Translate

zondag 28 juni 2026

Orgullo

Vandaag wordt in mijn woonplaats een evenement georganiseerd dat ‘Día del Orgullo’ heet, het Spaanse woord voor ‘trots’. Oftewel: Pride. De campagne erachter heet ‘Simplemente AMA’, Simply Love. 

Het is het ukkepukzusje van de Gay Pride Parades die in grote steden over de hele wereld worden georganiseerd. Hier geen mannen met tepelpearcings in latex pakjes, geen travestieten op hun allermooist uitgedost, geen stoere dykes op ronkende motoren. Niets van dat alles. Het was een rustig dagje uit aan een Spaanse costa. Dat is niet badinerend bedoeld. Ik ben blij dat er tijd en ruimte voor een dergelijke happening is.   

Op de Spaanse versie van Wikipedia vind je een tijdlijn van de geschiedenis rondom homoseksualiteit in het land dat we nu Spanje noemen. Daarin trof ik een aantal interessante feiten aan.

  • Tijdens het concilie van Toledo -een prachtige Spaanse middeleeuwse stad die we afgelopen april bezochten- in 693 werd bepaald dat homoseksuele handelingen zouden worden bestraft met ‘castratie, uitsluiting van de communie, het afknippen van het haar, honderd zweepslagen en verbanning’.
  • In 1061 werd in Galicië (mogelijk) het eerste huwelijk tussen twee mannen gesloten. Ze werden door een priester in de echt verbonden. 
  • In 1408 werd het eerste sodomieproces in kroongebied Castilië gehouden; dat werd gedocumenteerd in Murcia. 
  • In 1483 start de Spaanse Inquisitie en vanaf dat moment werden zogenaamde ‘sodomieten’ gestenigd, gecastreerd en verbrand. Tussen 1540 en 1700 overkomt dat meer dan 1.600 mannen. 
  • In 1508 wordt de eerste vermelding gedocumenteerd van het scheldwoord ‘maricon’ (flikker, mietje). Het is afkomstig van de komedie ‘Serafina’ van Bartolomé Torres Naharro. Dit wordt hét Spaanstalige scheldwoord voor homo’s en wordt nog steeds gebezigd. 
  • In 1848 worden sodomie en homoseksualiteit verwijderd uit het Spaanse Wetboek van Strafrecht. 
  • In 1909 trouwden Marcela Gracia Ibelas en Elisa Sanchez Origa in A Coruña (Galicië). Om dit te bewerkstelligen, nam Elisa de mannelijke identiteit aan van Mario Sánchez en verscheen als zodanig op de huwelijksakte.

Tot zover mijn korte overzicht van enkele diepte- en hoogtepunten in de tijd.

Het recentere verhaal over de LGBT-gemeenschap kent ook vele ups & downs. Tijdens de lange jaren van het Franco-regime (1939-1975) konden leden van deze gemeenschap zich niet vrijelijk uiten. De dictatuur waarin Spanje verkeerde, dwong hen hun identiteit en liefde te onderdrukken om vervolging te voorkomen. Ze werden als ziek bestempeld en hun seksuele geaardheid werd als een misdaad beschouwd. Degenen die zich hiertegen verzetten, ondervonden ernstige gevolgen, zoals gevangenisstraf of de dood.

De repressie nam in de loop van de tijd toe. Tijdens zijn dictatuur vaardigde Franco een wet uit die deze mensen hun vrijheid ontnam en hen dwong zich aan zijn regels te onderwerpen. In 1954 wijzigde hij de ‘Wet op Landlopers en Delinquenten’ die in 1933 was opgesteld, om homoseksuele mannen en lesbische vrouwen erin op te nemen. Het doel was hun identiteit te hervormen en te voorkomen dat ze hielden van wie ze werkelijk wilden houden. Sommigen van hen werden gevangengezet of opgesloten in psychiatrische inrichtingen, waar allerlei experimentele therapieën werden toegepast, zoals elektroshocks en lobotomie. In deze instellingen leden slachtoffers onder allerlei vormen van misbruik, waaronder verkrachting en seksueel geweld. Een groot aantal werd zelfs vermoord.

De meest vooraanstaande Spaanse dichter Federico García Lorca (1898-1936) werd in 1936 in Málaga in het huis van vrienden van zijn bed gelicht door de CEDA (een lokale extreemrechtse groep) en enkele Falangisten. Leden van de Guardia Civil executeerden hem in augustus van dat jaar. Omdat hij, naar verluidt, ‘een vieze nicht’ was. 

Garcia Lorca sympathiseerde met het Volksfront en verzette zich met zijn antifascistische ideologie tegen het Franco-regime. Een van zijn meest indringende dichtbundels is ‘Sonetos del amor oscuro’ (sonnetten van een duistere liefde) die hij schreef in 1935-1936. De gedichten werden posthuum uitgebracht. Hierin komt zijn wanhoop over de seksuele onderdrukking duidelijk naar voren. 

Sinds 1936 bleven veel details van zijn gewelddadige einde in nevelen gehuld. Welke werkelijke motieven hadden de moordenaars? Werd Lorca gemarteld? Kreeg hij daadwerkelijk pistoolschoten in zijn kont omdat hij een ‘vuile flikker’ was, zoals één van de militairen die bij de terechtstelling aanwezig was, herhaaldelijk beweerde? Lorca’s biografen weten het niet, ze spreken elkaar zelfs tegen. De meeste ooggetuigen zijn inmiddels gestorven. Zij zwegen. 90 jaar censuur, 90 jaar doodse stilte, 90 jaar leugens omtrent een van de belangrijkste dichters van Spanje. Naar zijn lichaam wordt nog steeds gezocht. Tja. 

In 1970 vaardigde Franco een nieuwe, strengere wet uit, de ‘Wet op het Maatschappelijk Gevaar’. Homoseksualiteit werd gecriminaliseerd en behandeld als een ziekte. Deze wet bestrafte LGBT'ers met gevangenisstraffen tot vijf jaar voor ‘openbaar schandaal’. In datzelfde jaar werd de eerste vereniging in Spanje opgericht die opkwam voor de rechten van deze gemeenschap, genaamd de ‘Homoseksuele Bevrijdingsbeweging van Spanje’, een ondergrondse beweging. Die legde de intellectuele en ideologische basis voor de beweging die later volgde. 

Op 26 juni 1977, twee jaar na de dood van Franco, vond de eerste LGBT-demonstratie plaats in Barcelona, waaraan naar schatting 4.000 à 5.000 mensen deelnamen. Daar werd geëist dat de Wet op het Maatschappelijk Gevaar werd ingetrokken. Dit protest, georganiseerd door het ‘Front d'Aliberament Gai de Catalunya’ (Homobevrijdingsfront van Catalonië), werd als een overwinning beschouwd. De politie dreef de menigte met geweld uiteen. Transgender-vrouwen gingen voorop in de demonstratie om het geweld te trotseren. Hoewel de demonstratie door sommige media werd gecensureerd, begon de LGBT-gemeenschap zich voor het eerst verenigd en gesteund te voelen.

Het jaar daarop gingen ze opnieuw de straat op. Sevilla, Madrid en Bilbao sloten zich bij het protest aan. Eind 1978 hadden ze de strijd gewonnen en waren ze erin geslaagd de Wet op het Maatschappelijk Gevaar af te schaffen. In 1979 werd homoseksualiteit in Spanje gelegaliseerd.

In 1980 werd een volgende stap gezet met de aanname van wetgeving die belangenorganisaties erkende. Tijdens dit decennium van transitie stapten personen naar voren die belangrijke iconen werden van de LGBT-gemeenschap. Zij hielpen vele anderen om uit de kast te komen. 

Op 1 juli 2005 werd Spanje een van de eerste landen ter wereld die het homohuwelijk legaliseerde. Dit was een belangrijke stap voor de regenbooggemeenschap en leidde tot wijziging van artikel 16 van het Burgerlijk Wetboek. Termen als ‘echtgenoot’ en ‘echtgenote’ werden veranderd in ‘echtgenoten’ (inclusiever) en ‘vader’ en ‘moeder’ in ‘ouders’. Deze hervorming erkende alle soorten stellen, gezinnen en huwelijken.

Ook vandaag de dag hebben we nog een weg te gaan. Veel mensen vrezen nog steeds afwijzing of uitsluiting als ze uiting geven aan wie ze werkelijk zijn. Homofobie bestaat nog steeds, zowel verbaal als in fysieke vorm. Er wordt nog steeds gestreden om deze maatschappelijke plaag uit te roeien. 

Mijn liefje en ik vieren (bijna) elke dag dat we samen zijn. Dat is een soort van trots op wie en wat we zijn.


 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten