Translate

Posts tonen met het label bezoek aan het Alhambra. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bezoek aan het Alhambra. Alle posts tonen

zondag 27 april 2014

Alicante huilt

Dat was wat Bernadette appte toen zij op de luchthaven van Alicante incheckte. Ze dacht dat er regen zou vallen over haar vertrek... Eerder zag ik dat de wolken uitzonderlijk laag hingen; ze leken het asfalt van de landingsbaan te raken. Vanaf het moment dat zij aankwam, tien dagen geleden, scheen de zon. In de dagen dat ze bij ons verbleef, viel er geen druppel. Dat wens je vrienden uit Nederland toe, zeker een zonaanbidster als zij.

We wandelden, zwommen, lunchten aan diverse stranden, kookten thuis, relaxten, speelden met onze iPads, praatten en lachten. Over dat zwemmen wil ik nog wel iets kwijt: Bernadette is zeer sportief en tamelijk Spartaans. Toch was het mijn persoontje dat als eerste de Middellandse Zee indook! De temperatuur ligt rond 21 graden Celsius wat zeker niet slecht is voor de tijd van het jaar maar het is koud. Ik vermoed dat het feit dat ik in die temperatuur tot de laatste dag van ons verblijf in West-Australië zwom, debet is aan mijn dapperheid. (De twee flessen rosé die we bij de lunch dronken, droeg daaraan ook bij.) Ik vond het zeer verfrissend. Uit privacy-overwegingen zet ik geen foto van ons als baadsters... ik vond een mooi alternatief bij Picasso. 

Gedrieën bezochten we Granada. Voor Bernadette was dat de eerste keer, voor ons niet. Wat wij wèl voor het eerst deden, was een appartement met twee slaapkamers huren. Het appartement, eigendom van een Spaanse familie, vonden we op een boekingssite (voor de geïnteresseerde: Casa Palacio Lopez Daza). Het leek ons deze keer leuker dan een hotel. Het pand is zeer centraal gelegen, aan het bekende plein Bib-Rambla. ’s Middags en ‘s avonds vulde het plein zich met Spanjaarden, toeristen, musici en andere kunstenaars. Het appartement had goede dubbele ramen waardoor het geluid en het geroezemoes niet   hinderlijk was. Ook wij aten een avond buiten, aan het 'eigen' plein, met een truitje aan. Toen de wind  opstak, kwamen de windschermen naar beneden. Vervolgens ging de terrasverwaring aan. Zo was het goed toeven.

De eerste avond aten we in een mooi restaurant aan de Plaza del Carmen, genaamd ‘Puerta del Carmen’. Bernadette had het adres doorgekregen van vrienden en nodigde ons uit. We aten heerlijk Spaanse fusion-gerechten (tonijn en inktvis vooraf, hamburgers met een plakje eendelever als hoofdgerecht). In de loop van de avond raakten wij aan de praat met een Italiaan die een restaurant in Londen zei te hebben maar het niet naar zijn zin had in die stad. Hij was op vakantie in Spanje en vertelde ons dat hij elke middag en avond in het betreffende restaurant eet, vanwege de goede gerechten en de mooie wijnkaart. Puerta del Carmen noemt zich namelijk ook ‘vinoteca’.

De ochtend daarna stond het Alhambra op het programma. Mijn liefje en ik liepen in shorts naar het ontbijt en hadden daar direct spijt van. Het was koud in de ochtend: circa 7 graden Celsius. Granada ligt namelijk aan de voet van de Sierra Nevada. Vanuit het appartement hadden we zicht op een dikke sneeuwlaag op enkele pieken. Bernadette was verstandiger; zij droeg een lange broek en had een korte broek in haar schoudertas. Het duurde lang voordat we waren opgewarmd. Het mooie van het bezoek aan dit werelderfgoed was dat de lager gelegen tuinen, die zeer de moeite waard zijn, in bloei stonden. Dat zag ik niet eerder. Ons vorige bezoek aan het Alhambra was namelijk in de maand september. Ik keek mijn ogen uit. De meeste foto’s die ik tijdens dit bezoek maakte, zijn dan ook van bloemen. En van mijn vriendinnen!

We bezochten de kathedraal van Granada, op loopafstand van ons appartement, en bij toeval kwamen we langs de basiliek van San Juan de Dios, uit 1734. Alhoewel ik liever Moorse motieven aanschouw dan barokke kerken, was ik blij het te hebben gezien. Een beter voorbeeld van Andalusische barok zal moeilijk zijn te vinden! 
Ik zal een nieuw (lopend) webalbum samenstellen waarin het een en ander is te bekijken.

De dag erna reden we naar Málaga, circa 130 kilometer ten zuiden van Granada. We wilden daar het Picassomuseum bezoeken. Pablo Picasso werd daar in 1881 geboren. Een bezoek aan dit museum stond al een tijdje op mijn wensenlijstje. Eerder bezochten wij Picassomusea op andere plaatsen in Europa. De grootste collectie hangt in Parijs. Al vond ik het fraai, ik vond het tegelijkertijd ietwat teleurstellend. Het museum heeft een kleinere collectie dan gedacht en de wijze waarop de kunstwerken per zaal waren samengebracht, was niet voor de hand liggend. Ik miste een rode draad in de expositie. Na het museumbezoek lunchten we met heerlijke tapas: onder andere kroketjes van ossestaartvlees en inktvis met zwarte inkt. De lange weg naar huis verliep prima. Inmiddels is Bernadette terug in Nederland. Het wordt hier morgen circa 30 graden Celsius. Zelfs Alicante lacht weer.


zaterdag 14 september 2013

Op hoogtestage

Afgelopen dagen waren we wederom in Andalusië, een reisje dat ik boekte voor de verjaardag van mijn liefje. In een recente krant stond dat reserveringssite booking.com dagelijks 500.000 hotelreserveringen verwerkt. Ongelofelijk! Gelukkig waren niet al die boekingen voor de Sierra Nevada.

Deel 1 van de reis voerde ons naar Trevélez, het hoogstgelegen dorp van Spanje, op 1.462 meter. Onderweg zag ik overal grote cactusvruchten hangen. Op enig moment kon ik mij niet inhouden: ik wilde er per sé eentje proeven. Ik plukte een rode rijpe vrucht, trok de schil er vanaf en at de sappige inhoud met veel plezier op. Niet lang daarna voelde ik de ragfijne stekels in een mondhoek en aan de binnenkant van mijn onderlip. De stekeltjes bleven mij twee dagen irriteren maar het mocht de pret niet drukken. Er is niets leuker dan gezond snoepen van de vrije natuur! In velden plukte ik bovendien granaatappels, witte en blauwe druiven, appels en bramen en verorberde ze zonder bijwerkingen. Dat alles boven hondenpieshoogte, inderdaad... 

De bergdorpen van de Sierra Nevada  zijn doorgaans wit, de straten smal en bloemrijk en overal hangen rode pepers te drogen. 
De laatste steile meters naar het hotel legden we te voet af, de straten werden te smal voor The Beast (onze auto die het heel goed deed in de haarspeldbochten op de route). 

Trevélez is beroemd om zijn hammen die daar op natuurlijke wijze worden gedroogd. Mijn liefje is een grote hamliefhebber dus die bestemming viel in goede aarde. De ‘Jamón Gran Reserva’ wordt zelfs 18 maanden gedroogd.
Het gebied wordt vooral bezocht door getrainde wandelaars maar ook wij genoten van de prachtige panorama’s. ’s Avonds aten we in een dorprestaurant dat niet had misstaan in een Zwitsers skigebied: een blokhut met uitsluitend houten interieur. We kregen een tapa van het huis waar de rijke smaak vanaf spatte. Vooral de tomaatjes waren goddelijk! Bij navraag bleek dat het restaurant een eigen ecologische groententuin onderhoudt.

Deel 2 van de reis leidde naar Lanjarón, de stad van het bronwater met dezelfde naam. De route voerde door de Alpujarras. We deden aan bermtoerisme, aangezien de strandstoelen nog achterin de auto lagen. Zo genoten we van het uitzicht, met een broodje Trevélez-ham. De bergwegen zijn hier en daar smal maar van goede kwaliteit; bijna overal staan stenen of ijzeren vangrails dus eng was het nergens (al had ik wel even zwetende handpalmen toen ik de berg op reed). Er ligt een beetje sneeuw op de hoogste pieken en op delen van het traject zag ik laaghangende wolken onder ons het dal intrekken. Een fascinerend gezicht, dat vond zelfs het liefje van lid nummer 29242 van de Cloud Appreciation Society. Ik was hoogstverbaasd op deze grote hoogte in dit gebied wijnranken te zien staan. Dat overal olijfbomen zijn, weet ik van eerdere bezoeken. De olijven zijn weliswaar groot maar onrijp. De oogst daarvan vindt pas in januari plaats. In een dorpswinkeltje kocht ik (verse) ecologische knoflook en laurierblad. Onderweg plukte ik verse amandelen van de boom; die worden momenteel geoogst.


Het laatste deel van de reis had het Alhambra in Granada als doel. Vele jaren geleden bezochten we Granada en de tuinen van het Alhambra maar we konden toen de paleizen niet binnengaan. 

UNESCO droeg de Spaanse beheerders van dit fotogenieke middeleeuwse werelderfgoed enkele jaren geleden op het aantal bezoekers dagelijks te limiteren, ten behoud van het complex. Vooraf bestelde ik kaarten die op een vast tijdstip toegang verschaffen tot de Nazaríes-paleizen en de Generalife, de Moorse gebouwen. Onze tijd was 12:30 uur maar we waren al vóór 10:00 uur op lokatie. We wandelden op ons gemak door de tuinen en bezochten het paleis van Ferdinand en Isabella, de christelijke vorsten die de Moren uit Spanje verdreven (1492) en in het Alhambra hun westerse sporen achterlieten middels een groot Renaissancistisch paleis.

In aanloop naar dit bezoek las ik het boek ‘The Alhambra’ van Robert Irwin. Ik ben dol op Moorse architectuur en bedacht dat deze lectuur een goede voorbereiding op het lang gekoesterde bezoek was. Irwin beschrijft de geschiedenis van het 42 hectare uitstrekkende complex gedetailleerd. Bovendien laat hij zich zowel kritisch uit over mensen die het Alhambra in de loop der tijd -zonder respect- restaureerden als over hen die het complex geromantiseerd beschreven. Er is veel onbewezen onzin geschreven, aldus Irwin. 
Ik stak er dusdanig veel van op dat ik regelmatig als gids fungeerde. Over de koranteksten op de wanden, de gedichten van voormalige moorse dichters op de muren, de toenmalige inwoners van de Moorse paleizen, de mensen die er werkten, de vrouwen die er leefden, enzovoort. Een interessant boek dat de moeite van het lezen waard is voor mensen die 'de Rode' (vertaling van Alhambra) geinformeerd willen bezoeken.

De verjaardagslunch gebruikten mijn liefje en ik in de Parador van het Alhambra. Het bezoek leverde honderden foto’s op. Het uitstapje was zonnig en zalig. Reizen is verslavend. Het webalbum is inmiddels online.