Translate

Posts tonen met het label dr Geerat Vermeij - 's werelds grootste schelpenkenner. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dr Geerat Vermeij - 's werelds grootste schelpenkenner. Alle posts tonen

donderdag 18 mei 2017

Irrationele angst?

Er zijn mensen die hun kop liever in het zand steken, zelf behoor ik tot het tegenovergestelde type. Van de dingen die mij interesseren of direct aangaan, wil ik liefst het naadje van de kous weten. Zelfs als het om minder relevante gegevens gaat; die berg ik na lezing gewoon op in mijn Grote Boek van Nutteloze Feiten.

Heupartroplastiek, het plaatsen van een heupprothese, behoort tot een van de meest uitgevoerde medische handelingen in de westerse wereld. Dat aantal neemt gestadig toe, aldus een onderzoek van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OECD), getiteld ‘Health at a Glance’ uit 2015. Ik vind het opmerkelijk dat het aantal heupoperaties per 100.000 inwoners in Nederland tweemaal zo hoog ligt als in Spanje. Een rapport van Adviesbureau PriceWaterhouse, ‘The Hip Index 2016’, verklaart dat toegenomen welvaart en vergrijzing hieraan debet zijn. Ditzelfde rapport toont tevens aan dat de kosten van zo’n operatie in Spanje bijna de helft lager liggen dan in Nederland.

In de (lange) aanloop naar de heupoperatie bouwde ik drie existentiële angsten op: 1) dat ik niet uit narcose zou ontwaken, 2) dat de chirurg de verkeerde heup zou vervangen en 3) dat ik een ziekenhuisbacterie zou oplopen. Ik ben geen doemdenker, ik noem muzelluf eerder een realist met levenservaring. Het is immers niet ondenkbaar dat er tijdens of na heupartroplastiek complicaties optreden en waarom zou mijn persoontje daarvan zijn gevrijwaard? Mijn liefje moet doorgaans zuchten als ik weer met zo’n praatje kom maar het is zo…

Op zondagavond vóór die operatie, gezellig samen aan de eettafel gezeten, sneed mijn liefje een interessant onderwerp aan. Wat moest er met mijn lichaam gebeuren als ik niet wakker zou worden? Ze schatte in dat ik de vraag op dat moment kon verdragen en dat had ze bij het rechte eind. Soms kan zo’n kwestie gezien de bui of het tijdstip gevoelig liggen. Ik was echter blij met haar vraag. Daarover heb ik namelijk een uitgesproken mening die ik nog niet had geventileerd.

In 2011 kocht ik het boek ‘Schelpen en beschaving’ van de, van oorsprong Nederlandse, blinde evolutiebioloog dr Geerat Vermeij. Hij werd professor aan de Universiteit van Californië en is wereldwijd dé expert op schelpengebied. Voor een schelpenverzamelaar als ik is dat verplichte kost. Die aankoop deed ik destijds naar aanleiding van een boeiend interview met hem in de Volkskrant. Daarin werd hem onder andere gevraagd waar ter wereld hij de mooiste onderwaterwereld ‘zag’. Hij twijfelde geen seconde en antwoordde: “Palau. Sindsdien wil ik daar naartoe. Deze republiek bestaat uit 250 eilanden en ligt in Micronesië; ten oosten van de Filipijnen, middenin de Grote Oceaan. Ik zocht eerder uit dat je vanuit Australië nog 36 uur onderweg bent voor je op plaats van bestemming aankomt. Er gaan vluchten naar Koror, het centrale eiland.

Mijn ouders sloten ooit een overlijdensverzekering voor mij af die ik zelf voortzette. Na uitkering, zou die mijn liefje ruimschoots in staat stellen mijn as daar uit te strooien. Welnu: dat gaat zo niet gebeuren. In de nabije toekomst kan ik zelf weer mee op pad en zelf snorkelen. Eilandennatie Palau staat hoog op mijn bucket list. Die bestemming doen we getweeën nog wel een keer aan, betaald uit onze spaarpot! Reizen is verslavend...

Toen de verpleegster het infuuskraantje in mijn arm kwam installeren, vroeg ze aan welke heup ik zou worden geopereerd. Ik wees op rechts. Dan moet het aan de andere kant”. Ze lichtte toe dat de chirurg tijdens de operatie namelijk niet moet worden gehinderd door slangen. Dat was een geruststellende gedachte. Hij hoefde in de OK dus slechts naar het infuus te kijken om te weten dat hij aan de andere kant moest zijn met zijn doppenset. Hij zat trouwens in een hoekje te lezen toen ik de operatiekamer werd binnengerold. Een laatste blik op mijn medisch dossier? Een spannende doktersroman? Of het laatste nieuwe boek van auteur Atul Gawande? Het verliep zoals gepland, door de prille prothese staat mijn rechtervoet zelfs weer recht vooruit.

Ook wat de ziekenhuisbacterie betreft, ontsprong ik de dans. Het gaat hierbij om een groep bacteriën die resistent zijn geworden voor (bijna) alle soorten antibiotica. Betere hygiëne en ander voorschrijfgedrag door de arts kunnen het risico op besmetting aanzienlijk verlagen. Als je een ziekenhuisbacterie oploopt, zorgt dat doorgaans voor een boel vertraging in het herstelproces. Ik heb twee personen in eigen kring die het in het afgelopen jaar in een Nederlands en een Spaans ziekenhuis overkwam. Spanje staat hoog op de lijst van risicogebieden qua besmetting omdat men hier relatief vaak en veel antibioticum slikt waardoor resistentie sneller kan optreden. Het wordt betrekkelijk gemakkelijk voorgeschreven, weet ik uit eigen ervaring. Bovendien wordt er nog antibioticum gebruikt in de Spaanse agrarische industrie (al is dat in EU-verband niet meer toegestaan). Dat las ik in het rapport Special Eurobarometer 445: Antimicrobial Resistance -April 2016.

Ik verklaar hierbij dat het goed met mij gaat. Het eerste doosje medicijnen is leeg dus we tellen af. Er is weer kleur op mijn wangen. In en uit bed stappen verloopt elke dag gesmeerder. Op mijn rug slapen blijft echter moeizaam. Met mijn looprek oefen ik inmiddels buiten de poort. Twee- à driemaal per week keer ik naar het ziekenhuis terug voor wondverpleging. Het medisch personeel is tevreden over het helingsproces. Ik laat mijn angsten varen.  



maandag 4 juli 2011

Wat vertrouwd is, roept geen vragen op

Een regelmatige bloglezer attendeerde mij onlangs op een interessant interview in de Volkskrant. Het betrof een gesprek met Dr Geerat Vermeij, evolutionair bioloog, paleontoloog en schelpenexpert. Hij werd geboren in Nederland maar emigreerde op 10-jarige leeftijd naar Amerika waar hij later hoogleraar mariene ecologie en paleo-ecologie aan de Universiteit van Californië werd. Vermeij is blind sind zijn derde jaar. Door een glaucoom kon hij vanaf zijn geboorte heel slecht zien; alleen aan kleuren bewaart hij een herinnering. Kijken deed vreselijk pijn. Omdat de aandoening tot hersenbeschadiging kon leiden, besloten de artsen zijn beide ogen te verwijderen. Brrrrr.

Het interview vond plaats vanwege de Nederlandse vertaling van Vermeij's recentste boek: 'Schelpen en Beschaving'. Hij schetst daarin hoe schelpen en culturen voortkomen uit dezelfde evolutionaire principes, met name aanpassing aan de omgeving en aan andere soorten. Het boek staat vol beschrijvingen van expedities naar wereldwijde stranden, koraalriffen en getijdenpoelen. Ondanks -dankzij?- zijn handicap ontwikkelde Vermeij zich tot een van de grootste schelpdierenkenners ter wereld. Dat alles op de tast. Kijken met je vingers. De man beschikt zonder twijfel over de gevoeligste vingertoppen van het Westelijk halfrond?! Ik maak een diepe buiging voor hem en zijn wetenschappelijke prestaties.

De interviewer stelt hem ook de vraag hoe relevant het thema aanpassing is voor zijn persoonlijke geschiedenis. Zijn antwoord boeide mij: “Ik denk het wel. Emigreren naar een vreemd land lokt wetenschappelijke vragen uit die ik waarschijnlijk nooit had gesteld als ik in Nederland was gebleven. Wat vertrouwd is, roept geen vragen op. In die zin is reizen voor mij heel belangrijk, net zoals het dat was voor Darwin en Wallace.” Persoonlijk herken ik veel in wat hij daar zegt.

“De mooiste schelp? Ik denk Euprotomus bulla. Een prachtige schelp, helemaal glad maar met een heel gecompliceerde vorm.” Deze zeeslakkensoort, ook wel bubble conch genoemd, zit in mijn Bali-verzameling. Aan het strand van Patas vond ik een klein, tamelijk gaaf exemplaar van deze schelp (zie foto’s naast het portret van Vermeij). Op de vraag waar Vermeij de mooiste onderwaterwereld ‘zag’, zei hij zonder al te veel twijfel: “Palau”.

Sindsdien krijg ik die bestemming niet meer uit mijn hoofd... Als fervent snorkelaar en schelpenverzamelaar kan ik de aanbeveling van zo’n deskundige niet negeren. Reizen is verslavend.

Zo verging het mij ook met een van de reisbestemmingen tijdens onze eerste wereldreis. Enige tijd daarvoor ontdekte ik in Londen ‘FIJI Water’ in een winkel om de hoek van mijn kantoor. Het water zat in een vierkant flesje, met een tekening van vogels, een waterval en tropische bloemen die je door het water heen kon bekijken. Dat flesje smaakte naar meer! Het stond dagelijks op mijn bureau en deed mij dagdromen. In de pauzes, welteverstaan.

In 2006 bezochten we de Fiji-eilanden die in Oceanië liggen. Het werd een indrukwekkend verblijf. Met gemengde gevoelens. Zo wandelden wij in de Yaqara Valley waar FIJI Water vandaankomt en zeilden we naar de Yasawa-eilanden waar ik tot nu toe de mooiste snorkeluren van mijn leven doorbracht. Ik zag daar zacht en hard koraal van ongekende kleuren en veel relatief grote tropische vissen. Maar ik ontdekte ook dat op de hele eilandengroep groot gebrek aan schoon drinkwater is… Mijn oren suisden van die informatie. Hoe kan dat nou?! Het zat zo: de Amerikaanse eigenaren van de FIJI Water Company sloten met corrupte militaire leiders van het land een lease-contract af om het water tegen uitzonderlijk gunstige belastingvoorwaarden voor 99 jaar te exploiteren. Tja.

Moet je dit soort reisoorden dan boycotten? Ik ben een andere mening toegedaan. (Bovendien vraag ik mij stiekem af of er nog wel een reisbestemming overblijft?!) Ook als toerist kan ik niet onverschillig zijn. Buitenlander ≠ buitenstaander. Op Viti Levu sponsorden we een opvanghuis voor vrouwen en hun kinderen, slachtoffers van huiselijk geweld. Onze aardbol is mooi maar de wereld die we erop creëerden blijkt hier en daar nogal lelijk…

Niet gehinderd door de Fiji-ervaring, zocht ik het een en ander uit over Palau. De democratische republiek Palau blijkt een Micronesische eilandengroep te zijn, midden in de Stille Oceaan. Ik onderzocht hoe je er kunt komen vanuit Bali. Koror, de hoofdstad van Palau, ligt op circa 2.700 kilometer afstand van Denpasar. Zo dichtbij dat je het van hieruit bijna kunt aanraken?! De snelste reisroute neemt echter 25 uur in beslag... Adu! Ik kan één ding verklappen: Palau wordt niet de bestemming voor mijn liefje’s aanstaande verjaardagsfeestje. Wordt ooit vervolgd - met dank aan professor Vermeij.