Translate

Posts tonen met het label boek '1000 places to see before you die. A traveler's life list' - Patricia Schultz. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boek '1000 places to see before you die. A traveler's life list' - Patricia Schultz. Alle posts tonen

zaterdag 1 november 2014

Trekvogels

Het is alweer November! Aan het weer zou je het niet aflezen: de temperatuur komt hier dagelijks nog boven 24 graden Celsius. Ik kan mij niet herinneren ooit zo’n zomerse oktobermaand te hebben meegemaakt in de tien jaren aan de Costa Blanca. Dat bevestigden de lokale weerdeskundigen: dit was de warmste oktobermaand in Spanje sinds 1965. Ongemerkt glijden we richting winter. De wintertijd werd ingesteld, ook hier gaan de lampen ’s avonds eerder aan.
Toen wij recent naar San Pedro reden om daar over de kilometerslange pier te wandelen, zag ik een grote zwerm vogels in V-formatie over onze hoofden trekken. San Pedro is een vogelgebied: het hele jaar door zie je vogels, onder andere flamingo’s, in en om de Mar Menor. In deze kleine binnenzee zijn momenteel veel migrerende vogels te zien. Ze trekken naar het zuiden… net als wij.
 
Bij mijn gevederde vriendjes roert het trekinstinct zich; dalende temperaturen en afnemend daglicht brengen dat voort. Aan het einde van de maand vliegen ook wij naar Buenos Aires, door hetzelfde instinct gedreven. Mijn liefje en ik gaan ruim vijf weken in de stad van de tango wonen, waar het zomert, en daar hebben we veel zin in. We huurden een appartement in een van de leukste wijken: Palermo Viejo, trendy maar rustig en groen, op korte loopafstand van Plaza Cortázar. We worden porteños te midden van 13 miljoen inwoners van Buenos Aires. Onlangs las ik in een webkrant dat Arie Boomsma vastzat op de luchthaven van Buenos Aires vanwege stormachtig weer. Hij is maker van het programma ‘Roze Wildernis’ waarin homojongens en hun vaders de Argentijnse wildernis intrekken om onder de bezielende leiding van Arie aan hun slechte relatie te werken. Tja. Wij gaan het zonder Arie doen, zowel in de hoofdstad als over de pampa’s van Argentinië. Wij zijn op ons best als we samen, vrij als vogeltjes, over de wereld kunnen fladderen…

We stippelden de route van Buenos Aires tot aan Otavalo (Ecuador) uit, de belangrijkste bezienswaardigheden werden in kaart gebracht. Kijkend naar de ontstane route, realiseer ik mij dat het eigenlijk een stedentrip mèt wordt... We zullen onderweg veel UNESCO-werelderfgoed zien; bovendien kunnen we een aantal plekken uit het boekwerk ‘1000 places to see before you die’ gaan afstrepen. Schelpen zal ik er nauwelijks vinden, walvissen zijn er in die tijd van het jaar niet te zien.
Wèl verheugen we ons op een goede mix van cultuur en natuur, kleurrijke volkeren, lekker eten en wijn proeven. Boven 2.000 à 2.500 meter kunnen we te maken krijgen met hoogteziekte. Eén ding houdt de gemoederen bezig: alle reisgidsen waarschuwen voor schimmige buurten in grote steden, voor zakkenrollers en andersoortige overvallen, waarbij Ecuador de kroon spant. Maar een gewaarschuwd mens telt voor twee.

In Buenos Aires gaan we vooral genieten van alle facetten van het hoofdstedelijke Argentijnse leven. We gaan alle stadswijken verkennen, het graf van Evita Perrón opzoeken, op donderdag gaan we kennis maken met de Dwaze Moeders op Plaza de Mayo en verder vele musea, restaurants, kerken en theaters bezoeken. Lopend, op de fiets en met openbaar vervoer. Met de gratis Buenos Aires City Map Walk app in de hand.

In januari 2015 gaan we dan met de ferry naar Montevideo, de hoofdstad van Uruguay. Het is geen grote stad maar heeft wel de nodige hustle & bustle. Hier verblijven we een week in de oude stad voordat we naar Argentinië terugvaren. Van daaruit starten we onze binnenlandse reis door het land van Máxima. We gaan met openbaar vervoer, via kleine en grote steden door de provincies Buenos Aires, Santa Fé, Córdoba, La Rioja, San Luis en Mendoza richting het Andesgebergte. Langs dat traject vind je een rijk koloniaal verleden (Jezuïetenmissies) maar ook veel natuurschoon. Zo willen we bijvoorbeeld de natuurparken Ischigualasto en Talampaya bezoeken, waarin onder andere de Maanvallei ligt en waar in het verleden dinosaurusfossielen werden gevonden.

Ook de Andes zullen we per openbaar vervoer oversteken. Eenmaal in Chili zullen we doorrijden naar badplaats Viña del Mar. Het land is daar circa 75 kilometer breed terwijl de lengte van Chili meer dan 4.000 kilometer is! Havenplaats Valparaíso, een stad verspreid over 21 heuvels, wordt afgeraden als verblijfplaats maar we gaan het zeker bezoeken. Het is zowel de geboorteplaats van Salvador Allende als van Augusto Pinochet. Daarna reizen we naar hoofdstad Santiago, de geboorteplek van Pablo Neruda, schrijver en winnaar van de Nobelprijs voor Literatuur (1971) waar we het stadsleven weer opzoeken. Isla Negra is waar hij zijn boeken schreef; staat ook op de lijst.

Van daaruit vliegen we naar Ecuador voor twee bijzondere excursies: de vulkaanroute met de Tren Crucero (de nachten brengen we door in haciendas), gevolgd door een bootcruise langs de Galapagoseilanden (daar slapen we aan boord). Na terugkeer uit Darwins dierentuin vliegen we naar Quito voor meer stadsleven. Daar zullen we  een bezoek brengen aan de Madonna van de stad, en gaan met de spectaculaire kabelbaan naar een hoogte van 4.000 meter, langs de helling van de Pichincha-vulkaan, met adembenemend uitzicht over deze oude stad met koloniaal verleden. Onze rondreis wordt afgesloten in bergdorp Otavalo dat bekend is om zijn kleurrijke Indianenmarkt en fraaie vergezichten.
Een verplicht nummer, volgens de vele reisgidsen die we inmiddels bestudeerden. Daarna volgt de grote trek van zuid naar noord. Net als mijn gevederde vriendjes. Deze chicks strijken dan weer neer op het nest, in afwachting van de Spaanse lente.


zondag 10 mei 2009

De rugzak knapte zienderogen op

Er wordt wel beweerd dat mensen reizen omdat ze iets zijn kwijtgeraakt dat ze graag willen terugvinden. Als een zoektocht naar het verlorene, het ooit bekende. Voor mij is reizen in eerste instantie juist het zoeken naar het onbekende, het verbreden van de eigen horizon, het leren van nieuwe ervaringen. Tijdens de recente rondreis bezochten we de Marokkaanse koningssteden Rabat, Fès (oudste stad van het land), Meknés en Marrakech en Volubilis (de ruïnes van een Romeinse stad) en trokken we door het Rif- en Atlasgebergte. De reis zou zo een goede combinatie van cultuur en natuur moeten worden en dat werd het ook.

De steden waren vol met paleisbezoeken en bezoeken aan graven, medina's, kasbahs (het mooste Arabische woord dat ik ken!) en souks. Moorse architectuur heeft mij altijd geboeid en de Berberverhalen erbij maakten het vaak nog interessanter. In dat licht bezien, zal ik het bezoek aan ´Le Palais de la Bahia` (19e eeuw) in Marrakech niet snel vergeten: 1.000 competente Marokkaanse handwerkslieden werkten gedurende 7 jaar aan de bouw van het grote complex. Ook de kleine koranschool van Salé (13e eeuw), een buitenwijk van Rabat, vond ik van een grote schoonheid. Net als de grote madrasa van Marrakech (16e eeuw). Ik zal je de vele, vele foto`s van mozaïeken, pilaren, kalligrafieën, koranverzen, cederhouten plafonds, deuren en poorten met Moorse motieven besparen. De binnenstad van Fès, de grootste van de Magreb met zijn 9.400 smalle straten (!) die wij met een gidse bezochten, maakte tevens diepe indruk op mij. Zij woonde haar hele leven al in die medina. Toen ik haar vroeg op welke leeftijd zij alleen uit spelen mocht gaan, glimlachtte zij slechts... Met haar erbij zijn wij niet verdwaald. De straten waren soms zó smal dat er slechts plaats was voor één passant tegelijk. Ik moest weleens aan de kant springen als er een zwaarbepakte ezel aankwam.

De toekomstige ´Twee voor Twaalf`-quizvraag over arganolie zal ik zeker correct gaan beantwoorden. Dat onderwerp heeft geen geheimen meer voor mij. Arganolie is een belangrijk en interessant Marokkaans exportproduct. De olie wordt verkregen uit de pitten van de ´Argania spinosa` (waarvan er nog zo'n 20 miljoen staan in het gebied tussen Agadir en Essaouira) en wordt voor cosmetische en culinaire doeleinden gebruikt. De druppelvormige boomvrucht is een lekkernij voor geiten; die vinden het dermate smakelijk dat ze tot in de hoogste toppen van de boom klimmen om ervan te kunnen snoepen! Deze oude boom staat inmiddels op de UNESCO-lijst van bedreigde soorten; dit komt door overbegrazing en sterk toegenomen houtkap voor vuur.
De productie van de olie vindt doorgaans in vrouwencollectieven plaats.
Wij bezochten een collectief van alleenstaande vrouwen; de meeste vrouwen waren door hun man verlaten. Het vruchtvlees wordt van de pitten verwijderd, de pitten worden handmatig met een steen gespleten en vervolgens worden deze tot olie vermalen of geperst. Dat handwerk bleek lastiger dan gedacht: het lukte mij, slappe Westerlinge, nauwelijks de pit van zijn omhulsel te ontdoen terwijl de Marokkaanse vrouwen het met het grootste gemak -en een meewarige blik in de ogen- voordeden. Circa 35 kilo vruchten levert 1 liter arganolie op.
Met hooggespannen verwachtingen schafte ik een flesje aan bij de dames. Dat was goed voor hen en wellicht ook voor mij (maar dat moet nog blijken). Diezelfde avond ontdekte ik dat de helft van de olie uit het flesje in de rugzak was gesijpeld. Ik nam de schade op: er kwam een geur van hazelnoot en sesamzaad uit de tas tevoorschijn. Enkele dagen later bekeek ik de rugzak nog eens goed en moest ik constateren dat alle plooien uit de tas waren verdwenen, hij waterafstotend was geworden en de kleur ervan behoorlijk was bijgetrokken. Een wondermiddel? Een superinvestering! Het restje van de olie koester ik nu als een ware schat...

Over de rijke Marokkaanse natuur valt veel te schrijven. Het verblijf op de zandduinen van Erg Chebbi, aan de rand van de Sahara, vond ik een absoluut hoogtepunt. Zoals de kleur van het omringende zand elk uur van de dag leek te veranderen. Van een onuitsprekelijke schoonheid. Ook de sterrenhemel was onbeschrijfelijk...
Als ik de eigen selectie van deze reis bekijk (te vinden bij ´Mijn Webalbums`) is duidelijk te zien dat ik veel plezier beleef aan het fotograferen van mensen. Dat was in Marokko niet gemakkelijk omdat ik vaak geen toestemming kreeg van de vrouw of man in kwestie. Die beslissing respecteerde ik al was het soms mokkend. Naast alle cultuur- en natuuropnamen, zijn ook de momenten waarop even ècht (oog)contact ontstond met een vreemde mij dierbaar. Een glimlach over iemands gezicht zien glijden, bestemd voor jou? Mij doet het goed! “Life is not measured by the number of breaths we take but by the places and moments that take our breath away.” Aldus het anonieme voorwoord in het boek ´1,000 places to see before you die - A traveler's life list` van Patricia Schultz. Dat alles maakt reizen zo mooi.