Translate

Posts tonen met het label FvD verheerlijkt extreem geweld. Alle posts tonen
Posts tonen met het label FvD verheerlijkt extreem geweld. Alle posts tonen

dinsdag 2 juni 2026

Krijn & Co.


Illustratie: Jean Goudens

Wanneer bepaalde politici spreken over ‘de oorspronkelijke Nederlander’ lijkt daarin een verlangen naar een gedroomd verleden door te klinken. Naar een land van uitsluitend mensen met blonde haren, lichte huid en blauwe ogen. Nieuwe partijleider Lidewij de Vos van Forum voor Democratie (FvD) stelde vorige week tijdens een debat in de Tweede Kamer dat de mensen die “van oorsprong” in Nederland wonen, in de meerderheid moeten blijven. Daarmee doelde zij, impliciet maar overduidelijk, op blanke Nederlanders. (Het woord ‘blank’ in plaats van ‘wit’ is een extreemrechts hondenfluitje, een verhulde boodschap voor ingewijden.)

‘Maak blanke kindjes’ stond er op een sticker die was aangebracht tijdens de recente demonstraties tegen de komst van een asielzoekerscentrum (AZC) in Loosdrecht. Daar zit geen woord Spaans bij. 

Al ten tijde van aanvoerder Thierry Baudet noemde deze partij het blanke ras superieur aan gekleurde rassen. Baudet was geobsedeerd door raszuiverheid. Enkele jaren geleden stelde hij voor om alle fractiemedewerkers van Forum in de Tweede Kamer te laten testen op de aanwezigheid van Arisch bloed. Germaans, Noord-Europees raszuiver bloed. (Dit was te lezen in het Historisch Nieuwsblad.) 

Hiermee hangt de complottheorie over ‘omvolking’ samen, ook wel de ‘Grote Vervanging’ genoemd, die door deze politieke partij eveneens wordt aangehangen en inmiddels ook uitgedragen. Men is er in die kringen van overtuigd dat Europa's witte bevolking door een (Joodse) elite bewust wordt vervangen door gekleurde migranten van buiten Europa.

De Nederlandse inlichtingendienst AIVD noemt dit een ‘feitelijk onjuiste complottheorie’ en waarschuwde al in 2017 voor de opkomst van aanhangers ervan. Het o-woord is een vertaling van het Duitse woord ‘Umvolkung’, een term die in de jaren '30 van de vorige eeuw door de nazi's werd geïntroduceerd. Zij waren groot voorstanders van omvolking. Zij wilden alle inheemse bewoners van de veroverde gebieden ‘germaniseren’, om zo het Germaanse ras te laten groeien en ze ‘Lebensraum’ te geven. Dat mondde in de Tweede Wereldoorlog uit in de grootschalige vernietiging van Joden en het ondergeschikt maken en verdrijven van Slavische volkeren (die de nazi’s ‘Untermenschen’ noemden). 

Het o-woord werd rond 2011 populairder door het boek ‘Le grand remplacement’ van de radicaalrechtse Fransman Renaud Camus. Hij schreef dat autochtone Fransen binnen twee generaties zouden worden vervangen door Afrikanen en Arabieren. 

Het goede nieuws (nou ja...) aan dat openbare Kamerdebat is dat Forum voor Democratie publiekelijk werd ontmaskerd als fascistische, racistische en antisemitische partij. In gewoon Nederlands: een doodenge club. Dat beweer ik al jaren. De nieuwe leider van deze partij zette zich tot voor kort graag neer als de redelijke stem van niet-gehoorde Nederlanders. Zelfs politieke hardliners op rechts (Mona Keijzer, Dilan Yesilgöz c.s.) gingen de opmerkingen van De Vos te ver. Kunnen we nu spreken van de Grote Ontmaskering? Is het ‘Lidewij-effect’ hiermee ongedaan gemaakt? De peilingen tonen iets anders. Uit het Nationaal Kiezersonderzoek blijkt onder andere dat het vertrouwen in de politiek niet toeneemt maar de steun voor autoritair leiderschap wel en dat Nederlandse stemmers niet per definitie de liberale democratie steunen. Tja. 

Onze nationale geschiedenis en de wetenschap vertellen een heel ander verhaal over oorspronkelijke bewoners. Een veel complexer en rijker verhaal. De Nederlandse bodem, of beter gezegd de Noordzeebodem, gaf in de afgelopen jaren resten prijs van zeer oude bewoners van wat nu Nederland heet. Een jongeman vond een schedelfragment aan de Zeeuwse kust. Op basis hiervan reconstrueerde men ‘Krijn’, de oudste oer-Nederlander. Hij was een neanderthaler die tijdens de Steentijd in Doggerland leefde, het verdronken land tussen Nederland en Groot-Brittannië; nu dus de Noordzee. 

Men ontdekte dat hij circa 20 jaar oud moet zijn geweest toen hij overleed. Hij leefde waarschijnlijk met mammoeten, rendieren en wolharige neushoorns. De twee Nederlandse paleo-artiesten die deze oer-Nederlander een gezicht gaven “[..] wilden niet zo'n heel stijf oermens-stereotype, we wilden een gewone jongen maken die je ook op straat kan tegenkomen. En een neanderthaler kan ook ergens om gelachen hebben.” Nice to meet you, Lidewij! 

Dat verrassende beeld werd eerder bevestigd door Britse onderzoekers die de beroemde ‘Cheddar Man’ reconstrueerden: een van de oudste gevonden Britten bleek donkerbruin van huid en had blauwe ogen. In 1903 werd een skelet ontdekt uit het Mesolithicum in Gough's Cave in Cheddar Gorge, Somerset. (Die indrukwekkende kalkstenen kloof bezochten mijn liefje en ik eens toen we in het Verenigd Koninkrijk woonden.) 

Deze Cheddar-man, jager-verzamelaar, leefde ongeveer 10.000 jaar geleden en is het oudste bijna complete skelet van onze soort, homo sapiens. Cheddar Man heeft de genetische kenmerken van huidpigmentatie die doorgaans worden geassocieerd met Afrika ten zuiden van de Sahara.

Weer andere genetici kwamen in 2014 tot de conclusie dat het stereotype van de oer-Europeaan als blond en wit historisch onhoudbaar is. Er werden botresten gevonden in twee grotten in het noordwesten van Spanje. Genetische tests die werden uitgevoerd onder leiding van wetenschappers van het Instituut voor Evolutionaire Biologie in Barcelona toonden aan dat de jagers-verzamelaars die 7.000 jaar geleden leefden, de ongebruikelijke combinatie van een donkere huid, donker haar en blauwe ogen hadden. Dat verraste hen. Zij verwachtten dat de vroege bewoners van Europa een lichte huidskleur hadden. Het onderzoeksteam ontdekte dat de vroege Europeaan genetisch gezien het nauwst verwant was aan toenmalige mensen in Zweden en Finland. 

Genetisch onderzoek naar vroege Europeanen en bewoners van dit gebied wijst er dus op dat de eerste mensen in grote delen van Europa vaak een donkere huid hadden, gecombineerd met lichte ogen. Daarvan stammen wij allemaal af, ook de mannen met zwarte capuchons die ‘Wij zijn Nederland!’ brullen tijdens demonstraties.

De ironie in al die wetenschappelijk bevindingen kan niet worden misverstaan. Juist degenen die in Nederland het hardst roeptoeteren over het beschermen van een ‘blanke oerbevolking’ beroepen zich op een verleden dat nooit heeft bestaan. 

Europa is namelijk altijd een continent van migratie geweest. Volkeren kwamen en gingen. Jagers-verzamelaars trokken vanuit de hoorn van Afrika en het Midden-Oosten naar het noorden. Later kwamen er landbouwers uit Anatolië aan. Daarna verschenen Indo-Europese stammen, Romeinen, Germanen, Vikingen, Joden, Spanjaarden, Fransen, Molukkers, Surinamers en talloze anderen. Nederland is geen zee van raszuiverheid maar een delta: een plek waar veel stromen samenkomen. 

Zelfs het idee van ‘ras’ blijkt wetenschappelijk uiterst wankel. Moderne genetica laat zien dat verschillen binnen bevolkingsgroepen vaak groter zijn dan tussen bevolkingsgroepen. Huidskleur is bovendien geen cultureel -laat staan moreel- kenmerk, het is een evolutionaire aanpassing aan zonlicht en vitamine D. Een lichtere huid werd in Noord-Europa pas dominant nadat de landbouw zich er verspreidde en ons voedsel veranderde. (Doordat Anatolische landbouwers meer granen aten, zou onze huid lichter zijn geworden.) 

Dat betekent echter niet dat er geen sprake kan zijn van een sociale of culturele identiteit (eigenheid), nationaal of individueel. Mensen hechten aan taal, geschiedenis, gewoonten, normen en waarden. Maar praten over identiteit wordt gevaarlijk zodra het verandert in een begrip met mythologische betekenis. Als extreemrechtse politici (van partijen als FvD, PVV en DNA) doen alsof Nederland ooit een etnisch homogene samenleving was, doen zij de werkelijkheid geweld aan en betreden zij het terrein van het zogenaamde ‘romantisch nationalisme’. Men idealiseert de oorsprong van de eigen natie op basis van wensdenken. 

Saillante details in deze context zijn dat Geert Wilders een gemengde Indonesisch-Nederlandse achtergrond heeft en dat hij al sinds het begin van zijn politieke carrière zijn haar blondeert en dat de leider van De Nederlandse Alliantie (DNA) Gideon Markuszower in Israël werd geboren (diens vader is van Pools-Joodse afkomst). Ook zij zijn het die complottheorieën aanhangen, zoals die over omvolking. Ook zij willen Nederland ‘blank’ houden. Tja.    


Illustratie: Van Handelsman
De theorie van omvolking is kwaadaardig en in vele opzichten problematisch. Het begrip suggereert niet alleen dat bevolkingsverandering een boosaardig complot is maar ook dat sommige personen nederlandser zijn dan anderen. Alsof Nederland eigendom zou zijn van één menstype met één specifieke set lichaamskenmerken?! De oer-Hollander uit extreemrechtse fantasieën lijkt eerder op een personage uit een 19de eeuws schilderij dan op een mens van vlees en bloed. 

De wetenschap prikt die illusie genadeloos door en dat is maar goed ook, al zullen er altijd mensen zijn die twijfels houden over de rol van de wetenschap (dat is ook een met name extreemrechtse hobby). 

Een van de belangrijkste conclusies omtrent Krijn en zijn collega oerbewoners is dat zij donkerder zijn dan veel hedendaagse Nederlanders of Europeanen. Een andere conclusie is dat identiteit geen fossiel is. Het is geen doods begrip, het is juist springlevend. Identiteit is dynamisch, het verandert en vermengt zich voortdurend. Wie diep genoeg graaft in de Nederlandse geschiedenis vindt die constante verandering en vermenging. 

Die gekleurde voorouders maakten Nederland tot óns land. Nederland heeft een nationale identiteit waarvan diversiteit en verscheidenheid altijd de grootste krachten waren. Daar ligt onze toekomst, dát is Nederland! 


zaterdag 28 maart 2026

Consternazi

In 104 gemeenten (van de 342) in Nederland kreeg Forum voor Democratie (FvD) een zetel, zo bleek uit de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen van vorige week. Daaraan mochten wij, Nederlanders in het buitenland, niet meedoen. Dat vind ik terecht. Het gaat immers voornamelijk om lokale beslissingen. In mijn huidige thuisland Spanje mogen we juist wel stemmen voor de gemeenteraad, maar niet landelijk. Er zijn landgenoten die menen dat we ook niet mogen deelnemen aan landelijke verkiezingen. Ik begrijp die opvatting maar ben toch blij dat het wèl mag. 

Al was de algemene opkomst niet heel hoog (ruim 53% van de gerechtigde stemmers), het totaal aantal zetels nam voor deze partij toe van 54 (2022) naar 299. FvD kreeg ruim 307.000 stemmen. Dat aantal komt van personen die zich inhoudelijk verwant voelen met de partij, personen die tegen AZCs zijn en stemmers ‘op het platteland’. Maar ook ‘het Lidewij-effect’ werd als reden opgegeven. 

De opmars van FvD onder leiding van Lidewij de Vos moet deels worden gezien als een voorbeeld van het gebrek aan normering in de politiek. Ideeën die ooit als marginaal, onfatsoenlijk of ronduit verwerpelijk golden, worden langzaam maar zeker salonfähig. Niet omdat ze overtuigender werden in de loop van de tijd maar omdat de grenzen van het toelaatbare in de afgelopen tijd flink werden opgerekt.

FvD presenteert zich graag als een jonge, frisse uitdager van de ‘oude politiek’ maar wie de retoriek aanhoort en het netwerk rondom de partij bekijkt, ziet een minder onschuldige werkelijkheid. 

Er kwam vooral kritiek uit eigen partijgelederen op deze cartoon van Joep Bertams die hij maakte voor de Groene Amsterdammer en die ook in de Telegraaf werd geplaatst. De hoofdredacteur van die krant vindt dat journalisten (als Bertams) terecht veel vrijheid krijgen om hun mening te uiten. Dit zou volgens hem geen reden tot huilie-huilie moeten zijn bij FvD. Het is een bekende tactiek uit extreemrechtse hoek: eerst insinueren, dan relativeren en tenslotte verontwaardigd doen wanneer er kritiek komt. Alhoewel dit beeld van De Vos schuurt met de goede smaak zou je dit een koekje van eigen deeg kunnen noemen. 

Als gevolg van het verkiezingssucces zullen op lokaal niveau figuren het politieke toneel binnenstappen die flirten met extremistische denkbeelden: bewondering voor een etnisch ‘homogeen’ Nederland, het bagatelliseren van racistische theorieën, het ventileren van complottheorieën waarin verdacht vaak antisemitische ondertonen doorklinken. 

Volgens partijleider De Vos horen ‘radicale standpunten’ bij een fase van ‘politieke volwassenwording’. Dat deze ideeën nu hun weg vinden naar gemeentelijke bestuurskamers is niet alleen veelzeggend, het is evenmin onbeduidend. Juist op lokaal niveau worden concrete beslissingen genomen over de gemeenschap. Wie hoort erbij, welke groep krijgt ruimte, hoe verhouden burgers zich tot elkaar? Wanneer een partij structureel inspeelt op uitsluiting van bepaalde groepen en wantrouwen jegens instituties als drijfveer heeft, moet de politiek niet wegkijken of bagatelliseren. Dat leidt tot verdere normalisering van taal die groepen tot zondebok en ‘de ander’ bestempelt, tot het zaaien van achterdocht jegens democratische instellingen. Dat is kwalijk en gevaarlijk. 

De partij verkoopt zich als de stem van niet-gehoorde burgers, van  onuitgesproken frustraties, als de enige die ‘durft te zeggen waar het op staat’. Maar die pose verhult dat veel van wat er door partijleiding en leden wordt gezegd, niet dapper is maar juist gemakzuchtig. Het zijn oude vooroordelen in nieuwe jassen. Het is eenvoudiger om complexe maatschappelijke problemen te herleiden tot de aanwezigheid van schimmige vijanden dan om succesvol met de weerbarstige realiteit om te gaan. 

In en rond deze partij wordt bewondering geuit -vaak impliciet, soms zelf expliciet- voor criminelen die symbool staan voor extreem geweld of de verheerlijking ervan. Neem de Noor Anders Breivik met extreemrechtse opvattingen die in 2011 77 onschuldige jonge mensen doodschoot tijdens een zomerkamp. Of neem de Australiër Brenton Tarrant die in 2019 51 onschuldige moskeegangers in Christchurch (Nieuw-Zeeland) doodde. Door Fvd’er Timon Busscher (nummer 3 op de kieslijst van Den Haag) werd dit lugubere tweetal ‘een goddelijk duo’ genoemd. 

Frank Folkerts, nummer 2 op de kieslijst van Nieuwegein, was in 2010 nog lijsttrekker in Overbetuwe voor de Nederlandse Volks Unie (NVU, opgericht in 1971), een nationaalsocialistische partij die volgens de AIVD ‘traditionele antisemitische neonazi's’ aantrekt. 

Daan Meershoek, nummer 2 op de FvD-kieslijst in Nijmegen, had (heeft?) banden met De Geuzenbond, een organisatie die door de Nederlandse inlichtingendienst als extreemrechts wordt bestempeld. 

De lijsttrekker en fractievoorzitter van FvD in Haarlem, Moriah Hartman, noemde het dagboek van Anne Frank enkele jaren geleden ‘overgewaardeerd’. Ze zit daar al vier jaar in de gemeenteraad zonder dat er al te veel ophef over ontstond. 

En tenslotte heeft FvD ook nog Reginald Eeckhout in hun gelederen, medeoprichter van Erkenbrand, een studiegenootschap dat streeft naar een ‘blanke etnostaat zonder Joden’. Deze dubieuze club streeft ernaar een autoritair politiek bestel te realiseren dat alleen de grondrechten van de witte (mannelijke!) burger waarborgt. Eeckhout stond op plek 7 van de kieslijst van Amsterdam. 

Een columnist van de Volkskrant zei het plastisch: bruinhemden zijn weer in de mode. 

Partijleider Lidewij de Vos rekent het haar mannen en vrouwen niet aan. (Zelf heeft ze zich nooit openlijk schuldig gemaakt aan dit soort narratieven maar ze biedt een podium en dat is niet zo onschuldig als het lijkt...) Ze doet ze af als ‘verjaarde jeugdzonden’. Daarmee maakte cabaretier Youp van ’t Hek korte metten in zijn column van vorige week. De Vos’ reactie op kritiek volgt een inmiddels bekend patroon: ontkennen, bagatelliseren of de boodschapper aanvallen en tot vijand bestempelen. Kritiek wordt afgedaan als het werk van een vijandige elite, waardoor elke inhoudelijke discussie bij voorbaat verdacht wordt gemaakt. Zo ontstaat een denkwijze waarbij tegenspraak de bevestiging is van het eigen gelijk.

Dat de uitspraken van deze leden überhaupt resoneren in een politieke context, klinkt als een alarmsignaal. Het is alarmerend dat Forum voor Democratie dit soort extremisten niet buiten de deur wenst te houden. En het is alarmerend dat mensen stemmen op mensen met deze profielen.

De vraag is waarom de voedingsbodem voor FvD zo vruchtbaar is. Onvrede over woningnood, migratie, globalisering en bestuurlijk falen is terecht en reëel. Maar de vertaling van die onvrede in een politiek die flirt met extreemrechts, met uitsluiting en complotdenken, kan nooit de oplossing zijn. Kiezen voor deze politiek, voor zo'n partij is niet voor elke kiezer een bewust keuze, denk ik. Er zijn mensen die hun onderbuikgevoelens volgen. Wat wèl een bewuste keuze is, is een politieke cultuur die te lang heeft gedacht (gehoopt) dat dit soort geluiden vanzelf zouden wegebben. Het tegendeel blijkt nu waar.

Die toon en inhoud van FvD vindt weerklank bij een bepaald soort kiezers. Mensen met een haperend moreel kompas, wat mij betreft. Ik begrijp hun boosheid en onvrede tot op zekere hoogte. Maar zonder gêne stemmen op openlijk racistische, misogyne, antisemitische types? Neonazi’s? En niet te vergeten, FvD is een Poetin-verdediger. Het benauwt mij dat die stemmers zo weinig historisch besef (b)lijken te hebben. Het was de in Madrid geboren Spaans-Amerikaanse filosoof George Santayana die ooit schreef: ‘Those who cannot remember the past are condemned to repeat it’. Tja. 

Wat rest is de ongemakkelijke constatering dat democratie niet alleen van buiten wordt aangevallen door tegenstanders. Met partijen als FvD wordt het systeem ook van binnenuit uitgehold. Dit soort partijen ondermijnt de geest van de democratie. FvD beweegt zich precies op dat snijvlak: luid roepen om ‘meer democratie’ terwijl het vertrouwen in de fundamenten ervan systematisch wordt aangetast. 

Dit gaat volgens mij niet (meer) over links of rechts. Dit gaat over democratisch versus anti-democratisch. Zowel de landelijke FvD als de lokale fracties nemen geen afstand van deze personen en hun uitspraken. Hierdoor voelen veel partijen zich genoodzaakt een boycot in te stellen. In Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Nijmegen nam men vóór de vorming van een nieuwe gemeenteraad het besluit dat er onder geen beding zal worden samengewerkt met fascisten. In die steden zal de partij worden geboycot. Het gaat niet om het negeren van kiezers, maar om het nemen van politieke verantwoordelijkheid. 

Zij kiezen voor politieke isolatie maar die aanpak bleek in het verleden niet altijd effectief. (Men ging in veel gevallen alsnog overstag.) 

Bovendien kan een cordon sanitaire FvD in de kaart spelen, kan het de partij electoraal voordeel opleveren. Ook kiezers op die partij kunnen denken dat hun stem er niet toe doet. De vraag blijft wel hoe ver men bereid is de grenzen op te rekken in naam van democratie en vrijheid van meningsuiting? Wanneer verandert tolerantie in medeplichtigheid aan kwalijk gedachtegoed en verdere normalisering ervan? 

Kleinere gemeenten, zoals bijvoorbeeld Delft en Haarlem, sluiten samenwerking niet bij voorbaat uit. In een democratisch bestel wordt op inhoud gediscussieerd. Politieke opponenten dienen inhoudelijk te worden aangepakt, niet te worden uitgesloten. Daar gaat de raad per onderwerp bekijken wat goed is voor de stad. 

Zelf hecht ik waarde aan nóg een andere strategie. Die waarbij gematigde politici en bestuurders sneller en duidelijker grenzen trekken: tot hier en niet verder (het noodzakelijke ‘normeren’). Je hebt standvastige bondgenoten nodig als je een vijand van de democratie wilt verslaan! 

De antwoorden op de vele vragen die er zijn, zullen bepalen of de opmars van extreemrechts gedachtegoed een tijdelijke oprisping is of een blijvend verschijnsel.