Translate

dinsdag 22 september 2026

Zoet tegengif in een bittere wereld

De maand september is in mijn woonplaats de maand van de chocolade. We hebben een heel actieve VVV (‘Oficina de turismo) in de gemeente. Er is een speciale gastronomische route bedacht waar je voor een klein bedrag een speciaal dessert kunt bestellen. Ik denk dat we voor het einde van deze maand nog wel een keer ergens een stop maken voor zo’n cacao-explosie. Het schijnt dat 13 september de internationale dag van de chocola was. Nu eet ik graag een stukje chocola als ik er trek in heb maar het aparte is dat ik er niet naar hunker als ik dat goedje niet in huis heb. 

Chocolade zou volgens deskundigen geen verslaving zijn, eerder een ‘eetdrang’. De mens heeft een diepgevoelde behoefte aan stoffen die tot het gelukshormoon (dopamine, serotonine, oxytocine en endorfine) behoren. Volgens hen zijn die essentieel voor het overleven.

Vele maanden geleden schreef ik deze blog al. De aanleiding was destijds een trommel zelfgemaakte pralines die we ontvingen van onze Zwitserse buur-vriendin Liselotte. Als er iemand is die verstand heeft van chocolade, is zij het. De Zwitsers eten zelf jaarlijks de meeste chocolade ter wereld; gemiddeld ruim 10kg per persoon per jaar. Nederlanders eten gemiddeld 4,5kg per persoon per jaar, dat komt neer op een halve reep per week (niet in de Top10). Spanjaarden eten gemiddeld 5,5kg per persoon per jaar.

De Zwitsers waren echter niet degenen die de pure chocolade uitvonden. Die eer valt toe aan de Maya’s die 3.000 jaar geleden de cacaoboon in Zuid-Amerika ontdekten. Ze noemden hun favoriete goedje ‘xocolatl’, een bittere drank met cacao, kruiden en chilipeper. (Dat is nog steeds een lekkere combi!) De Zwitsters zijn wèl de ontdekkers van de melkchocolade, door gecondenseerde melk aan pure chocola toe te voegen.

Onze vriendin Liselotte maakt regelmatig van alles met dat bruine goedje: chocotaart en -cake, taart of cake met chocola en heerlijke desserts (in combinatie met vers fruit). Wij snoepen vaak en graag mee. Deze blog is dan ook speciaal voor haar. 


r leefden eens, eeuwen geleden, twee prinsessen in een groot land hier ver vandaan. Die natie werd Cacáostan genoemd, een uitgestrekt gebied waar rivieren van vloeibare chocolade stroomden, de hoge bergen een poederlaagje cacao hadden en de ‘flik’ de nationale munteenheid was. De koningin van het rijk heette Amandine de Praline.

Er was zelfs een volkslied: 

♫ Cacáostan, O zoet Vaderland, 
Hier eet je de pralines dagelijks uit de hand.
Laat ze vloeien en smelten op de tong,
Voor oude snoepers en voor elk choco-jong.
Wij zijn één volk, verenigd door de boon,
Voor ons geen bitterheid, strijd of hongerloon. 
Wij zijn allen zoetekauwen, smachtend naar een reep. Chocolade houdt ons al eeuwenlang in zijn greep! 

De prinsessen woonden in een chocolate cottage in een buitenwijk van hoofdstad Bonbonville. Zij hadden, net als de rest van de bewoners van dit koninkrijk, een opmerkelijke zwakte: ze konden geen nee zeggen tegen chocolade. Onder de bevolking heerste een collectieve neiging tot chocolisme; een aandoening die volgens de lijfarts van de koningin officieel nog niet medisch werd erkend maar wel breed werd gevoeld. 

's Lands chocolisme begon met een ambachtelijke chocolaterie op het centrale plein van de hoofdstad. Het was een winkeltje genaamd Cacao & Co. waar de etalage zo verleidelijk en verlokkelijk was dat voorbijgangers er geen weerstand aan konden bieden. Als ware chocoholisten móesten ze naar binnen. Stadsgenoten spraken aanvankelijk over hun verslaving alsof het een religie betrof. Men ging niet ‘even’ naar de chocolatier, men ging op bedevaart. De pralines lagen erbij als verleidelijke brokjes geluk. De recepten van de chocolatier waren geen geheim. Iedereen wist wat erin zat, dat het was overgoten met pure chocolade (70% cacao), gedrenkt in diverse soorten sterke drank. Er werd volop geëxperimenteerd in de eigen keuken maar één was nu eenmaal de beste.   

In elke generatie liep de chocoverslaving uit de hand. Er werd gelogen over de gewoonte of die werd verborgen. Sociale contacten en hobby’s werden nog net niet verwaarloosd maar dat was een kwestie van tijd. Er waren zelfs mensen die erdoor in financiële problemen raakten. 

Niet langer werden de dagen ingedeeld in ontbijt, lunch en diner. Voortaan ging het om puur, melk en wit. De meeste bewoners functioneerden beter op een dieet van ‘cacao mèt’. Tot het moment waarop hun energieniveau inzakte als een soufflé na een te vroeg geopende ovendeur.

De chocoladeverslaving werd een probleem. De rentmeester van het koninklijk paleis kon zijn werk alleen nog doen na een pure whiskey-praline. De gouvernante gaf les aan leerlingen in ruil voor chocoladerepen. De baljuw liet zich bij voorkeur fêteren met pralines van eigen bodem. En de koeckebakkers van het land, die ooit meesters waren in volkoren brood, waren inmiddels overgestapt op brownies.

Niet alleen het karakter van de bewoners veranderde in de loop van de tijd, de kernactiviteit van bedrijven deed dat ook. De apotheek verkocht dozen vol cacaoboontjes, de sportschool introduceerde nieuwe cursussen “Chocolates” waar veel sportievelingen op afkwamen.

Maar zoals bij elke verslaving begon de realiteit langzaam door de suikerlaag heen te breken. De stemming van mensen werd steeds vaker bepaald door hun cacao-inname. Als men niet snel genoeg kon consumeren, begon het te irriteren. 

Door chocola voelde eenieder zich aanvankelijk blij en tevreden maar steeds vaker ook ongedurig. Zo ontstond er behoefte aan zelfhulpgroepen maar de programma’s bleken niet te gaan over stoppen; men leerde ‘verantwoord te genieten’. Die bijeenkomsten bleken niet erg succesvol: de deelnemers brachten chocola mee om uit te delen. Dat leidde steevast tot een collectieve terugval.

Tegelijkertijd zat er ook iets ontroerends in de manier waarop de bewoners van Cacaostan met hun addictie omgingen. Van chocolade genieten, was een viering van alledaags geluk. In chocola eerde men vooral de zoete tegenhanger van een soms bitter leven. 

In het centrum van Bonbonville draait Cacao & Co. hedentendage nog steeds op volle toeren. De pralines werden er in de loop van de tijd verfijnder en bijzonderder. De klanten zijn er inmiddels van doordrongen dat elk hapje een vrije keuze is. Wel een verdraaid lekkere keuze!


*  *  * 

Met dank aan onze Zwitserse chocolatière Liselotte, Queen of Praline!


Geen opmerkingen:

Een reactie posten