Translate

Posts tonen met het label Pauline Prior. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Pauline Prior. Alle posts tonen

vrijdag 23 juli 2010

The eagle has landed

Van nu tot september wordt er in Bali veel gevliegerd; de wind is doorgaans aflandig (richting zee) en dat is een makkie voor binnenlandse vliegeraars. De Balinezen wonen bij voorkeur niet aan de kust maar landinwaarts. Een week of twee geleden zag ik voor de eerste keer op zondag -de vrije dag van Bali; men werkt 6 dagen per week- kinderen vliegers op het braakliggende terrein naast ons huis oplaten.
De kids hadden simpele, kleurrijke papieren vliegers die het met de heersende wind goed deden. Vanuit de eigen tuin keek ik met belangstelling naar hun verrichtingen. Het deed mij terugdenken aan mijn jeugd toen ook ik vliegers bouwde. Wat dat betreft zijn kinderen over de hele wereld hetzelfde. Wij gaven de vlieger een staart met strikken, hier wordt staartloos gevliegerd. Een dag later zag ik een papieren vlieger hoog in de lucht richting strand dwarrelen. Er hing geen kind aan. In mijn hoofd klonk het lied 'De Vlieger' van André Hazes (een van de liedjes van de Evergreen Top100):

'Ik heb hier een brief voor m'n moeder
die hoog in de hemel is.
De brief bind ik vast aan m'n vlieger
tot zij hem ontvangt, zij die ik mis.'

Deze tekst indachtig rende ik naar het strand, raapte de vlieger op voordat hij te water raakte en wachtte op het kind dat komen zou. Ik wachtte geduldig maar er kwam niemand. De dag erna evenmin. De gehavende 'layang-layang' bleef verweesd achter, kon niet meer opstijgen. Ibu (moeder) zou dat briefje nooit ontvangen...

Vorige week kreeg ik een vlieger van mijn liefje (wier schoonmoeder nog leeft). De keuze viel op een roofvogel, type zeeadelaar, van papier-mâché, met vleugels van stof. De eerste vliegpogingen verliepen desastreus: de vlieger schokte hevig heen en weer en wilde niet staan. Bij nader inzien bleek het vliegertouw te zwaar voor de vogel. Het touw werd vervangen door een stukje visdraad dat afkomstig was van de opgeraapte vlieger. Wie wat bewaart die heeft wat. Daarna steeg de vlieger probleemloos op. Een biddende roofvogel, zoals het hoort. Ik denk dat 'Hezus' mij welgezind was. Míjn briefjes zijn gericht aan anderen...
Pauline had een nóg beter idee: zij kocht een dikke rol visdraad, in de kleuren van de vlieger. Het oog wil namelijk ook wat. Zo'n standpunt is ze aan haar reputatie verplicht. Zij heeft daarvoor geen advies van Jack de Vries nodig. Die lanceerde deze week zijn nieuwe adviesbureau voor reputatiebeheer. Een van de motto's die ik op zijn website aantrof, luidt: 'Openheid is geen keuze'. Daar weet de CDA-man-van- de-buitenechtelijke-relatie-met-een-ondergeschikte alles van. Dat maakt hem overtuigend ervaringsdeskundig; als voormalig consultant ken ik de waarde daarvan...

Pauline landde weer veilig in ons midden, na een bezoek aan Ubud. Ze legde circa 120 kilometer af op de brommer. En dat tweemaal. Petje af voor die prestatie. Een duik in het zwembad bracht de benodigde verfrissing. Daarna kwamen de verhalen op gang: van de kou op de brommer in de heuvels, de lieve Ibu van de Home Stay waarin zij verbleef (150.000 Rpi voor twee nachten; circa € 12,=), de kruidentips en middeltjes die zij ontving, het bezoek van de gekko aan haar slaapkamer (!), haar bezoek aan de hondenopvang, de apen, beelden en graven in Monkey Forest, de signaalblauwe vogel met zwarte vleugelonderkant en gele bek op de weg terug. Rijke ervaringen en interessante foto's. Bij het openen van haar inbox trof ze nog meer goed nieuws aan: de foto-expositie 'Marokko. Foto's van Elias Harrus en Pauline Prior' over het joodse leven in dit Noord-Afrikaans land gaat tijdelijk van Amsterdam verhuizen naar het Joods Historisch Museum van Londen. Kami senang, everybody happy!


dinsdag 20 juli 2010

Prior(i)tijd

Het is leuk om vriendin Pauline, ondernemend fotografe, van dichtbij bezig te zien. Voor haar vertrek naar Bali bedacht ze dat ze in de komende weken een bepaald type fotoreportage ging maken. Dat bleek anders uit te pakken.
Pauline is vegetarisch en een grote dierenvriendin. Ze werd diep geraakt door het doorgaans trieste lot van Balinese straathonden ('anjing' in Bahasa Indonesia). Ze bleken een dankbaar en bij tijd en wijle moeizaam object. Er was veel geblaf, soms gegrom maar ze kwam er tot nu toe zonder kleerscheuren vanaf.

Van haar leerde ik in de afgelopen week enkele hondensoorten herkennen: het blonde type is van het ras 'Kintamani' en de gestreepte uitvoering is van de soort 'Balinese straathond'. De eerste soort ontving zijn naam van een plaats in het noorden van Bali. Het dier staat wat dichter bij de Europese, aaibare soort met zijn blonde, wollige vacht, rechtopstaande oren en krulstaart. Deze hond stamt naar verluid af van de Chinese chow-chow. De tweede soort die niet is weg te denken uit het Balinese straatbeeld, lijkt met zijn gestreepte vacht meer op een hyena al heeft dit type hond bij lange na niet dezelfde gehaaidheid.

Ze kijkt anders naar deze dieren dan ik. Zelf houd ik graag afstand tot deze honden terwijl zij juist contact wil maken. Daardoor komen zelfs de schlemieligste honden vanwege haar betrokkenheid esthetisch en ethisch verantwoord op de gevoelige plaat. Ze prutst niet met de foto maar zorgt er wel voor dat de dieren in hun waarde worden gelaten, hoe meelijwekkend ze soms ook (b)lijken. Het is boeiend te horen waarom zij een bepaalde foto schiet op die ene manier en niet een andere, wat zij zoekt in een beeld en wat zij met haar reportages wenst uit te dragen. Haar hondenserie mag er nu al zijn terwijl ze nog even heeft te gaan... Ik weet zeker dat zij een Nederlands museum voor haar reportage zal weten te interesseren. Als ZZP'er is dat altijd weer spannend.

Al ben ik niet geraakt zoals zij, ik heb wel te doen met Balinese straathonden: doorgaans zijn ze ondervoed en mager, luizen- en vlooienbalen en in het geval van teefjes: met tepels tot op de grond. Een Balinees ziet de hond als een erfbeschermer maar schroomt niet het dier te mishandelen, te vergiftigen en zelfs op te eten... Een aantal van onze buren heeft honden op het erf ter bescherming. Als wij bij hen binnenwandelen, wordt er niet -meer- geblaft. Hoezo beschermer?! Wij hebben bewust geen huishond al werd door lokalen weleens een poging ondernomen ons een puppie 'aan te smeren'. Zonder succes. Ik heb Snolliebollie immers (soms). En Made, onze beveiligingsman.

Ook viel Pauline qua Balinese ceremonies met haar neus in de boter. Nou ja, niet in de boter maar in de as... Ze maakte namelijk drie gelijktijdige hindoeïstische crematies van dichtbij mee. Men gedoogde haar als fotografe tijdens deze ceremonie die 'Ngaben' wordt genoemd en ze legde elke rite minutieus en zorgvuldig vast. Het plan was een foto van haar bij dit blog te publiceren maar dat lukte eenvoudigweg niet (vanwege de foto-omvang?). Ook voor deze reportage zal wellicht in Nederland een museale liefhebber worden gevonden so watch this space!

Een crematie is voor Balinezen niet persé een trieste aangelegenheid. Voor hen is dit een van de vele 'overgangsriten' van kind naar volwassene. Bovendien is het afscheid slechts tijdelijk: men reïncarneert immers. Het dode lichaam wordt in een wadah of versierde schrijn in de vorm van een tempel naar het crematieveld nabij de dodentempel van het dorp (in dit geval: ons dorp) gedragen, vergezeld door familieleden en dorpsgenoten. Het lichaam -slechts een lege huls- wordt teruggegeven aan een louterend vuur, een van de basiselementen van het Hindoeïstische geloof. Het geheel wordt begeleid door een gamelanorkest. Families met geld verzamelen de overblijfselen na de crematie en brengen die onder in een graf. Families zonder geld laten het daarbij.

Op de tuinfoto staat de 'Bougainvillea Paulina' afgebeeld. Deze bougainville-op-stam deed Pauline ons in het afgelopen weekend kado. De kleurrijke struik is familie van de Nachtschone-achtige. Een des te opmerkelijk geschenk daar de gulle geefster een ochtendmens is. Net als wij. Pauline ging vanmorgen vroeg met de brommer richting Ubud. Die reis zal 4 uur duren... Ze zal zich niet eenzaam voelen op de weg. Een brommer is het ideale transportmiddel voor een fotograaf in Bali: je kunt stoppen waar en hoe vaak je wilt. Bovendien is haar eerste bezoek aan Bali en dan wil je wel wat van het eiland zien. Ubud ligt in Centraal-Bali en is bekend om haar galleries, antiekwinkels, spa's en goede restaurants en koffiehuizen. Als vegetariër zal ze daar ruimschoots aan haar trekken komen! Er is tevens een goede boekhandel, een mooi museum en prachtig keizerlijk paleis in het hart van de stad. Veel straathonden zal ze er niet zien, toeristen des te meer. Ik kijk uit naar haar verhalen en foto's, later in de week. Leo Dovente.


woensdag 17 juni 2009

Museum, plaats van meervoudige waarheid

Wekelijks krijg ik een nieuwe aflevering van ‘Oog’ toegestuurd van de Volkskrant-redactie. Deze week was het werk van de Nederlandse kunstenaar Tjebbe van Tijen. Het gaat over de openingsexpositie ‘Aan het Russische Hof’ van Hermitage Amsterdam, de Nederlandse dependance van staatsmuseum De Hermitage in Sint Petersburg (Rusland). Het museum zal haar Amsterdamse deuren op 20 juni voor het grote publiek openen. Van Tijen is van mening dat de expositie slechts de glitter & glamour, de zonnige zijde van het leven aan het Russische hof toont en dat vindt hij jammer. Letterlijk zegt hij het volgende: "het is te hopen dat de Hermitage in de toekomst ook uit de doofpotdelen van haar Russische schatkamers zal durven putten omdat een museum een plaats hoort te zijn van ‘meervoudige waarheid’." Dat vind ik mooi uitgedrukt. Wellicht zit in zijn hoop ook een beetje sensatiezucht. Er heeft zich nogal wat voorgedaan aan dat hof; denk aan de tsarenfamilie Romanov en aan Raspoetin. Maar ik vind Tijens uitspraak over het museum als plek van meervoudige waarheid een waarheid als een (enkele) koe. Ik denk sowieso dat dé waarheid niet bestaat. Waarheid heeft altijd meer gezichten. Dat weten we uit de literatuur, de politiek, de cultuur, het dagelijkse leven.

Ook deze week was weer behoorlijk druk, vol sociale uitjes; bijna dagelijks kwamen er vrienden en familieleden op bezoek of legden wij bezoeken af. Vaak met hond snolliebollie als middelpunt. Ze is en blijft namelijk heel leuk om naar te kijken (maar ja, ik ben inmiddels een adept)!

Vandaag bezochten wij het Joods Historisch Museum in Amsterdam. Daar is tot 18 september de fototentoonstelling ‘Marokko’ te zien van de fotografen Elias Harrus en Pauline Prior. Harrus legde in de jaren ’50 van de vorige eeuw het Joodse leven in het zuiden van Marokko vast, vlak voor hun grootschalige emigratie naar Israël. In 2008 reisde Prior in opdracht van het JHM naar Marokko om te registreren wat er vandaag de dag over is van de eeuwenlange aanwezigheid van joden in het Atlasgebergte en de Sahara.
Ik voelde mij een heuse bofkont want wat is er leuker dan door Pauline zelf te worden rondgeleid. Het is een tentoonstelling met veel foto’s in een fraai verbouwd gebouw. Mijn eerste indrukken waren: ‘kleurrijk’ en ‘informatief’. Ik vond het boeiend om te lezen hoe Marokkaanse Berbers (moslims) en Marokkaanse Joden in het midden van de vorige eeuw in goede harmonie met elkaar samenleefden. Volgens conservatrice Julie Marthe Cohen, die de tentoonstelling samenstelde, kennen veel Marokkanen hun eigen geschiedenis niet. “Ze hebben er geen flauw benul van dat Marokkanen en Joden zo lang als broeders en zusters hebben samengeleefd.”

De foto’s van de beide fotografen zijn in schillen tentoongespreid waarbij de buitenste schil wordt gevormd door de foto’s van Pauline en de binnenste schil door de foto’s van Elias. De schillen en foto’s zijn voorzien van verklarende teksten. Hij fotografeerde rabbijnen, het joodse religieuze onderwijs, joodse feesten, vrouwen en hun huishoudelijke bezigheden, ontmoetingen met Berbers. Zij fotografeerde begraafplaatsen, tombes van heiligen, synagogen, voormalige Joodse schooltjes van de ‘Alliance Israélite Universelle’, maar levende vertegenwoordigers van de Joodse cultuur zijn er nauwelijks meer.
Pauline is als fotografe op haar best als zij mensen fotografeert. Zo heeft zij mooie foto’s gemaakt van de ‘hilloela’, een Marokkaans-Joodse viering van de sterfdag van rabbijnen die wonderen konden verrichten en na hun dood als heiligen worden vereerd. Oók door de (islamitische) Berbers! In de binnenste schil zijn authentieke films over het joodse leven in Marokko te zien. Mijn liefje zei mij bij het verlaten van het museum dat ze deze tentoonstelling graag had willen zien voordat wij zelf op reis gingen naar Marokko, in april van dit jaar. Dan hadden wij ongetwijfeld een aantal van de gefotografeerde locaties zelf bezocht. Voor iedereen die Marokko recent bezocht: het is een feest van herkenning. Voor eenieder die het land binnenkort gaat bezoeken: neem eens een voorproefje. Maar er zijn nog veel meer redenen om deze tentoonstelling te gaan zien. Een aanrader!

woensdag 6 mei 2009

Te waar om mooi te zijn

In de afgelopen weken reisde ik door Marokko en iedereen weet: dat is een islamitisch land. Het betekent onder andere dat er geen varkensvlees wordt gegeten (dat kwam goed uit met de heersende varkensgriep), geen alcohol wordt genuttigd, dat moslima's hun hoofden bedekken en belijdende moslimmannen baarden hebben en de moskee bezoeken voor het gebed als de muezzin hen daartoe oproept. En zo was het ook ongeveer overal. Maar ik zag in steden ook veel jonge vrouwen zonder hoofddoek en trendy mannen. Toen ik nog beter ging opletten, ontdekte ik de verkoop van alcohol in-het-geniep en dronken mannen. Wanneer ik 's avonds zelf bij mijn tajine, couscous of pastilla (recept volgt) een glaasje wijn wilde drinken, moest ik doorgaans naar een schimmige plek met half gesloten rolluiken, klanten die elkaar niet aankeken en flessen die rap in krantenpapier werd gerold voordat ze in een plastic zak verdwenen. Die hele situatie riep allereerst de associatie met de 'vieze man' op. Je kent hem wel: het beschimmelde typetje van Koot & Bie. Het woord 'schijnheilig' kwam ook in mij naar boven. Alhoewel ik inzie dat geloven meer is dan de regels van de kerk volgen, vroeg ik mij toch af hoe het zit met de hypocrisie in de wereldgodsdiensten...

In de afgelopen periode stoorde ik mij flink aan de ontkenning van de Holocaust door de ultra-orthodoxe, rooms katholieke bisschop Richard Williamson. De man is lid van het omstreden broederschap Pius X dat in het verleden antisemitische uitspraken deed. Ik moest denken aan 'stinking bishop', de naam van een beruchte Britse kaas. Ik vind bisschop Williamson echter vele malen onwelriekender dan de kaas!
Het was de huidige paus, Benedictus XVI, die de geëxcommuniceerde Williamson weer tot zijn roomse kudde toeliet. Dat vond hij bij nader inzien “een vergissing” maar dat was te laat: de gehele wereld was toen al over hem heen gevallen!
Ik kan mij überhaupt opwinden over de houding van katholieke hoogwaardigheidsbekleders door de jaren heen. Zo hadden we ooit Paus Pius XII. Hij bestuurde de rooms katholieke kerk van 1939 tot 1958, dus ook tijdens de jaren van de Tweede Wereldoorlog. Hij wordt ervan beschuldigd tijdens de oorlogsjaren onvoldoende te hebben gedaan voor joden. Ik vond het niet verwonderlijk dat Williamson vóór zijn uitwijzing in Argentinië verbleef: na 1945 konden veel nazi-kopstukken ongehinderd naar landen in Zuid-Amerika vluchten. Naar men beweert met hulp vanuit het Vaticaan. Voor Eichmann en Mengele bood Argentinië jarenlang een veilig onderkomen. Tot op de dag van vandaag zouden daar nog tientallen nazi's ongestoord van hun oude dag genieten. De werkelijkheid is te waar om mooi te zijn...

Van de 250.000 joden die Marokko ooit telde, zijn er hedentendage circa 3.500 over. Die kleine joodse gemeenschap in Marokko probeert het eigen Marokkaans-joodse erfgoed in stand te houden. In de geheel vervallen mellah (joodse wijk) van Essaouira, aan de zuidwestkust van Marokko, vonden wij in een donkere steeg een, in prima staat verkerende synagoge die nog tweewekelijks geloofsdiensten verzorgt, zo vertelde de oudere vrouw die ons binnenliet trots.

Mijn vriendin Pauline Prior, Nederlandse fotografe, heeft op verzoek van het Joods Historisch Museum foto's gemaakt van joodse mensen in zuidelijk Marokko. Pauline reisde in 2008 naar de zuidelijke streken van Marokko om restanten van het joodse erfgoed op foto vast te leggen. Zij fotografeerde tevens de joodse gemeenschap in Casablanca, waar de meeste van hen wonen. De tentoonstelling is samengesteld op basis van haar foto's en van foto's van de Marokkaans-joodse fotograaf Elias Harrus (1919-2008) die het joodse leven in Zuid-Marokko vastlegde voordat de joodse bewoners massaal naar Israël emigreerden.
“Met de foto’s en met filmfragmenten vertelt de tentoonstelling tevens het verhaal van de emigratie en van de factoren die leidden tot het einde van het langdurige samenleven van joden en Berbers. De expositie toont de geschiedenis van een deel van de Marokkaans-joodse bevolking. Daarbij blijft het verhaal van de joden die woonden ten noorden van het Atlasgebergte buiten beschouwing. In deze gebieden, waar de Arabische cultuur overheerst, hebben veelal andere historische factoren de loop van de geschiedenis bepaald.” De beelden van Harrus zijn vol mensen, de beelden van Prior zijn stil en leeg.
De expositie “Marokko. Foto's van Elias Harrus en Pauline Prior” is te zien in het Joods Historisch Museum van Amsterdam en loopt tot en met 18 september 2009. Klik hier voor een voorproefje. Een aanrader!

woensdag 25 juni 2008

Tot Zover

'In het Nederlands Uitvaart Museum 'Tot Zover' is vanaf 26 juni de tentoonstelling 'De Kabbala-graven van Safed' te zien. Het gaat om foto's van de begraafplaats in de Israëlische stad Safed. Op deze begraafplaats liggen vele vooraanstaande kabbalisten begraven. Bij hun blauw geschilderde graven wordt gebeden en worden kaarsen gebrand. Safed is één van de vier Joodse heilige steden en het is de hoogst gelegen stad in Israël. Het is vooral bekend als hoofdcentrum voor het Joods mysticisme, beter bekend als 'Kabbala'. Dit is een religieus-filosofisch systeem met een spitituele signatuur dat probeert inzicht te geven in de goddelijke natuur. De in Safed begraven Joodse heiligen (Tsaddiks) worden er vereerd. Door hun bezieling en kennis zijn ze in staat om ook na hun dood nog wonderen te verrichten. Hun graven worden dan ook bezocht om te bidden en om hulp te vragen.
Fotografe Pauline Prior maakte er begin 2008 een serie indrukwekkende foto's.
Prior is een veelzijdig kunstenares. Uitvaartrituelen en de Joodse cultuur zijn terugkerende onderwerpen in haar werk. Ze exposeerde veelvuldig, nationaal en internationaal; bijvoorbeeld met een solotentoonstelling in Tampere, Finland (5th Triënnale International Photography, 1999).'

Dit was de tekst op de uitnodiging die enkele weken geleden in mijn electronische postbus gleed.

De opening van de tentoonstelling was op 25 juni. De direkteur van museum 'Tot Zover' was Pauline in zijn speech zeer erkentelijk voor de mooie beelden en Pauline gaf in haar inleiding weer hoe de fotoreeks was ontstaan.
Ik ken Pauline al vele jaren. Wij zaten -met een stuk of acht andere Amsterdamse dames- in de redactie van het Vrouwenblad 'Thea Tuba'. Het culturele magazine besteedde aandacht aan toneel, muziek, dans, architectuur en literatuur - van en voor vrouwen.
Als ik mij goed herinner speelden sommige redactieleden in een meidenband, werkte er eentje bij boekhandel Vrolijk, was een vrouw als architecte werkzaam bij de Bond van Nederlandse Architecten, was er een cultureel medewerkster en was er ook nog iemand werkzaam bij de theateracademie. Het was een bont gezelschap en onze vergaderingen waren lang en doorgaans hectisch. Ik zie de meeste gezichten nog levendig voor mij maar hun namen herinner ik mij niet meer allemaal.
Pauline maakte de foto's en ik was betrokken bij het schrijven van recensies, interviews en overige artikelen. Mijn eerste officiële column schreef ik voor Thea Tuba. We waren allen cultureel geïnteresseerd en droegen 'De Vrouwenzaak' een warm hart toe.
Met de carrières van een aantal van de dames is het later toch nog goed gekomen: Mirjam Boelsum is schrijfster van èchte boeken (die ook in het Duits zijn vertaald) en documentairemaakster, Yvonne Philippa is freelance journaliste geworden (je komt haar artikelen vaak op het web tegen) en Pauline is dus een bekende fotografe geworden.

Pauline en ik hebben elkaar nooit uit het oog verloren al gingen onze levenspaden in heel verschillende richtingen. Pauline was vroeger de favoriete 'oppasmoeder' voor hond Max, mijn vriendelijke bokser. Zijn volledige naam was 'Maximilian Van De Klappeheide', een hond van stand. Pauline heeft Max ooit op meer dan ware grootte en in vele levendige kleuren op doek geschilderd.
Tijdens mijn eerste bezoek aan New York (in de jaren '80) heb ik ooit fotowerk van Pauline in mijn koffer meegenomen om dat bij enkele galeries in SoHo te laten zien. Mijn actie heeft niet tot opdrachten in de 'Big Apple' geleid maar daaronder heeft de vriendschap nooit geleden. Ik vind het dan ook fantastisch om te constateren dat Pauline heel mooie opdrachten heeft verkregen en goede banden heeft aangeknoopt met diverse kunstinstellingen. Zo heeft het Joods Historisch Museum in Amsterdam haar 'Beeldenzuil; Joods Leven in Nederland' aangekocht, een serie van 300 foto's in een bijzondere driedimensionale presentatie.

Pauline is altijd heel oorspronkelijk geweest in haar kunstbeoefening: zo was zij werkelijk de aller-aller-allereerste die zogenaamde fotografische zakdoeken ontwierp.
Het waren in het begin daadwerkelijk zakformaat-doeken waarop zij haar eigen zwart-wit foto's projecteerde en vervolgens afdrukte. Ik herinner mij een serie fotografische zakdoeken in zwart-wit van belangrijke vrouwen uit de wereldgeschiedenis. De doeken werden in de loop van de tijd groter èn de fotografische opdrukken werden verfraaid met borduurwerk. Als aandenken bewaar ik een zakdoek met Pauline's eigen hoofd erop. Ik heb overigens ook prachtige foto's van Pauline in mijn collectie.


Ook deze expositie was zó specifiek Pauline en zó de moeite van het bezichtigen waard: de foto's waren werkelijk prachtig van kleur en de mist waarin de beelden waren vastgelegd ondersteunde heel goed het mystieke karakter van de locatie. Ik wacht met spanning op de expositie waarin haar foto's van joodse begraafplaatsen in Marokko worden tentoongespreid. Maar eerst komt ze nog lekker op bezoek op de camping!