Translate

Posts tonen met het label vaccineren met AstraZeneca. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vaccineren met AstraZeneca. Alle posts tonen

vrijdag 6 augustus 2021

De laastste der Moheganen

Begin juni ontving ik hier mijn eerste dosis AstraZeneca. Mijn liefje versprak zich een keer en dat mondde uit in het voortdurende gebruik van de term ‘Arsenica’. Met een vette knipoog. (Officieel heet dit vaccin nu Vaxzevria.) Ik ging namelijk schoorvoetend naar het gezondheidscentrum voor de prik. Niet omdat ik mij niet wilde laten vaccineren -ik zou wel gek zijn!- maar omdat ik bijverschijnselen vreesde na inenting. Ze zijn uiterst zeldzaam maar waarom zou mij dat niet kunnen overkomen? Dat gevoel probeerde ik mijn liefje uit te leggen maar dat was tevergeefs. Mijn vriendin Nelly kreeg in 2005 de diagnose ongeneeslijke kanker en toen ik haar eens in al mijn vertwijfeling de vraag stelde “Waarom jij?” antwoordde zij met “Waarom ik niet?” Dat verklaart het een en ander…

De eerste spuit ging ongemerkt in mijn bovenarm. De volgende dag was ik een beetje hangerig maar daarbij bleef het gelukkig. Daar werd mij een briefje in de hand gedrukt met de datum voor de tweede prik. Die zou begin september volgen; drie maanden later, zoals destijds het schema was dat men in alle landen volgde. Totdat de besmettelijker en kwalijker deltavariant kwam opzetten. Door voortschrijdend inzicht kwam men tot de stelling dat het goed zou zijn om de tweede dosis Arsenica te zetten na acht weken, in plaats van twaalf. Zo´n  herziene interval noemt men ‘sweet spot’. (Voor Pfizer ligt die nu ook op acht weken.)

Ook in dit deel van Spanje lopen de besmettingscijfers weer op al lijken we tegelijkertijd alweer over de piek heen. Wij zitten hier inmiddels in de vijfde coronagolf, geloof het of niet. Circa 46% van de 38 miljoen volwassenen in dit land is volledig ingeënt en ruim 60% van hen kreeg tenminste één dosis. Dat zijn te lage percentages om de verdere verspreiding van de deltavariant te stoppen. Die is hier ook al dominant. Aanvankelijk was het plan van de Spaanse regering om rond eind augustus 70% van de volwassen bevolking volledig te hebben gevaccineerd. De deltavariant verhoogt de druk op dat plan. Het nieuwe streven  ligt nu op 90%. Bovendien lijkt groepsimmuniteit door die variant verder weg dan ooit. Moest de nationale vaccinatiecampagne een tandje bijzetten? Hoofd Virologie van Spanje, Fernando Simón, meende van niet. Nog niet.

Daarom vroeg ik mij af of Spanje de tweede dosis voor personen in mijn leeftijdsgroep naar voren zou halen, zoals in Nederland reeds gebeurt. Ik had uiteenlopende redenen om dit te willen. Even leek het erop alsof men hier een bewijs van volledige vaccinatie ging eisen aan iedereen die naar een restaurant wil dus als half-gevaccineerde zag ik de bui al hangen… Thuiskoken is weliswaar een hobby maar af en toe buitenshuis lunchen of dineren, is gemakkelijk en lekker! Onze autonome regio Valencia wil echter niet tot die maatregel overgaan zonder nationale steun. Het vaccinatiebewijs in de horeca is daarmee (voorlopig) van de baan.  

Aangezien ik graag het heft in eigen handen neem, verzon Tom Poes een list. Ik nam mij voor volgende week naar het gezondheidscentrum te gaan om te vragen of mijn tweede injectie kan worden bespoedigd. Met twee doses ben je nu eenmaal beter beschermd dan met één. Bovendien heb je minder kans het virus door te geven aan anderen. Niet dat wij partygangers of feestneuzen zijn; integendeel. We blijven weg bij etentjes en feestjes met Britse buren en andere mensenmenigten. We komen slechts in klein verband samen en houden afstand, zo goed als mogelijk. Dat werd onze tweede natuur.

Een bezoek aan het gezondheidscentrum stond dus op de rol. Ik zou gaan vragen om verspoediging van de tweede dosis in het kader van een gepland bezoek aan mijn oude moeder in Nederland. Je kunt zo´n besje toch niet het risico van besmetting met de deltavariant uit Spanje laten lopen? Dat is een smoes want ze overleed in november 2015… In het uiterste geval zou ik mijzelf tot tranen (proberen te) roeren als afwijzing dreigde. Een maand eerder gevaccineerd is mij wel een leugentje om bestwil waard! Ik oefende dat scenario alvast op mijn liefje en dat verliep naar wens.

Groot was de opluchting toen ik afgelopen maandagavond een telefoontje kreeg van een Engelssprekende Spanjaard die zichzelf introduceerde als medewerker  van het plaatselijke gezondheidscentrum. Was ik wie ik was? Had ik mijn eerste dosis in juni ontvangen? Raakte ik in de tussentijd besmet met corona? Hij bleef Engels praten, ik sprak stelselmatig in het Spaans terug. Het gesprek werd tweemaal afgebroken maar hij belde keurig terug. Hij legde mijn SIP-kaartnummer in het systeem vast ter confirmatie van de afspraak later deze  week.

Men zet dus wel degelijk een tandje bij in deze regio en mijn woonplaats. Het zijn welgeteld 56 dagen na de eerste dosis, mijn nieuwe prikafspraak is op de kop af precies twee maanden later. En er was geen smeekbede of leugen voor nodig. Joehoe! Zo hortend en stotend als mijn intrede in het Spaanse vaccinatieprogramma was (zie blog), zo gesmeerd liep het vervolg. 

Nu ben ik echt de laatste van mijn vriendenkring die de tweede dosis ontving. In die zin ben ik de laatste der Moheganen maar ik vind mijzelf niet sneu meer. Overal gaat weleens wat mis. Zo zat er ook een knoepert van een fout in het boek van de Amerikaanse auteur James Fenimore Cooper. Niet alleen draaide het niet om ‘Mohikanen’ (het zijn Moheganen), die Indianenstam bestond aan het begin van de 19de eeuw nog steeds. Er was destijds dus geen sprake van de laatste Mohikaan... Dat geldt tot op de dag van vandaag. Ongeveer 2.500 van hun  afstammelingen leven in het hedendaagse Connecticut (VS).

De nieuwe afspraak verliep vlotter dan de eerste en bovendien had ik mazzel. We werden een voor een op alfabet naar voren geroepen en de afkorting van mijn tweede voornaam, Ludwin, fungeerde voor de Spaanse verpleegster als mijn eerste achternaam. Bij de L was ik dus al aan de beurt, in plaats van bij de V. De tweede dosis zit in de arm en de tweede prik staat ook geregistreerd in het systeem. Het betreffende telefoontje en de afwikkeling herstelden mijn licht geknakte vertrouwen in de Spaanse gezondheidszorg volledig!


maandag 14 juni 2021

Eerste prik, eerste duik

Vorige week ontving ik de eerste prik van Arsenica in mijn bovenarm. Dat moment ging bijna onopgemerkt aan mij voorbij maar alles dat daaraan voorafging niet bepaald... Het was kortstondige chaos bij de toegang tot het lokale gezondheidscentrum. Zo geolied als dat verliep bij mijn liefje, zo ongeregeld was het in mijn geval. Maar Zis is Speen dus verbazen deed het mij niet. 

Volkskrant-columniste Aaf Brandt Corstius werd onlangs eveneens gevaccineerd in Nederland. Zij noemde het halen van haar prik ´een project´: ze moest er vier uur voor uittrekken. Een pelgrimage naar Beverwijk, of all places! Zij maakte van die dag haar persoonlijke vaccinatiefeestdag. Ze schrijft dat ze, terwijl ze naar huis terugkeerde, werd overvallen door een gevoel van groot geluk. Hieronder volgt mijn verhaal.

Iedereen met mij bleek te zijn opgeroepen om 10:00 uur. Wij waren er ruim voor tijd, ik meldde mij bij de balie aan. Het goede nieuws was dat ik op de lijst voor die dag stond. Men vroeg mij weer naar buiten te stappen en daar op mijn beurt te wachten. Op dat moment bleek ook een groep onder 60-jarigen te zijn ingepland voor hun tweede Arsenica-prik. Het gaat hier om jongere personen met een openbare functie: ziekenhuis- en ander zorgpersoneel, politie-agenten van nationale, regionale en lokale diensten, brandweerlui en onderwijspersoneel. Zij behoorden tot de eerste groepen in Spanje die tegen corona werden gevaccineerd.

Een baliemedewerkster van het gezondheidscentrum kwam om 5 voor 10 met een lijst naar buiten waarop de namen van deze tweedeprikkers stonden. Ze begon enthousiast maar na 15 namen (elk met één voornaam en twee achternamen) en niet één levend wezen dat naar voren stapte, zakte de animo. Ik realiseerde mij dat het nog geen 10 uur was en dat zegt alles in dit Land van de Rekbare Tijd. Meelevend vroeg ik haar of ze de lijst van vandaag wel hanteerde? Ze rolde met haar ogen en trok haar wenkbrauwen op. Niet om mijn opmerking maar om de lage opkomst. Teleurgesteld droop ze af met haar lijst.

Ruim na 10 uur kwam ze terug met dezelfde lijst en begon de namen van dezelfde Spanjaarden weer af te roepen. Soms stapten nieuwe gegadigden op de ingang van het centrum af. Ze waren er wel maar druppelden mondjesmaat binnen. Nog steeds bleven vele namen onbeantwoord. Het rumoer nam toe bij ons, de oudjes die op hun eerste dosis stonden te wachten. Sommige Spanjaarden  leverden commentaar op deze povere gang van zaken. Er vielen woorden als “increíble” (ongelofelijk) en “es una verguenza” (het is een schande). Hoe vaak zou de centrummedewerkster deze oproepprocedure herhalen? Ze liep weer naar binnen, ons achterlatend.

Het handjevol mensen dat zich meldde voor de tweede dosis moest eerst een formulier ondertekenen voordat ze werden gevaccineerd. Vanwege de situatie met Arsenica (ernstige bijwerkingen waardoor vaccinatie tijdelijk werd gepauzeerd) besloot het Spaanse Ministerie van Volksgezondheid dat men nu mag kiezen tussen een tweede Arsenica- of (de eerste) Pfizer-prik. Als ze kiezen voor een tweede prik van hetzelfde oorspronkelijke vaccin, moeten ze verklaren dat ze dat uit vrije wil doen. Ik zag dat met lede ogen aan. Waarom moet je daarvoor tekenen? Bizar. 

De combinatie van verschillende soorten vaccins (AstraZeneca en Pfizer) wordt in de wandelgang ´de husselprik´ genoemd. Medici noemen het heterologe vaccinatie. Hier past men die dus al toe. In Duitsland en Spanje deed men kleinschalig onderzoek onder mensen naar de resultaten van deze mixprik. Er zijn aanwijzingen dat de combi de immuunopbouw ook goed kan afronden. Het is momenteel nog wel onzeker of de ingeënten in werkelijkheid zijn beschermd tegen corona, of de bescherming standhoudt en hoeveel tijd er tussen de prikken moet zitten. Ik ben benieuwd wat de stand van zaken is als het later deze zomer tijd is voor mijn tweede dosis.  

Een uurtje na aankomst was ik aan de beurt. Mijn naam werd aarzelend uitgesproken door de Spaanse (twee voornamen en maar één achternaam) maar ik sprong haar snel bij. Met identificatiebewijs en SIP-kaart in de broekzak moest ik eerst mijn handen desinfecteren en achterin de wachtrij aansluiten, op gepaste afstand van mijn voorganger. Langzaam schoven we vooruit in de centrale hal. In die ruimte hangen aan alle wanden verzoeken om stil te zijn; daarom  moest ik lachen achter mijn mondkapje. Dat is namelijk een onmogelijkheid in dit land van de rumoerigste inwoners ter wereld. Het was een oorverdovend gekakel!

Net voor mijn prikbeurt sloot de deur van de vaccinatiekamer. Het was tijd voor een kopje koffie voor het vaccinatiepersoneel. (Dat verzin ik niet.) Nou, mag het even?! Een mens kikkert ervan op! Na een minuut of 10 zwaaide de deur weer open en werd ik binnen gewuifd. Mijn gegevens werden in de computer gecontroleerd, ik ontving een afspraakbriefje voor de tweede dosis (september) en mocht doorlopen naar de verpleegster. De dunne naald verdween langzaam en zonder pijn in de bovenarm. Wel meende ik te voelen dat de vloeistof mijn lichaam binnenstroomde. Met een pleister op de prikplek kon ik gaan. Daarna zat ik nog tien minuten op een stoel in de hal en liep daarna met mijn liefje naar buiten. De eerste prik was gezet. Eindelijk. 

De avond van diezelfde dag racete mijn hart als Max Verstappen maar, net als hij, werd ik er niet paniekerig van. Iets dergelijks valt immers te verwachten als je bedenkt dat met de eerste Arsenica-dosis een microscopisch klein deeltje covid-19 in je lichaam wordt aangebracht. Dat moet het immuunsysteem trainen om corona te gaan bestrijden met aangemaakte antistoffen. Die nacht kwam het hart weer tot rust maar ik ontwikkelde wel een heel droge mond. De dag erna had ik voortdurende hoofdpijn en was de huid op en rond de prikplek gevoelig. Ik besloot geen paracetamol te nemen, al zei de verpleegster uit zichzelf dat ik dat gerust kon doen. De dag erna voelde ik mij weer de oude. In het centrale registratiesysteem van de Valenciaanse Gezondheidszorg checkte ik gisteren of de eerste dosis op naam staat vermeld. Jazeker, inclusief batchnummer van het goedje dat mij voorlopig veilig moet houden.

Afgelopen weekend gingen we naar onze vrienden Rolando en Paco om daar te zwemmen en te eten. Mijn liefje verraste mij op mijn feestelijke Dag van de Prik met een kadootje: een actiecamera (full HD, 1080 pixels), uitgerust met wifi en talloze opzetstukken voor fiets, helm, surfplank en drone. Plus een waterdichte kast voor gebruik onder water, met een opvallende kleur handgreep die bovendien blijft drijven. Die configuratie moest vanzelfsprekend worden uitgeprobeerd in het riante bad van de jongens. Ik bezit al een onderwatercamera (Olympus Tough) maar dit apparaatje is een aanvulling voor de lol.

Het was de eerste duik van dit jaar en die legde ik met de cam amateuristisch op video vast. Oefening baart kunst. De kwaliteit van de HD-opnamen viel zeker niet tegen, de camera blijft goed drijven en is gemakkelijk hanteerbaar onder water. Het badwater was 27 à 28 graden Celsius dus het was een heerlijke duik. Paco moest lachen toen ik zei dat ik het zwemmen nog niet was verleerd. De prikarm deed gewoon mee. Het smaakt naar meer, en naar zee! Het zwemseizoen is hiermee voor geopend verklaard.


donderdag 10 juni 2021

Het sneuste meisje van de klas

In de afgelopen weken kreeg ik meer en meer zelfmedelijden... Werkelijk alle vrienden in Nederland en hier, leeftijdgenoten en zelfs personen jonger dan ik, ontvingen hun eerste of zelfs volledige vaccinatie tegen corona. Dat gold eveneens voor vrienden in verre landen in de wereld, als Bali en Chili. En voor mij? Nada, niks, noppes. In mijn geval was sprake van complete radiostilte.

Bij elke melding van weer iemand anders die was geprikt, voelde ik mij sipper, ondanks mijn nieuwe SIP-kaart (die mij tijdelijk toegang geeft tot de publieke zorg). Ik misgun niemand dat vaccin maar zelf vond ik het vervelend in de achterhoede terecht te komen. Het was mijn eer te na. De menselijke geest is een wonderlijk iets. Zeker de mijne. Iedereen die ik erover sprak of die naar mijn status vroeg, probeerde mij op te beuren met: “het komt goed”. Eerst zien, dan geloven!

Alweer een aantal weken geleden stapten we naar het plaatselijke gezondheidscentrum om te vragen hoe ik, als privéverzekerde en resident, in het Spaanse gezondheidssysteem kon worden opgenomen om vervolgens op mijn beurt te worden gevaccineerd tegen covid-19. Het bleek dat ik als permanente inwoner van Spanje een tijdelijke SIP-kaart voor dit specifieke doel kon aanvragen. Dat deed ik nadat ik een recent bewijs van inschrijving in mijn woonplaats kon overleggen, in combinatie met mijn paspoort. Een jongedame bij het nieuwe gezondheidscentrum in mijn woonplaats legde mijn gegevens vast en noteerde mijn Spaanse telefoonnummer. Ik zou een SMS of telefoontje ontvangen. Wanneer precies? Dat wist zij niet. Het grote wachten was begonnen. 

Na weken ging ik maar weer eens vragen hoe het ervoor stond. In een plaatselijke krant las ik namelijk dat mijn leeftijdsgroep (60-64 jaar) reeds was gevaccineerd. Op die vrijdagochtend zei de baliemedewerkster dat ik later die dag een bericht zou ontvangen; de uitnodiging kwam in zicht. Joehoe! De dag verstreek zonder uitnodiging. Die avond had ik een rotbui. 

De week daarop hoorde ik weer niets en op vrijdag besloot ik naar het gezondheidscentrum te gaan voor verdere informatie. De baliemedewerkster printte mijn file uit en zei dat ze het document aan de verpleegster zou overhandigen. Die zou mij per omgaande bellen. Wederom bleef het oorverdovend stil. Ik heb mijn eigen mobiele telefoon alleen voor wanneer mijn liefje en ik gescheiden van elkaar op pad gaan. Als er dan iets met de een of de ander gebeurt, is er tenminste rechtstreeks contact mogelijk. 

Nu werd die telefoon een kleine obsessie.'s Morgens keek ik op het scherm, 's middags deed ik dat weer en zelfs 's avonds betrapte ik mijzelf erop. Dat soort afhankelijkheid is niets voor mij. Niet voor niets zit ik op geen enkel sociaal medium! Op enig moment had ik zó de smoor in dat ik niet eens meer naar het gezondheidscentrum wilde gaan. Ik verdomde het om daar te gaan smeken om een afspraak.  

Intussen arriveerde Deense buurvrouw Bente weer in Spanje. Net voor haar vertrek uit Denemarken ontving deze leeftijdgenoot een telefoontje dat het haar beurt voor vaccinatie was. Ze vertrok echter voor die datum naar haar tweede vaderland. Wij raadden haar aan hier een SIP-kaart te organiseren en zich in het plaatselijke vaccinatieprogramma te laten opnemen. Daarvoor moest wel een Spaans telefoonnummer worden opgegeven en mijn liefje stelde haar nummer voor dat doel beschikbaar.

Vorige week ging de telefoon in Huize Barefoot. Het was een Spaanse verpleegster die belde voor de vaccinatie van Bente. Terwijl mijn liefje datum en tijdstip van prikken voor de buurvrouw noteerde, zei ze dat ze nóg een vriendin heeft die op een uitnodiging wacht. Ze gaf het toestel aan mij over. Ik introduceerde mij bij de verpleegster, zei mij leeftijd en merkte op dat ik wachtte op het vaccin. “Op de tweede prik?” Nee, op de eerste. “Bent u resident in Spanje?” Ja, al jarenlang. “Kan ik u mijn SIP-kaartnummer geven?” Ze luisterde en noteerde. “Meldde u zich tegelijk met mevrouw S. bij het centrum aan?” Nee, eerder.

Het was even stil aan de andere kant van de lijn. Ze kwam waarschijnlijk tot dezelfde conclusie als ik: tussen wal en schip geraakt. Ik werd alsnog uitgenodigd voor de eerste prik, op dezelfde dag en hetzelfde tijdstip als Bente. Als leeftijdgenoten zouden we beiden worden ingeënt met AstraZeneca. Mijn liefje was blij en opgelucht, zelf had ik nog vragen. Die had ik direct moeten stellen maar van de weeromstuit gebeurde dat niet. We probeerden datzelfde nummer terug te bellen maar dat mislukte. Dan toch maar naar het gezondheidscentrum terug! Niet veel later legde ik aan een van de dames aan de balie uit dat ik net was gebeld voor een prikafspraak maar dat ik nog vragen had over dit specifieke vaccin. 

Was het toeval dat mijn liefje die naam verhaspelde tot Arsenica? Dit vaccin wordt inmiddels formeel Vaxzevria genoemd. Een naamsverandering helpt niet. Iedereen die dit vaccin krijgt, weet dat er zeldzame maar heftige bijwerkingen kunnen ontstaan: trombose, een drastisch tekort aan bloedplaatjes en interne bloedingen in hersenen en romp die soms de dood tot gevolg hebben. In Denemarken en Nederland leidde dit tot uitstel en uiteindelijk afstel van de toediening van dit vaccin. Aanvankelijke weigeraars van AstraZeneca krijgen daar een keuze, soms tot boosheid van degenen die eerder niet weigerden.

Tegen de aardige Spaanse medewerkster zei ik dat ik momenteel geen trombose en geen tekort aan bloedplaatjes heb. Ik ben gezond en wil dat graag zo houden. In theorie kan iedereen die bijwerkingen krijgen dus ook ik; al is het aantal gevaccineerden die het overkomt, summier. Wat als ik dit vaccin om die reden zou weigeren? Zou er dan -wellicht op een later moment- een alternatief komen? Nee, niet in Spanje. Er is geen keuze; als je weigert wat jou wordt aangeboden, krijg je niets. Dan zou ik dus niet worden gevaccineerd... Het bevreemdt mij wel dat een natie niet kiest voor vaccinatie van álle onderdanen met het product met de hoogste effectiviteit en de minste bijwerkingen. Wellicht is dat hier een geldkwestie? Tja. 

Voor mij is er dus maar één optie: slikken en doorgaan met prikken. Al gaan we ook dit jaar niet (ver) reizen, mogelijke bijwerkingen zijn geen reden om vaccinatie uit te stellen. Het middel is in dit geval, ondanks alles, niet erger dan de kwaal. Bovendien: ik ben toch geen antivaxxer?!

Vandaag wordt bij mij de eerste prik met Arsenica gezet; net als bij de 25 miljoen leeftijdgenoten die mij op dit continent voorgingen. Bente laat deze afspraak aan zich voorbijgaan. Als zij later deze zomer naar Denemarken terugkeert, zal zij daar kunnen kiezen tussen Pfizer en Moderna en daaraan geeft zij de voorkeur. 

De eerste prik gaat er vandaag in, over 12 weken volgt de tweede. En nu maar hopen dat ik geen opvolger wordt van de 86 pechvogels in Europa, bijna allemaal jonger dan ik, die ernstige bijwerkingen kregen en de allersneuste 18 die eraan overleden.