naar het verderop gelegen rif snorkelen, al moest je bij eb en vloed oppassen voor sterke stroming. Wij maakten snorkelexcursies naar omliggende zeetuinen. De diversiteit en het kleurenpallet van hard en zacht koraal was in Bunaken uitzonderlijk groot, de wisselende contacten met grote en kleine zeeschildpadden onvergetelijk. In mijn toenmalige blog schreef ik dat Sulawesi misschien wel mijn mooiste snorkelervaring tot dusver was. 


De derde foto die ik op deze Wereldmilieudag wil tonen, is van mijn snorkelavonturen op de Galapagos-eilanden (2015), de eilandengroep die wereldberoemd werd door Charles Darwin. De bodem rondom deze lava-eilanden in de oceaan bestaat uit sediment en stenen; geen koraal. Wat mij het meest opviel, was de onbevreesdheid van de dieren. Ik had nog nooit zoveel close encounters met grote vissen en zeezoogdieren als daar. Haaien die ik kon benaderen, schildpadden die recht op mij af zwommen, adelaarsroggen en zeeleeuwen met wie ik mee mocht zwemmen; het was ongekend. Charles Darwin was van mening dat de geïsoleerde ligging dieren tammer maakte. De eilandengroep is tot op de dag van vandaag niet overspoeld door toeristen, juist vanwege die afgezonderde ligging.

Rachel Carson schreef: One way to open your eyes is to ask yourself, what if I had never seen this? What if I knew I would never see it again?” Een cynicus zou antwoorden dat je dan altijd nog de foto’s hebt. Als het aan Trump & Co ligt, gaat het zo. Carson zou zich in haar graf omdraaien als ze wist dat hij Amerika terugtrok uit het Parijse klimaatverdrag.



zaterdag 22 april 2017

Aardedag 2017

Vandaag is het Earth Day. In de aanloop naar deze dag startte NASA, het Amerikaanse agentschap dat over ruimteprogramma’s gaat, een project waarbij je een stukje van Moeder Aarde kon adopteren. De wereld is van ons allemaal maar ik zou Barefoot niet zijn als ik ook niet zo’n symbolisch puntje planeet adopteerde. Iedereen kreeg een willekeurig plekje toegewezen, een van de 64.000. Elk puzzelstukje is circa 70 kilometer breed. In mijn geval bleek dat te liggen op 17.52º S en 128.64º W, midden in de zuidelijke Stille Oceaan; tussen Australië en Chili, twee landen naar mijn hart.

Illustratie: Andrew Holder
Dat het vijf voor twaalf is voor Moedertje Aarde, blijkt onder andere uit het laatste nieuws dat het Groot Barrièrerif op sterven na dood is, na 25 miljoen jaar... Dit magnifiek onderwaterecosysteem, dat mijn liefje en ik meermalen bezochten, is officieel terminaal ziek. De koraalbleking in dit gebied is dermate ernstig en wijdverbreid dat herstel onwaarschijnlijk lijkt. Ik moest slikken toen ik het las. Fabien Cousteau, nazaat van de illustere Jacques Cousteau, merkte op dat het afsterven van koraal dezelfde functie heeft als de kanarie in de kolenmijn. Ergo, de planeet is ernstig in gevaar.

Dodelijke aardverschuivingen in grote delen van de wereld, ongekende overstromingen (onder andere in Spanje), smeltende ijskappen aan de Noordpool, verwoestende orkanen en cyclonen, afbrekende ijsschotsen zo groot als Spanje/Portugal/Frankrijk tesamen in Antarctica, nieuw ontdekte plastic soep in de Noordelijke IJszee, zwaar vervuilde diepzeetroggen in wereldzeeën en oceanen. Klimaatverandering? Hoezo? Menselijk handelen mede-schuld? Ben je gek!

Tja.

We zijn met ons allen verantwoordelijk voor klimaatverandering op aarde, hoe jong je ook bent. Ieder van ons is mede-verantwoordelijk voor toenemende temperaturen, stijgende zeespiegels en het massaal uitsterven van dieren. Opwarming van de aarde is een wereldwijd fenomeen, met miljoenen slachtoffers en miljarden schuldigen.

Onderzoekers van het Max Planck-instituut plaatsten een artikel in Science in november 2016 waarin zij voor het eerst een lineaire verband legden tussen CO2-uitstoot door menselijk handelen en smeltend zomerijs in de Arctische cirkel. Dat deden zij op basis van wetenschappelijke gegevens die zij verkregen over een periode van 50 jaar. Een gemiddeld Amerikaans huishouden stoot jaarlijks 6.000 kg CO2, uit, alleen al vanwege electriciteitsgebruik. Deze wetenschappers toonden aan dat de gemiddelde Amerikaan (lees: inwoner van een westers land) at all times 1.000 kilo kooldioxide uitstoot. Die kilo’s komen overeen met het verlies van 32ft2 zomerijs. Omgerekend betekent het dat iedere westerling jaarlijks schuldig is aan het smelten van circa 20 vierkante meter ijskap.

De campagnevoerder Trump noemde klimaatverandering een verzinsel. Onder president Trump viert scepsis jegens klimaatverandering hoogtij. Deze regering verlaagt budgetten en personeelsaantallen van nationale en federale instituten als NOAA (National Oceanic and Atmospheric Administration) en EPA (Environmental Protection Agency) dramatisch. Ook NASA’s afdeling Aardwetenschappen zal in de toekomst 0 budget ontvangen, als het aan de Trumpeteers ligt.

Ik vond het ronduit cynisch dat Trump Scott Pruitt als nieuwe directeur van EPA aanstelde. Deze man spande verbeten 14 rechtzaken aan tegen het federale agentschap en de klimaatmaatregelen, ten tijde van de Obama-regering. In zijn eerste persconferentie ontkende Pruitt glashard dat de uitstoot van koolstofdioxide de belangrijkste veroorzaker van klimaatverandering is.

Gastheer Chris Wallace van Fox News, de rechtspolitieke nieuwszender die doorgaans waarderend is over Trump en zijn beleid, viel Pruitt in zijn talkshow zelfs hard aan en veroordeelde diens uitspraken. Hij vroeg zijn gast op de man af waarom hij het Clean Power Plan van de Obama-regering wil afschaffen. Agentschap EPA stelde in die afgelopen regeringsperiode een aantal doelen op voor het jaar 2030. De invoering van dit plan zal in Amerika jaarlijks 90. 000 minder astma-aanvallen, 300.000 minder verzuimdagen (door ziekte) op werk en school en 3.600 minder premature baby’s tot gevolg hebben.

Pruitt gaf geen antwoord op de vraag maar antwoordde dat Trump zijn belofte uit de verkiezingscampagne houdt. Wallace draaide de duimschroeven verder aan: “But the question is, there are 166 million [American] people living in unclean air, and you're going to remove some of the pollution restrictions, which would make the air even worse.”

Ik zag het met kromme tenen aan. Pruitt kreeg na het interview zware kritiek uit alle hoeken van de media. De vraag is dan ook niet zozeer waar Aardedag het fanatiekst zal worden beleefd. Wetenschappers uit zeer uiteenlopende disciplines gaan vandaag in heel Amerika massaal de straat op om te demonstreren, in de March for Science. Ik weet zeker dat ze op vele plekken in de wereld zullen marcheren. De aartsconservatieve gebroeders Koch (miljardairs), nazaten van een Zeeuwse emigrant, sponsoren op deze dag de viering van fossiele brandstoffen. Over provocaties gesproken. Kortzichtige, egoïstische, machtswellustige mannen helpen de aarde naar de verdoemenis. Pisnijdig word ik ervan!