Het Boekenweekessay van schrijfster en filosofe Doortje Smithuijsen (34), zelf een randstedelijke millenial, is getiteld ‘Ik zou uw dochter kunnen zijn’. Het ontving een lauwe ontvangst in onder andere Trouw, de Volkskrant en de Groene Amsterdammer. Zij stelt dat er sprake is van intergenerationele wrok, rancune en jaloezie tussen boomers en millenials. Recensenten vonden haar essay niet overtuigend. Ze vonden het nogal mager qua bewijsvoering en tamelijk karikaturaal.
De botsing tussen generaties die ze beschrijft, is van alle tijden. Nieuwe generaties zijn vaak vernieuwers van cultuur, sociale regels en politieke opvattingen. Dan ligt onderling gedoe met de voorgangers op de loer.
We zijn beland in de laatste dagen van de 91ste Boekenweek in Nederland. Het thema van dit jaar is ‘Mijn generatie’. De Nederlandse voormalig hoogleraar Sociologie Henk Becker (1933-2018) publiceerde zijn generatietheorie in 1985. Hij deelde groepen mensen in en gaf iedere generatie een reeks geboortejaren (15), een aanduiding en enkele hoofdkenmerken.
- Vooroorlogse generatie (< 1925); zuinig, spaarzaam en risicovermijdend
- Stille generatie (1925-1940): gezagstrouw, je gedragen ‘zoals het hoort’
- Babyboom generatie (1940-1955): vitale idealisten die zinvol actief willen blijven
- Generatie X (generatie Nix) (1955-1970): verbinders; benutten diversiteit constructief
- Pragmatische generatie (1970-1985): pragmatische doeners, realisten en bouwers
- Generatie Y (Millennials) (1985-2000): authentieke multi-taskers
- Generatie Z (2000-2015): omgevingsbewust en zelfverzekerd
- Generatie Alfa (vanaf 2015)
Het idee om mensen in generaties in te delen, is niet zo gek. Het maakt begrippen behapbaar. Wie in dezelfde tijd opgroeit, deelt de tijdgeest en de ervaringen van dat tijdsgewricht. De invloeden uit de formatieve jaren van een generatie (tussen de 15de en 25ste leeftijd) vormen hen en die draag je je leven lang mee. Er zijn echter ook psychologen die meer waarde hechten aan de verschillen op andere vlakken, zoals economisch, opleidingstechnisch of cultureel vlak. Er zijn boeken vol geschreven over dit onderwerp. Hieronder een beknopt overzicht.
Bedenk wel dat wie over generaties schrijft, generaliseert...
De vooroorlogse generatie maakte de economische crisis in de jaren '30, de Tweede Wereldoorlog en de wederopbouw van het land aan den lijve mee. Omdat velen van hen opgroeiden in deze tijden van crises leidde dat tot een levenslange focus op zuinigheid, sparen en risicomijding.
De stille generatie groeide op ten tijde van de Tweede Wereldoorlog en de wederopbouw. Er heerste een sterk collectief denken en dat maakt deze generatie plichtsgetrouw en sterk bereid de mouwen op te stropen. Generatiegenoten zijn spaarzaam, loyaal en saamhorig.
Babyboomers schudden Nederland wakker uit zijn verzuilde slaap. Ze zaten middenin de wederopbouw, maakten een groeiende welvaart mee en beleefden de culturele revolutie van de jaren '60. Ze betraden de arbeidsmarkt in een periode van groei: hogere lonen, betere werkomstandigheden en meer werkgelegenheid. Dat vormde hen. Zij zagen hoe Nederland veranderde van een zuinig, verzuild land in een modernere, vrijere samenleving. Zij ontdekten protest, inspraak en popmuziek. Ze zijn van The Stones en The Beatles.
Dit is een grote generatie. De aanduiding (Engelse ‘boom’) zegt het al: na de Tweede Wereldoorlog was er een tsunami van geboorten. Dat had gevolgen voor van alles, van scholen tot woningbouw. Hun welvaart is ze -volgens sommigen- deels komen aanwaaien omdat de overheid toentertijd eigenwoningbezit stimuleerde. Als generatie transformeerden zij van protesterende jongeren in de jaren '60 naar de bestuurders van tegenwoordig die een belangrijke stempel hebben gedrukt op de maatschappij.
Generatie X (ook wel generatie Nix of ‘de verloren generatie’ genoemd) was de volgende; een veel kleinere generatie dan de voorgaande. Nix'ers groeiden op tussen bevrijde babyboomers en de digitale generatie. Ze werden de verbinders van die twee werelden die Nederland door turbulente tijden loodsten; van oliecrisis tot verregaande digitalisering.
Zij groeiden op in een minder uitbundige tijd dan hun voorgangers. In hun jeugd heerste er een economische crisis, met massale jeugdwerkloosheid als gevolg, zodat men ook wel sprak van een ‘verloren generatie’. De economische crises van de jaren '70 en '80 temperden hun optimisme. Het begrip ‘verloren’ hangt ook samen met de, door AIDS drastisch ingeperkte seksuele vrijheid. Sex bleek ineens dodelijk te kunnen zijn! Deze generatie leerde al vroeg dat de wereld niet vanzelf beter wordt en dat een vaste baan niet het summum is. Wie tot generatie X behoort, weet nog hoe een encyclopedie ruikt maar ook hoe een wifi-router moet worden ingesteld. Dat maakt hen tot een soort tolken tussen generaties. Deze generatie zag de eerste PC en de eerste mobiele telefoon komen. Qua muziek is het de tijd van New Wave en Punk.
De pragmatische generatie staat bekend als een tussengeneratie die opgroeide in een tijd van welvaart en vrijheid. Men wordt ook wel de ‘patatgeneratie’ of ‘Xennial’ genoemd. De teugels werden tijdens hun opvoeding gevierd, ze mochten doen wat ze wilden (friet eten!). Het is een generatie van doeners en realisten. Ook zij zijn bruggenbouwers, in dit geval tussen de oude en nieuwe economie.
Daarna stapten de millennials (generatie Y) het toneel op. Ook zij groeiden op in welvaart (opgevoed door welvarende boomers) en vrijheid. Ze zouden -volgens pa & ma- alles kunnen bereiken maar blijken in een wereld te leven die hen confronteert met een klimaatcrisis en onbetaalbare huizen. Veranderingen volgden elkaar steeds sneller op. Internet kwam hun leven op volle kracht binnen. Globalisering was voor hen geen abstract begrip meer maar een dagelijkse realiteit. Muziek, films en nieuws kwamen uit alle windrichtingen van de wereld. Indie, rock en hip-hop zijn de favoriete muziekstijlen maar ook Britney Spears en Taylor Swift.
Op de cover van het Amerikaanse opinieblad Time van 2013 werden millennials gekarakteriseerd als de ‘me me me generation’. Volgens dat kritische artikel waren ze lui, zelfgenoegzaam en narcistisch maar tegelijkertijd beschikten ze ook over aanpassingsvermogen en technische vaardigheden. Volgens het National Institute of Health komt een narcistische persoonlijkheidsstoornis bijna drie keer zo vaak voor bij de twintigers van deze generatie dan bij 65-plussers.
Dat neemt niet weg dat millennials vaak een optimistische boodschap meekregen van hun boomer-ouders. Studeren loonde, de wereld lag voor hen open, talent zou worden beloond. Veel van hen geloofden dat. Totdat de financiële crisis van 2008 ontstond; een gebeurtenis die menig millennial het gevoel gaf dat de belofte van een betere toekomst ingewikkelder of zelfs onmogelijk werd (geacht). Dat heeft deze generatie gevormd. Ze staan bekend als flexibel, mobiel en digitaal vaardig maar ook met gevoel voor zelfspot en ironie. Wie volwassen werd tijdens economische onzekerheid, ontwikkelt nu eenmaal een zekere afstand ten opzichte van langetermijnplannen.
Dan is er ook nog generatie Z, gen Z in de volksmond. Zij leerden lopen met een tablet in de hand. Zij zijn de eerste generatie die volledig digitaal opgroeit en daarom worden ze ook wel ‘digital natives’ genoemd. Ook zij leerden dat de wereld onvoorspelbaar is. Er is onzekerheid over alles en dat vormt hen.
Smartphones, sociale media en permanent online zijn, zijn vanzelfsprekendheden. Zoiets als elektriciteit dat ooit werd voor een vooroorlogse generatie. Dat betekent niet dat hun wereld eenvoudiger is. Ze groeien op met een constante informatiestroom en grote vraagstukken: klimaatverandering, geopolitieke spanningen, economische onzekerheid. Vaak zijn ze echter opvallend pragmatisch en ondernemend. Misschien omdat ze al vroeg leerden dat stabiliteit geen garantie is. Zij hebben een flexibele werkstijl en hun arbeidsethos is van heel andere orde dan die van boomers. Waarom zou je direct gaan studeren of werken als je ook rond de wereld kunt reizen? Vanwege hun korte aandachtsspanne bestaat hun favoriete muziek vooruit uit snelle dansbeats (TikTok en InstaReels).
Tot slot generatie Alfa, de eerste generatie die in zijn geheel deel uitmaakt van de 21ste eeuw. Grotendeels zijn het kinderen van millennials. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat ze al op jonge leeftijd gezondheidsproblemen hebben die zijn gelieerd aan (teveel) schermtijd en dat allergieën en obesitas vaak voorkomen. Ze worden weleens aangeduid met ‘screenagers’.
In Huize Barefoot hebben we te maken met een boomer en een Nix'er. We spraken deze weken veelvuldig over het thema en ‘onze’ generaties. Wat verbindt ons, waarin verschillen we? Je kunt zeggen dat de relatie tussen een babyboomer en iemand van generatie X is als een platenspeler versus een Spotify-account. Het werkt allebei goed maar de gebruiksaanwijzing is wel anders. Gek genoeg, botsen wij op dit punt niet zo?! We vullen elkaar eerder aan.
Mijn liefje was geen prototype hippie al is ze een harmoniemodel pur sang en was (harmonie met) de natuur van (over)levensbelang. Ze had al een eigen herbarium in de box. Ze ondernam van alles om onder de bedompte, drukkende sfeer van de jaren '50 uit te komen. Vrijheid om zichzelf te zijn en de zoektocht naar avontuur en niet-saaie mensen speelden een grote rol in haar jonge(re) jaren. Haar kijk op werk verschilt merkbaar van die van mij. Een babyboomer gelooft heilig in het idee dat je carrière een rechte lijn is: onderaan beginnen, hard werken en uiteindelijk een bureau in een hoekkamer verdienen. Zij had een sterke arbeidsethos, een sterke wil en toewijding om hard te werken. Ze had op enig moment twee banen om een huis te kunnen kopen en aflossen.
Eigenlijk was ik meer hippie dan zij. Liefde, geen oorlog! Ik liep vaak op blote voeten, in bonte kleding en met bloemen in mijn haar. Een Nix'er als ik kijkt met lichte ironie naar haar generatiekenmerken. Collegegelden stegen begin jaren '80 enorm, waardoor we met een veel hogere studieschuld kwamen te zitten dan voorgaande generaties. Het duurde in de meeste gevallen jaren voordat die was afgelost. Niks sparen, afbetalen! Mijn generatie overleefde later een serie recessies, reorganisaties en managers op mindfulness-cursus. Tja. Een carrière is voor ons eerder een slingerpad. Mijn werkethiek is inderdaad anders dan die van mijn liefje: een mens is niet geboren om alleen maar te werken. Work-life balance was voor mij belangrijker dan de race naar de absolute top. Geld is goed, tijd is beter! Wel had ik de wil en toewijding om ergens heel goed in te worden. Na mijn studie was er geen baan te vinden, daarom liet ik mij omscholen in de Informatie- en Communicatietechnologie. Daarin was ik uiterst pragmatisch. Nadat ik mijn liefje ontmoette, leerde ik haar computeren. Zij was net via haar werk aan een PC Privé-project begonnen.
Soms wordt er onderling met lichte weerzin over andere generaties gesproken. Dat is inderdaad van alle tijden. Een jongere generatie ziet de oudere als star en hypocriet, de oudere zet jongeren weg als lui en narcistisch.
Oudere generaties vinden jongeren ongeduldig, niet weerbaar en naïef. Jongere generaties vinden ouderen zelfvoldaan en traag. Boomers bezitten te veel huizen en campers, millennials drinken teveel koffie met havermoutmelk en Gen Z kijkt teveel op de telefoon. Als we ons maar realiseren dat dit karikaturen en stereotyperingen zijn; eerder de uitkomst van een minder serieuze exercisie dan dat ze de werkelijkheid weerspiegelen. Generaties lopen in elkaar over, al zijn de verschillen niet te ontkennen. Over enkele decennia zal de jongste generatie (Alfa) waarschijnlijk hetzelfde meemaken. Dan kijken zij hoofdschuddend naar hun voorgangers en nakomers die het leven anders leven en organiseren.
Zo
schuift elke generatie langzaam op in het Grote Verhaal van de Tijd. Niet als
losse hoofdstukken maar als een gebonden boek dat telkens door nieuwe lezers
wordt opengeslagen.




Geen opmerkingen:
Een reactie posten