Translate

donderdag 15 augustus 2013

Door kinderogen

Vandaag wordt in Nederland en onder Nederlanders in Spanje herdacht dat er in 1945 een einde kwam aan de Japanse bezetting van voormalig Nederlands-Indië (en aan de Tweede Wereldoorlog). Het thema van de Indië-herdenkingsbijeenkomst van dit jaar is ‘de Japanse bezetting gezien door kinderogen’. Ook Bali werd door de Japanners bezet al stond dat niet in hun oorspronkelijke aanvalsplan. De Japanners hadden hun zinnen gezet op het vliegveld in Oost-Celebes maar dat bleek geen goede plek, vanwege de weersomstandigheden geen goede plek . Daarop richtte men de blik op het vliegveld van Denpasar, Zuid-Bali. Sinds de geallieerde verdediging van Java afhankelijk was van aanvoer van gevechtvliegtuigen uit Australië, zou een Japanse bezetting van het vliegveld op Bali in ieder geval die luchtroute afsnijden. Zo verliep het.

Op deze dag viert ook een Balinees ventje zijn zesde verjaardag. Hij heet Yudha en vijf jaren geleden leerden wij hem kennen en ‘adopteerden’ mijn liefje en ik hem en het gezin waarin hij werd geboren. Hij was toentertijd een jochie dat met grote ogen de wereld inkeek maar nauwelijks sprak. Vanwege zijn beide werkende ouders, groeide hij op in de nabijheid van zijn 80-jarige oma die een groot deel van de dag sliep. Het was weliswaar een liefdevolle maar geen stimulerende omgeving, vonden wij. 

Toen wij hoorden over een goede peuterschool in de heuvels van Lovina, bespraken wij ons plan met zijn ouders Elsa en Ketut. Die waren meteen enthousiast. De school laat kinderen toe vanaf hun derde levensjaar, vooropgezet dat ze zindelijk zijn. Dat was hij. Precies drie jaar geleden ging hij voor het eerst naar die school. Hij maakte in die jaren enorme sprongen voorwaarts.
We skypen later deze ochtend om hem toe te zingen. 

De schoolvakantie is op Bali alweer afgelopen, Yudha zit weer in de schoolbank, met nieuwe vriendjes en vriendinnetjes. Hij heeft het erg naar zijn zin, naar verluidt. In overleg met de juf en het hoofd van de school doet hij nog één schooljaartje extra voordat hij naar de reguliere Balinese lagere school gaat. Ze passen het lesschema aan hem aan; ze leren hem lezen en schrijven en ook de Engels taalles zal een tandje erbij doen. Het Indonesische schoolsysteem drillt de kinderen vooral; ze leren onder andere marcheren en liederen zingen. 

Hij zit thans op een internationale peuterschool dat onderwijs volgens het systeem van Maria Montessori verzorgt. Die overgang zal dus een cultuurschok voor hem zijn! In zijn vorige en huidige klassen heeft hij Balinese, Nederlandse, Engelse, Australische vriendjes en vriendinnetjes. Toen we enkele weken geleden skypten met zijn moeder, vertelde zij ons dat Yudha was uitgenodigd voor het verjaardagsfeestje van een vriendje in Hotel Melka (Lovina) waar hij voor het eerst van zijn leven mocht zwemmen met dolfijnen! De kleine bofkont. Vanwege zijn school en door onze aanwezigheid doet hij ervaringen in zijn jonge leventje op die niet aan elk Balinees kind zijn gegeven. Zo mocht hij onlangs bijvoorbeeld recent mee op tweetalig zomerkamp.

De vorige keer dat we skypten zong hij voor ons een Engels lied over de oceaan, de vissen, de vogels, de wolken. Allemaal onderwerpen die ons boeien, vooral als het wordt voorgedragen door zijn lieve stemmetje. Toen hij klaar was, staarden twee adoptie-grootmoeders met natte ogen naar het scherm. We spraken de hele dag over zijn mooie optreden...

Inmiddels heeft hij een broertje, Damai, dat in februari drie jaar wordt. Als het aan ons ligt, gaat hij hetzelfde schoolpad bewandelen als zijn grote broer. Hij is net zo leergierig en minstens zo slim als Yudha. We stuurden een doos met educatieve kadootjes voor de beide kereltjes naar Bali. Vanwege Ramadan en Idul Fitri kwam het geschenk helaas niet op tijd voor Yudha’s verjaardag. Maar wat in het vat zit, verzuurt niet. De verrassing zal sowieso in goede aarde vallen. Einde van dit jaar zullen we ze weer gaan bezoeken.

Selamat hari ulang tahun, sayang Yudha.

Ook mijn nichtje Linde (5) en onze vriendin in Zwitserland, Rose-Marie (60!), zijn vandaag jarig. Gefeliciteerd, meisjes... die hoed past jullie ook!


maandag 12 augustus 2013

Costa Penoza

Gisteren las ik een webartikel over een beruchte wolkenkrabber in Benidorm. Het is een torenflat van 47 verdiepingen; een hoogte die aan onze eigen Costa onbestaanbaar is. Het gebouw zou in 2009 moeten zijn opgeleverd maar is tot op heden niet afgebouwd. Dat komt omdat de architecten de handdoek in de ring gooiden en ontslag namen. Niet onterecht. De projectontwikkelaar raakte bij het bereiken van de 20ste verdieping dermate enthousiast (door de ijle lucht?) dat men er nog 27 verdiepingen bovenop bouwde. 

Het appartementencomplex zou ‘slechts’ 20 verdiepingen krijgen maar in de loop van de bouw ontstond een soort Guinness Book of Records-koorts: het megalomane idee om het hoogste appartementsgebouw van Europa te bouwen. Men bouwde dus door maar de architecten vergaten de liftschacht in de nieuwe bouwtekeningen te laten meegroeien. Het gebouw heeft nu dus een lift tot en met de 20ste verdieping. Men gaat ervan uit dat het in de loop van dit jaar zal worden opgeleverd. Ik vermoed dat de flat in een andere sectie van het Recordboek zal komen dan oorspronkelijk beoogd... Iets dergelijks verbaast niet als het in een Afrikaans of Aziatisch ontwikkelingsland gebeurt maar in mijn Tweede Vaderland in Europa?!

De nachten koelen hier momenteel af naar 20 à 21 graden Celsius. Dat hebben we niet eerder meegemaakt in de maand Augustus. Heerlijk. Het komt de nachtrust ten goede. Alhoewel... sinds ik de ‘wonderpil’ slik tegen overgangsverschijnselen heb ik ’s nachts dromen en nachtmerries die ik mij de volgende ochtend van begin tot einde herinner. Aan mijn comfortabele bed is het niet te wijten al ziet mijn slaapplek er in de ochtend uit als een slagveld. Ieder mens droomt elke nacht maar voorheen kon ik mij die dromen niet of nauwelijks herinneren. Nu ligt dat helemaal anders. Ze zijn regelmatig te gek voor woorden. Mijn liefje hoort mij ’s ochtends geamuseerd of met verbazing aan.

Werkelijk iedereen die ooit een rol speelde in mijn leven, komt in mijn dromen voor. Vriendinnetjes van de lagere en de middelbare school, uit mijn studie- en studententijd, voormalige bazen, huidige vrienden en vriendinnen, dieren, buren, Nelly, mijn liefje - met en zonder herkenbaar gezicht. Soms weet ik zeker dat ze het is maar de persoon in de droom heeft geen fysieke gelijkenis met haar.
Ik bestuur een vliegtuig in de lucht maar ook diep onder de grond, neem deel aan een oorlog in Irak, kan uren zonder zuurstof onder water leven en maak daar van alles mee. You name it, ik droom het.

De serieuze wetenschap weet nog weinig over het waarom van dromen. Freud was van mening dat ze onderdrukte wensen waren. De overheersende mening is dat dromen je waarschijnlijk de ervaringen van de afgelopen dag laten verwerken. Er wordt ook wel beweerd dat dromen duiden op onverwerkte indrukken of emoties. Dat alles is echter niet bewezen. Bof ik even!

Gisterennacht was mijn moeder in de hoofdrol. Ze was recent op een bedompt achterafkamertje gaan wonen in een Haagse achterbuurt waar ik het afschuwelijk vond. Zij had het echter erg naar haar zin. Ze vond het er “gezellig” en haar griezelige huisgenoten vond zij “heel aardig”. Er kwam een SRV-wagen langs de deur (ze kocht rode uien) en er waren restaurants in de buurt. Top. Ik zei haar dat ik zeker niet bij haar kom wonen. Ik ging een kamer zoeken in een betere buurt van de stad!
Ik liet mijn moeder in een restaurant achter waar zij twee vrouwen trakteerde op een drankje. Later zou ik haar daar ophalen. Ik zocht in een telefoongids naar kamerverhuur en had een mooi pleintje op het oog. Ik had geen eigen vervoer en kon evenmin een taxi vinden dus ik keerde snel naar mijn moeder terug.
Iemand hield mij in de straat staande en zei dat mijn moeder de restaurantrekening niet had betaald. Zij wilde geen problemen, de restaurateur was familie van haar. Er stond een rekening van 1.000 gulden open. Hoeveel biertjes en wijn had ze in hemelsnaam getracteerd?! Ik kocht haar schuld af met 100 gulden. Ik zei dat ze het niet zou redden met haar pensioentje als ze zo doorgaat. Het arme mens; in werkelijkheid (92 jaar) is de beschreven situatie compleet ondenkbaar.

Tijdens een andere nacht haalde ik hard uit met een arm. In de droom probeerde ik het beste maatje uit mijn middelbare schooltijd van het lijf te houden. Vreemd, nietwaar? Een knuffel zou beter op zijn plaats zijn. Daarmee sloeg ik de lamp van mijn nachtkast en de knokkels van die hand landden hard op het kastje. (Ze bleven dagenlang gevoelig.) Ik was direct klaarwakker. Mijn liefje werd wakker van de klap. Als het mijn andere arm was geweest, had ik haar hoogstwaarschijnlijk een blauw oog geslagen of anderszins pijn gedaan. Onbewust crimineel gedrag... dat krijg je met zo’n moeder!


donderdag 8 augustus 2013

‘Taakstraf?’

Mijn liefje en ik spreken zelf regelmatig over straftaken. Daarmee duiden we huishoudelijke of andere taken aan die weliswaar noodzakelijk zijn maar niet van harte worden verricht, zoals stofzuigen, de toilet reinigen en dergelijke.  

Onlangs zag ik tijdens een Nederlandse nieuwsuitzending een reportage over ouderen die vrijwillig plastic en ander afval uit de natuur verwijderen. De kijker kreeg het volgende te zien: grijze man met grijptang en plastic zak verwijdert rotzooi uit een groene berm. Er komt een oude Mercedes voorbij met daarin twee ‘opgeschoten jongeren’ die de man toeroepen: “levert het nog iets op?” Je zou ze toch?!
De man reageerde gelaten. Hij blijkt al zoveel van dat soort opmerkingen naar zijn hoofd te hebben gekregen. Een andere persoon had gevraagd of hij een taakstraf had gekregen. Dat zet je toch aan het denken. Kennelijk kunnen jongelui zich dit soort werk alleen voorstellen als straf... Tja.

In dezelfde reportage werd gemeld dat vooral jonge Nederlanders slordig omgaan met hun afval. Ze zien er geen been in om hun rommel op straat te gooien: plastic, sigarettendoosjes, peuken en nog heel veel meer. Nu gaat elke generalisatie mank: er zijn tegelijkertijd veel jongelui die op school of thuis lessen in afvalbeheer krijgen. Maar toch.

Mijn liefje en ik verbazen ons al vele jaren over dergelijk gedrag. Het gevoel is veel sterker: het is regelrechte verbijstering. Ik kan mij niet heugen ooit een snoeppapiertje of andere verpakking met opzet op de grond te hebben gegooid. Als je iets wilt weggooien, wacht je totdat je een afvalbak ziet en daarin deponeer je het dan. Ik zal het wel van huis hebben meegekregen maar ik kan mij die les niet meer herinneren. 

Vroeger zei ik nog weleens tegen een vervuiler op straat dat hij iets liet vallen. Desgewenst ook in een andere taal. Dat mag ik tegenwoordig niet meer doen van mijn liefje. Ze is bang dat ik het ooit met een klap moet bekopen. 
Je zou ons wekelijks moeten ziet slepen met onze tassen gescheiden afval: plastic in de ene, papier en karton in de andere, leeg glas in weer een andere - heuse Bag Ladies. Maar we houden vol, ik vind dit geenszins een straftaak.

Het vakantieseizoen is hier nog steeds in volle gang. In de afgelopen weken waren het vooral Nederlandse vakantiegangers die hier verbleven. In de ochtend vonden we lollystokjes, snoeppapiertjes, zakjes, plastic doppen, flesjes en sigarettenpeuken, heel veel peuken op het gras rondom het zwembad. Ook lieten mensen hun leeggelopen of anderszins kapotte zwembadspeelgoed aan het einde van een zwembaddag 'gewoon' op het terrein achter. In de betreffende ruimte staan enkele afvalbakken en op kleine loopafstand staat een grote gemeentelijke vuilnisbak die dagelijks wordt geleegd. Mensen kunnen hun persoonlijke afval dus zeker kwijt. 
De tuinman maait het gras rondom het gemeenschappelijke zwembad regelmatig en voordat hij aan die taak begint, verwijdert hij alle afval van het gras. De maaimachine mag niet kapot. Op de dagen dat de tuinman niet ter plekke is, ruimen wij de rommel zo veel mogelijk op. Er zijn genoeg mensen die het doen maar er zijn er ook altijd een paar die onverschillig zijn. Mensen zouden taakstraffen moeten krijgen voor hun onverschilligheid, vind ik!

Toen enkele weken geleden een flinke storm over de Middellandse Zee blies, dreef er de volgende dag niet alleen veel zeegras in het water, er dobberde ook veel plastic rond. Plastic verteert niet, het breekt in kleine stukjes die onzichtbaar worden en zo in zee(zoog)dieren terechtkomen. Mijn liefje pakte een ronddrijvende plastic zak en begon daarin andere stukken plastic te proppen. Zij zei mij onlangs dat ze altijd aan schildpadden moet denken als ze plastic in het water ziet. Met een opgeviste zak red je een schildpad. 
Wij, overtuigd 'huis- en zwerfvuilambassadrices' en gepassioneerd natuurliefhebbers kunnen dergelijk zwermvuil niet hun verwoestende werk laten doen. We werden ook die keer enigszins meewarig door omstanders aangekeken. Ons deert dat niet. Wij zijn trots op die geuzennaam.


zaterdag 3 augustus 2013

Softies

De temperaturen in Nederland en Spanje ontlopen elkaar momenteel nauwelijks: op beide locaties is het zomers met een hoge vochtigheidsgraad. De ochtendtemperatuur lijkt ook overeen te komen: rond 19 graden Celsius. De weervrouw van deze familie, aka Mijn Liefje, houdt het bij en brengt mij dagelijks op de hoogte van dergelijke feiten. Bij ons onweert het niet al is de lucht onweersachtig. ’s Nachts ligt de temperatuur hier rond 22 graden Celsius; de airco vinden wij (nog) niet nodig, de fan brengt koele lucht vanuit de rest van het huis naar de slaapkamer. Dat komt de nachtrust ten goede.
Wij brengen dit soort tropische dagen bij voorkeur door in en rond het water. ’s Morgens trekken we banen in het zwembad in de eigen woonwijk en doorgaans gaan we ’s middags naar de zee om te dobberen. Soms gaan we alleen zwemmen en daarna een glaasje drinken op het strand, soms gaan de strandstoelen, de parasol en de koeltas mee. De termperatuur van het zeewater ligt hier beduidend hoger dan in Nederland.

Toen wij onlangs een gesprek hadden met de burgemeesteres van onze woonplaats, vroegen wij haar naar de mogelijke plaatsing van douches langs de stranden van Orihuela Costa. Momenteel staan er voetdouches dus je moet een soort slangenmens zijn om het zout van je huid te spoelen. Rechtop douchen is stukken gemakkelijker. De gemeente heeft één belangrijke reden om hiermee niet in zee te gaan: waterverspilling. 
Al jarenlang voeren inwoners van vele Spaanse steden een campagne die heet “Aqua para Todos” (water voor iedereen). In de zomermaanden is doorgaans sprake van waterschaarste of zelfs een tekort en met hoge douches op de stranden zal het watermis-/gebruik juist toenemen. Ik heb er begrip voor.

In 2005 werd een begin gemaakt met de bouw van drie enorme ontziltingscentrales, waaronder een aan de rand van Torrevieja. Die centrale, de grootste van Europa en een diepte-investering van circa € 300 miljoen, zou 150 miljard liter zoet water per jaar gaan leveren aan tuinderijen en 600.000 inwoners van de provincies van Alicante, Murcia en Almería van drinkwater gaan voorzien.

Toen de centrale na vier jaar klaar was, kwam men tot de conclusie dat het electriciteitsnet niet voldoende capaciteit had om de centrale te laten werken... Vervolgens werden allerlei politieke spelletjes gespeeld. In november van dit jaar hoopt men dat de centrale eindelijk in werking treedt.

Het water dat hier door de leidingen vloeit, is erg hard (agua muy dura); zie kaart. Er zit bij ons zeer veel calcium en magnesium in het leidingwater. Daaraan is niets veranderd sinds we hier wonen. Die waterhardheid is niet goed voor apparaten, noch voor mensen. Mijn liefje heeft een extreem droge huid dus zij moet zich na elke douchebeurt goed verzorgen. Mijn huid is minder gevoelig. Vanwege chloor, hard water en zeezout in mijn haar voorkomt een conditioner dat ik in de loop van de tijd een bos stro op mijn hoofd kreeg.

Onlangs kwam een goede kennis die hier een waterbedrijfje heeft, met een nieuwe oude ontwikkeling op de proppen. Of wij die wilden uitproberen; niet goed geld terug. Het apparaat is een elektronische verwijderaar van kalkaanslag. Het principe van magnetische waterbehandeling is niet nieuw maar deze Scalewatcher ® past een combinatie van magnetische en electrische velden toe. 
Het apparaat bestaat uit een spoel met electriciteitsdraad dat een (onhoorbaar) signaal uitzendt waardoor kalk en andere mineralen kristalliseren vóórdat ze zich aan de waterleiding kunnen vastzetten. 
In ons geval moet eerst ontkalking van de leidingen plaatsvinden. Het kastje geeft met een groen lampje aan dat de toepassing werkt. Binnen een half uur hingen alle onderdelen aan de muur van de bijkeuken.

Afgelopen week stond een bezoek van de kapper op het programma. Lee vroeg mij wat ik had gedaan met mijn haar... het was zoveel zachter dan anders?! Het werkt. Joehoe! Nog even en we worden heuse softies.


maandag 29 juli 2013

Walvissen gespot voor de kust van Altea

Vorige week vrijdag spotten twee mannen die met hun boot een tochtje voor de kust maakten een groep walvissen, rond 19:30 uur en circa 28 km uit de kust. De mannen slaagden erin tot op 30 meter afstand van de walvissen te komen om foto’s en videobeelden te maken. De dieren, vier volwassenen en twee kalveren, zwommen zuidwaarts, vermoedelijk op weg naar de Straat van Gibraltar waar ze de Atlantische Oceaan in zwemmen.

Dus toch! Toen mijn liefje en ik vele jaren geleden op zoek gingen naar een vakantiehuisje onder de Spaanse zon, besloten wij in dit deel van de Costa Blanca te gaan zoeken. Ik had namelijk kort daarvoor gelezen dat de betreffende baai -waaraan wij thans wonen- ‘de kraamkamer van Europa’ wordt genoemd. Walvissen zouden in deze beschutte baai met warm water bevallen van hun kalveren en dan na enige tijd de Middellandse Zee inruilen voor de Atlantsiche Oceaan. Het boekje waarin wij alle info en foto’s van de bouw bewaarden, kreeg de naam ‘proyecto ballenato’, het walvissenproject. Tot op heden spotten wij hier nooit een walvis; niet vanaf ons hoger gelegen terras met uitzicht op zee, noch vanaf het strand of op het water.

Het bovenstaande bericht over de groep walvissen, bevestigt het verhaal echter. Nu is 28 kilometer uit de kust wel erg ver kijken en Altea ligt 120 kilometer ten noorden van onze woonplaats maar ik geef de hoop op het spotten van lokale walvissen hier niet op. Als ze in Altea zijn te zien en ze gaan uiteindelijk de oceaan op, moeten ze hier langs komen. Augustus vier jaar geleden maakten wij een reisje naar Tarifa, de zuidkust van Spanje, om er walvissen te gaan zien. We zagen toentertijd dolfijnen en een grote groep grienden (pilote whales). Ze zwemmen dus rond in de Middellandse Zee en het is een kwestie van tijd dat ik ze voor de deur zal zien, denk ik.

In de afgelopen weken las ik een bijzonder boek, getiteld ‘Biological Exuberance – Animal Homosexuality and Diversity’ van dr Bruce Bagemihl. Het gaat over homoseksualiteit in het dierenrijk. Het meeste onderzoek is gedaan onder zoogdieren en vogels. Zijn boek was het resultaat van een promotie-onderzoek. Hij herschreef het zodat het ook interessant werd voor niet-wetenschappers.

Ik las het boek (een dikke pil van circa 900 bladzijden) met veel interesse, plezier en instemming. Bagemihl pretendeert niet volledig te zijn maar wat hij beschrijft, is zeer goed onderzocht en gedocumenteerd. Homoseksualiteit komt voor onder (mens)apen, zebra’s, ooievaars, schapen, libellen, walrussen, eenden, pinguïns, herten, bizons, zwanen, giraffen, walvissen, albatrossen, flamingo’s, meeuwen, steltlopers en nog vele andere zoogdieren en gevederde vriendjes. Van zeker 1.500 diersoorten is bekend dat de dieren homoseksuele handelingen verrichten, meerjarige relaties onderhouden, samen nesten bouwen, uitbroeden en jongen verzorgen.

Bagemihl analyseerde vele publicaties van vooraanstaande dierwetenschappers van de vorige eeuw. Hij stelt homofobie onder wetenschappers vast en trekt daartegen van leer. Een groot aantal zoölogen en biologen heeft klaarblijkelijk moeite met het accepteren van homoseksualiteit in de dierenwereld. Hij haalt vele wetenschappers aan die in hun onderzoekswerk niet kunnen of willen erkennen dat er wel degelijk sprake is van ‘gay and lesbian animals’. Bagemihl geeft er de voorkeur aan deze twee begrippen niet te gebruiken voor dieren daar ze vooral betekenis kregen in de mensenwereld. Hij gebruikt daarom het woord homoseksueel voor mannetjes- en vrouwtjesdieren en hun partners van hetzelfde geslacht.

Waar hij nog feller tegen is, zijn wetenschappers die zich -nadat zij niet kunnen ontkennen dat er in het dierenrijk sprake is van homoseksueel gedrag- negatief uitlaten over die relaties in de dierenwereld. Zij gebruiken beschrijvingen als ‘pervers’, ‘afwijkend’ en ‘misplaatst’ voor homoseksuele handelingen en levensvormen tussen dierenparen. Homoseksueel gedrag is niet tegennatuurlijk want het komt voor in de dierenwereld. Zeggen dat homoseksualiteit dierlijk is, is eveneens kul. Aldus Bagemihl en Barefoot.

Soms kon ik tijdens lezing een schaterlach niet onderdrukken. De vele foto’s in het boek laten bovendien weinig aan de verbeelding over. 

Homoseksuele vrouwtjesbonobo’s en -chimpansees doen veelvuldig aan GG rubbing (genito-genital rubbing): ze wrijven hun vulva’s en geslachtsdelen tegen elkaar, met ogenschijnlijk plezier. Jane Goodall, Diane Fossey en Frans de Waal bevestigden dat eerder. Vrouwtjesdolfijnen drijven onder elkaar terwijl hun snuiten beurtelings de edele delen van de ander aanraken, mannetjes walvissen stoppen hun penissen in alle openingen die hun partners hebben, zelfs hun blaasgat. Maar er is zoveel meer variatie. De penis van een blauwe vinvis, de grootste walvis in de wereldzeeën, is circa twee meter lang. Zoiets met eigen ogen zien, is wellicht teveel gevraagd?!


donderdag 25 juli 2013

Op bezoek bij de alcaldía

Afgelopen woensdag hadden we een afspraak met de vrouw die verantwoordelijk is voor het wel & wee van Orihuela Costa. Haar functie is die van alcaldía, de burgemeesteres van deze streek aan de Costa Blanca. Naast die functie is zij verantwoordelijk voor de stranden en eerste aanspreekpunt voor buitenlandse residenten in dit deel van Spanje. De vrouw in kwestie is van Duitse origine en ze is lid van de politieke partij De Groenen. De delegatie die haar bezocht, bestond uit twee vice-presidenten, één president en nog een afgevaardigde uit de urbanisatie. Met elkaar vertegenwoordigen wij meer dan 1.000 (grotendeels internationale) huishoudens.

Orihuela Costa is een gebied in ontwikkeling. Het bestaat uit de historische plaats Orihuela, alle kustplaatsen eromheen en vele achterliggende deelgemeenten. 
Het is de derde stad van Valencia en groeiend. Momenteel telt Orihuela Costa 94.500 residenten. 

Op het moment dat de stad meer dan 100.000 inwoners zal bevatten, zal de regionale geldkraan heel ver opengaan. Een interessant gegeven. Wij willen als residenten zeker dat er betere infrastructuur, meer publieke diensten en andere faciliteiten beschikbaar komen in ons woongebied maar het is belangrijk een juiste balans te vinden tussen faciliteiten voor vakantiegangers en het woongenot van (permanente en semi-permanente) residenten. De regelmatige lezer weet dat juist die onbalans onlangs de reden was waarom ik contact zocht met het gemeentehuis. Overigens met goed gevolg: de twee geluidsoverlast bezorgende (Ierse) bars in het uitgangscentrum op loopafstand kregen een waarschuwing en houden zich intussen gedeisd, zoals het hoort. ¡Alegría!

We werden door de burgemeesteres en haar -eveneens van Duitse origine zijnde- assistente ontvangen in een grote bespreekkamer in het gemeentehuis. Na een introductierondje vroeg ik, als dagvoorzitter, of ze ons een toelichting kon geven op haar rol en de bijbehorende verantwoordelijkheden. Het werd snel duidelijk dat ze opereert in een zogenaamd matrix-organisatiemodel. Zij is eindverantwoordelijk voor Orihuela Costa en gemeentelijke diensten als transport, educatie, politie en dergelijke leveren service aan haar deelgemeente. Die diensten vallen dus onder een specificieke functionele afdeling en worden toegewezen aan 'projecten' van de Alcadía van Orihuela Costa. Een complexe structuur, zeker in een Spaanse werkomgeving. Als voormalig organisatie-adviseur zag ik vele mislukte projecten en ontevreden personeelsleden.

Ik zou niet in haar schoenen willen staan, zelf ben ik ongeschikt voor een functie in de politiek. Wat ons duidelijk werd is dat politieke tegenstanders en partijen in Spanje meer energie lijken te steken in het bestrijden van elkaars positie en ideeën dan dat ze hun gemeente verder ontwikkelen. Wat dat betreft is er niets nieuws onder de Spaanse zon... Ik heb respect voor haar benaderbaarheid, haar toewijding en inzet.

We spraken over algemene kwesties zoals toekomstplannen voor de stad, belastingen, wetten en inschrijving in de gemeente. Daarna praatten we over specifieke maatregelen voor onze eigen woonomgeving, zoals: verbeterde vuilophaal tijdens zomermaanden, over het aanbrengen van snelheidsrestricties in de wijk, over de verwijdering van dode palmbomen langs onze avenues, over 'echte' douches aan de stranden en meer. Het was een vruchtbare meeting, de relatie is gelegd en verbeteringen worden hopelijk binnenkort aangebracht. Onze gesprekspartners prezen ons om de betrokkenheid bij de eigen woongemeenschap en de kennis van lokale ontwikkelingen. We hopen de relatie in de toekomst verder te kunnen uitbouwen. Aan het einde van ons gesprek nodigde ik de burgemeesteres uit voor een tegenbezoek aan onze woongemeenschap in September, als het zomerseizoen ten einde is. De foto werd gemaakt door mijn lieftallige assistente. 


zaterdag 20 juli 2013

Vogelverschrikkers

Sinds enige tijd vliegen veel meer duiven in onze Spaanse woonwijk. De regelmatige lezer weet dat ik houd van gevederde vriendjes maar duiven, ook wel vliegende ratten genoemd, behoren niet tot mijn vriendenkring. Toen we als vereniging van huiseigenaren aan een groot schilderproject in de wijk begonnen, moesten alle bloembakken langs de terrassen worden leeggehaald. Nu al het schilderwerk is afgerond, zijn vele bakken weer gevuld. Veel mensen kozen voor een ander soort opvulling; zo ook wij. Het grootste deel van onze eigen bloembakken bevat geraapte schelpen en gevonden koraal van over de gehele wereld. Slechts een kleine hoek is beplant met verse kruiden die dagelijks in de keuken worden gebruikt. Een groot aantal bloembakken aan de terrassen van andere appartementen zijn leeg en duiven gebruiken die om in te broeden en te doen wat daaraan voorafgaat.

Inmiddels is besloten dat de valkenier met zijn havikken en valken weer wordt uitgenodigd. Een aantal jaren geleden vroegen we hem met zijn gevederde vriendjes op te treden tegen de duiven. Het is geen goedkope maar wel een effectieve oplossing. Na de vorige keer hadden we gedurende twee jaar geen overlast van duiven. De kosten gaan we nu delen met woonwijken in de directe omgeving van de onze. Dat is onlangs besloten tijdens overleg met andere (vice-)presidenten.

Daar het momenteel zomervakantie is en er een groot aantal kinderen in de woonwijk verblijft, lijkt het verstandig de valkenier nu niet te laten jagen. We willen geen huilende kids of hun ouders aan de deur die het zielig vinden voor de duifjes. Of voor hun kinderen. Sinds enige tijd vliegen zelfs enkele witte duiven over het terrein, sneeuwwitte vredesduiven, volgens een bekende Nederlandse smartlap. We wachten dus tot september en slaan dan genadeloos toe!

In een bepaald deel van de woonwijk bevindt zich sinds enkele maanden een nest met valken: vader, moeder en vier kleintjes. De kinderen leren momenteel vliegen en jagen, onder begeleiding van hun ouders. Op enig moment zullen de jonge valken hun geboortegrond echter gaan verlaten om te gaan rondzwerven. De ouders zullen dan niet meer achter hen aanvliegen. Wie weet kunnen de ouwetjes dan hun diensten aan de buurt aanbieden?!

Er zijn meer manieren waarop duiven kunnen worden ontmoedigd zich in onze woonwijk te gaan nestelen. Gif en afschieten zijn overigens niet toegestaan volgens de Spaanse wet.

De Engelse assistente van een voormalige president van de vereniging zette duivenvallen op de daken van alle appartementsblokken. Die vallen moesten elke dag worden geleegd. Het hield in dat de gevangen duiven moesten worden gedood. Ik zie mijzelf zoiets niet doen, ik wens geen bloed aan mijn handen! 

Mijn liefje en ik gaven enkele vrienden en bekenden het advies om hun bakken te vullen met dicht bij elkaar staande satépennen; die voelen niet goed aan Spaanse duivenbillen. Dat weten wij uit eigen ervaring. Wat kennelijk ook helpt is het plaatsen van stenen valken, havikken of uilen op de terrasrand. Ook die versteende vijanden schrikken af. 
Eigenaren die hun bloembakken voortaan liever leeg laten, zullen het advies krijgen hun bakken af te dekken met gaas met zodanig grote gaten dat een duivenei erdoorheen kan vallen en zo niet kan worden uitgebroed.

Een Brits echtpaar dat bekend staat om het grote gevoel voor humor -mensen die wij goed kennen- bracht een wel heel bijzondere maatregel tegen duivenoverlast langs hun huis aan... zij zetten koninklijke pionnen in (koningin Elizabeth II en prins Philip), vermomd als gewone mensen van het platteland. Een afschrikwekkende maar tegelijkertijd duurzame en diervriendelijke oplossing tegen duivenoverlast die een lach en veel navolging verdient, wat mij betreft!


maandag 15 juli 2013

Fun in the sun

Het zomerseizoen is hier begonnen: de cycades zijn weer dagelijks te horen. Het geluid dat zij voortbrengen, klinkt als electriciteit die door kabels stroomt. Vanmorgen verwisselde ik de dekbedden voor beddelakens. ’s Avonds en ’s nachts blijft de temperatuur inmiddels ruim boven 20 graden Celsius. Kinderen en kleinkinderen van Nederlandse en Belgische huiseigenaren brengen hier een deel van hun zomervakantie door. We kennen inmiddels velen van hen.

Afgelopen weekend maakten we mee dat een Hollands meisje hier afzwom. Voor de eerste keer. Haar ouders kregen toestemming het zwemdiploma C op het Spaanse vakantieadres af te nemen. Vader -gekleed als zwemleraar- gaf de opdrachten, moeder maakte foto’s, broertje stond langs de lijn en mijn liefje en ik waren ‘natte’ getuigen. De 7-jarige geëxamineerde was zeer serieus tijdens alle verrichtingen.

Als officiële voormalige zwemjuffen zwommen wij met Babette terug in de tijd. Dat is een van die dingen in ons verleden die wij gemeen bleken te hebben: zwemles geven. 
Mijn liefje volgde ooit een beroepsopleiding tot sportlerares, ik volgde een korte opleiding tot zwemjuf als vrijwilliger bij de zwemvereniging. Les gaf ik op zaterdagochtend, zowel in het buitenbad van de eigen woonplaats als in het overdekte zwembad van Rijswijk. Mijn liefje beheerde in de Nederlandse zomer grote zwembaden en gaf in de winter les aan kinderen in een Israëlische kibboets. Je hebt altijd baas boven baas. Beiden bleven we tot op de dag van vandaag waterratjes.

Het valt overigens niet mee om nu af te zwemmen. Het lijkt alsof er meer eisen worden gesteld. Bepaalde afstanden en zwemverrichtingen waren ons bekend maar een aantal verplichte verrichtingen ook weer niet. 
Zo gebeurt watertrappelen tegenwoordig niet meer met de wijsvingers van beide handen boven water maar met de handen in de zij. Ook was er een opdracht waarbij tijdens het watertrappelen naar links, rechts, naar voren en naar achteren moet worden bewogen. Daarnaast moest ze tien seconden drijven op haar rug en op haar buik, zonder beenslag.
Aan het einde van het programma was Babette ogenschijnlijk moe. Ze bewoog als Singer-naaimachientje door het grote bad: zig-zaggend. Wij moedigden haar vanuit het water aan nog even door te zetten. Toen het zover was, sprong pa naast zijn dochter in het bad en feleciteerde haar met het behaalde diploma. Haar iets oudere broertje overhandigde het diploma. Voor die gelegenheid ontving zij tevens een Spaanse versie van het document, compleet met onze handtekeningen.

Onlangs namen we de eerste duik van dit seizoen in de Middellandse Zee. Tot dan toe voelde ik nauwelijks behoefte mij in zee te begeven. Tè koud. Met de komst van de cycaden veranderde dat gevoel. We schaften nieuwe strandstoelen aan; de oude waren zwaar beschimmeld geraakt toen begin dit jaar ernstige waterschade ontstond in een appartement boven onze schuur. Er zit overigens nog steeds vocht in die ruimte; wekelijks moet ik het reservoir van de vochtafdrijver legen. De verzekeringsmaatschappij vergoedde de geleden schade tot op heden niet (ondanks de toezegging). Een typisch Spaans gevalletje van mañana-mañana...

Bepakt en bezakt togen we vandaag richting strand. De zee is momenteel niet blauw. Een brede strook  zeewater langs het strand heeft een melkachtige kleur. Het lijkt op de kleur van zeewater in het Caribische gebied. Ik denk dat er momenteel sprake is van bioluminescentie. Dat verschijnsel kan in de zomer in warme gebieden voorkomen. Over het water uitkijkend, lijkt het net alsof de lucht aan de einder roze is... Een fraai gezicht. Ik vermoed dat het zeewater rond 24 graden Celsius* is. Het is weer heerlijk dobberen.


*Rectificatie: vandaag ging de waterthermometer mee naar de zee. Na 30 minuten meten op verschillende dieptes, kwam de temperatuur niet beneden 28 graden Celsius.... ;-)


donderdag 11 juli 2013

Tafelzilver

Tijdens een recente Nieuwsuur-uitzending hoorde ik dat Nederland ‘het tafelzilver maar moet verkopen’ als het kabinet niet weet hoe het de extra bezuiniging van nog eens zes miljard euro bijeen moet brengen. Het werd gezegd door Bernard Wientjes, voorzitter van de Nederlandse werkgeversorganisatie VNO-NCW. Met dat tafelzilver doelde hij op de verkoop van genationaliseerde banken. “Verkoop ABN Amro, SNS Reaal, verzekeraar ASR en de hypotheekportefeuille van ING. Daarmee haal je vele miljarden op. Het is tafelzilver dat de staat nooit heeft willen hebben.”

Tafelzilver, wij hebben het ook. Beter gezegd: wij hadden het. Toen we nog in Nederland woonden, verzamelden wij tweedehands tafelzilver; we kozen voor het model Haags lofje. We hadden zilveren vlees- en viscouverts, belegvorken, opscheplepels en juskommen. Sommige onderdelen hadden gegraveerde data; antiek bestek met een geschiedenis. In de loop van de tijd kochten we modern zilver bij, vooral messen. In het verleden dineerden wij met goede vrienden af en toe in vol ornaat: met zilveren couverts en een antiek 80-delig Rosenthalservies. Het servies met fijne roze, blauwe en grijze bloemetjes, stamde uit de jaren ’30 van de vorige eeuw. We kochten het van een oude mevrouw in Brussel en deden het uiteindelijk kado aan een Engelse vriend toen we de UK verlieten. We zouden immers van een zeer ruim Engels landhuis naar een relatief klein Spaans appartement verhuizen... Het tafelzilver verhuisde met ons naar Engeland, Spanje, Bali en weer terug naar Spanje.

Onlangs verkocht mijn liefje ons tafelzilver. In winkelcentrum La Zenia vestigde zich een opkoper van goud en zilver. Mijn liefje opperde op enig moment dat ze eens met die eigenaar/manager wilde praten over de aankoop van zilveren couverts. Ik vond het prima. Eenmaal per jaar poetsen wij het zilver. De grote mand met vorken, lepels, messen e.d. staat vooral stof te vergaren onderin een keukenkastje.
De man, een Bulgaar, was zeer geïnteresseerd. Ze moest de partij maar eens komen tonen. Zo gezegd, zo gedaan. Na een aantal uren keerde ze met een dik pak biljetten, een fles champagne (kado gedaan door de winkelier) en een brede glimlach naar huis terug. De eigenaar beloofde haar dat de couverts en andere zilveren onderdelen niet zouden worden omgesmolten.

Ze is en blijft een handelaar, wat mij betreft. Als bewijs: op haar zesde leeftijd had ze al een goedlopende fietsenstalling met personeel bij sportclub GVAV in Groningen!

Alles dat zij en ik niet meer gebruiken, wordt van de hand gedaan (weggegeven of verkocht). We proberen zo 'licht' mogelijk te leven.

Recent waren enkele Louis Vuitton-tassen aan de beurt. De eerste tas werd gekocht tijdens een vakantie in Italië, andere locaties in Europa volgden. Sommige reis- en schoudertassen gebruiken we veelvuldig; die worden gekoesterd en mogen blijven. In Spanje worden valse Louis Vuitton-tassen aangeboden door Afrikanen maar mensen die er verstand van hebben, zien van een kilometer afstand wat echt en wat vals is. Liever geen tas dan een valse tas, is mijn adagium!
Twee hand- casu quo schoudertassen die we nauwelijks gebruiken, werden naar dezelfde winkel gebracht; inclusief bijbehorende portemonnees. Ook nu was de winkelier enthousiast. Alhoewel de winkel vooral handelt in goud en zilver, wilden ze het avontuur graag aangaan. Mijn liefje werd ter plekke aan de mede-eigenaar voorgesteld als ‘een goede klant’. Zij had de oorspronkelijke verpakking nog en eveneens alle rekeningen. De portemonnees staan inmiddels als heuse sterren in de etalage. In the spotlights, door -echte- parels omringd. Ik moest erom grinniken. Er blijkt veel animo te zijn maar er is tot op heden nog niets verkocht. Zij wacht in spanning af.

Enkele dagen geleden vroeg ik mij met een vriendin in alle ernst af wat zal volgen. Ook zelluf begin ik behoorlijk ‘vintage’ te worden: craquelée rond de ogen en mond, hier en daar wat uitgezakt; weliswaar gebruikt maar toch nog waardevol... Er zou zó maar een dag kunnen komen dat ik naar die winkel wordt gebracht.


woensdag 3 juli 2013

Uit Afrika

Afgelopen maandag werd in Nederland het slavernijverleden herdacht. Het onderwerp slavenhandel lijkt in Nederland net zo gevoelig te liggen als de misdaden die Nederlandse militairen begingen in voormalig Nederlands-Indië. Ook deze smet op het Nederlandse blazoen zullen we onder ogen moeten zien. Onze voorouders verkochten en verscheepten 550.000 Afrikaanse slaven. Niks om trots op te zijn... De Nederlandse regering bood geen excuses aan maar betoonde wel spijt en diep berouw. De aanwezigheid van koning Lex en koningin Max maakte het een en ander goed maar het feit dat zij geen krans legden, viel niet goed bij Surinaamse organisaties.

In de afgelopen weken las ik een aantal boeiende boeken. Ik begon met het ‘Beagle Dagboek’ van Dirk Draulans, een Belgische bioloog, journalist en schrijver die presentator was aan boord van het schip De Amsterdam dat in 2009 de route van Darwin nog eens overdeed met moderne middelen. Oké, ik geef toe: de lectuur is een beetje laat maar ik las het boek van Darwin ‘De reis van de Beagle’, wèl in het Darwinjaar. Draulans is een groot bewonderaar van de man en van zijn monumentale denkwerk.
Ook voor mij is de evolutieleer een onomstreden leer. Ik geloof niet in een God die de aarde en Adam en Eva schiep. Onlangs hoorde ik een bekende Nederlandse theoloog en dominee ‘opbiechten’ dat hij niet meer om de evolutieleer heen kan... zelf kan hij niet meer geloven in een scheppende God. Mijn eerste reactie was: “het werd tijd” maar ik gun ieder zijn of haar geloof.

Ik las Draulans’ dagboek met veel aandacht en interesse. Zijn boek is zeer informatief en zijn ideeën en overtuigingen zijn helder verwoord. Zijn liefde en enthousiasme voor de natuur spat van elke bladzijde! Ik deel zijn passie voor reizen, natuur en walvissen en dat schreef ik hem recent. Ik dankte hem voor zijn interessante werk. Ik ontving een leuke reactie van hem, met dank en nieuwe leestips.
Zijn Darwin-dagboek was een feest van herkenning omdat mijn liefje en ik een deel van Darwin’s route aflegden. Vooral zijn reis over land langs de westkust van Australië deed mij mijmeren: Wave Rock, de Pinnacles, stromatolieten, Shark Bay, schildpadden, zeekoeien, soorten haaien en roggen, kennismaken met een walvishaai; die kuststrook kenmerkt zich door zóveel geologische en dierlijke bijzonderheden!

Draulans spreekt in zijn boek waardering uit voor de Amerikaanse wetenschapper Spencer Wells. Hij is geneticus en antropoloog die het boek ‘The Journey of Man – A Genetic Odessey’ schreef. Aan de hand van technieken uit de genetica beschrijft hij de migratie van de vroegste menssoort, Homo Sapiens. Ik laadde het boek op de Reader en begon te lezen. Boeiend!


Wells beschrijft de migratieroute die de eerste mensen aflegden. Hij en andere wetenschappers deden dat op basis van onderzoek van de Y-Chromosoom, dus langs de mannelijke lijn (als jagers/verzamelaars waren ze meer op pad dan vrouwen). Men deed allerhande onderzoek: genetisch, antropologisch, geologisch, linguitstisch. Wij stammen allemaal uit Afrika, of we nu witte, zwarte of bruine mensen zijn; Europeaan, Afrikaan, Amerikaan, Australier of Aziaat... allemaal hebben wij dezelfde Afrikaanse voorouder. Als mens zijn we vrijwel identiek, slechts 0,1% van het DNA bepaalt ons andere uiterlijk.

Ongeveer 150.000 jaar geleden verlieten onze voorouders de Olduvaikloof in de Grote Slenk (Oost-Afrika). Dat is de bakermat van de mensheid. 150.000 jaar geleden verspreidde homo sapiens zich eerst in Afrika, daarna trok men naar het Oosten -de Levant-, vervolgens ging men via de kustroute langs de Indische Oceaan naar Azië. Per boot stak men over naar Australië. Door extreme opwarming van de aarde trok homo sapiens vervolgens naar Centraal-Azië. Verschillende fysieke kenmerken ontstonden vooral door natuurlijke selectie. Pas 50.000 geleden kwam onze voorouder (Zuid-)Europa binnen. Tussen 40.000 en 25.000 jaar geleden trok men vanuit Centraal-Azië naar de Arctische cirkel. Van daaruit trokken de voorouders van oorspronkelijke Indianen via de Beringstraat continent Amerika binnen. Pas gedurende de laatste 15.000 jaar werd Zuid-Amerika bevolkt. Homo Sapiens betrad Scandinavië en Engeland tenslotte pas in de afgelopen 10.000 jaar. Met deze interactieve routekaart kun je The Journey of Man nog eens bekijken.

Het onderzoek leverde veel meer interessante details op. Zo toonde het onderzoek tevens onomstreden aan dat homo sapiens niet is ‘gekruist’ met Neanderthalers en dat er geen continentspecifieke menssoort bestaat. We zijn allemaal terug te leiden naar één Oost-Afrikaanse voorvader. Dat werpt een nóg scheller licht op het mensonterende van slavenhandel...