Translate

Posts tonen met het label plastic -like diamonds- is forever. Alle posts tonen
Posts tonen met het label plastic -like diamonds- is forever. Alle posts tonen

maandag 12 december 2016

Ring van vuur en vuil

Indonesië is zeer rijk als het gaat om natuurlijke bronnen: petroleum, ruwe olie, aardgas, kolen, bauxiet, tin, nikkel, koper, goud, zilver en zout zitten op vele plaatsen in de bodem in de gehele archipel.

In de Jakarta Post las ik recent dat de Indonesische minister van Energy & Mineral Resources momenteel werkt aan een wetsbetaling die ervoor moet zorgen dat 10% van de inkomsten uit nieuwe en hernieuwde olie- en gasconcessies in regio X voortaan ten goede komt aan die regio. In 2001 voerde Indonesië regionale autonomie in. Tot nu toe beheert de nationale overheid in Jakarta al dat soort contracten en inkomsten. In de afgelopen jaren ontstonden echter spanningen tussen Jakarta en die regionale overheden. 80% van het regionale budget komt uit de nationale kas dus het is een goed idee om regio’s eigen inkomsten te verschaffen. Deze wet gaat daarin zeker een handje helpen, zolang het geld niet in de zakken van corrupte bestuurders  verdwijnt.

Indonesië staat in de Top10 van 's werelds grootste vervuilers als het gaat om de uitstoot van broeikasgassen dus er moet wel iets gebeuren. In schone bronnen als zonne-energie, hydro-electrische energie (ook uit golven), geothermische energie, energie uit biomassa en uit afval wordt nog relatief weinig geïnvesteerd al heeft dit uitgestrekte eilandenrijk ook op dit vlak veel kansen. President Jokowi maakte groene energie een van zijn prioriteiten maar initiatieven kwamen nog niet op grote schaal van de grond. Onder zijn bestuur werd Rpi 2.1 triljoen voor de ontwikkeling en exploitatie van nieuwe energiebronnen gealloceerd.

In de Bali Advertiser las ik onlangs een interview met vulcanologe Ratih Nurhayati, geboren in Bandung, een stad in West-Java die is omgeven door vulkanen. Op jonge leeftijd raakte zij bevangen door deze vuurspuwers. Heel Indonesië ligt aan de Ring van Vuur, een hoefijzervormig gebied rondom de Grote Oceaan dat met regelmaat wordt geteisterd door veelvuldige vulkaanuitbarstingen, zee- en aardbevingen. Op de afbeelding zie je het grote aantal Gunungs in de archipel. Vorige week vond in Atjeh nog een krachtige aardbeving plaats (magnitude 6.5). Er vielen tientallen doden, heel veel meer gewonden en de schade is onnoemelijk groot. Ook op Bali steekt een draak af en toe de kop op. 

Na de middelbare school ging Ratih een jaar naar Christchurch en Rotorua (Nieuw-Zeeland), het geothermische mekka van het zuidelijke halfrond. In 1995 studeerde zij  af als geologe aan het Technologisch Instituut in Bandung. 

Zij vertelt verder dat de Indonesische overheid pas in 2000 -na de crisis van 1998- weer aandacht kreeg voor schone energiebronnen. In de afgelopen jaren nam het electriciteitverbruik in de archipel met 10% per jaar toe, al hebben 50 miljoen inwoners nog steeds geen beschikking over electriciteit. (Het duurt, naar verluidt, minstens tien jaar voordat een nieuwe energiebron kan worden aangeboord.)

In 1918 was kolonisator Nederland de eerste die een testboring deed in een van Java’s vulkanen. In 1926 werden nogmaals vijf testboringen gedaan bij Kawah Kamojang (stratovulkaan op West-Java). Boring nummer 3 leidde tot de bouw van 's lands eerste station dat geothermische energie opwekt. Die centrale bestaat nog steeds en levert 140 MegaWatt aan schone energie per jaar (operator is PT Pertamina Geothermal Energy). De productie van één MegaWatt geothermische energie kost US$ 1.5 miljoen, vele malen duurder dan 1 MW traditionele energie. De uitstoot van CO2 ligt echter vele malen lager. Men schat in dat Indonesië over 40% van 's werelds geothermische energiereserves beschikt. In 2025 wil het land meer dan 9.000 MegaWatt aan geothermische energie produceren, waarmee het producent nummer 1 van de wereld zal worden.

In een andere krant las ik dat staatselectriciteitbedrijf PLN jaarlijks 100 Megawatt aan electriciteit gaat afnemen bij energiecentrales die afval verwerken, in zeven steden: Bandung, Semarang, Surabaya, Surakarta, Jakarta, Tangerang en Makassar; op Java en Sulawesi. Voor de goede orde: de hoofdstad Jakarta produceert circa 7 miljoen kilo afval per dag. Bij deze vorm van hergebruik snijdt het mes aan twee kanten: de troep wordt opgeruimd en het levert nog iets substantieel op ook! De centrales moeten in 2019 in werking treden. In 2025 wil Indonesië 23% van zijn energievoorziening uit afval halen.

Dat is goed nieuws maar ik vraag mij in alle ernst af waarom Bali’s hoofdstad Denpasar niet in dat rijtje van steden staat?!

In de tijd dat mijn liefje en ik in het noorden van Bali woonden, was plastic afval een zeer regelmatig gespreksonderwerp in Huize Barefoot. In het regenseizoen waren de Balizee en het strand voor ons huis niet om aan te zien. Soms stonden we tot onze enkels in het aangespoelde plastic. Het schadelijke spul wordt vooral door rivieren uit de bergen aangevoerd. Vroeger gebruikte men natuurlijke materialen als kokosnoot en  bananenblad als verpakkingsmaterialen. Met de vooruitgang deed plastic zijn intrede. 

Met Yuda las ik recent het drietalige kinderboek ‘Burung Camar dan Kokokan’ (De zeemeeuw en de ibis). Het is een rijk geïllustreerd, opvoedkundig boek over het enorme plasticprobleem  voor mens en dier dat in de loop van de tijd ontstond op Bali. Dieren vinden geen voedsel meer, mensen hebben een slipper aan hun vislijn; dat soort scenario’s. Hij las het verhaal hardop voor in bahasa Indonesia, ik deed dat in het Engels.

In een Australische krant las ik over de kolossale afvalberg, TPA Suwung, in het zuiden van Denpasar. Vanuit de lucht ziet het er uit als een gigantisch grijs rijstveld. De stortplaats heeft een omvang van 30 à 40 hectares die alle regels tart: op Bali mag niet hoger worden gebouwd dan 15 meter maar deze vuilnisbelt bereikte inmiddels een hoogte van 20 meter. Men vreest dat de berg nu al toxische stoffen lekt in grondwater en de nabije oceaan. Investeerders zijn ook hier hard nodig, voordat het te laat is. Adu.



maandag 19 september 2016

We zijn allemaal bolletjesslikkers

Mijn liefje en ik kijken af en toe op zondagavond naar het tv-programma Border Security Australia. In het programma staat het werk van de Australische douane centraal. Er komen reizigers in beeld die het continent betreden onder verdachte omstandigheden. De eerste keer dat wij zelf Down Under reisden (2005), overkwam het mij. Ik vulde mijn landingskaart naar eer en geweten in.
Toch werd ik uit de rij gepikt, door een onaardige douanebeambte. De koffer moest open en ze haalde alles overhoop, alsof ze naar iets op zoek was. “Zoekt u iets?” vroeg ik haar. Geen antwoord. Uiteindelijk viste ze een dichte zak suikervrije winegums tevoorschijn. Om de lange uren in de Outback, aan het stuur van een camper, door te komen. Het snoepgoed zou nooit schade aan Australische gewassen kunnen aanbrengen, daarom meldde ik het niet. De douanebeambte bleef nog even nukkig maar ik mocht het land in zonder geldboete.
In het programma gaat het doorgaans over verse kruiden of etenswaren die vaak door Aziaten worden meegenomen. Soms hele koffers vol. Af en toe blijkt het om een smokkelaar te gaan, met drugs in bagage of eigen lichaam. Dat is de bolletjesslikker. Het is een bloedlinke bezigheid: als zo’n bolletje knapt, verkeer je in levensgevaar.

Australische en Chinese wetenschappers toonden onlangs aan dat wij allemaal bolletjesslikkers zijn. Ongewild. Dat plastic in zeeën en oceanen ronddobbert en in vissen terechtkomt, was reeds bekend. Met dit onderzoek werd voor het eerst aangetoond dat die plastic microbolletjes toxische stoffen absorberen en afgeven. Het stond in de online-versie van de Sydney Morning Herald (SMH) en had de prikkelende titel ‘Microbeads for Lunch?’

Deze gecontroleerde laboratoriumstudie toonde aan dat 12.5% van de plastic vervuiler PBDE op plastic microbolletjes terechtkwam en vervolgens in visweefsel doordrong. PBDE staat voor polygebromeerde difenylether en dat klinkt belabberd. Surfend op het web blijkt het te gaan om vlamvertragers. Plastic microbolletjes zijn samengesteld uit synthetische polymeren, zoals polyethyleen, polymelkzuur (PLA), polypropyleen en polystyreen. Ze worden gebruikt in duizenden huidverzorgingsproducten (gezichtsreinigers) en producten voor persoonlijke hygiëne (tandpasta en bodyscrubs). Na gebruik in de badkamer komen miljarden partikels in riolen terecht. De bestaande filters van reinigingssystemen zijn niet fijn genoeg om de chemische stoffen eruit te halen waardoor ze uiteindelijk in zeeën en oceanen belanden.

In november 2014 rapporteerde een Australisch krantenconglomeraat (Fairfax) reeds dat hoge concentraties plastic microbolletjes in vissen uit de haven van Sydney waren aangetroffen. Het ging om 60 à 100 partikels per 100ml bezinksel; daarmee behorend tot de hoogste waarden ter wereld. Uit de recente studie blijkt dat microbeads giftige stoffen aantrekken en meevoeren. Een ‘Do Something Day’-campagne in Australië leidde er destijds toe dat een aantal grote bedrijven, zoals Unilever en L'Oréal toezegden die bolletjes gefaseerd uit hun producten te verwijderen. De wetenschappers van dit onderzoek zijn echter van mening dat alle producten die plastic microbolletjes bevatten, per direct uit de winkelschappen moeten worden verwijderd en daar ben ik het roerend mee eens.

Het eten van vis, schaal- en schelpdieren leidt dus aantoonbaar tot een verhoogd PBDE-niveau in het menselijk lichaam en dit kan neurologische problemen, een falend immuunsysteem en vruchtbaarheidsproblemen veroorzaken. De volgende stap van de wetenschappers is om te bepalen welke gevolgen die giftige stoffen precies hebben voor de volksgezondheid. De resultaten van hun onderzoek werden onlangs gepubliceerd in het internationale tijdschrift Environmental Science & Technology.

Meten is weten en wetenschap leidt tot corrigerende acties. Ook dichter bij huis zijn mensen druk doende met deze materie. De Nederlandse organisaties Stichting De Noordzee en Plastic Soup Foundation lanceerden in 2012 hun campagne ‘Beat the Microbead’ die inmiddels internationale steun kreeg 36 landen sloten zich inmiddels bij hen aan. Nederland wil het eerste land ter wereld zijn dat eind 2016 helemaal vrij is van plastic microbolletjes in cosmeticaproducten. De verwachting is dat 80% van de bedrijven die lid zijn van de Nederlandse Cosmetica Vereniging dat doel vóór 2017 zal bereiken. Het is mooi om hiermee voorop te lopen.

Voor een kritische consument is en blijft het lastig om te ontdekken of er wel of geen microbeads in een product zitten. Onderzoek wijst immers uit dat er meer soorten plastics worden toegevoegd aan verzorgingsproducten dan aanvankelijk gedacht. Plastic microbolletjes worden soms vervangen door biologische of biologisch afbreekbare microbeads die dan niet afbreekbaar blijken te zijn in water. Ook de toename van het gebruik van nanoplastic in cosmetica is verontrustend. Voor de consument is het erg lastig om een plasticvrije keuze te maken. Daarom draaiden de Nederlandse gangmakers achter de campagne het om en vroegen producenten aan te geven welke producten plasticvrij zijn. Zo ontstonden de Look for the Zero-lijsten.

Hun gratis app ‘Beat the Microbead’ werkt ook op de Spaanse markt. Je kunt de barcode van een product scannen en zo info binnenhalen en toevoegen. Kleurcodes (rood, oranje, groen) geven de toestand van een product aan. Scrubs van het huismerk van Lidl die hier verkrijgbaar zijn, bevatten microbeads (code rood), gezichtsreinigers van L'Oréal en Shisheido ook maar die bedrijven faseren uit (oranje), tandpasta Sensation White van Colgate Palmolive en de scrubs van BÖRLIND GmbH bevatten ze niet (groen). De Spaanse Look for the Zero-lijst van microbeadsvrije producten is nog niet beschikbaar. Ik blog er al jaren over: plastic is gif, voor mens en natuur.



donderdag 23 augustus 2012

Plasticsoep

De rust keert hier langzaam maar zeker weer. Vakantiegangers met schoolgaande kinderen keren naar hun woonplaats in het binnenland en naar hun vaderland terug. In de afgelopen dagen ruimden we rondom het zwembad hun afval op: leeggelopen luchtbedden, lekke zwembanden, kapotte bodyboards, gebroken spaghetti floats. Mijn liefje en ik storen ons mateloos aan die gemakzucht. Hoe komt men erbij dat je afgedankte spullen zo maar kunt laten liggen? Ruim je rommel op, temeer daar het plastic betreft! Wij verzamelen alle plastic verpakkingsmaterialen en gooien die wekelijks trouw in de daarvoor bestemde container, de gele.

Ik kan mij niet heugen dat ik ooit een zak of ander verpakkingsmateriaal op straat gooide. Dat zie ik hier mensen, jong en oud, 'gewoon' doen. Vooral jonge Spanjaarden maken zich eraan schuldig. Vroeger sprak ik mensen regelmatig aan op dat soort gedrag. In de trant van ‘pardon, meneer/mevrouw, u laat iets vallen’. Dat doe ik nu -hoegenaamd- niet meer; dat liet mijn liefje mij beloven. Zij is bang dat ik door zo’n opmerking een klap op mijn kop krijg (of erger).

Ik denk dat ik mij altijd sterk bewust ben geweest van het belang van een schoon milieu. Dat zal hoogstwaarschijnlijk voortkomen uit mijn liefde voor de natuur. Mijn liefje is door datzelfde virus aangetast. Haar noem ik regelmatig liefdevol 'my bag lady'. Ze raapt altijd en overal plastic afval op. Vooral op stranden. Je hoeft maar één keer een verhaal te hebben gelezen of een foto te hebben gezien van een schildpad of een zeezoogdier met een plastic zak om de kop om je te realiseren hoe dodelijk dat materiaal is.
In Bali voedden wij ons personeel langs diezelfde lijnen op. Ik herinner mij de eerste keer die ik onze nachtwaker aansprak op zijn gedrag. Hij, de meest gelovige Hindoe van het stel, kwam elke avond met een plastic zakje vol offerandes naar onze villa en vervulde op het hele terrein en achter de zeewal, op het strand van de Balizee, trouw zijn religieuze plichten. Op een bepaald moment viel mij op dat hij geen zakje terugbracht als hij van het strand kwam. Op een avond besloot ik achter hem aan te lopen. Toen zag ik dat hij zijn plastic zakje op het strand liet liggen. Ik confronteerde hem daarmee en legde uit dat zeedieren in plastic stikken en dat zijn geliefde Bali bovendien van al dat plastic afval niet mooier en schoner wordt. Het maakte kennelijk indruk op hem want hij vertelde het aan een van zijn collega’s die mij dat later vertelde. Nee, de baas houdt niet van plastic. Sindsdien weet ieder personeelslid maar ook tijdelijke werkers en andere bezoekers dat wij niet van plastic houden. Het zijn onze kleine bijdragen aan een schonere aarde. Alle beetjes helpen.

In juli 2008 blogde ik voor de eerste keer over de drijvende afvalbelt van plastic in de Stille Oceaan. Deze 'plasticsoep' zou voor 13% bestaan uit plastic wegwerpflessen, voor 9% uit plastic zakken en verder uit miljoenen rietjes, ballonnen, deksels van milkshakebekers, in zee geraakt strandspeelgoed, frisbees, touw en vislijnen. Deze immense archipel van afval vormt een ernstige bedreiging voor het leven in zee.

De BBC maakte enige tijd geleden een website waarmee men inzichtelijk wil maken wat de dimensies van iets onbekends zijn door het in verhouding te brengen met iets dat bekend is (http://howbigreally.com/). Op die manier kun je bijvoorbeeld ervaren hoe lang de Chinese muur in werkelijkheid is, hoe diep een bepaalde zee of oceaan is of hoe ernstig een overstroming was, zonder ooit ter plaatse te zijn geweest. Ik gebruikte de applicatie eens toen ik in Noord-Bali vertoefde om de omvang van die drijvende vuilnisbelt in verhouding te zien, door het over Indonesië te leggen. Daar werd ik stil van...

Begin deze week vond ik een nieuwsartikel over verzorgingsproducten die plastic deeltjes bevatten. Het onderwerp stond zelfs op het programma van het Journaal. Dit microplastic blijkt vooral in peeling- en scrubproducten te zitten van Etos, Kruidvat, Hema, Nivea, Olaz, Dove en andere fabrieken casu quo merken. Dergelijke hard- en zachtschurende plastic bolletjes komen tevens in Colgate- en Elmex-tandpasta’s voor. Ronald van Welie, directeur technische zaken van de Nederlandse Cosmetica Vereniging, wil eerst nader onderzoek doen naar eventuele schadelijke gevolgen voordat de branche maatregelen neemt. Tja. Een extra feit in dit verband: merk Rituals besloot per direct de samenstelling van de eigen producten aan te passen.

Dit soort plastic is (wellicht!) niet schadelijk voor de mens maar aantoonbaar kwalijk voor het leven in zee. Al die bolletjes spoelen namelijk via onze afvoerputjes en wasbakken uiteindelijk richting zee... Volgens wetenschappers kleeft aan al dat plastic ook nog een onzichtbaar probleem: gifstoffen die chemische verontreiniging veroorzaken. Algen plakken aan het drijvende plastic vast waardoor het zwaarder wordt, zinkt en door vissen en zeezoogdieren wordt gegeten. Wij eten vis en krijgen zo ons eigen plasticafval binnen. Zo is de cirkel weer rond. Maar het is geen mooie. Ik weet voorlopig genoeg! Je vindt de soeplijst hier.


zaterdag 13 november 2010

Bali Clean & Green

Eergisteren ontvingen wij een brief van de burgemeester. Nu is hij niet bepaald de burgervader die wij ons hier hadden voorgesteld maar desalniettemin lazen we zijn schrijven. Hij riep ons op mee te doen aan de plaatselijke 'Clean & Green'-campagne. Het strand van ons dorp zou de volgende ochtend worden schoongemaakt. 'Bali Green' heeft betrekking op het planten van bomen; dat was nu niet aan de orde. De actie zou 's ochtends om 6 uur starten. We vertelden tuinman Putu Arsana over de oproep; ook hij zou van de partij zijn. Voor de zekerheid zetten wij de wekker. Om 5 minuten voor 6 kukelde een schorre haan ons wakker. Brrrr. Dat viel niet mee. De avond hieraan voorafgaand was het voor mijn doen laat geworden, Ik had gekeken naar het BVN-programma 'Sta op tegen kanker'. Het doel van de avond was fondsenwerving voor KWF Kankerbestrijding. De persoonlijke opzet van het progamma greep mij aan. In Nederland sterven 5 mensen per uur aan deze ziekte. Kanker raakt iedereen. Iedereen in de zaal bleek wel een dierbare of kennis te hebben die aan kanker lijdt of (over)leed. Mijn nachtrust werder daardoor korter dan gehoopt. Zes uur 's ochtends was wat mij betreft te vroeg voor de douche. Ik schoot in de kleren en pakte het gereedschap: twee harken en twee vuilniszakken voor onszelf, een sikkel en een emmer voor de tuinman. Balinese mannen maken stoer schoon.

Op weg naar het centrale dorpsstrand zag ik de Russische buren -die zich inmiddels gedeisd houden- in de speedboot op zoek gaan naar dolfijnen. Ook zag ik een lokale visser met een gevulde emmer vanaf zijn prahu (lokale prauw) naar het strand lopen om daar de manden van wachtende vrouwen te vullen. Als je aan zee leeft, is er altijd veel te zien.
Het animo voor Bali Clean bleek in eerste instantie niet groot: slechts een handjevol Balinese mannen in trainingspak en 1 Australiër op flip-flops meldden zich met ons op de afgesproken plek. Wij begonnen maar alvast een beetje te harken terwijl de lokalo's om ons heen drentelden. Wat mij betreft ging en gaat het vooral om het verwijderen van plastic van het strand. Plastic -like diamonds- is namelijk helaas 'forever'. Het duurt vele generaties voordat het materiaal in de natuur is afgebroken. Daardoor is het dodelijk voor het leven in zee.
Toen de eerste hoopjes vuil waren gevormd, stelde een van de mannen voor ze in brand te steken. Ik schrok. Het deed mij veel deugd dat hij door zijn collega's werd gecorrigeerd: 'tidak baik, polusi' ofwel: niet goed, verontreiniging. Het lijkt een kleine stap maar het is heuse vooruitgang!

Na een half uur waren er aanzienlijk meer schoonmakers op het strand. Op vrijdag is het sportdag op de meeste scholen in Bali. Dat blijkt een sterke traditie: werkelijk alle volwassenen liepen in sportkostuum. Het schoonmaakteam bleek grotendeels te bestaan uit plaatselijke en provinciale ambtenaren. Ook nu weer: vrouwen met vegers en bezems, mannen met sikkels en emmers. De dames vonden onze aanwezigheid reuze interessant: mijn liefje ging regelmatig op de (telefoon)foto met giechelende dames.
Zelf maakte ik onder andere kennis met het Districtshoofd, die redelijk Engels sprak en ook rondliep in sportkleding. Toen ze mij meldde dat zij de enige vrouwelijke districtmanager is in de regio, riep ik enthousiast: “émansipasi baik sekali!” Ze glom van trots. Ik vroeg geïnteresseerd door: “wat behelst uw functie zoal?” Enthousiasme en trots golden nog steeds maar het antwoord bleek minder eenvoudig dan de vraag. Na een stilte zei ze: 'uw villa administreren'. Voilà. Als ik het niet dacht: ben ik ook nog haar werkgeefster. Zij wist overigens exact dat wij de twee vrouwen van de villa zijn. Langzaam harkten wij ons een weg naar de eigen stulp die in het uiterste westen van het strand ligt. Om 8 uur stapten we over onze eigen zeewal. Het strand werd redelijk schoon. Wij waren toe aan een Nespresso. Ik voel mij een bemazzeld mens: ik had Balinese ambtenaren aan het werk gezien (sorry Ber)!

We beleven op dit moment heldere, frisse dagen in het noorden van Bali: de zon schijnt onvoorwaardelijk, de luchtvochtigheid is matig, wolken blijven achter het huis, het zwembadwater is heerlijk, het uitzicht prachtig. Als ik vanaf het terras over het water naar links kijk, zie ik Java liggen. Wij wonen hemelsbreed op circa 1.400 kilometer van de onrustige Merapi; de rookpluimen kunnen we dan ook niet met eigen ogen zien. Ik vind het een bizar idee dat zich daar een natuurramp afspeelt. Jogyakarta veranderde vanwege de uitstoot in de afgelopen weken in een sneeuwlandschap. Het aantal doden steeg tot 206 personen. Men is begonnen met het schoonmaken van de Borobudur (UNESCO-wereldwonder) alhoewel de berg nog steeds kokendhete gaswolken uitstoot.
Ook de Gunug Batur roert zich inmiddels. Deze 1717 meter hoge berg is een van de twee actieve vulkanen op Bali. Deze week werd de status verhoogd van 'actief-normaal' naar 'alert'. De vulkaan, die nu een rookpluim uitstoot, ligt op circa 50 kilometer van ons dorp. Toeristen mogen de berg niet meer beklimmen. De bijgevoegde foto maakte ik zelf in 2005, in rustiger tijden. Bali Green? Nog wel...


zaterdag 2 oktober 2010

Linkse hobbies

Was ik enkele weken geleden nog blij dat de besprekingen over een rechts kabinet werden afgebroken, inmiddels is minderheidskabinet-met-gedoogsteun Bruin I een feit. Nu ben ik geen politiek commentator maar een beetje blogger heeft een mening over de huidige toestand. Ik vind het verwerpelijk dat een partij op religieuze grondslag als het CDA, haar ziel aan de duivel verkocht en actief meewerkte aan de totstandkoming van dit marionettenkabinet. Laffe daad, slappe knieën. Het is uitermate zorgelijk dat het lot van Nederland juist in landen ligt van dé grote verliezer van de verkiezingen. We zullen vandaag zien of er nog mensen met rechte ruggen en een geweten rondlopen in die partij.

Deze kabinetsconstructie deugt niet. Het zal tweedracht zaaien en splijtend werken in de Nederlandse samenleving. Een somber vooruitzicht voor Nederlanders in binnen- en buitenland en een spookbeeld voor elke rechtgeaarde democraat. Hoeveel rechtsgeaarden likken hun vingers hierbij af?! Over vingers gesproken, het was opmerkelijk dat een PvdA-raadslid recent op de vingers werd getikt na het gebruik van de term Bruin I. Ons zullen ongetwijfeld ergere dingen boven het hoofd hangen als Wilders op dreef raakt. Zelf doet hij regelmatig ongenuanceerde uitspraken en is hij grofgebekt. Mijn analyse is dat hij zichzelf in de loop van de tijd tè serieus is gaan nemen. Een gevaarlijke tendens. Hij doet zich bij voorkeur voor als de Messias die Nederland van de ondergang zal redden maar voor mij is hij vooral een ruziemaker die het land ernstig zal schaden. Zo ben ik benieuwd hoe hij gaat uithalen naar de president van Indonesië -het land met de meeste moslims ter wereld- die een dezer dagen naar Nederland zal komen voor een staatsbezoek.

Natuur en milieubeheer zijn linkse hobbies, volgens Wilders en andere rechtsdenkenden. CDA en VVD besteden in hun concept-regeerakkoord welgeteld 15 vage regels en een halve A4 holle frasen aan deze onderwerpen. Maar als we onachtzaam met natuur en milieu omgaan, snijden we onszelf in linkse èn rechtse vingers. Al is de natuur van en voor ons allemaal, dat geeft niemand het recht er slecht mee om te gaan. Natuur is de boei waarop het menselijk bestaan drijft: zonder bomen geen dromen. De besteding van honderden miljoenen euro's aan de aanleg van meer wegen en het verhogen van de maximum snelheid op de snelwegen zijn typisch rechtse hobbies. Verziekte sfeer in het land en dan ook nog verziekte lucht erboven?!

Ik woon tijdelijk in Bali en ook hier valt mij van alles op. Al leven de Balinezen dichter bij de natuur dan de gemiddelde Nederlander, ook hier is groen bewustzijn niet in iedereen en alles doorgedrongen. De vraag is: nog niet of niet meer? Tri Hita Karana, de drie Harmonieën, was namelijk eeuwenlang onlosmakelijk verbonden met de Balinese cultuur. Het concept gaat over drie vormen van harmonieus leven, waarvan harmonie met de natuur (Palemahan) er een is.
Maar volgens Ketut, onze projectmanager, geven veel Balinezen niet om het milieu. Hijzelf werd geboren in een bergdorp in de jungle. Die achtergrond, zijn goede opleiding en zijn karakter maakten hem tot een liefhebber en kenner van planten, bomen, dieren, kruiden en tot aanhanger van goed milieubeheer. Ik luister aandachtig als hij vertelt over het traditionele leven van zijn (overleden) grootvader en zijn vader die ik leerde kennen en die nog tamelijk traditioneel leeft.

Vroeger gebruikte men organische materialen van kokosnoot-, bamboe- en bananenbomen en maïsblad om dingen in te bewaren. Veel van die toepassingen verdwenen uit het moderne, dagelijkse leven. Ketuts moeder vlecht nog steeds manden die wij in tuin en huis gebruiken. Ze zijn een uitstekend alternatief voor plastic. Elke dag wordt in Bali ruim 5.000 kubieke meters afval geproduceerd, waarvan bijna 10% afkomstig is van plastic. Dat is elke dag een plasticberg van 500 x 500 x 500 meters... Plastic is voor vele Balinezen een symbool van vooruitgang maar het is een immense bedreiging voor hun natuur. Als zij organisch afval weggooien, was en is dat een beperkt probleem: de natuur kan die materialen immers afbreken. Als ze nu plastic weggooien en verbranden -en dat doen ze te pas en te onpas-, blijft dat eeuwenlang problemen veroorzaken in ecosystemen op zee en op het land.

'Plastic -like diamonds- are forever'. Helaas! Er bestaan namelijk geen natuurlijke organismes die plastic kunnen afbreken. Het materiaal is onderhevig aan zogenaamde fotodegradatie: zonlicht breekt het af in steeds kleinere deeltjes waarna plasticstof achterblijft dat grote schade aanricht aan de natuur. De overheid startte een programma 'Clean and Green Bali' maar er zit nog weinig schot in. De afgelopen twee jaren strandden elf walvissen in Bali om onbekende redenen. Het zou mij niet verbazen als hun stranding samenhangt met toenemende plasticvervuiling in zee. Dat is een topje van de ijsberg. De Indonesische wateren zijn gezegend met 31 van de 120 walvissoorten op aarde. Dat moet zo blijven. Carrefour verkoopt reeds recyclebare boodschappentassen maar ze moeten hier aan iedereen gratis beschikbaar worden gesteld! Dat is een stapje in de goede richting maar nog steeds een druppel op de gloeiende plaat.