Translate

Posts tonen met het label Balinese ceremonie Ngaben. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Balinese ceremonie Ngaben. Alle posts tonen

vrijdag 16 december 2016

Oude en nieuwe tradities

Gedurende de tijd dat wij in dit dorp verbleven, overleden twee dorpsgenoten. hh's Ochtends vroeg en 's avonds hoorden we de heilige man oude teksten reciteren door een microfoon. Doorgaans heeft dat iets rustgevend maar eergisteren en de dag ervoor werd er gebeden en gezongen door iemand die niet had misstaan in een stand-up comedy. Het klonk alsof hij allerlei typetjes nadeed. Mijn liefje en ik werden er een beetje lacherig van.

Gisterochtend hoorden we muziek dichterbij komen dus ik besloot mijn neus buiten het resort te steken. Dat deed ik op het juiste moment: een enorme stoet mannen, vrouwen en kinderen in traditionele kleding liepen achter de kist van de overledene aan. Het was bepaald niet de eerste ceremonie die ik meemaakte. Alhoewel ik niet in sarong was gekleed, werd ik gedoogd. Balinezen zijn wat dat betreft wel nieuwsgierige toeristen gewend.

Hindoes geloven in reïncarnatie en zij cremeren hun doden. Crematie is een voorwaarde om op aarde te kunnen terugkeren. Het bleek te gaan om de belangrijkste holy man van Lovina. Putu, een oude bekende, vertelde mij in de optocht dat de man drie maanden geleden ernstig ziek werd. Hij was nog betrekkelijk jong, begin 60. Het leek alsof het gehele dorp uitliep, de stroom mensen was enorm. De wit-gele kist (bade) met foto van de overledene, stond op een bamboeplateau dat op de schouders van stoere kerels werd gedragen. Holy men zijn overigens altijd geheel in wit gekleed. Aan beide zijden van de kist stond een in witte en gele stof omwikkelde jongeman, een van hen zwaaide met een scepter, een kip-op-een-stokje.

De banjar gamelan, het plaatselijke muziekgezelschap, bepaalde het tempo van de bewegingen. De kist werd meermalen omhoog getild, omlaag geduwd en rondgedraaid. Dat doet men om zeker te weten dat de overledene dusdanig in de war raakt dat hij niet meer naar zijn aardse familie en zijn thuis kan terugkeren. Dat gebeurde telkens onder een hoop gejoel. Een Hindoe-crematie heeft ogenschijnlijk niets verdrietig. De stoet liep langs de tempel die direct aan zee staat. De crematieplaats bleek echter gewoon onder de bomen te zijn, op de wandelboulevard langs de Balizee.

Er werden rondjes gedraaid met de kist, naaste familie hield een wit snoer vast waarlangs de bewegingen werden gemaakt. De kist werd op de grond gezet, de overledene werd in zijn lijkwade op de vuurplaats gelegd die vervolgens werd overkapt. Toen het vuur werd aangestoken en de naaste familie zich om het lichaam heen schaarde, was het voor mij tijd om te gaan. Niet omdat ik de ceremonie niet verder kon aanzien maar omdat ik beloofde twee speelmaatjes van de mannetjes uit te zwaaien. Eenmaal terug in het resort vertelde een medewerker mij dat de overledene, Jro Mangku Gede Loster, jaren geleden ook hun familietempel ter plekke had ingewijd. Het vuur wakkerde nog urenlang, zag ik later op de dag vanuit de verte.

Op diezelfde dag zag ik 's middags een halo om de zon; altijd bijzonder om te aanschouwen. De Hindoekalender bepaalt op welke dag een ceremonie mag plaatsvinden. Wij maakten deze week tevens een (super)volle maan mee dus het was een goede tijd voor festiviteiten.

Om het goede rapport van Yuda en het begin van de schoolvakantie te vieren, besloten we op zondag jongstleden naar een nieuw pretpark in de buurt te gaan, genaamd Krisna Funtastic Land, dat op 12 november opende. Elsa had haar zonen eerder naar binnen geloodst maar toen maakten ze geen gebruik van attracties. Een ritje kost in het weekend 17 à 22.000 Rpi per persoon (€1.25 à 1.50) dus dat kan niet iedere Indonesische familie zich zomaar veroorloven. Maar daar heb je suikeroma’s voor. De beide mannetjes kwamen op hun paasbest aan, ze hadden er zin in.

Om vijf uur in de namiddag kwam de regen echter met bakken uit de hemel. Een donkergrijze deken daalde over ons neer dus we besloten het vertrek uit te stellen. Dat hebben we geweten! De oudste bleek zum Tode betrübt… nog nooit zag ik zulke dikke tranen over zijn wangen rollen. Hij dacht dat uitstel afstel betekende en was ontroostbaar. We wisten niet hoe snel we moesten melden dat we zouden vertrekken zodra de regen ophield. Een uurtje later was dat het geval. Toen waren zijn tranen inmiddels op. Ik begrijp zijn stress wel. Zelfs voor mijn generatie zijn pretparken en circussen doodnormaal. Hier komen ze van heinde en verre, zelfs in volle bussen van Java, om iets dergelijks te beleven.

We kwamen dan ook in een gi-gan-ti-sche file terecht en dat is niet verwonderlijk als je bedenkt dat het lang duurde voordat Noord-Bali serieus vertier ging verschaffen aan de lokale bevolking. Nu gaat het in een stroomversnelling: er is een lunapark, een zeilschooltje, er zijn speeltoestellen in zee, je kunt inmiddels parasailen en waterscooters huren (helaas) en zwembaden schieten overal als paddenstoelen uit de grond. Moeder Elsa moest die avond koken in de villa van haar werkgever dus ze zette ons bij de ingang van het pretpark af en reeds terug. We spraken af dat we elkaar op een later moment bij diezelfde ingang zouden treffen en dan samen onze weg zouden vervolgen.

De eerste attractie die we uitprobeerden, was de roller coaster voor kinderen. Mijn liefje verklaarde zich bereid in de lange rij te gaan staan om kaartjes te kopen, terwijl ik twee ogen op de mannetjes hield. Je moet er niet aan denken hen in een Indonesische mensenmassa kwijt te raken. Wij waren de enige orang kulit putih (witte mensen). Damai (5) en ik gingen voorop, Yuda (9) en mijn liefje stapten in het karretje achter ons. De kinderen zijn nog te klein om alleen te gaan al zit je in de riemen en kom je niet hoger dan drie meter van de grond. Wij vielen echter geenszins op: de meerderheid van de reizigers was ruimschoots volwassen. Dat vond ik wel ontroerend. Damai was een beetje bang door de snelheid en de bochten dus die zat extra stevig in mijn armen, Yuda was door het dolle heen. Wijzelf waren gematigd enthousiast. Tja.

Inmiddels schemerde het. De volgende attractie was de kereta api, een treintje op een hoge rails waarin je een groot deel van het verlichte park kon overzien; het bleek dé favoriet van Damai. Het duurde minstens een half uur voordat we het hoogste platform bereikten. De mannen hadden ogen op steeltjes, ik zag de adrenaline uit hun oren komen. We wisselden van samenstelling, Yuda kwam nu naast mij zitten. Hij trapte zo hard mee op de pedalen dat onze trein af en toe uit de bocht leek te vliegen. We reden zelfs over een daar geparkeerd echt vliegtuig heen. Het kereltje stuurde ons echter geconcentreerd en vaardig langs het traject, mijn liefje en Damai reden deze keer voor ons uit.

Op dat moment was Elsa nog in geen velden of wegen te bekennen. We stuurden een bericht met de vermelding van onze locatie op het terrein. Ze bleek wederom in een file te staan, nóg langer deze keer. Wij besloten door te stomen naar attractie nummer 3, het lampionnenfestival. Dat vonden wij, oudjes, een schot in de roos. 

Er waren verlichte Disney-figuren, grote dieren, Aziatische taferelen, het New Yorkse vrijheidbeeld, de Eiffeltoren en nog veel meer. Met een bootje kon je langs alle beelden varen. Zelfs de kleine zeemeermin, mijn favoriete Disney-figuur, was er! Daarna was het de hoogste tijd Elsa te gaan zoeken maar de mannetjes somden op wat nog op hun programma stond voor die avond: de botsautootjes en een bezoek aan een echt vliegtuig, op het 5 hectaren grote terrein. Wij vonden het welletjes. Elsa bleek nog steeds onderweg dus wij spraken af elkaar in een nabijgelegen restaurant te treffen. De jongste viel aan tafel in slaap voordat zijn moeder arriveerde, de oudste zat dromerig voor zich uit te kijken. Die deed alle attracties in gedachten over. 

Morgen gaan we naar de school van Damai, waar hij optreedt in een Balinese dansvoorstelling. Met elkaar houden we zo mooie tradities in ere. 


dinsdag 20 juli 2010

Prior(i)tijd

Het is leuk om vriendin Pauline, ondernemend fotografe, van dichtbij bezig te zien. Voor haar vertrek naar Bali bedacht ze dat ze in de komende weken een bepaald type fotoreportage ging maken. Dat bleek anders uit te pakken.
Pauline is vegetarisch en een grote dierenvriendin. Ze werd diep geraakt door het doorgaans trieste lot van Balinese straathonden ('anjing' in Bahasa Indonesia). Ze bleken een dankbaar en bij tijd en wijle moeizaam object. Er was veel geblaf, soms gegrom maar ze kwam er tot nu toe zonder kleerscheuren vanaf.

Van haar leerde ik in de afgelopen week enkele hondensoorten herkennen: het blonde type is van het ras 'Kintamani' en de gestreepte uitvoering is van de soort 'Balinese straathond'. De eerste soort ontving zijn naam van een plaats in het noorden van Bali. Het dier staat wat dichter bij de Europese, aaibare soort met zijn blonde, wollige vacht, rechtopstaande oren en krulstaart. Deze hond stamt naar verluid af van de Chinese chow-chow. De tweede soort die niet is weg te denken uit het Balinese straatbeeld, lijkt met zijn gestreepte vacht meer op een hyena al heeft dit type hond bij lange na niet dezelfde gehaaidheid.

Ze kijkt anders naar deze dieren dan ik. Zelf houd ik graag afstand tot deze honden terwijl zij juist contact wil maken. Daardoor komen zelfs de schlemieligste honden vanwege haar betrokkenheid esthetisch en ethisch verantwoord op de gevoelige plaat. Ze prutst niet met de foto maar zorgt er wel voor dat de dieren in hun waarde worden gelaten, hoe meelijwekkend ze soms ook (b)lijken. Het is boeiend te horen waarom zij een bepaalde foto schiet op die ene manier en niet een andere, wat zij zoekt in een beeld en wat zij met haar reportages wenst uit te dragen. Haar hondenserie mag er nu al zijn terwijl ze nog even heeft te gaan... Ik weet zeker dat zij een Nederlands museum voor haar reportage zal weten te interesseren. Als ZZP'er is dat altijd weer spannend.

Al ben ik niet geraakt zoals zij, ik heb wel te doen met Balinese straathonden: doorgaans zijn ze ondervoed en mager, luizen- en vlooienbalen en in het geval van teefjes: met tepels tot op de grond. Een Balinees ziet de hond als een erfbeschermer maar schroomt niet het dier te mishandelen, te vergiftigen en zelfs op te eten... Een aantal van onze buren heeft honden op het erf ter bescherming. Als wij bij hen binnenwandelen, wordt er niet -meer- geblaft. Hoezo beschermer?! Wij hebben bewust geen huishond al werd door lokalen weleens een poging ondernomen ons een puppie 'aan te smeren'. Zonder succes. Ik heb Snolliebollie immers (soms). En Made, onze beveiligingsman.

Ook viel Pauline qua Balinese ceremonies met haar neus in de boter. Nou ja, niet in de boter maar in de as... Ze maakte namelijk drie gelijktijdige hindoeïstische crematies van dichtbij mee. Men gedoogde haar als fotografe tijdens deze ceremonie die 'Ngaben' wordt genoemd en ze legde elke rite minutieus en zorgvuldig vast. Het plan was een foto van haar bij dit blog te publiceren maar dat lukte eenvoudigweg niet (vanwege de foto-omvang?). Ook voor deze reportage zal wellicht in Nederland een museale liefhebber worden gevonden so watch this space!

Een crematie is voor Balinezen niet persé een trieste aangelegenheid. Voor hen is dit een van de vele 'overgangsriten' van kind naar volwassene. Bovendien is het afscheid slechts tijdelijk: men reïncarneert immers. Het dode lichaam wordt in een wadah of versierde schrijn in de vorm van een tempel naar het crematieveld nabij de dodentempel van het dorp (in dit geval: ons dorp) gedragen, vergezeld door familieleden en dorpsgenoten. Het lichaam -slechts een lege huls- wordt teruggegeven aan een louterend vuur, een van de basiselementen van het Hindoeïstische geloof. Het geheel wordt begeleid door een gamelanorkest. Families met geld verzamelen de overblijfselen na de crematie en brengen die onder in een graf. Families zonder geld laten het daarbij.

Op de tuinfoto staat de 'Bougainvillea Paulina' afgebeeld. Deze bougainville-op-stam deed Pauline ons in het afgelopen weekend kado. De kleurrijke struik is familie van de Nachtschone-achtige. Een des te opmerkelijk geschenk daar de gulle geefster een ochtendmens is. Net als wij. Pauline ging vanmorgen vroeg met de brommer richting Ubud. Die reis zal 4 uur duren... Ze zal zich niet eenzaam voelen op de weg. Een brommer is het ideale transportmiddel voor een fotograaf in Bali: je kunt stoppen waar en hoe vaak je wilt. Bovendien is haar eerste bezoek aan Bali en dan wil je wel wat van het eiland zien. Ubud ligt in Centraal-Bali en is bekend om haar galleries, antiekwinkels, spa's en goede restaurants en koffiehuizen. Als vegetariër zal ze daar ruimschoots aan haar trekken komen! Er is tevens een goede boekhandel, een mooi museum en prachtig keizerlijk paleis in het hart van de stad. Veel straathonden zal ze er niet zien, toeristen des te meer. Ik kijk uit naar haar verhalen en foto's, later in de week. Leo Dovente.