Translate

Posts tonen met het label Boris Johnson premier (PM). Alle posts tonen
Posts tonen met het label Boris Johnson premier (PM). Alle posts tonen

vrijdag 31 januari 2020

Boris’ Bonkers Bid

Illustratie: Steve Bell (The Guardian)
De laatste week van de eerste maand van de Roaring '20s is uiterst memorabel.
Die begon met de Auschwitz-herdenking en wordt vandaag gevolgd door het vertrek van de Britten uit de Europese Unie. Met toeters en bellen? Niet zoveel als Boris Johnson had gewild. Hij kwam met het voorstel om landelijk geld in te zamelen om de klokkentoren van de Big Ben op de avond van het daadwerkelijke vertrek, vanavond, flink te laten galmen. De iconische klokkentoren wordt momenteel gerenoveerd en het mechanisme is daarom tijdelijk gedemonteerd. Om Brexit feestelijk uit te luiden, zou een extra bedrag van £500.000 nodig zijn. Er werd meer dan £650.000 opgehaald maar desalniettemin zal het klokkenspel niet klinken. Verstandiger mensen dan Johnson besloten dat. (Het geldbedrag gaat nu naar het goede doel Help for Heroes.)

Boris’ bonkers ‘bung a bob for Big Ben Brexit bongs’ bid bombs... Dat was de kop van de Britse krant The Mirror over het gestoorde voorstel tot een inzamelingsactie van Boris Johnson. De kop is stukken beter dan het idee. Je kunt veel van de Britten zeggen, zeker sinds het Brexit-referendum, maar taalkunstenaars zijn en blijven ze. Het idee viel bij velen niet in goede aarde. Hoe kun je dit moment uitbundig (willen) vieren als het leidde tot een verbale en emotionele burgeroorlog die diepe wonden veroorzaakte? Als ruim 49% van de Britten de Europese Unie juist niet wilde verlaten? Het land is nog steeds tot op het bot verdeeld!

Momenteel lees ik het boek van Geert Mak, getiteld ‘Grote Verwachtingen: In Europa 1999-2019’ en daarmee krijgen we als lezer een mooie en lange, bijna chronologische geschiedenisles voorgeschoteld over het Europa van nu. In de NRC-boekenbijlage van afgelopen weekend las ik dat de bestseller van deze winter in een klap van de eerste naar de zesde plaats terugviel. Waarom? Geen idee. Ik ben ruim over de helft, heb net over het Oekraïne-drama (2014) gelezen dus Brexit komt nog aan de orde. Het resultaat van Mak’s langjarige onderzoek kan ik erg waarderen. Hij brengt de complexiteit van onze geschiedenis terug tot hapbare brokken, legt veel dwarsverbanden, biedt de lezer een helder beeld van historische gebeurtenissen. Kortom: hij weet te boeien, het continent boeit overigens ook.

Met een beetje goede wil zou je de herdenking van Auschwitz en het uittreden van de Britten uit de Europese Unie met elkaar kunnen verbinden. Unificatie van Europa werd nodig geacht na de Tweede Wereldoorlog om een derde oorlog op wereldschaal te voorkomen. Het begon met politiek-economische samenwerking in Benelux-verband. Na de ondertekening van het Verdrag van Rome in 1957 veranderde dat in de Europese Economische Gemeenschap (België, Nederland, Luxemburg, Frankrijk, Duitsland en Italië). In 1961 maakt het Verenigd Koninkrijk voor het eerst kenbaar zich bij deze gemeenschap te willen aansluiten. Tweemaal vroeg het om toelating, tweemaal werd dat door Frankrijk onder De Gaulle afgewezen. In 1969 vroeg het land voor de derde keer het lidmaatschap aan. Driemaal was scheepsrecht. In 1972 werden de Britten formeel lid van de Europese Unie.

Al in 1975 vond in Groot-Brittanië het eerste referendum plaats over wel of geen lid van die gemeenschap blijven. Destijds stemde ruim 67% van de bevolking (bij een omkomst van net geen 65%) voor blijven. In 1979 stapten de Britten uit de voorloper van de Eurozone; ze zouden niet overstappen op de €, ze behielden hun eigen munteenheid. In 1985 werd onder Margaret Thatcher nog de eerste herziening van het Verdrag van Rome geratificeerd. Thatcher trad echter in 1992 af, onder toenemende druk van Eurosceptici in haar eigen conservatieve partij. In 1993 werd de groep van samenwerkende landen omgedoopt tot de Europese Unie, na ondertekening van het Verdrag van Maastricht. 

De rest is geschiedenis.

Vanaf morgen zal de EU dus niet meer uit 28 maar uit 27 lidstaten bestaan. De Britten vertrekken en ik betreur dat. Echt. Hun vlag zal in Brussel in het holst van de nacht en gepland onopgemerkt, worden verwijderd. Zij wijzen alle verworvenheden van de EU definitief af: vrede, open grenzen, diverse vormen van juridische en sociale zekerheid, een gezamenlijk machtsblok met meer dan 500 miljoen inwoners. Ze gaan in hun eentje verder, al zullen in de nabije toekomst nieuwe handelsverdragen met oude vrienden worden gesloten. Johnson & Co. denken dat in de komende elf maanden met de onderhandelaars van de Unie te kunnen doen. Er zal ook worden onderhandeld over veiligheid, energie, transport, visserij en gegevensuitwisseling. No cat pee. Dat optimisme lijkt mij daarom ongegrond en eenzijdig maar ik blijf dit interessante project op de voet volgen. Brexit is nog lang niet ‘done’!

Kenners menen dat het Verenigd Koninkrijk na de ondergang van The British Empire bleef lijden aan het eigen exceptionalisme; het gevoel extra bijzonder te zijn, veel bijzonderder dan de buurlanden. Lid zijn van de Europese Unie hinderde die vermeende grootsheid; daarom wilde de elite van het land uit de Europese gemeenschap. De voorstanders van Brexit zijn van mening dat het land zich als soevereine natie gemakkelijk zelfstandig staande kan houden in deze woelige wereld. Wat men kennelijk niet wil zien, is dat driekwart van de Britse bevolking nu armer is dan de gemiddelde inwoner van de EU-15. Economische groei komt bovendien niet van 100% Britse bedrijven. Die wordt voortgebracht door bedrijven met deels of volledig buitenlands kapitaal. Net als bij mensen, kan ook het beeld dat een land van zichzelf heeft, niet in overeenstemming zijn met de werkelijkheid…

Het moment van uittreden zal aan de andere kant van het Kanaal ondanks de zwijgzame Big Ben  zeker niet stil verlopen. De Union Jack zal overal in het land wapperen, er wordt een hologram van een aftelklok op de deur van Number 10 geprojecteerd, de partij van Nigel Farage (UKIP) gaat een feestje vieren -volgens ingewijden een gekostumeerd bal-, rond middernacht wordt een herdenkingsmunt gelanceerd en de Conservatieve partij bracht de onvermijdelijke theedoek uit met de tekst Got Brexit Done. Voor £12 per stuk, limited Edition. Gevoel voor humor kan deze partij van Oude Knarren niet worden ontzegd!

Ook de munt kreeg een opmerkelijke tekst: vrede, welvaart en vriendschap met alle n̶a̶z̶i̶'̶s̶ naties. (Een typefout is zo gemaakt. Dat kan je je baan of je kop kosten!) Als er iets is dat juist geen vrede op de Britse eilanden bracht, dan is het wel de uitslag van het Brexit-referendum en nu het daadwerkelijke vertrek. Steden en het Britse platteland kwamen lijnrecht tegenover elkaar te staan, jong en oud, conservatief en liberaal/links, autochtoon en allochtoon. Families werden uiteengereten, landen van het Koninkrijk dreven verder bij elkaar weg. Vredig ging het er niet aan toe. Het zal even duren voordat de wonden zijn geheeld. 

En welvaart? De Sterling veerde pas terug toen eind vorig jaar een No deal Brexit van de baan leek. Dit avontuur kan nog steeds zonder deal aflopen als er in december geen handelsaccoord is tussen het VK en de EU. Johnson heeft immers gezworen geen uitstel te vragen als er dan geen overeenkomst ligt. 

The Guardian houdt al jarenlang maandelijks bij hoe het het land er economisch voorstaat sinds het Brexit-referendum. De krant gebruikt telkens dezelfde indicatoren. Dit is de stand van januari 2020. De waarde van de pond ligt 10% lager dan vóór het referendum. Inflatie: beter dan voorspeld (rond 1.5%); handelsbalans: beter dan voorspeld; zakelijke activiteiten: beter dan voorspeld; werkgelegenheid: beter dan voorspeld (werkeloosheid van 3.8%); huizenmarkt: beter dan voorspeld (meer verkopen); retail-uitgaven: slechter dan voorspeld; overheidsfinanciën: slechter dan voorspeld. CFOs zijn deze maand optimistischer dan voorheen. Economen waarschuwen echter voor teveel optimisme: aan het einde van 2020 kan er alsnog No Deal uit de bus komen.

Granny showing off...
En tenslotte over vriendschap. Wij hadden deze week weer onze maandelijkse buurtlunch. Die was gezellig; dat zal zo blijven, wat er ook gebeurt. Mijn liefje en ik zijn een minderheid in een zee van Engelsen, Schotten en inwoners van Wales. We zijn in dit gezelschap niet alleen op onze plek omdat we de Engelse taal meester zijn. Nee, we houden van deze Britten en hun cultuur, hun humor en dwarsheid. Vijf jaar wonen en werken temidden van hen plantte dat zaadje, zij deden de rest. Het gevoel is overigens wederzijds. Deze groep vindt ons een leuke toevoeging; niet alleen omdat we jong bloed inbrengen. O ironie! Voor hen zijn we ‘The Girls’.

Als empiricus hield ik een enquête onder de aanwezigen. Zouden zij vrijdagavond gaan feesten of treuren? Had iemand een penning gedoneerd aan Johnson’s Big Ben-idee? Niemand ging feesten, niemand gunde Boris ook maar één penning. Ze waren het wel met elkaar eens dat het een historisch moment wordt, iets dat ze bij leven niet meer zullen meemaken.

Ieder van hen woont met veel plezier een groot deel van het jaar in Spanje. Sommigen hebben nog een (t)huis in het vaderland, sommigen zijn permanente residenten, net als wij. Enkele van hen gaan vandaag een zwarte armband dragen, anderen gaan vanavond expres vroeg naar bed. Dat is echter niets voor de gemiddelde Brit die wel van een feestje houdt, dus ik nodigde een aantal van hen uit om bij ons om 23:00 uur hun eiland te komen uitluiden. Ik ben benieuwd of er iemand aan de bel trekt. Uit eigen ervaring weet ik dat een Britse ‘yes’ zomaar ‘no’ kan betekenen… Chips, bier, wijn en gin & tonic zijn in ruime mate aanwezig.

Wij, Europeanen in hart & nieren, zijn klaar voor hun komst.


zaterdag 27 juli 2019

BoJo @ No 10

Waarschuwing vooraf: dit wordt weer een longread. De titel van dit blog had ook kunnen zijn ‘Maverick-in-Chief’, ‘Bonking B.’, ‘Priapic Bozza’, ‘The Loose Cannon’, ‘Bumbling Boris’ of ‘Dude of Downing Street’. Het is een kleine greep uit de bijnamen voor Boris Johnson, de nieuwe Minister-President van het Verenigd Koninkrijk. Of zoals Trump’s dochter Ivanka het noemde: The United Kingston. Dat mocht’ie willen! De benaming van vriend Frans vond ik ook toepasselijk: ‘Trump met  kak’. Zo saai als het premierschap was van Theresa May, zo onvoorspelbaar wordt het met ‘The Blond’!

De afgelopen dagen las ik de biografie ‘JUST BORIS: A Tale of Blond Ambition’ van de Britse auteur Sonia Purnell, oud-collega van Boris. Ze was zijn rechterhand op het kantoor in Brussel waar hij journalist was voor de Daily Telegraph en de Sunday Telegraph in de beginjaren '90 van de vorige eeuw. Boris en zijn vader Stanley zouden, naar verluidt, een grondige hekel hebben aan haar boek. Extra reden om het te lezen! Purnell leverde een goed onderzocht, zeer leesbaar, onthutsend boek af. Een van de aangehaalde uitspraken over het werk zegt het treffend: “meticulous and quietly devestating.

Die biografie liet mij niet los, ook niet nadat ik het 's avonds moe weglegde en nadat ik het uitlas. Je hebt werken die zodanig indruk op je maken dat je het met iedereen zou willen bespreken. De titel van mijn blog zou ook ‘Het functioneringsgesprek’ of ‘De baas’ hebben kunnen zijn. Hoe dat zit, licht ik verderop toe. Ik begrijp dat niet iedere lezer altijd mijn interessegebieden deelt. Trump, Brexit, plasticsoep, klimaatverandering, LGBTI, politiek in het algemeen… niet ieders cup of tea. Beschouw dit dan maar als de zoveelste boekbespreking.

Laat ik beginnen met te verklaren dat ik groot fan ben van de Engelse taal. Britten hebben weinig woorden nodig om veel te zeggen. Die taal beschikt over een zeer rijke woordenschat. Ik beschouw Engels inmiddels als mijn tweede moedertaal maar ik zou het nóg liever hebben geleerd op een Brits gymnasium. Als je een Engelstalige biografie gaat lezen over een geprivilegieerde gymnasiast uit een upper middle class-familie die werd gevormd aan een elitair instituut en vervolgens klassieke talen studeerde aan een exclusieve universiteit (adem uit) mag je als lezer veel verwachten. Welnu, het stelde niet teleur. Regelmatig zocht ik de betekenis van woorden op, maakte tientallen notities die doorgaans betrekking hadden op het taalgebruik, zowel van de biografe als van de beschrevene.

Het leidend voorwerp van deze biografie is de eccentrieke, komisch dilettanterige Alexander Boris de Pfeffel Johnson (1964). Ik kreeg wel enige sympathie voor deze complexe journalist en politicus. Die compassie duurde echter nooit lang…

Hierbij de ultrakorte intro. Purnell zegt in haar boek “There may be a touch of the Marmite factor about him: many either love or loathe him. Zelf ben ik er het levende bewijs van dat hij beide gevoelens in één persoon oproept: liefde & haat. Boris een ware woordkunstenaar op papier. Als spontane spreker is hij stukken minder, aldus zijn biografe. Hij houdt meer van een monoloog dan van echte conversatie, is een ster in het handig ontduiken van een ongemakkelijke waarheid. Hij is de man van het Bertie Wooster vocabulair. Wooster, met zijn oubollige maar creatieve woordgebruik, is een personage van de Engelse auteur P.G. Wodehouse; de ultieme gentleman’s gentleman die een zorgeloos leven leidt van cocktail parties en society diners.

Boris doet zich in gedragingen voor als sukkelig. Dat gedrag, zijn slordige uiterlijk, het warrige blonde haar, zijn gestamel en gemompel zijn onderdelen van een zorgvuldig gekozen imago en een weldoordachte act die hij in de loop van zijn leven perfectioneerde. Dat alles is bedoeld om mensen in te palmen, voor het eigen karretje te spannen en ze tenslotte rücksichtlos omver te rijden. Hij roept sympathie en loyaliteit op maar dat is zelden of nooit wederkerig. Hij is vriendelijk maar eigenlijk nooit een vriend. Dat zijn de minder fraaie trekjes van onze Al!

Diezelfde Boris is ook de beroemdheid van de BBC-quiz Have I Got News For You en de man van de epische U-bochten: zijn standpunten en overtuigingen waaien met alle winden mee. Boris is er heilig van overtuigd dat ‘Etonians’ toekomstige leiders zijn. Hij ziet het dan ook als zijn recht om de partij en zelfs het land te leiden.

Nu de langere versie. Boris gaat naar een zeer goede lagere school, gaat daarna naar Eton College en naar de universiteit van Oxford waar hij aan Balliol College studeert. Daar wordt hij president van het conservatieve gezelschap The Union (debatteerclub) en wordt hij lid van de Bullingdon Club (exclusieve dining club voor mannen). Zijn beide ouders zijn Engels maar hij -hun eerste kind- wordt geboren in New York en heeft daarom twee nationaliteiten. Zijn doopnaam is Alexander en tot aan zijn Eton-jaren noemt hij zich Al. Daar besluit hij zich voortaan Boris te noemen.

Aan vader Stanley's kant stamt Boris af van blonde Turken uit Anatolië. Die overgrootvader heette Ali Kemal en was een anglofiele Turkse polemist in de laatste jaren van het Ottomaanse Rijk, voor en net na de Eerste Wereldoorlog. Stanley’s sukses heeft hij te danken aan een prestigieuze poëzieprijs van de universiteit van Oxford: de Newdigate Prize (eveneens gewonnen door Oscar Wilde). Het brengt hem onder andere naar het buitenland.

Hij ontmoette zijn vrouw Charlotte Fawcett tijdens een Oxford-ceremonie. Zij stamt uit een familie van (links-liberale) intellectuelen en leiders in de Women’s Suffrage Movement. Ze trouwen in 1963. De ironie wil dat Stanley in 1937 de eerste Brit wordt in de Europese Commissie in Brussel. Hij wordt aangesteld als functionaris van het sub-directoraat Milieu. Dat zijn zoon ‘Brussel’ als journalist ter plaatse en op vaderlandse bodem in zijn wekelijkse columns zwart maakt en uiteindelijk het boegbeeld wordt van Brexit, is pure ironie. (Hoe Brits!) Het huwelijk is niet erg gelukkig: Stanley is een rokkenjager en gaat voortdurend vreemd. Charlotte raakt daardoor gedeprimeerd en wordt ziek. Uiteindelijk verlaat zij haar man, hem met vier kinderen achterlatend. Ze hertrouwde en is kunstenares.

Hun oudste kind blijkt zeer intelligent. Op 11-jarige leeftijd wordt Boris op het Gare du Nord in Brussel door zijn alleenstaande vader op de trein gezet om het Kanaal over te steken en daar naar een uitstekende kostschool te gaan. De hoofdmeester van Eton College noemt hem de slimste student die hij ooit op school had. Zijn zus Rachel (15 maanden jonger) die niet naar Eton mag omdat het een jongensschool is, kan eerder lezen dan hij. Tot op de dag van vandaag -misschien tot op de dag vóór zijn recentste overwinning- lijdt hij onder haar triomf, schrijft Purnell. Hij moet en zal overheersen, koste wat het kost. His ferocious passion for supremacy in any contest has never waned. Competitie is wat je krijgt als je naar een heel goede school gaat om de beste te worden, aldus vader Stanley. Ambities worden hem kennelijk met de paplepel ingegeven.

Als journalist van de Telegraph schrijft Boris columns over politiek. Daarin overdrijft, liegt, pikt, beschadigt (opzettelijk) ‘improviseert’, fabuleert en verdraait hij. Zijn oog voor detail zit dicht. In zijn columns openbaart zich soms racisme, homofobie en sexisme. Hij houdt niet van powervrouwen. Hij ziet vrouwen liever in een assisterende, niet-competitieve rol. Hij aardt naar zijn vader: tijdens zijn huwelijken met Allegra Owen en Marina Wheeler (echtscheidingsadvocate) bedriegt hij zijn echtgenotes, houdt hij er maîtresses op na. Met zijn tweede vrouw heeft hij vier kinderen. Ze scheidden in 2018 maar de procedure is nog niet afgerond. Daarnaast is hij medeverantwoordelijk voor een buitenechtelijke liefdesbaby (er lijkt er nog één te bestaan) en twee abortussen. Kortom: zijn morele kompas hapert nogal eens.

Illustratie: Ben Jennings (voor The Guardian)
Tegelijkertijd wordt zijn humoristische, optimistische en charmante kant geroemd. “His bluster and wit serves to obscure his real politics, which are nasty. He is a charmingly evasive and ruthless customer.” Het zijn twee zijden van dezelfde munt. In het boek wordt Boris neergezet als een mensen-mens maar ook als een geslepen politiek dier dat zijn opvattingen vaker verwisselt dan zijn kleren. Dat zou duiden op een ideologische leegheid. Zelf ziet hij dat niet als een probleem: If the climate can change, I don’t see why my mind can’t!

Boris raakt op enig moment geobsedeerd door legacy (nalatenschap). Onsterfelijkheid is nu eenmaal gemakkelijker bereikbaar in de politiek dus hij verruilt de journalistiek voor een politieke carrière. Boris is een rasopportunist. Bij zijn afscheid zingen collega-journalisten hem met de volgende woorden toe:

“Boris told such dreadful lies
It made one gasp and stretch one’s eyes.
His desk, which from its earliest youth
Had kept a strict regard for truth,
Attempted to believe each scoop
Until they landed in the soup.
The moral is, it is indeed,
It might be wrong but it’s a damn fine read.”

Critici menen dat hij de gravitas mist die nodig is in de politiek. Desondanks wordt hij in 2001 Tweede Kamerlid (MP) voor Henley-on-Thames. In datzelfde jaar gaan mijn liefje en ik wonen in buurgemeente Caversham Heights. Vanaf dat moment bezoeken we Henley regelmatig. Je had er destijds een prima Schots visrestaurant, alsmede een gewaardeerd Spaans en Italiaans restaurant. Onze kapper Primrose zat er, en een pub in het oudste gebouw van de stad (14de eeuw). We waren aanwezig bij de jaarlijkse Royal Regatta en het klassieke muziekfestival waar we ons Nieuw-Zeelandse idool Kiri Te Kanawa zagen optreden. Kakkineus maar gezellig.

Een aantal personen dat Boris behulpzaam zal zijn bij de verdere vormgeving van zijn politieke loopbaan zal hij op een later moment de rug toekeren of hen zelfs een mes in de rug steken. Het aantal mensen dat voor hem door het vuur zal gaan (de zogenaamde Borissians), is relatief klein, al blijkt hun loyaliteit goud waard. Als hij een gooi wil doen naar de functie van burgemeester van Londen, moet hij zijn trucjes afleren, gewoon antwoord geven op vragen, diepgang tonen en serieus worden.

Boris had been able to wing it all his life through charm, intelligence and bashfulness [..] and so he had really believed until then that just saying I’m Boris Johnson and playing London Calling would do the job.

Kan hij echter wel un homme sérieux worden? Slechts een handjevol mensen gelooft aanvankelijk dat hij enige kans van slagen heeft. Met veel hulp en onder het strenge  regime van een Australische strateeg en spin doctor lukt het hem in 2008. Hij wordt zelfs herkozen (2012). Londenaren vinden hem charismatisch maar geen natuurlijke leider. Daarna wordt hij Minister van Buitenlandse Zaken maar die periode (2016-2018) ligt buiten de scope van deze biografie. Daarmee komen zijn politieke ambities nog niet tot een einde, al zegt Boris zelf in het boek: My chances of being PM are about as good as the chances of finding Elvis on Mars, or my being reincarnated as an olive.

Naast tomeloze ambitie om de beste te willen zijn en de arrogante aanname dat hij recht heeft op sukses, valt hem in zijn leven ook veel geluk te beurt. Niemand kan zonder, zelfs highbrow Boris niet. Met alleen intelligentie kom je er namelijk niet. Alle politieke functies die hij bekleedt, gaan gepaard met uitglijers, schandalen en rellen, kleine en grote. Hij overleeft ze. City Hall blijkt inderdaad een springplank naar Downing Street te zijn. Als vijfjarige uitte hij voor het eerst de wens Baas van het Landte willen worden. Vijftig jaar later is hij dat.

De vraag is hoe suksesvol hij op die felbegeerde positie zal worden, na alles dat ik over hem las. Ik heb ontzag voor zijn scherpe geest maar vind dat hij er tot nu toe weinig goeds mee deed. Zijn legacy is niet om over naar huis te schrijven: Boris Bikes, het fietsenverhuurplan dat startte in 2011 en in de volksmond rich boys toysging heten. Leuk maar het project kostte de Londenaren bijna £200 miljoen belastinggeld (volgens cijfers van 2018). Vanwege zijn giftige (maar ook geestige) journalistieke werk werd hij een pariah in de ogen van menig EU official. Kan hij in drie maanden tijd bereiken wat Theresa May in drie jaar niet lukte? Haalt hij de overkant wel? De kans op een no-deal Brexit was nog nooit zó groot. De eerste memorabele uitspraak deed de nieuwe Prime Minister al: met hem aan het roer gaat het Verenigd Koninkrijk een Gouden Eeuw tegemoet. Tja.

The English don’t mind being pissed on, so long as it’s from a great height. It is not Johnson one should feel embarrassed for, as he clowns around, it is the country. Aldus een passage in het boek. Arrgh!

Mijn liefje en ik zaten aan de avonddis op een koel deel van het terras toen ik toelichtte hoezeer het onderhanden boek en de hoofdpersoon mij intrigeren. Vooral die diepgekoesterde wens om Topdog te zijn en het dan ook nog te worden?! Ze liet nog nèt niet haar bestek kletterend op haar bord vallen. “Zo iemand zit naast jou!” Het leek van diep te komen. Geschrokken keek ik op. Ja, ik wist al dat zij zelf vijf jaar oud was toen ze baas van de -zelfbedachte- fietsenstalling werd bij de plaatselijke voetbalvereniging. Ook wist ik dat ze op elke werkplek in no time baas werd, van hoe ver ze ook kwam. Ze won professionele prijzen, er werd positief over haar geschreven in vakliteratuur en meer. En ja, ze speelt ook al 30 jaar de baas over mij; met wisselend sukses (dat wel).

Qua dominant gedrag doen we niet voor elkaar onder maar ik heb mijzelf nooit kunnen betrappen op de gedachte dat ik de baas wilde worden. De fascinatie voor dat onderwerp kwam vooral voort uit verwondering. “Dat zit in je of niet”, aldus de ex-directeur Human Resources. Vervolgens kwam de discussie over nature & nurture weer op gang. Is iets aangeboren of aangeleerd? We werden het er snel over eens: baas willen zijn zit in je karakter, maar niet in het mijne. Ik leerde graag, wilde studeren en heel goed in mijn werk worden. Maar Dé Baas? Nee. Nooit.

De aspiratie om ergens De Beste in te zijn, ken ik evenmin. Ik heb het zelfs nooit van mijn leven gedacht. Het overkwam mij éénmaal onbedoeld: de middelbare school sloot ik af met een prijs voor de beste leerling, aangeboden door de Franse ambassade. Toen ik aan de vakgroep Frans van de oudste universiteit van Nederland studeerde (de Leidse uni is in 1575 opgericht door Willem van Oranje), werd ons regelmatig voorgehouden dat wij “het neusje van de zalm” zijn. Dat vond ik misplaatst elitair en dat liet mij koud, totdat het mij ronduit ging tegenstaan. Dat kwam met name omdat het werd geuit door bepaalde docenten van wie ik -om uiteenlopende redenen- geen hoge pet op had. Aanzien en respect kun je niet opeisen, dat moet je verdienen. Die ontvang je niet omdat je op een positie zit maar door hoe je die positie invult. De meeste van mijn bazen waren goed, er zat slechts een klein aantal missers tussen.

Toen mijn laatste (inspirerende) baas Sharon in Londen mij voorstelde baas te worden van een team van intelligente consultants uit alle windrichtingen stond ik niet te trappelen. Bepaald niet, zelfs. Haar leek het een goed idee. Ik deed het, na lange gesprekken met mijn liefje en veel persoonlijk wikken en wegen. Tijdens de eerste vergadering zei ik hen: “what you see, is what you get. No more, no less.” Ik ben geen tovernaar. Zij zijn competente vaklui die mij in principe niet nodig hebben. Het liep goed af, voor iedereen. Een van de mooiste complimenten in mijn loopbaan kreeg ik bij mijn afscheid (2005) van Britse Becky, de slimste jongedame van het team. Ze had geleerd en genoten van haar baas die zó zichzelf was gebleven. Geen poespas, gewoon B. Het andere compliment dat er toe doet, is dat mijn liefje mij koos als levenspartner. Met als die mensenkennis van haar… I count my blessings!

Ik sluit af met een typische Boris-uitspraak:

“My friends, as I have discovered myself,
there are no disasters, only opportunities.
And, indeed, opportunities for fresh disasters.” 

We gaan ze tellen.