Translate

Posts tonen met het label Balinese ceremonie Melaspasin. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Balinese ceremonie Melaspasin. Alle posts tonen

zaterdag 24 mei 2025

Opleiding, afleiding

We videoappten laatst weer met onze kereltjes in Bali, al was het niet op de afgesproken dag. We doen het maandelijks, op de eerste zondag. Yuda, de oudste (bijna 18) bleek druk te zijn met zaal- en grasvoetbal. Voor het schoolvoetbalteam op gras was hij kort ervoor gevraagd aanvoerder van het team te worden dus dat betekent meer verantwoordelijkheid en tijd. Op zijn verzoek werd ons videogesprek een dag uitgesteld. De volgende dag was er echter niemand aan de andere kant van de lijn. Druk-druk-druk was hij! 

Toen het uiteindelijk lukte om elkaar in levende lijve te spreken en we hem vroegen of hij de nieuwe rol als aanvoerder leuk vindt, was zijn antwoord: ‘Not really...’. Daar moest ik om grinniken. Yuda is altijd eerlijk en dat is een van de eigenschappen die we in hem waarderen. Hij zei op dat moment wat hij vond. Ik vind het eerzaam dat men hem vroeg en dat zei ik hem. Wat ons betreft is hij uitermate geschikt voor die rol. Wij, zijn oma’s-met-de-witte-huid, zeggen dat al jarenlang. Hij is geduldig, aardig en sociaal vaardig. Ik denk wel dat hij al genoeg op zijn bordje heeft liggen als vijfde klasser van de middelbare school en oudste van een druk gezin. Hij functioneert dagelijks in de rol van tijdelijke man-van-het-gezin, bij afwezigheid van pa. 

Zijn voetbalteam doet mee aan de competitie van regentschap Buleleng (Singaraja) en dat brengt momenteel dus meer druk(te) met zich mee. Het betekent ook dat hij een fraai voetbalshirt mag dragen. Zijn broer Damai toonde het ons met plaatsvervangende trots. Yuda zal dat niet uit de kast halen om het ons te tonen. 

Toen hij peuter-kleuter was, had hij al veel balgevoel. Ik voetbalde bijna dagelijks met hem in onze achtertuin aan de Balizee. Leerde hem penalties nemen, de bal hoog houden, een klein beetje koppen en zijn verlies nemen. Van mijn liefje moest ik hem veel vaker laten winnen tijdens een wedstrijdje maar daarover had ik andere ideeën. (Wat je gratis krijgt, is duur gekocht!) Ja, aan mij is een toptrainer verloren gegaan! Op de lagere school wilde hij profvoetballer worden. Hij droomde van een transfer naar FC Barcelona. (Guess why?!) Gelukkig gingen die dromen voorbij. Ik moest vaak aan de songtekst van Boudewijn de Groot denken: ‘als hij maar geen voetballer wordt, ze schoppen hem misschien half dood...’ Later deze maand moet er weer worden gepresteerd op de grasmat dus hij heeft nu genoeg te doen. Damai (nog lang geen 15) zit ook in een zaalvoetbalteam van school. Hij is net zo sportief en getalenteerd als zijn grote broer, die inmiddels niet meer zoveel groter blijkt te zijn!   

We vroegen bij die gelegenheid aan de beide jongens hoe het gaat met de andere schoolprestaties. Zij gaan naar dezelfde middelbare school (LABSchool). Allebei waren ze ervan overtuigd dat het goed gaat en ze aan het einde van dit schooljaar zullen overgaan. In juni weten we of ze gelijk hebben, al twijfelen we niet aan hun woorden. Op onze vraag aan Damai of hij op termijn een alfa- of een beta-pakket gaat kiezen, zei hij overtuigend dat hij fifty-fifty is; daarmee zeggend dat hij alle kanten op kan als het om een definitieve pakketkeuze gaat. Een comfortabele positie. We gaan het zien. 

Yuda maakte reeds een keuze, hij heeft een betapakket met Biologie als hoofdvak. Alhoewel hij als late leerling nog een jaar naar de middelbare moet (12th grade, Senior High School), vroegen we of hij zijn gedachten al aan het vormen is over een eventuele vervolgopleiding. Dat bleek min of meer het geval. Zijn vader is van mening dat hij naar de universiteit moet gaan, zijn moeder opperde dat hij wellicht -net als zijn pa- kan gaan werken aan boord van een cruiseschip.

Nu bemoeien mijn liefje en ik ons niet -zeker niet ongevraagd- met de meningen van de ouders Ketut & Elsa maar we veerden allebei wel op na die uitspraak. Varen kan altijd nog! Yuda’s vader, eveneens een slimme leerling die echter uit een familie zonder geld komt en daardoor niet naar de universiteit kon, stapte pas na zijn 30ste als personeelslid aan boord van een schip. 

Alhoewel Elsa naar dezelfde goede middelbare school ging als Ketut, uitte zij nooit de behoefte om te gaan studeren. Na school wilde zij werken en geld verdienen. Dat snap ik, als je uit een arm Balinees gezin stamt waar altijd tekort was... Ze zal zeker het beste voorhebben met haar oudste zoon maar het belang van geld verdienen voor de familie speelt ongetwijfeld mee. Wij zullen bij de ouders altijd voor meer educatie pleiten. Een goede opleiding is de basis voor een goed leven. 

Als je als Balinese hindoe geld verdient, zeker in een ver buitenland, doe je dat niet alleen voor het eigen gezin of de directe familie maar ook voor de grotere familiekring. Er gaat ook heel wat geld zitten in het organiseren van alle hindoeceremonies die er bestaan op het Eiland van de Goden. Die zijn jaarlijks nog niet te tellen op de vingers van tien handen! Dat was weleens een doorn in het oog van ons, agnosten. (Mijn liefje noemt zich bij voorkeur atheïste.) Het salariszakje was nog niet uitgereikt of men vroeg alweer om een lening of voorschot. 

Als wij dan probeerden uit te vinden waar het geld was gebleven, ontdekten we dat het vaak ging naar de ‘the holy man’; de lokale hindoepriester en spiritueel leider die alle ceremonies in de familie- of wijktempel leidt. We kenden hem, hij leidde de ceremonie toen onze tropische villa werd ingezegend. Die ceremonie heet 'Melaspasin'. Ik nam destijds de honneurs waar voor ons twee want mijn liefje herstelde van een chemokuur. Het was afzien onder de brandende zon, in die kleding! Wij zagen hem in de jaren vanaf een ojek (brommertaxi) via een eigen brommer naar een eigen auto doorgroeien. Tja. 

Een jonge broer van Elsa werkt al geruime tijd in Polen als arbeider in een of andere fabriek. Daar doet hij ongeschoold, vies werk dat Polen zelf niet meer willen uitvoeren. In vergelijking tot Noord-Bali verdient hij daar goed. We zagen recent foto’s voorbijkomen van een familiefeest op Bali dat ter ere van deze tijdelijk verloren zoon werd georganiseerd. Aan de uitbundigheid te zien, was hij overduidelijk de sponsor van zijn eigen feestje. 

Dat financieel zorgdragen voor elkaar is de lokale mores en daarmee is niets mis zolang er maar geen misbruik wordt gemaakt. Maar als je vers van het VWO komt, kun je meer dan bedden opmaken en badkamers schoonmaken van reizigers op een Amerikaans cruiseschip. Dat zeiden we hem niet letterlijk (uit respect voor zijn hardwerkende pa) maar onze strekking begreep hij. 

De middelbare school waar de jongens naartoe gaan, is gelieerd aan de Undiksha Universiteit van Buleleng. (Ooit de hoofdstad van Bali.) Sinds 2006 wordt die de Ganesha University genoemd. Je kunt er zowel alfa- als beta-studies volgen. Er studeerden daar tot dusver circa 40.000 studenten af; de meesten van hen gaan aan de slag als leraar. Dat beroep zou ook passen bij Yuda (menen wij). Yuda’s hoofdvak is Biologie en ook die studierichting kan daar op academisch niveau worden gevolgd. Ik las overigens dat Ganesha ook studiebeursen aan Indonesische studenten toekent, ook voor studie in een buitenland. Geen idee wat de precieze criteria zijn per soort. Daar moet ik nog een keertje werk van maken als actieve meedenker. 

Yuda merkte op dat een familielid (ik vroeg niet wie) suggereerde dat hij eventueel naar Australië zou kunnen voor werk en studie. Dat klinkt ons als muziek in de oren als het maar niet neerkomt op mango’s plukken als hoofdtaak en daarnaast ergens een onbeduidende cursus Engels doen. Dat is geen optie. Waar wij wel enthousiast over zijn, is dat hij daar echt zou gaan studeren. Welk type bijbaan hij dan aanneemt, is aan de student zelf. We hebben nog ruim een jaar de tijd om daarover met de leerling, pa en ma te praten dus we laten het onderwerp voorlopig rusten. Nu eerst voetbal! 

Damai vertelde dat hij recent Performing Arts Day bezocht van zijn lagere school, de North Bali Bilingual School (NBBS). Zowel Yuda als Damai ging naar deze privé-lagere school. Ik denk dat het ze een voorsprong op een aantal van hun klasgenoten gaf. 

Naar verluidt, ging Damai niet alleen voor de leuke meisjes op het toneel. In onze familie noemen we hem ‘de kleine Casanova’, alias de Hartenbreker. Op zo’n dag wordt gezongen, gedanst en geacteerd. Aan deze creatieve vaardigheden schenkt men veel aandacht, in aanvulling op het voorgeschreven nationale curriculum. Voorheen waren we weleens aanwezig op deze dagen en waren we jurylid. Damai bracht ons de hartelijke groeten over van Pak Syd, een van de oprichters van de NBBS. 
Sweet memories. 


vrijdag 27 november 2015

Volle maan

Gelovige Balinezen leven zo ongeveer met de Hindoekalender in de hand. Voor alle ceremonies moet de juiste dag worden gekozen, op basis van de maanstand. Volle maan, nieuwe maan, dark moon… het zijn dé momenten waarop hier iets bijzonders wordt gevierd.

Twee weken geleden kozen Ketut & Elsa, na een telefoontje van Ketuts vader die de sterren bekeek, de dag waarop zij hun stukje grond ceremonieel geschikt maakten voor bebouwing op een later tijdstip. 's Ochtends vroeg kregen wij een foto toegestuurd waarop mannen aan het werk waren. Huhh? Waren ze reeds begonnen met de bouw van een huis? Moesten wij daar dan ook niet rondlopen? Na een gesprek met Elsa bleek dat dit geen officiële ceremonie was. Het was gewoon het juiste moment om ceremonieel paaltjes te slaan. Vandaag gaat Ketut weer naar Denpasar voor een bloedtest. Afgelopen dagen deed hij veel aan lichaamsbeweging en zette hij zijn nieuwe dieet in. Als de uitslag beter of goed is, gaan zij binnenkort aan fase I van hun eigen huis beginnen.

Eergisteren en gisteren werden hier volop volle maan-festiviteiten gevierd. Gisteren waren we uitgenodigd voor een inwijdingsceremonie van een nieuw huis. Ibu Tini en Pak Richard bouwden recent een traditionele vakantievilla in de heuvels van Lovina. Zo’n huis kan naar goede Balinese Hindoetraditie pas in gebruik worden genomen nadat alle demonen zijn verdreven en de Hindoegoden gunstig zijn gestemd. Voor de zekerheid vroeg ik aan Tini’s nichtje Enny, hoofd van de huishouding in het resort waar wij thans verblijven, of wij een geschenk moesten meebrengen. Dat bleek niet het geval. Dat doe je wel bij een mensenceremonie maar niet bij stenen.

Ganesha & Barefoot
We reden met Richard mee naar de plek. Links en rechts over de rijstvelden uitkijkend, zag ik dat ze bruin en droog zijn. Kasian. Het wil hier tot nu toe niet regenen. In de ruim drie weken in Noord-Bali, viel er slechts een bui van een uurtje. Absoluut onvoldoende!

Het geklingel en gemompel van de bel van de holy man was te horen, de ceremonie was reeds aan de gang. Dat was geen probleem, wat mij betreft. Uit eigen ervaring weet ik dat zoiets urenlang kan duren en bij de huidige bloedhitte en klamme lucht is dat geen sinecure; zeker niet in een warme sarong.

We ontmoetten Tini en Richard in september vorig jaar. Samen zijn ze eigenaar van een door de familie gerund hotel. In het bedrijf wordt zij De Generaal genoemd, hij is administrateur en liefhebbende echtgenoot. Zij is een Balinese zakenvrouw, hij is Australiër van origine; inmiddels naturaliseerde hij tot Indonesiër. Richards grootvader en vader werden geboren in Ceylon, hij werd in Engeland geboren en zijn broer en zus in Zuid-Afrika. Trouwen met een Balinese was dus niet verrassend, voor hem, noch voor zijn familie. Ze hebben twee dochters; de ene studeerde onlangs af en maakt nu een mooie reis door Europa (pa en ma zijn wel bezorgd), de ander gaat volgend jaar studeren in Perth. Vorig jaar hadden we al leuke gesprekken met elkaar. Mijn liefje vierde haar verjaardag daar en wij nodigden hen voor dat feestje uit. We hielden in het afgelopen jaar mailcontact en keken ernaar uit dit jaar naar hun hotel terug te keren. Zij zijn een mooi stel.

Zij nodigden ons eerder tijdens dit verblijf uit voor het verjaardagsfeest van hun jongste dochter en nu dus voor Melaspasin. Tini heeft vier zussen en drie broers die we (bijna) allemaal wel een keer ontmoetten. Haar beide ouders leven nog al werd beginnende dementie geconstateerd bij moeder; ook zij leven in een huisje op het resort. Dat is zoals je het doet in Bali. 

Moeder is een kranige vrouw die elke ochtend bloemen plukt in de tuin, voor haar zelfgemaakte cenangs. Soms herkent ze ons, soms niet. Tini vertelde dat ze in de afgelopen periode stikjaloers werd op haar echtgenoot. Ze verdenkt hem ervan relaties aan te gaan met dames van middelbare leeftijd. Menige vriendin van haar dochters durven niet meer op bezoek te komen. Er kunnen vreemde dingen omgaan in een bejaard brein! 
Ook een groot deel van de rest van haar familie leeft in en om het hotel in Lovina, al komt de familie oorspronkelijk uit Kintamani, op de westelijke bergrug van Gunung Batur. Een van haar zussen heeft een relatie met een vrouw en ook dat schept een band. Het zijn erg aardige dames die Engels spreken.

Tini is een gelovige Hindoe, Richard doet respectvol mee. Alle familieleden droegen hun steentje bij aan de ceremonie. De bezem ging door het terrein en het pand; eventueel aanwezige kwade geesten hadden het nakijken. Er werd devoot gebeden, geofferd en gezongen, alle gebouwen werden van binnen en van buiten besprenkeld met heilig water, terwijl de Hindoepriester in Sanskriet om welwillendheid van de goden vroeg.

Zelf heb ik zo mijn gedachten als ik een Balinese holy man zie. Degene die wij kennen van ons voormalige dorp reed aanvankelijk achterop de brommer van een ander naar een ceremonie. Niet lang daarna zagen we hem op zijn eigen brommer vertrekken. Vervolgens ontdekten we hem aan het stuur van een oude barrel-op-vier-wielen. Naar onze ceremonie kwam hij in een spiksplinternieuwe auto. Het gaat priesters goed in het gelovige Bali. Ik had er altijd moeite mee als personeelsleden drie dagen na de ontvangst van hun salaris kwamen vragen om een lening. Als ik hen vroeg waar hun geld was, was het antwoord steevast: de tempel. Tja.

De dag werd afgesloten met een fikse onweersbui zonder regen. Die zegening van boven kwam niet maar de gastvrouw en gastheer waren desalniettemin heel senang. Naar traditie brachten zij de eerste nacht in het gewijde huis door.



zaterdag 11 juli 2015

Rock & rollende keukens

Sinds 1 juli zijn er in Amsterdam rollende keukens. Het fenomeen bestond al maar voorheen rolde het een weekend of een week lang, op een beperkt aantal plaatsen in de hoofdstad. Het stadsbestuur gaf deze maand vijftig ondernemers de gelegenheid om permanent met een foodtruck op 24 locaties in de stad te staan. Men stelt twee eisen: ze mogen niet alleen maar friet en hotdogs verkopen en ze moeten elke dag van plek wisselen. Een van hen is Deli Lama van Fleur van Mourik uit De Pijp. Haar specialiteit is een broodje babi guling (€5,50) ofwel Balinees geroosterd varkensvlees. Van Mourik verloor haar hart aan de Aziatische keuken toen ze in Indonesië woonde. Haar truck is een Hyundai Maxivan uit 1996, opgeknapt door haar handige broer.
Dat hapje ken ik letterlijk uit onze eigen tijd in Bali, alleen aten wij het niet op een broodje maar rechtstreeks van het varken. Op de foto zie je mij de honneurs waarnemen tijdens Melaspasin, de inwijdingsceremonie van onze villa in Noord-Bali in januari 2010; inclusief offervarken. Ik vind het niet het lekkerste dat de Balinese keuken voortbracht maar ik at een stukje knapperige huid uit respect. Babi guling is voor de meeste Balinezen wel hét feestvarken bij uitstek! In menig Westerse keuken -ook van sterrenkoks- tref je steeds vaker pork belly op de kaart aan dus het gerecht zit zeker in de lift.

Masterchef Nieuw-Zeeland begon onlangs en ik zit weer voor de buis. Wat nu op de Nederlandse televisie wordt uitgezonden, is Serie 2 uit 2011. Het lijkt qua aanpak en sfeer meer op het Australische oerconcept dan de Canadese uitvoering, die mij zwaar tegenviel. Toen wij in 2006 Nieuw-Zeeland aandeden na drie maanden door Australië te hebben gereisd, duurde het even voordat wij onze draai vonden in het land van de Kiwi’s. Het scheelde weinig of we hadden het voortijdig verlaten en dat zou erg jammer zijn geweest want qua natuur zijn de eilanden onovertroffen. We hadden moeite met de Nieuw-Zeelanders die wij veel minder aardig vonden dan hun Down Under-buren. Nergens een praatje, nooit een grap, een medeweggebruiker stak zelfs zijn middelvinger naar mij op; dat maakten wij met de Ozzies niet mee. Misschien heeft het te maken met hun schaap:mens-ratio (7:1)?

Bij Masterchef Nieuw-Zeeland zijn mijn favorieten: 1) tough cookie Jax Hamilton, een vrouw met Jamaïcaanse wortels, bij wie de eerste grijze haren verschenen tijdens haar deelname aan het kookprogramma. 2) softie Nadia Lim, de diëtiste die werd geboren in Kuala Lumpur, met veel verstand van voeding en smaken. Ik vrees dat het weer een snel rondje wordt: twee weken geleden aanschouwde ik de selectie van 25 kandidaten, inmiddels belandden we bij de Top4 aan. Resterende kandidaten zijn Stu, Tracy-Lee, Jax en Nadia. Volgende week is finaleweek die zich (deels) zal afspelen in… Melbourne, Australië. Opmerkelijk, gezien de relatie tussen beide landen!

Ik keek met veel belangstelling naar de uitzending waarin de Nieuw-Zeelandse chefkok Peter Gordon zijn opwachting maakte. Gordon is grondlegger van de fusion-keuken in Nieuw-Zeeland. Hij heeft zowel restaurants in zijn geboorteland als in Australië en het Verenigd Koninkrijk. Gordon is groot liefhebber van de Spaanse keuken en dat is te zien aan de namen van zijn restaurants: Tapa Room (Londen) en Bellota Bar (Auckland). Voor hem is Spanje culinair wereldleider. Hij heeft grote waardering voor de combinatie van recht-toe-recht-aan en pittig en voor de spannende mix van traditioneel en modern. Een beetje foodie zal dat beamen. 

Wie kent de Catalaanse keukentovernaar Ferran Adrià niet? Hij was degene die de moleculaire gastronomie wereldwijd op de kaart zette. Zijn uitspraak de echte revolutie komt als wetenschappers en koks samenwerkenspreekt boekdelen. Zijn restaurant elBulli in Rosas was jarenlang het beste restaurant ter wereld. Het beste restaurant van nu bevindt zich eveneens in Spanje: El Celler de Can Roca (Girona). Een onderzoek onder Nederlandse Michelin-sterrenkoks wees deze week uit dat Barcelona hun culinaire topbestemming is, gevolgd door San Sebastian. ¡Viva España, Spain rocks!

Chefs Adrià en Roca waren juryleden tijdens de zinderende finale van Masterchef España 2015 (30 juni) die ik via de iPad app volgde. De Spaanse serie werd gedurende drie maanden elke dinsdagavond vanaf half twaalf 's avonds uitgezonden. Zelf bleef ik niet op voor de live-uitzending, het paste niet in mijn tropenrooster. Elke uitzending had gemiddeld 3.000.000 kijkers dus ook hier leeft het programma. Ik zal niet verklappen wie won, voor het geval deze jaargang later op de Nederlandse tv zal verschijnen. De winnaar zegevierde met een driegangenmenu van calamaris op een inktbroodje, merluza op lage temperatuur gegaard met zwarte knoflook en ei, brioche met bosvruchten. Dat klinkt eenvoudig maar het was technisch zeer hoogstaand.

In de genoemde episode van Masterchef New Zealand moesten de kandidaten vier typisch Spaanse tapasgerechten bereiden. De jongste kandidaat Michael (18) was van mening dat Spanje in Zuid-Amerika ligt. Qua temperaturen zou je het denken. Die opdracht ging hem ver boven zijn pet, hij koos de verkeerde ingrediënten. De juryleden waren 'underwhelmed', een niet te vertalen woord... Een goede term voor eten zonder wow-factor. ij


donderdag 31 januari 2013

Bintangberichten – deel 3

In januari 2010 figureerden wij in een staatsieportret. Dat portret kwam tot stand in het Noorden van Bali, na de inwijdingsceremonie van onze villa aldaar. Die ceremonie heet 'Melaspasin' en houdt in dat het huis en de huistempel worden ingewijd, onder bezielende leiding van een Hindoeïstische heilige. Voor ons beiden werd het een lange, indrukwekkende dag. Ik las het verslag onlangs nog eens (zie blog Melaspasin).

Als je naar de foto van toen kijkt, valt een aantal dingen op. Staatsieportret en 'Oranje Boven' gaan goed samen! Vervolgens het korte haar op het magere koppie van mijn liefje. Het haar dat zij toentertijd miste, lijkt op mijn hoofd te zijn bijgeplant. Ik zie eruit als een vogelverschrikker. Aangezien mijn liefje een maand ervoor de laatste chemokuur kreeg toegediend in Spanje en in Bali was om aan te sterken, was het aan mij om de vereiste ceremoniële verplichtingen namens de familie uit te voeren. In de bloedhitte.

Vanzelfsprekend waren we in ceremoniële kleding. Op het staatsieportret staan Elsa, Ketut en hun drieenhalf jarige zoon Yudha tussen ons in. Wij met een gulle lach op ons gezicht, zij zonder. Het ontbloten van de tanden op een foto wordt als ongepast beschouwd.
Die foto hangt sindsdien pontificaal in hun huis. Om precies te zijn: boven hun bank. We lieten de afdruk inlijsten en deden 'm kado bij de inwijding van hun huis, niet veel later. Tijdens onze afwezigheid werd Yudha dagelijks onder de foto 'overhoord': wie is wie? Toen wij in juni van dat jaar naar Bali terugkeerden, wist hij ons nog feilloos uit elkaar te houden.

Onlangs maakte ik een nieuwe foto met de zelfontspanner. Niet op het terras van de eigen villa maar in de tuin van het huis dat wij tijdelijk huren, in Gang Bintang. Het werd een foto met een andere uitstraling. Zoek de verschillen!

Ook op die hernieuwde foto valt een aantal dingen op: allereerst het feit dat daarop zes mensen staan. De kleine Damai, die volgende maand twee jaar wordt, volgde in de afgelopen jaren dezelfde cursus als zijn grote broer: wie is wie op de foto? Hij vroeg zijn moeder regelmatig waarom hijzelf niet op de foto staat. Onze namen hebben nu ook voor hem geen geheimen meer al verhaspelt hij de mijne tot een langgerekte keelklank. De mannetjes brachten hun pluche vriendjes mee: beertje Pino is van Yudha, Pinguïn werd van Damai. Onze Euraziatische familie bestaat uit (tenminste) acht wezens!

Met Ketut en Elsa maakten wij veel mee en dat schiep een band. Met hen persoonlijk beleefden wij vooral hoogtepunten al gaven ze ons als personeel ook weleens kopzorgen. Toen wij op een bepaald moment in Bali buiten onze schuld in problemen raakten, steunden zij ons waar zij konden. Onlangs sprak ik hier met buurman Tom die een vergelijkbare relatie heeft met zijn manager Putu. Hij zei mij dat hij Bali al jaren geleden zou hebben verlaten als hij niet, net als wij, zo’n lokaal maatje zou hebben gehad. Ik schreef het enkele keren eerder: als Westerling wonen in een land waarin velen veel minder of zelfs niets hebben, is geen sinecure...
De beide zonen van Elsa & Ketut verschaften ons altijd plezier door hun aanwezigheid. Het contact met hen hield ons jong en was goed voor mijn Indonesische taalbeheersing. De band die we met hen allen hebben, zal in de toekomst wellicht minder innig worden en van karakter veranderen maar ik koester de herinneringen.

Ik nodigde iedereen direct uit voor de groepsfoto; er hing namelijk een zware regenwolk boven het huis. We zitten hier nog middenin het regenseizoen. Ik stelde de zelfontspanner van de camera in en vloog van het terras naar de tuin, nog net tijd hebbend om mijn ruime shorts op te halen. 
Het is opmerkelijk dat we allemaal in de camera kijken en allemaal met een lach op het gezicht staan. Ketut toont zelfs zijn tanden. Het werd een ander portret: moderner, minder traditioneel, vrijer. Dat past bij de relatie van nu, denk ik. Mijn liefje staat met flinke wallen op de foto. Het was namelijk zaterdagnamiddag, we nuttigden een lunch met wijn bij Spice Beach Club Lovina en waren zojuist aan een korte siësta begonnen... totdat ik de stem van Yudha door de Biersteeg hoorde schallen. Wat tenslotte opvalt, is dat onze huidskleur niet onderdoet voor die van de Balinezen. Iedereen is verguld met deze foto; zelfs Damai kan zijn ogen er niet van afhouden, volgens zijn moeder. De foto gaat op twee continenten boven de bank!


zaterdag 21 augustus 2010

Girl Power - deel 2

In augustus 2008 schreef ik voor de eerste keer een blog met de titel 'Girl Power'.
Het ging toen onder andere over mijn beste vriendin Nelly die op indrukwekkende wijze met de gevolgen van haar levensbedreigende ziekte omging. En het ging over andere sterke vrouwen die op dat moment in de Nederlandse publiciteit waren. Dit blog heeft eenzelfde onderwerp maar een geheel andere invalshoek.

Op 29 januari jongstleden vond onze Melaspasin plaats, de Balinese inwijdingsceremonie van ons huis en de omliggende grond. Die procedure volgden wij allereerst om onze hindoeïstische personeelsleden op hun gemak te stellen: hun nieuwe werkomgeving moet volgens hun religie ceremonieel en ritueel worden ingewijd voordat ze er in alle rust kunnen werken. Het komt erop neer dat eventuele boze geesten uit gebouwen en tuin moeten worden verjaagd en dat goede geesten op het perceel worden verwelkomd.
Die ceremonie vond plaats onder begeleiding van een Brahmin (Balinese priester of heilige) uit het dorp waarin wij wonen. Aan het einde van de ceremonie deelde hij ons officieel mede welke god in onze huistempel vertoeft. Hem was dat tijdens de ceremonie 'van hogerhand doorgegeven'. In ons geval bleek het geen god maar een godin te zijn die bij ons onderdak vond. Zij heet Jero Wayan Buana Sari Manik Geni: Jeró = geliefd, Wayan = eigennaam, Buana = wereldbol, Sari = prinses, Manik = kraal, Geni = van goede familie.

Recent was er weer contact tussen ons personeel en de Brahmin over het wel of niet houden van een zesmaandenceremonie op ons land. Mijn liefje en ik besloten het niet te doen; het geld voor deze maand is schoon op. Volgend jaar gaan we opnieuw bezien. “Geen probleem”. Al komt de priester deze maand dan weliswaar niet over de vloer, hij had ons wel het een en ander te vertellen. Hierbij een verslag maar eerst ter verduidelijking een korte inleiding.

Naast ons ligt nog een vrij stuk land waarin een Hollandse koper interesse bleek te hebben. Die toekomstige buurman en diens plaatselijke zakenpartner waren begin van dit jaar ten onrechte van mening dat; 1) wij moesten opdraaien voor de wateroverlast die zijzelf met hun bouwvoorbereidingen aan achterliggende velden, aan ons en onze buren hadden veroorzaakt; 2) wij een taartpunt van onze tuin moesten afstaan ten faveure van hun 'snode' bouwplannen. Hij moest en zou over 60 meter beachfront beschikken en wij moesten inschikken... Elayne Boosler, Amerikaanse cabaretière, zei ooit: 'When women are depressed they either eat or go shopping. Men invade another country'.
De wateroverlast in de plaatselijke druiven- en rijstvelden en rondom de villa's escaleerde en op dat moment bleef het oorverdovend stil bij de tot dan toe luide buur. Na veel telefonisch overleg vanuit Spanje met onze tussenpersoon in Nederland, gaven wij groen licht voor actie teneinde erger te voorkomen. Er werd dus een belendend afwateringskanaaltje aangelegd en de tegenpartij ging een deel van onze tuinmuur afbreken.

De persoon die het afbraakwerk aan onze muur deed, werd kort daarop getroffen door verlamming aan één zijde van zijn lichaam. Hij leed en kon niet meer lopen. Hij lag ruim een week in het ziekenhuis van Singaraja, zonder enige vooruitgang in zijn fysieke gesteldheid.

De Brahmin legde uit dat hij een verband ziet tussen de onrechtmatige daad en het ongeluk dat de man overkwam. De getroffene, een gelovige Hindoe uit hetzelfde dorp, realiseerde zich na verloop van tijd dat hij de godin van ons landgoed diep had geriefd. Hij keerde kort daarop naar onze huistempel terug met een goedgevulde offermand. Na gebed en geoffer kon hij nog diezelfde week lopen... Ons personeel noemt het 'een wonder'. Zij, gelovige Hindoes, waren en zijn diep onder de indruk.
Al ben ik een ongelovige, er stond kippevel op mijn armen bij het aanhoren van het verhaal.

De priester is ervan overtuigd dat er een sterk verbond heerst op ons landgoed. Immers: de godin in onze huistempel is een vrouw, wij zijn twee vrouwen, het beeld in onze tuin is van Dewi Tara. Zij wordt de Moeder van alle Boeddha's, de Moeder van Compassie genoemd en is toonbeeld van zuiverheid en waarheid. Dat alles wist ik niet toen we haar aanschaften. Wat ik inmiddels wel weet, is dat de Balinese maatschappij niet zoveel boodschap heeft aan vrouwen, al zijn zij het doorgaans die de economie en het familieleven draaiende houden. Tja.

Volgens de brahmin ziet onze toekomst er zonnig uit... Nu vind ik sowieso dat we onze portie problemen al ruimschoots kregen maar voor wie het gelooft, is dat een pak van het hart. Ook als je het Hindoegeloof niet aanhangt, klinkt die boodschap positief. Maar waakzaamheid blijft geboden. Eén ding werd mij duidelijk: de huisgodin laat niet met zich sollen!


vrijdag 29 januari 2010

Melaspasin

Wat een dag! De inwijdingsceremonie voor ons huis en de huistempel zou vandaag van 8 uur 's ochtends tot 12 uur 's middags duren. De dag was gekozen vanwege volle maan. Het is bij deze ceremonie gebruikelijk dat alle familieleden van het personeel daarbij aanwezig zijn. Onze tuinman, beveiligingsman en kokkie brachten hun kinderen dan ook mee. Wij hadden echter ook enkele buren en hun personeel uitgenodigd.

De eerste personen en hun offermandjes kwamen rond 7:30 uur in een volgeladen truck onze oprijlaan oprijden. Het huis en de tuin werden aangekleed met offerandes. Er kwamen symbolen aan de poort, aan de voordeur, de eettafel in de kamer werd beladen met creatieve fruittorens, de levende kip, de eend en het biggetje werden in de tuin geïntroduceerd en nog veel meer. En we legden de jongste Balineesjes te rusten in onze slaapkamer.

Om elf uur wachtten we nog steeds op de komst van de heilige man. Het deed mij een beetje denken als Sinterklaas in kindertijd. De goede man bleek een eerdere ceremonie te begeleiden die uitliep. Iedereen had dus al gegeten en gedronken toen hij arriveerde. Iedereen letterlijk, sommigen ook nog figuurlijk... De vroege lunch bestond uit een goed gevulde puntzak met pittige nasi campur en een flesje water, van de warung om de hoek. Zo profiteert iedereen mee. Dat hapje was culinair gesproken niet het hoogtepunt van de dag. Dat was zonder enige twijfel de 'babi guling', het aan het spit gegrilde, krokante speenvarken. Het varken dat druipend onze oprijlaan opkwam, bleek echter zo speen niet meer. Het verklaarde de kosten van het ceremonie-onderdeel. We waren op voorhand gewaarschuwd: “laat het dier vooral niet je huis binnen... je krijgt het vet niet meer uit de -roomwitte- vloer”. De carport was dan ook de plek waar de lekkernij werd neergelegd, op een op voorhand gereedstaande kartonnen doos. Een gewaarschuwd mens telt immers voor twee.
Ook het varken werd ceremonieel aangekleed en kreeg als klap op de vuurpijl een portie witte rijst in kokosnootblad in het achtereind gestoken. Dat moet een beetje hebben gevoeld als ikzelf in mijn sarong... Het zweet stond direct na douchen al op mijn bovenlip, bij het omwikkelen van de doek. Eerder kregen mijn liefje en ik een tip van Elsa, onze kokkie: als je de sarong om je lichaam vouwt, moet je met de benen wijd gaan staan. Zo heb je nog enigszins loopruimte. Desalniettemin voelde ik mij een misplaatste geisha. Maar ja, alles voor het goede doel.

Toen de holy man arriveerde, bleek hij een aardige man met een kekke bril te zijn. Hij begon voortvarend: na instudering van onze voornamen, konden de gebeden tot de goden beginnen. Het was een warme dag en van de weeromstuit had ik 's ochtends vergeten zonnecrème te smeren. Dat heb ik geweten! Ik zit dit nu dan ook te typen met een knalrood hoofd, pijnlijke wallen en konen. Als ik rare dingen uitsla, komt dat ongetwijfeld door de zonnesteek die ik vandaag opliep.

Het werd een authentieke, traditionele ceremonie. De grootmoeder van tuinman Ketut was de vrouw die namens de heilige man veel ceremoniële taken verrichtte. Ze is een jaar of 70, met een getaand gezicht en één tand in haar mond. Zij was de gehele dag kwiek in de weer. Ik had met haar te doen als ze weer eens opkrabbelde van het lange gehurkt zitten en gebukt staan. Bovendien voelde ik letterlijk met haar mee: het was vooral aan mij om ons Westerse familietje te vertegenwoordigen tijdens deze Balinese ceremonie. Mijn liefje is dan weliswaar behoorlijk fit maar langdurig hurken, offerandes op het hoofd dragen, in de volle zon meebidden, drie keer hameren op de 23 pilaren op het terrein (met de hamer uit mijn vaders oude gereedschapskist!), knabbelen aan het krokante korstje van het varken, liet zij -terecht- aan de jongste van de familie over. Sommige onderdelen waren niet eenvoudig maar ik werd vaak geholpen door Ketut, de schat van een echtgenoot van Elsa. Mijn oksels klotsten en mijn kebaja werd drijfnat.

Zo werd het half drie. Ons huis, de tuin en de omliggende gebouwen zijn nu ritueel gereinigd en gezegend. Morgen breken hier nieuwe tijden aan. We weten inmiddels ook welke god hier huist al kan ik de Balinese naam niet reproduceren. Ik weet wel dat 'hij' iets te maken heeft met vers vruchtensap, juwelen en vuur. Voortaan zullen wij eenmaal per jaar als bewoners en personeel een eend moeten offeren... (Het was sowieso goed dat er vandaag niemand van de Partij voor de Dieren aanwezig was.)
De organisatoren van de dag en onze personeelsleden gingen met zakken vol offerandes huiswaarts. Het zij ze van harte gegund. Wij zijn heel tevreden met de ervaring als aandenken. Voorlopig heb ik een lopende diashow van onze Melaspasin op mijn blog staan. Nu eerst lekker slapen en morgen fris weer op.


woensdag 20 januari 2010

De pijp van M.

Wat is dat toch met Balinese maandagen? Die waren tot nu toe stuk voor stuk moeizame dagen waarop niets liep zoals dat zou moeten. De maandag van deze week doet een greep naar een top3-positie... Lees en huiver.

Terwijl ik naar Singaraja ging voor boodschappen, bleef mijn liefje in de villa om daar de scepter te zwaaien. Dat werd (bijna) meer dan zij kon behappen. Sinds twee weken weten we dat we ter linkerzijde een nieuwe Hollandse buur krijgen. Door omstandigheden gaat hij gebruik maken van een andere weg dan de bestaande die achter de villa's ligt. Hij kocht daarvoor een extra stukje land, huurde vrachtwagens, zand, stenen en veel Balinezen in. Het werk kon beginnen. Nu is het zo dat op de plek van de nieuw geplande weg waterafvoerpijpen liggen van onze buren en van ons die het regenwater uit de goten rondom ons huis afvoeren. Als er niets zou worden gedaan, zou die afwatering accuut problematisch worden. Die pijpen moesten dus worden verlengd, tot voorbij de nieuwe weg.
We hadden het probleem zelf een dag eerder ontdekt en hadden de werkmannen stante pede gesommeerd te stoppen met hun voortvarende werk om tijd te hebben voor overleg over een oplossing. Aldus geschiedde. Onze pijp zou 's ochtends vroeg worden verlengd door onze loodgieter. De man die een aantal lekkages veroorzaakte en -nauwelijks- oploste. Op de bewuste maandagochtend arriveerde hij uren te laat en zonder verlengstuk. En de vrachtwagens met zand alsmede tien Balinese bouwvakkers werkten hard door. Het vertraagde verlengstuk met T-stuk werd tenslotte geplaatst en de loodgieter zou toezien op de afdekking. Jaja. Dat dachten we. Meneer ging eerst eten... De pijp was dermate ongemakkelijk geplaatst dat wij vreesden dat die onder het gewicht van zand, stenen en vrachtwagens zou kunnen bezwijken. Mijn liefje -Tom Poes, die een list verzon- bedacht een stutconstructie met stenen, modder en bamboe die snel door eigen personeel werd aangebracht. Het was een race tegen de klok: de volle vrachtwagens en de Balinezen naderden met rasse schreden! Na enkele uren slaakten we een zucht van verlichting. De pijp van M. lag goed.

Maar dat was niet alles: de afgevaardigde van het electriciteitsbedrijf kwam deze week langs. Op onze laan gebruiken we tot nu toe bouwstroom. De definitieve stroom zou al maanden geleden moeten zijn aangesloten. Dat lijkt nu te gaan gebeuren. Een ambtenaar van het bedrijf kwam langs om onze contactpunten te inventariseren. Mijn liefje moest hard onderhandelen om de onder handen zijnde luchtverplaatsers (fans) goedgekeurd te krijgen maar kreeg niet vooral elkaar dat we de entreelamp mochten plaatsen: aan het einde van de electriciteitsdraad zat (nog) geen peertje dus het was geen lichtpunt... Een star standpunt... Iets vergelijkbaars gold ook voor de lichtpunten die wij niet wilden gebruiken en voor de stopcontacten die per abuis aan de buitengevel waren geplaatst in plaats van in de huiskamer. Ik moest het verhaal drie keer horen om het te begrijpen... maar ik begrijp het nog steeds niet. “Wij zijn toch degenen die de electriciteitsrekening moeten betalen?!” Zo simpel is het hier echter niet. We moeten nu een aantal weken wachten voordat we mogen ingrijpen in het lichtplan. De schelpenlampen die wel mochten worden opgehangen, hangen echter prachtig (zie diashow). We traden ruim buiten ons lichtbudget maar zo ging het eigenlijk altijd in onze voorgaande huizen. Mea culpa, ik ben een lichtfreak!

Vandaag voerden wij overleg over Melaspasin, de inwijdingsceremonie voor ons huis. Die is nu gepland voor volgende week vrijdag: bij volle maan. De moeder en grootmoeder van onze tuinman Ketut, echte Banjarezen, kwamen op bezoek en stelden ons voor de ceremonie voor te bereiden en te organiseren. Zij gaan offerandes maken, de 'holy man' uit het dorp komt de ceremonie begeleiden, de tempel wordt aangekleed, het huis wordt versierd, ons personeel met familie en de buren zullen de ceremonie bijwonen en er wordt speenvarken voor iedereen bereid. Babi kuling. (Voor de meesten bezoekers hét hoogtepunt van de dag!) De ceremonie begint naar verluid om 8 uur 's ochtends en zal uiterlijk om 12:00 uur eindigen. Wij gaan de komende dagen naar de kleermaker in Seririt om ons ceremonieel te laten aankleden. 'Never a dull moment'.
Wordt vervolgd!


donderdag 23 juli 2009

Reiskriebels

Ken je het? Dat gevoel dat opkomt bij het zien van een reisprogramma, van aansprekende verre oorden? Ik krijg die kriebels al als ik naar de etappes van de Tour de France kijk die op dit moment wordt verreden. De glooiende velden, de vergezichten, het afwisselende landschap, de Franse klanken. Het gekke is dat Frankrijk bepaald geen 'terra incognita' is voor mij. We gingen er jarenlang met veel plezier op vakantie. Toch voel ik reiskriebels.
Ik voel een diep behoefte om op reis te zijn. Om constant op reis te zijn, eerlijk gezegd. De vrijheid die ik voel als ik onderweg ben... er is weinig mooier dan dat voor mij. Sommigen menen dat het voortkomt uit een behoefte om te vluchten uit het hier en nu. Dat het vooral wordt gevoeld door rusteloze mensen. Zelf ben ik van mening dat je niet kunt vluchten voor dingen of personen in je leven. Je neemt er weliswaar geografisch afstand van maar 'het' zal altijd met je meereizen.
Reizen is ook geen zoektocht naar mijzelf; die denk ik al te hebben gevonden. Noch is het een zoeken naar betekenis in het leven. Ik weet inmiddels waarom ik 's ochtends opsta: om het leven zelf, in goede en slechte tijden. En om weer in de ogen van mijn liefje te kunnen kijken. Dat geeft betekenis aan mijn leven. Ooit las ik de volgende zin in een reisboek: 'Life is not measured by the breath we take but by the moments that take our breath away'. Dat vat het goed samen.

Reizen is bovendien leerzaam en vormend, al merk je dat vaak pas achteraf. Zo vroeg ik mij eens af op de amechtigste hotelkamer ooit in het uiterste Noorden van Vietnam, tegen de Chinese grens, -zonder ramen bij 4° Celsius, douchekop hangend boven een vieze toilet, geen handdoeken- wat ik daar in hemelsnaam te zoeken had?! Op de foto zijn ook de lokaal aangeschafte 100% synthetische skijassen te zien die ons warm moesten krijgen. Made in China. Ik weet het inmiddels: het was een ijkpunt, een dalervaring. Alles beter dan dat valt nu mee, zo ervoer ik in Marokko in april van dit jaar.

Reizen is als een verslaving zonder (al te) nare bijwerkingen. De reiskriebels worden sterker naarmate de recentste reis langer geleden is. Het goede nieuws is dat de volgende reizen alweer voor de deur staan: eerst een korte reis naar Zuid-Spanje om orka's te zien, daarna voor lange tijd naar Bali. Daar we Bali al een aantal keren bezochten, is ook dit godeneiland geen onbekend terrein meer. We gaan er echter heel nieuwe ervaringen opdoen: de officiële oplevering van het huis doen met Willem de bouwopzichter, ons nieuwe 'thuis' inrichten, de tropische tuin aanleggen, kennis maken met onze Belgische buren Tom en Wendy. En niet te vergeten: een huistempel kiezen en de inwijdingsceremonie voor het huis plannen en organiseren met ons Balinese personeel. 'Urip-Urip' is de ceremonie waarmee de (huis)tempel tot leven wordt gebracht en 'Melaspasin' houdt in dat het perceel wordt geschoond van boze geesten zodat alle bewoners er een goed leven kunnen leiden. Het zijn deze keer reiskriebels met een dubbele bodem want we gaan (ver) weg maar komen toch thuis.

De dag waarop wij op Bali zullen aankomen, valt samen met de verjaardag van Yudha. Hij is het zoontje van Elsa, onze aanstaande Balinese huishoudster die op 1 augustus formeel aan haar baan bij ons begint. Yudha is een lieflijk, slim mannetje dat zijn tweede verjaardag gaat vieren (inshallah). We hebben in Spanje enkele leerzame en praktische kadootjes voor hem gekocht. Zo kunnen wij, kinderlozen, toch een beetje voor oma spelen. Wij verheugen ons erop hen weer te zien.
Voordat wij Bali verlieten eerder dit jaar, creëerde ik een emailadres voor Elsa zodat wij contact konden houden. Het pakte uit zoals ik had gehoopt: af en toe komt er een teken van leven. Ik stelde in een recente mail voor het verjaardagsfeest van Yudha bij ons te vieren. Elsa zou sowieso in ons huis aanwezig zijn en waarom zouden we het Balinese welkomscomité niet uitbreiden en een feestelijk tintje geven? Dat idee viel in goede aarde. “And for Yudha it's good Idea. I will prepare favorite your food, if i'm not wrong your favorite food is sate, i hope still that. But if you have the other favorite food you must tell me, i prepare for you.” Ons welkomsmaal wordt dus saté mèt... dat wil zeggen: met een portie (voorlopig) gekalmeerde reiskriebels!


zaterdag 13 december 2008

De chauffeur van Bill Gates

Gisteren waren we aanwezig bij de religieuze inwijdingsceremonie van het nieuwe huis van Theo, Marja en Zoë. 'Urip-Urip' en 'Melaspasin' zijn de Balinese namen die worden gebruikt voor de inwijding van een nieuw huis. Urip-Urip houdt in dat de (huis)tempels tot leven worden gebracht en Melaspasin betekent dat het perceel wordt geschoond van boze geesten, zodat de bewoners een goed leven kunnen leiden.
Dit is hun tweede huis, dus hun tweede ceremonie maar mijn liefje en ik hadden er nog nooit een meegemaakt. De ceremonie was op die dag gekozen omdat het volle maan was, zou 's ochtends om 7 uur beginnen en tot circa 14:00 uur voortduren. Het is een huis op een groot stuk land dat zowel aan het strand als aan de rijstvelden grenst dus er was een lange ceremonie nodig, had de priester beslist.

De huiseigenaren hadden voor deze ceremonie besloten alleen het personeel met hun familie uit te nodigen. Er waren ongeveer 25 Balinezen aanwezig. En wij. Eerder hadden wij twee sarongs aangeschaft voor bezoek aan de tempels (en als alternatieve autostoelbekleding, moet ik eerlijk bekennen).
We wilden onze villa uitlopen in onze gewaden toen wij door Putu werden teruggeroepen: er moest nog een soort sjerp omheen. Gelukkig hadden we twee kleurrijke Hermès-sjaals die wij tijdens de winterkou van Londen om onze nek hadden gedragen. Opgerold voldeden ze en daarna mochten wij gaan.
De tuinman vond ons er mooi uitzien en Putu noemde ons 'Balinese girls' dus we liepen niet helemaal voor jana-met-de- korte-achternaam. Al liep het lastig: met de wikkelrok kon ik immers niet mijn gebruikelijke ruime passen maken! Voor onze eigen inwijdingsceremonie volgend jaar, zullen wij op zoek gaan naar heuse ceremoniekleding. En op looples gaan bij Balinese dames zodat ook wij er elegant gaan uitzien.

De ceremonie was al in volle gang toen wij aankwamen: er werd als in processie om het huis gelopen en niet veel later na aankomst werden de speenvarkens van het spit aangesneden. Ze hadden langdurig aan de gril gehangen. Ik keek in de richting van een van de varkens en de eerste titel voor een weblog schoot mij te binnen: 'Stuffed!' Ik kwam namelijk van achteren op het varken aangelopen en zag dat het dier was gevuld met nasi putih, witte rijst. Gebleekte rear ends zijn ook in het Westen inmiddels een modeverschijnsel. Zouden ze het van ons hebben?!
Met een haarscherp mes werd eerst de kop van het varken gesneden. Dat verdween in zijn geheel in de eerste plastic tas. Vast voor een liefhebber van zure zult. Vervolgens werden het hart en de lever uitgesneden en aan de priester en de burgemeester van het dorp aangeboden, de twee hoogwaardigheidsbekleders die deze ceremonie bijwoonden.
Toen wij aan Putu vertelden dat wij deze ceremonie gingen bijwonen, was haar eerste reactie: 'O, babi guling!' Voor de gever het ultieme offer. Voor de Balinees het vooruitzicht een stukje van de krokante korst van het speenvarken te kunnen eten dat lang aan het spit heeft gehangen. 'Enak sekali' (heel lekker)!
Ik zag vele handen om een stukje van de korst vragen. Iedere aanwezige kreeg tevens een doos overhandigd met daarin witte rijst, mie, groenten, een satestokje en nog wat ander vlees. En een beker water. Het eten was pittig en smaakte goed.

Na de maaltijd werd er even rust genomen. Daarna werd de ceremonie voortgezet rondom de tweede tempel, deze keer achter het huis. Wij schaarden ons achter de priester. Er werd gezamenlijk gebeden, offerandes werden om de tempel gedragen, er werd heilig water gesprenkeld, de tijdelijke tempel werd verwijderd en de definitieve werd ingewijd. Wij deden mee, zo goed als wij konden. We kregen de indruk dat er onderling soms wat onduidelijkheid ontstond over de te volgen stappen maar de priester was een goede dirigent. We kregen rijstkorrels op ons voorhoofd gedrukt. inmiddels viel er een zuiverende regenbui.


En nog was het einde van de ceremonie niet in zicht want ook het interieur en de pilaren van het huis moesten worden ingewijd: er werden geelkleurige koorden om de pilaren gebonden, met vlechtwerk daaraan. Een Balinese ceremonie aangepast aan Europese omstandigheden. (Want hoeveel pilaren heeft een doorsnee Balinees huis?) Ik begrijp dat de versierselen er zo lang mogelijk moeten blijven hangen. Ze mogen in ieder geval niet opzettelijk worden verwijderd.
Op de tafel in het (open) woongedeelte stonden prachtige handgevlochten manden met fruit, bloemen en gekleurde rijst die door mensen uit het dorp van Komang, hun chauffeur en de organisator van deze inwijdingsceremonie, waren gemaakt. Theo, Marja en Zoë werden besprenkeld, moesten het water ook drinken; dat gold ook voor hun personeel. Om 2 uur precies kwam de ceremonie ten einde. Het is mooi om te zien hoe zoiets belangrijks toch zo luchtig en met plezier kan plaatsvinden.

Wij bleven nog even na voor een praatje en een drankje. De mooi versierde tafel was in een mum van tijd ontdaan van al het eetbare dat in grote, plastic zakken verdween. Wij vroegen ons hardop af wat Balinezen zoal denken van die grote huizen, de enorme lappen grond, de luxe van dat alles. Zeker als je weet dat zij vaak met zo weinig tevreden (moeten) zijn. We weten inmiddels dat veel Balinezen klein behuisd zijn. Sommige personeelsleden delen een woning met elkaar, zeker als zij familie zijn. Voor een moeder met een aantal kinderen is er doorgaans niet meer dan één kamertje van een huis beschikbaar.
Theo kwam met de vergelijking: 'het moet zoiets zijn als de chauffeur van Bill Gates'... De werelden van beide mannen liggen zo ver uiteen... De chauffeur weet zo goed als zeker dat hij die andere wereld nooit zal betreden. Maar hij is wèl de chauffeur en dat telt! Een baan als personeel in een vakantievilla wordt hier als een goede baan gezien. En wij zijn blij met toegewijd en blij personeel.
Het was onze eerste inwijdingsceremonie en die zal ik niet licht vergeten. Zoals alles dat je voor het eerst doet. Ik kijk uit naar onze eigen ceremonie(s).
Ik heb foto's gemaakt die in het album zijn te zien.