Translate

dinsdag 6 oktober 2009

Bali is hot

Dat het op Bali, een van de Indonesische provinciën, heet kan zijn weet iedereen. Maar dat Bali ook hip is, bleek uit de kop boven een artikel in de reisbijlage van De Krant van Wakker Nederland. Nu behoort die krant geenszins tot mijn favoriete dagbladen maar als het over het geliefde hindoeïstische eiland gaat, ben ik bereid enkele principes aan de kant te schuiven. Ik las het enthousiaste artikel met toenemende trots. De ondertitel meldde 'veelzijdigheid' en 'bijzonder Indonesisch eiland'. Geen woord teveel, wat mij betreft. In de afgelopen dagen maakte KLM bekend dat zij driemaal per week rechtstreekse vluchten naar Bali gaat maken. 'Vanaf 6 december ligt Bali vanuit Amsterdam onder handbereik', aldus het artikel. Ik hoop dat het nieuws de reiskriebels van onze Nederlandse vrienden en familie zal stimuleren. Ik hoop niet dat dit het startsein is voor de komst van grote hordes Hollandse cultuurbarbaren.

In de afgelopen maanden werden mijn liefje en ik grotendeels in beslag genomen door ziekenhuisbezoeken en medische behandelingen. Er was weinig tijd en energie over voor andere grote dingen. Wij prijzen ons dan ook heel gelukkig met de ondersteuning die wij vanuit Bali krijgen van Frans, Lenie, Marijke en Willem. Als zij er toch niet zouden zijn?! Zuster Clivia merkte al eens op dat 'de toestand' van mijn liefje zonder hun hulp zwaarder op onze schouders zou drukken. Ik ben het daar volledig mee eens. Het valt namelijk niet mee op twee continentsborden tegelijk te spelen! (En er is maar één Ton Sijbrands...)

Nu wij de nieuwe vertrekdatum naar Bali hebben vastgelegd, speelt die plek en alles wat het representeert weer vaak in mijn gedachten. In onze gedachten. Op goede dagen 'betrap' ik mijn liefje er regelmatig op dat zij gelukzalig de recentste foto's van de bouw van ons huis bekijkt. Ook bij mij toveren die beelden een brede glimlach op het gezicht. Af en toe knijpen wij elkaar in de arm: mogen wij echt zo'n mooi stukje paradijs gaan bewonen..?
In de afgelopen weken gebeurde er van alles op 14.000 kilometer afstand. Zo was onze container met persoonlijke spullen in augustus jongstleden op transport gegaan naar Jakarta. Het containerschip kwam tijdens de ramadan in Indonesië aan. In verband met de nationale Suikerfeest-festiviteiten was er op dat moment niet veel actie te bespeuren bij de Javaanse douanebeambten en hun collega's. De inklaring en het vervoer van onze goederen naar Bali liet -mede door onze afwezigheid- langer op zich wachten. Maar weldra gaat het dan echt gebeuren: onze dozen zullen naar een afgebouwd, ingericht huis worden getransporteerd. Op dit moment is men druk doende de tuinpaden op het terrein aan te leggen zodat de vrachtwagenlading zonder problemen de achterdeur kan bereiken. Onze Balinese huishoudster Elsa kan daarna beginnen aan het uitpakken van de dozen.

Wij gaan wonen aan de 'Jalan Segara' van een plaatsje aan de Noord-Balinese kust. Segara betekent zee of oceaan en jalan betekent weg in Bahasa Indonesia maar het weidse wateroppervlak dat pal voor ons huis ligt, heet de Balizee dus we gaan wonen aan de Zeeweg. Op het terrein staan een hoofdgebouw, een gastenhuis, een carport en een bale bengong (een plek om te relaxen). Alles gebouwd naar goed Aziatisch ontwerp.
Er ligt een flinke lap tuin om het huis. Het Balinese gras in die tuin wordt sinds augustus verzorgd door tuinman Ketut (zie foto). In 'Elseviers Gids van Tropische Planten', een encyclopedie van tropische flora, kruisten wij inmiddels aan welke bomen, struiken en planten wij zoal in die tuin willen gaan zetten. Tot de selectie behoren de flamboyant, de franchipani, de Westindische amandelboom, de schroefpalm, de zeedruif, de reizigersboom en natuurlijk de vlinderstruik. Heel veel vlinderstruiken want er is plaats genoeg en bovendien zijn wij, we geven het ruiterlijk toe, vogel- en vlinderlokkers! Daarbij komt nog een aantal tropische fruitbomen: mango, banaan, tamarinde, mangostan, papaja, ramboetan. En doerian, niet te vergeten. Die vrucht zal ik in de toekomst wel in mijn eentje moeten verorberen... Ik krijg mijn liefje niet meer zo gek om 'onwelriekende sokken' te eten, zoals zij het uitdrukt!

Dat alles hopen wij tijdens ons eerstvolgende bezoek in gang te gaan zetten, in samenwerking met onze eigen tuinman. Hij is inmiddels op Engelse les, ik heb mijn Bahasa Indonesia-studieboeken weer tevoorschijn gehaald. Vanaf december aanstaande ligt dat letterlijk onder handbereik.



zaterdag 3 oktober 2009

Snorkelen met zuster Clivia

De bijwerkingen van de derde kuur op mijn liefje waren anders dan tijdens de vorige kuren: vermoeidheid, nachtelijke transpiratie, aanhoudende slapeloosheid en een laag energieniveau. “Chemo sloopt”, was haar oordeel na een zware nacht. De conditie loopt weliswaar achteruit maar als het even kan, wordt er gezwommen. Of liever gezegd: gedobberd met de Spaghetti Float. Dat doen wij niet meer in het (onverwarmde) zwembad maar nog wel in de Middellandse Zee die een temperatuur van rond de 24° Celsius heeft. Vandaag was een goede dag dus we gingen voor een uitje naar 'la playa'. Zelfs vissen waren blij haar weer te zien, enkelen sprongen voor onze neus wel een meter hoog uit het water! Hopelijk is dit het omslagpunt, gaat het hierna bergopwaarts tot de volgende (vierde) chemokuur op 13 oktober.
Zwemmen mag weer want de wond die onststond door het onderhuids plaatsen van de port-a-cath was voldoende genezen. Tijdens de operatie was gebruik gemaakt van oplosbare hechtingen. Het reservoir kan ongeveer 2000 keer worden aangeprikt zonder dat het membraan gaat lekken maar gelukkig blijft dat hoge aantal prikken haar bespaard.

Voor diegenen die zich in de afgelopen periode via de mail afvroegen of die catheter voor- of nadelen heeft voor een zwemgrage patiënte: “Nee, ze loopt niet vol tijdens het zwemmen. En ja, een snorkel kan rechtstreeks op het reservoir worden aangesloten. Ze heeft zo geen mondstuk nodig. Kan ze inderdaad nóg langer onder water blijven. Maar die foto's houden wij voor eigen gebruik! En zeker: ze kan straks zonder problemen door de veiligheidspoortjes van elke luchthaven gaan. Er zullen geen toeters en bellen gaan rinkelen”. Hoogstens zal haar hartje sneller slaan. Van opwinding, welteverstaan. Ik neem aan dat jullie vragen hiermee naar tevredenheid zijn beantwoord.

.


donderdag 1 oktober 2009

Borstkankermaand

De maand oktober werd 17 jaar geleden, met de introductie van het roze lintje door Evelyn H. Lauder (van de Estée Lauder Companies), wereldwijd verkozen tot borstkankermaand. Jaarlijks worden wereldwijd 1 miljoen vrouwen getroffen door deze ziekte. In Spanje en Nederland krijgt 1 op elke 8 vrouwen in haar leven borstkanker.

De Spaanse equivalent van de Nederlandse KWF Kankerbestrijding is de AECC, Asociación Española Contra el Cáncer, die in 1953 werd opgericht.
Dit jaar worden op 18 oktober grote benefietavonden georganiseerd in Madrid, Barcelona en Gran Canaria en op diezelfde avond zullen sponsorbedrijven door het hele land roze kleuren. De roze lintjes ('lazos rosas' in het Spaans) zullen weer bij vele apotheken in Spanje te koop zijn, voor het goede doel. Het logo dat de AECC specifiek ontwikkelde voor haar programma tegen borstkanker spreekt mij erg aan; de bijbehorende slogan is 'Mucho x Vivir'. Ik vertaal dat met 'veel om voor te leven'. Dat alles straalt hoop uit en daar heb je wat aan als patiënte. In de afgelopen weken bedacht ik mij tijdens elk ziekenhuisbezoek hoeveel mijn liefje en ik hebben om voor te leven. Haar behandeling is immers preventief. Hoe anders zou dat gevoel zijn bij uitzaaiingen of bij de diagnose 'ongeneeslijk'...

Tijdens ons recente bezoek gingen wij na de bloedprik een kopje koffie met een broodje nuttigen in het restaurant, in afwachting van de bloedwaardenuitslag. Daar zag ik ook de Spaanse vrouw met glitterhoofddoek die zich na ons op de afdeling Oncologie had aangemeld. Ook zij bleek voor een chemo-dagbehandeling te komen. De eerste indruk die de vrouw op mij maakte was er een van kwetsbaarheid en verdriet. Ik zag dat er nauwelijks contact was tussen haar en de man die haar vergezelde. Ik observeerde haar van enige afstand. Zij las in de plaatselijke krant terwijl ze langzaam een croissantje nuttigde. Ze sloeg weer een bladzijde om en kwam op de pagina met loterijnummers. Spanjaarden doen graag mee aan loterijen en er zijn vaak heel grote prijzen te winnen. Ze opende haar handtas, nam er een lot uit en vergeleek de cijfers. Terwijl ze keek, bleef haar uitdrukking onverstoorbaar. Ik trok daaruit de conclusie dat zij kennelijk niet tot de prijswinnaars behoorde. Ik had haar graag de hoofdprijs gegund: daarmee had zij wellicht (weer?) iets om voor te leven. Maar liever nog wens ik haar een goede gezondheid toe!

In de afgelopen week keken mijn liefje en ik regelmatig op de reserveringssite van de vliegmaatschappij waarmee wij in augustus jongstleden naar Bali zouden zijn gereisd. Het pakte anders uit. De reis werd tot nadere orde uitgesteld, de tickets waren 'slapend'. Tot medio december waren er nog stoelen beschikbaar maar rond Kerst en Oud & Nieuw begon de spoeling zo langzamerhand dunner te worden.

Tijdens het ziekenhuisconsult bij Dr Brugarolas eerder deze week deed mijn liefje de oncoloog een voorstel dat hij wel of niet kon weigeren: als zij voor de laatste twee chemo's nu eens een dagje eerder zou kunnen komen. Dan zouden er na de laatste kuur genoeg dagen resteren voor een gedegen medische controle achteraf en voor herstel voordat ze op het vliegtuig naar Bali stapt. Wij gaven hem duidelijk te kennen dat het weliswaar ons idee is maar dat hij de baas, el jefe, van het schema is (maar dat wist hij al). Hij luisterde, rekende iets uit, maakte een aantekening, dacht na en sprak toen de magische woorden: 'you can book'. Dat hebben wij de volgende dag dan ook gedaan.

Begin december zal mijn liefje de laatste van de acht chemokuren krijgen. Daarna hoeft zij niet meer tweewekelijks te worden behandeld. De therapie moet dan zijn werking hebben gedaan. De eerstvolgende controle-afspraak is dan weer na drie maanden. In de eerste twee jaren na behandeling moet zij driemaandelijks worden gecontroleerd. In het derde jaar zullen de controles zesmaandelijks plaatsvinden. Met 'haar' type tumor is de kans op terugkeer vooral aanwezig in de eerste drie jaren na behandeling. Dat zullen ongetwijfeld intensieve jaren worden maar we hebben met elkaar afgesproken dat wij niet gaan leven 'van controle naar controle'. Wij hebben immers veel om voor te leven en Bali speelt daarin een grote rol.

We maken ons dus wederom op om ver weg te vliegen en de eerste 'verstekeling' heeft zich al bij ons gemeld: de (vaste) Spaanse verpleegster van mijn liefje. Dat is een goede dame: trefzeker tijdens het bloedprikken en secuur tijdens de toediening van de chemo maar ook zorgzaam en met een goed gevoel voor humor. Naar verluid is zij bereid een koffer te dragen. Dat creëert wel direct een probleem: ik heb zuster Clivia nog niet op de hoogte gesteld van onze reisplannen...


maandag 28 september 2009

Tweede en derde kuur

De tweede chemokuur van de afgelopen weken gaf bij mijn liefje meer bijwerkingen dan de eerste. Vanwege de goede reactie van haar lichaam op de eerste toediening, besloot de oncoloog de dosis cytostatica de tweede keer met 10% te verhogen. 'Hoe effectiever hoe beter', was zijn oordeel. Dat merkte ze! Ze voelde zich na die kuur langer vervelend dan de vorige keer en de verschijnselen waren bovendien diverser: maagpijn, een wee gevoel (tegen misselijkheid aan), gevoeligheid in de mond, rugpijn (van het vele liggen) en bijna-kaalheid. Het is telkens afwachten wat de lichamelijke reacties zullen zijn maar we leren elke week bij en wanhopen niet. Het is en blijft immers preventief.

Er waren na die tweede kuur ook weer fijne momenten, al waren ze minder talrijk dan na de eerste toediening. Het lichaam zal door elke kuur harder worden aangepakt en langer nodig hebben om te recupereren. Als mijn liefje dan weer kan genieten, doen we het ook met volle teugen. Vooral van kleine, dagelijkse dingen. Ik maakte bijgevoegde foto aan de boulevard van San Pedro del Pinatar, na een gezonde lunch bij de zigeuners. We wandelden daarna langs de Mar Menor. Koppie in de frisse wind, de longen volzuigend. Beweging bevordert genezing.
Mijn liefje is overal in goede handen, getuige de reddingsbrigade op de achtergrond en het 'Hei Matau' om haar hals. Ik kocht het amulet in Nieuw-Zeeland in 2006. Het is door een Maori-vakman vervaardigd uit kaakbot van een potvis en symboliseert kracht, vastberadenheid en gezondheid. Van dat alles kan ze nu wel wat extra gebruiken. Net als van vitamine B12 (tegen heersende bloedarmoede) en héél veel vitamine A (van Aandacht)!

Tijdens de eerste vier chemokuren krijgt mijn liefje een cocktail toegediend van zogenaamde alkylerende stoffen. Deze stoffen gaan verbindingen aan met eiwitten in de eventueel aanwezige tumorcellen en zorgen ervoor dat deze cellen zich niet kunnen vermeerderen. Cyclofosfamide, een van de twee stoffen die zij thans krijgt toegediend, is een medicijn uit deze groep. De andere stof uit de cocktail is Adriamycine, een van de oudere middelen tegen kanker. Het heeft vele bijwerkingen maar het is vooral de boosdoener die voor geheel of gedeeltelijk haaruitval zorgt. In het geval van mijn liefje is dat tot nu toe gedeeltelijk. De haren die nu nog op haar bolletje staan worden gekoesterd. We moeten afwachten wat de derde kuur met die overgebleven 'harde kern' gaat doen.

De derde kuur ontving mijn liefje vandaag. De bloedwaarden waren in orde dus de therapie kon doorgaan. Ook deze keer werd de dosis weer verhoogd; de behandelend oncoloog probeert de kuur optimaal voor haar te krijgen. De dag werd afgesloten met een Neulasta-injectie, ter ondersteuning van de witte bloedcellen in het lichaam. Een te laag gehalte kan infecties veroorzaken en de effectieve werking van chemotherapie schaden. Het aanprikreservoir deed goede dienst voor bloedafname en toediening. We kregen het gebruikelijke zakje pillen mee tegen optredende misselijkheid maar zuigen op een ijsblokje helpt ook. Zuster Clivia stelde voor de ijsblokjes te vervangen door mini-Magnums. Het idee kreeg veel bijval van mijn liefje. "Tof mens", zag ik haar denken...
Op weg naar huis zagen wij dat het waterpeil op de route naar het postkantoor tot middelniveau was gestegen. Op overige wegen stond het water tot boven de knieën. Het was vandaag noodweer aan de Costa Blanca maar dat deerde ons niet.


zaterdag 26 september 2009

Wij zijn gemaakt van sterrenstof

Je kunnen verwonderen en laten verrassen vind ik een eigenschap waarvoor een mens wat mij betreft nooit te oud is. Zo keek ik vorige week met verwondering naar een uitzending van de BBC over het uitsterven van dinosauriërs. Aan het einde van het Krijt-tijdperk (65 miljoen jaar geleden) stierf deze diersoort uit, wellicht door de inslag van een meteoriet. Die theorie kende ik al wel.
In de documentaire kwam een groot aantal paleontologen aan het woord. Ze werkten allen naar eenzelfde conclusie toe aan het einde van het programa: deze groep dieren is niet uitgestorven. Het verraste mij te horen dat dinosauriërs voortleven in vogels: de pootafdruk van de uitgestorven dinosauriër -drie tenen- komt overeen met de pootafdruk van een kalkoen of emoe nu. Ik vond het een openbaring. Ik heb mij nooit verdiept in dinosauriërs maar des te meer in vogels. Deze gevleugelde vriendjes kregen sinds de rondreis door Australië mijn speciale aandacht. Mijn favoriete dinosauriër van dit moment is dan ook geen T-rex maar... een steenuil. Ik vind het verrassend te bedenken dat deze kleinste (sociale) uilensoort zo'n gevaarlijk en log dier als stamvader heeft.

Iets anders dat mij blijft verwonderen is de bijdrage van vergane sterren aan het menselijke bestaan. Ik ben een aanhanger van de evolutietheorie, niet van het scheppingsverhaal. Volgens die theorie ontstonden de zon en de aarde uit resten van vroegere generaties sterren. Ook de mens is opgebouwd uit resten van massieve sterren. Het explosieve einde van zo'n ster wordt een 'supernova' genoemd. Men heeft becijferd dat uit één ster in de supernova-klasse wel 30 miljoen 'aardes' kunnen ontstaan. Dat geeft maar weer eens overduidelijk aan hoe nietig wij, aardbewoners, zijn. Lang nadat de mens is opgehouden te bestaan, zullen de stoffen waaruit wij voortkwamen nog steeds voortbestaan. Die zullen nog miljoenen, zoniet miljarden keren een bijdrage leveren aan het leven op aarde, voordat de zon uit elkaar spat en daarmee alle elementen van de aarde door het heelal verspreidt. Die stoffen zullen vervolgens weer samenkomen in een nieuw zonnestelsel en een nieuwe planeet met nieuw leven mogelijk maken. Wij zijn dus gemaakt van sterrenstof... Die gedachte geeft een zekere eeuwigheidswaarde aan ons beperkte aardse bestaan.

Mijn beste vriendin Nelly zou vandaag, 26 september 2009, 49 jaar zijn geworden. Het mocht niet zo zijn: op 2 januari jongstleden overleed zij aan de gevolgen van ongeneeslijke longkanker. Een mens is dan weliswaar nooit te oud om te leren, zij was veel te jong om te sterven. In de afgelopen weken was zij nóg vaker in mijn gedachten. Niet vaker, anders. Ik overdacht regelmatig hoezeer zij een voorbeeld was in hoe zij met haar ziekte omging. Zoals zij er niet ziek wilde uitzien. Hoe zij actief bezig bleef met de mensen en de wereld om haar heen. Zoals ze vertrouwen bleef hebben in het proces, zelfs in de wetenschap dat genezing voor haar niet in het verschiet mocht liggen. En hoe ze ondanks alles positief bleef. De voetafdruk die zij in mijn hart achterliet, bestaat wel uit meer dan drie tenen...

Als ik nu aan haar denk, stel ik mij haar voor als ster. Flonkerend aan het firmament, heel ver weg maar toch zo dichtbij. Net als in voorgaande jaren, heb ik haar vandaag toegezongen en zal ik met mijn liefje op haar proosten.

Voor haar persoonlijke afscheidskaart koos Nelly een uitspraak van Antoine de Saint-Exupéry, de Franse schrijver van het boek 'Le Petit Prince' (de kleine prins). De volwassen hoofdpersoon in het boek ontmoet in de Sahara een prinsje dat van een buitenaardse planeet afkomstig is. Tussen hen ontstaan boeiende gesprekken over de mensheid en het leven. Ik las het boek als verplichte literatuur tijdens mijn middelbare schooltijd en las het uit vrije wil wederom als volwassene. En ik ben niet de enige: er verschenen wereldwijd 80 miljoen exemplaren van het boek. Het is dan ook bijzonder: het staat bol van de diepzinnige gedachten en fraaie tekeningen. Nelly's gekozen tekst gaat als volgt:

“Dit is mijn geheim: alleen met het hart kun je goed zien. Het wezenlijke is voor de ogen onzichtbaar.”

Weken geleden zag ik in een krant de volgende zin boven de rouwadvertentie voor een jonge vrouw: 'als tranen een trap konden bouwen en herinneringen een brug, dan klommen wij hoog de hemel in en haalden wij je terug'. Die tekst ontroerde mij. Zo voelt het wat mij betreft ook met Nelly. Al heb ik hoogtevrees, ik zou de hoogste ladder fier beklimmen als ik haar daarmee terug zou kunnen brengen naar het aardse, naar het hier en nu. Terug bij ons die haar zo missen. Al zijn wij samengesteld uit wonderlijke stof, we kunnen geen wonderen verrichten. Helaas.


dinsdag 22 september 2009

Voldoende of genoeg?

Als foodie was ik altijd al geïnteresseerd in koken en eten maar in de afgelopen weken ging het mij nóg meer bezighouden nu mijn liefje gedurende enkele maanden medisch wordt behandeld. Tijdens die behandelingen krijgt haar lichaam veel giftige stoffen binnen. Het kan daardoor verzwakken dus het is belangrijk dat zij goed blijft eten en in conditie blijft. Mijn liefde voor deze vrouw gaat ook door de maag.
Het is algemeen bekend dat chemotherapie eetlustverlies en smaakverandering kan veroorzaken. In de afgelopen weken ontstond aan onze eettafel regelmatig discussie over 'genoeg' en 'voldoende'. Dat was geen semantische woordenwisseling: mijn liefje vindt tegenwoordig al snel dat zij genoeg heeft gegeten. Te snel naar mijn zin èn die van zuster Clivia. Wij vinden beiden dat zij niet voldoende eet en aangezien dat twee tegen een is...

Ik begrijp heel goed dat eten met weinig eetlust al gauw als proppen aanvoelt en dat is niet fijn. Proppen is dan ook geenszins de bedoeling. Maar een lepeltje extra van het een of ander stelt iedereen tevreden. Het is immers belangrijk dat Señorita Spillebeen op gewicht blijft.
Zelfs zuster Clivia kan geen wonderen verrichten: mijn liefje mag tot niets worden gedwongen. Ze kan het gepureerde voedsel toch niet met een trechter in haar keel gieten?! De patiënte mag dan donshaartjes hebben, ze is zeker geen gansje! De eerste de beste keukentrol zou de daad bij het woord hebben gevoegd. Zoniet zuster Clivia. Zij probeert het de patiënte op culinair gebied zo veel mogelijk naar de zin te maken: 's morgens ontbijt met frambozen en aardbeien op toast en 's middags mag zij het helemaal zelf bepalen; vooropgesteld dat het voldoende is. 's Avonds worden stamppotjes gemaakt die gemakkelijk naar binnen glijden, lievelingsgerechten met bonen, smaakvolle pasta's met veel vers bereide tomatensaus. Bij voorkeur nuttigen we seizoensproducten, van Spaanse origine. Dat is goed voor ons en voor het milieu.

Dergelijke maaltijden 'gaan erin als een ding in een ouderling'. Het is een gezegde dat ik jaren geleden voor het eerst optekende uit de mond van een vriendin. Ik kende die oud-Hollandse uitdrukking niet maar ik ben dan ook niet van kerkelijke huize. Wel vroeg ik mij af wat voor 'ding' dat dan is dat zo gemakkelijk in een ouderling verdwijnt. Ik kreeg er de gekste ideeën bij. Na enig speurwerk kwam ik erachter. Het correcte gezegde luidt: 'dat gaat erin als Gods woord in een ouderling'. Daar ik de variant van onze vriendin veel en veel leuker vind, bezigen wij die tot op de dag van vandaag.

De hoofdmaaltijden werden in de afgelopen weken kleiner en eenvoudiger maar gedurende de hele dag serveer ik nu gezonde en smakelijke tussendoortjes in de vorm van vers fruit, gedroogde vruchten, hartige toast, avocado, yoghurt, noten, een muslireep. Ook vezels zijn belangrijk. Ik let goed op vetgehalten maar momenteel mag ze best een beetje worden vetgemest, er mogen wat kilootjes bij. Het suikergehalte blijf ik als vanouds beperken. Suiker is niet goed, niet voor gezonde mensen maar zeker niet voor mensen die kanker bestrijden. Bovendien zitten er al genoeg natuurlijke suikers in vers fruit.

Dacht ik tot voor kort -en vele anderen met mij- dat antioxidanten goed zijn voor de mens en eventueel kanker kunnen tegengaan, begin augustus van dit jaar werd het tegenovergestelde bekendgemaakt. Onderzoekers van de Universiteit van Harvard toonden aan dat antioxidanten kanker niet voorkomen maar juist bevorderen. Wij vonden dat schokkend nieuws. Het onderzoek heeft geen betrekking op antioxidanten die van nature in verse groenten, vers fruit en olie voorkomen. De hoeveelheden daarin zijn dermate gering dat ze geen schade aan de gezondheid berokkenen. De onderzoekers hebben aangetoond dat antioxidanten in de vorm van voedingssupplementen, dat wil zeggen pillen met een hoge dosis, kankerwekkend zijn. Antioxidanten die aan levensmiddelen zijn toegevoegd, staan op een etiket aangeduid met E-nummers (E300 tot E321). Ook die moeten zo veel mogelijk worden vermeden. Weet wat je eet!

Ook van koffie is bekend dat het antioxidanten bevat. In een vergelijkend onderzoek naar die stof in verschillende (natuurlijke) dranken waaronder koffie, groene thee, rode wijn en citrussappen bleek het koffiebonenprutje over de hoogste capaciteit te beschikken. Toch raden onderzoekers aan dat men het beter bij één of twee kopjes koffie per dag kan houden en daarnaast vooral ook veel verse groenten en fruit te eten. En dat is precies wat we doen.

In de ochtend nuttigen wij genoegzaam een kopje Nespresso-koffie. Met de complimenten van de heer Clooney, door ons ook wel 'Dokter Koffie' genoemd. De manager van dat product verdient wat mij betreft een grote marketingprijs. Je kunt de koffie zo sterk drinken als je wilt, voor iedereen is er wel een smaak voorhanden. Sinds wij deze koffie ontdekten, kan geen ander merk eraan tippen. Mijn liefje noemt dat moment van koffiedrinken zelfs met een knipoog 'haar hoogtepunt van de dag'. Dat zegt genoeg.



zaterdag 19 september 2009

Zij en haar

In de afgelopen week kregen wij het regelmatig over haar. Niet over hem, niet over haar maar over hoofdhaar. Dat is niet zo verwonderlijk wanneer iemand in de familie chemotherapie volgt, met kaalheid als bijwerking.
Mijn liefje vertelde mij dat zij als puber zakgeld kreeg van haar ouders, onder andere bestaande uit een maandelijkse kapperstoelage van twee gulden vijftig. Dat bedrag was voor ieder gezinslid ruim voldoende. Zij vond dat echter dik onvoldoende: voor dat geld kon je je volgens haar alleen een 'bloempotmodel' laten aanmeten en dat was géén optie.
Zij spaarde dan ook voor elk kappersbezoek nog eens twee gulden vijftig extra, uit eigen middelen die waren verkregen door een scholierenbaantje bij de apotheker. Zo kon zij zich prinsesselijk laten coifferen bij kapper Postmus op de Lijnbaan in Rotterdam. Daar had zij niet alleen een knipkaart, zij was er vaste klant en kreeg 20% korting. Een deel van het traject tussen huis en kapperszaak legde zij fietsend af, zodoende geld uitsparend voor de tram. Dat schetst een beeld van iemand, nietwaar?!

Toen ik haar 20 jaar geleden ontmoette, had zij een kapper in Brussel. Er was naar verluid geen kapper in Nederland die aan 'de kwaliteitsnorm' voldeed. Kapper Jean-Claude wel. “Wat maakt een goede kapper?” Technische vaardigheid, geen gezeur aan het hoofd tijdens de knipbeurt en 100% tevredenheid achteraf. Zo simpel is het. Van elk kappersbezoek maakten mijn liefje en ik een uitje: we gingen bij voorkeur lunchen bij 'Aux Armes de Bruxelles'. Het is een gerenommeerd Brussels restaurant uit 1921, gesitueerd in de Rue des Bouchers. Koning Leopold III, Laurel & Hardy (twee favorieten van mijn liefje), Placido Domingo en Bill Clinton waren er zoal te gast. Ze serveren er een fantastische steak tartare met zelfgemaakt frietjes. En de Côtes de Provence rosé was er niet te versmaden. Bij die gedachte loopt het water mij weer in de mond...

Toen wij naar Den Haag verhuisden, vonden wij een goede kapperszaak op het Noordeinde. Mijn liefje werd maandelijks gekapt door Alvaro en ik door Carla. Hij was een lieve homo, zij had een grote bos rode krullen en een roomwitte huid met sproeten. (Ieder haar meug!) En niet onbelangrijk: beiden waren heel goede kappers.

Eind 2000 vertrokken wij naar Engeland waar we opnieuw een goede kapper moesten zoeken. We vonden onze man in Henley-on-Thames, bij ons om de hoek. Kapper 'Van', eigenaar van de salon, was een blonde hulk met kolenschoppen van handen, een Harley Davidson en een zwarte vriendin genaamd Primrose die ook in de salon werkte. Zo grof en stevig als hij was, zo verfijnd was zijn motoriek. Hij had een knipvaardigheid die zijn weerga niet kende. Bovendien waren Van en Primrose een apart stel met wie wij gesprekken voerden die maandelijks onderdeel uitmaakten van onze Engelse inburgeringscursus. We gaven maandelijks een godsvermogen uit in Engelse ponden maar dat was dragelijk vanwege onze Britse salarissen. Na het kappersbezoek gingen wij steevast lunchen bij visrestaurant 'Loch Fyne': witte vis voor mijn liefje (allergisch voor schaal- en schelpdieren), oesters, kokkels, krab of kreeft voor mij. En altijd met een glaasje bubbels. Bij die gedachte loopt het water mij weer in de mond...

Sinds onze ontmoeting strijk ik elke dag van elk van die twintig jaren wel even liefdevol over haar hoofd. Over die mooie, dikke bos haar die altijd goed zit. Ik moet vaak om haar lachen: zij vindt stellig dat ze blond is en ik vind dat -godzijgeprezen- niet. Eén blondje in het gezin is genoeg. Ik zeg haar ook al jaren dat het absoluut geen zin heeft de haren te wassen met 'Zomerblondje' maar ach, we hebben allemaal recht op onze afwijking.
Het moge duidelijk zijn: zij en heur haar zijn al het hele leven dikke maatjes. Die maatjes moeten tijdelijk afscheid van elkaar nemen. Door de chemotherapie heeft zij nu bijna een kaal koppie. Het ging heel hard in de afgelopen dagen. De fraaie hoofddoeken liggen klaar. Als het aan Geert W. ligt, zou ze hoofddoekjesbelasting moeten gaan betalen. Hij noemde het ook wel 'kopvoddentax'. Een lelijker woord zal er dit jaar -en hoogstwaarschijnlijk ook volgend jaar- niet opduiken. Het is kwetsend, ik ben er thans extra gevoelig op.

Toen de haren bij bosjes vielen, toen kwamen de tranen. Zij huilde om haar verlies, ik snikte om haar verdriet. Die kaalheid had ik mijn liefje zó graag willen besparen. Maar ze heeft een mooi bolletje waarover ik dagelijks met veel liefde zal blijven strijken. Wel heel zachtjes want haar huid zal kwetsbaar zijn. Haar lieve ogen lijken nu extra blauw. Ze kijken inmiddels weer strijdbaar de wereld in.
Bij vroegere knipbeurten werd mijn persoonlijke verzoek aan haar om 'blote oren' zelden gehonoreerd. Terwijl ze toch zo leuk zijn. Wat ik daar nu zoal mee kan doen? Bij die gedachte loopt het water mij weer... Blushing Smiley

woensdag 16 september 2009

Zuster Clivia informeert

De dag van mijn liefje's tweede chemokuur was druilerig in Spanje. Dat paste echter goed bij het doel van die dag, die overigens ook al naar begon: het eerste bosje haar viel uit. Ik moest flink slikken toen ik die pluk tussen haar vingers zag. We keken elkaar aan: het gaat dus echt beginnen, de eerste gezonde cellen zijn aangetast... Ik hoop met heel mijn hart dat de eventueel aanwezige ongezonde cellen ook zo effectief worden bestreden! De kapper komt vandaag aan huis om het haar kort te knippen. De chemo zal de rest doen. De hoofddoeken die zij als verjaardagskado ontving, zullen spoedig in gebruik worden genomen. De gulle gevers stuurden en overhandigden het met de nodige schroom maar mijn liefje is er oprecht blij mee. Ik vind dat zij er met haar hoofdbedekking uitziet als een 'grande dame'. Op de website van mooihoofd.nl is een fraaie selectie te vinden.

's Ochtends vroeg kwamen wij in het ziekenhuis aan. Na administratieve handelingen kon bloed worden afgenomen. Als de bloedwaarden niet in orde zijn, zal de chemokuur niet mogen plaatsvinden. Dat was echter geenszins het geval; de kwaliteit van het bloed is goed, al kregen wij die uitslag pas uren later te horen vanwege problemen met een medisch apparaat. Toen mijn liefje dan eindelijk om 11 uur naar de wachtkamer van de OK werd gebracht voor plaatsing van het onderhuidse aanprikreservoir, bleek het die dag zó onvoorzien druk dat er onvoldoende operatieruimten beschikbaar waren. Dat werd wachten... en wachten... en wachten. Totdat het dermate vervelend werd voor mijn -nog grotendeels nuchtere- liefje dat wij de chirurg voorstelden de chemo dan maar weer via de arm toe te dienen. Dat bleek een effectieve vraag: ze kreeg voorrang. De ingreep onder plaatselijke verdoving viel mijn liefje zwaar, onder andere door de langdurig geforceerde houding. Ze leek even een bionische vrouw door de slangetjes die onder het sleutelbeen uitstaken. Deze zijn inmiddels verwijderd; bij de volgende kuur worden ze weer aan het reservoir bevestigd.

Daarna, het was inmiddels 3 uur 's middags, was er wederom een gesprek met Dr Brugarolas, hoofd van de afdeling Oncologie. Hij was tevreden over de wijze waarop het lichaam van mijn liefje op de eerste chemokuur had gereageerd. Om die reden is de dosis cytostatica voor de tweede kuur iets verhoogd, voor nóg meer effectiviteit. Zelf hadden wij ook weer enkele vragen aan hem. In de afgelopen weken had ik in diverse artikelen gelezen dat de cocktail van mijn liefje bij de meeste borstkankerpatiënten eenmaal per 3 weken wordt toegediend. “Waarom bij haar dan eenmaal per 2 weken? Het lichaam heeft toch tijd nodig om voldoende te herstellen?” Hij had er merkbaar plezier in het antwoord aan ons toe te lichten. Uit Amerikaans onderzoek onder 900 vrouwen bleek dat chemotherapie met deze combinatie om de twee weken 10% effectiever is dan dezelfde cocktail om de drie weken. De kans op terugkeer van de tumor wordt zo nog geringer. Hij zei letterlijk: “die tien procent mogen wij bij u niet laten liggen”. Dat zijn wij volmondig met hem eens. Ook vroegen wij hem of wij in december, na de laatste chemokuur, naar Bali zouden kunnen afreizen. Hij heeft zijn volledige medewerking aan dat plan gegeven. Een lichtpunt!

Na dat gesprek gingen wij naar de eigen kamer waar de kuur begon die duurde tot 6 uur 's avonds. Mijn liefje kreeg wederom premedicatie, aangevuld met een pijnstillend middel vanwege de ingreep. We moesten tot kwart over 9 wachten voor de laatste bloedafname. Inmiddels was ook het diner in de suite geserveerd. De behandelend oncoloog besloot aan het einde van de dag nog een injectie met proteïne toe te dienen om de aanmaak van witte bloedlichamen te stimuleren en infecties te voorkomen. Ook kreeg zij weer medicijnen mee om bijwerkingen van de chemo in de komende dagen te beperken. Om 10 uur 's avonds was mijn moeie, bleke liefje terug op de plek waar ze wilde zijn: thuis. De nachtrust was redelijk, de 'day after' goed.


maandag 14 september 2009

Sneu

Gedurende het gehele afgelopen weekend vierde mijn liefje haar verjaardag. Dat vierden wij in uitstekend gezelschap en op feestelijke wijze. Vanzelfsprekend waren er veel balonnen, was er gezang en dronken wij roze champagne. Goede tradities moeten immers in ere worden gehouden. Mijn liefje was die dag in heel goede doen dus wij gingen voor de lunch uit eten. Die goede staat was misschien wel haar grootste kado... maar zij werd ook met liefde, aandacht, telefoontjes, kaarten, e-cards en kadootjes omringd. Zondagavond stapte zij moe maar heel tevreden haar bedje in.

Naarmate wij langer samen zijn, vind ik het elk jaar lastiger worden een geschikt verjaardagskado voor haar te vinden. Ik heb wel verrassingen voor haar maar die bedenk ik niet persé rondom haar verjaardag. We hebben immers zo vaak iets te vieren; zelfs in de afgelopen weken. Vaak vieren wij iets met een reis(je).
Mijn liefje vindt bovendien dat zij al veel heeft en als ze al iets wenst of nodig heeft, koopt zij het. Ze wil bovendien met de jaren steeds minder 'bezittingen' en dat begrijp en respecteer ik. Wel wens ik haar meer gezondheid toe! Tot nu toe bestond een verjaardagskado doorgaans uit een reis, hetzij dichtbij, hetzij ver weg. Voor dit jaar waren het plannen in Bali: ofwel een snorkeltrip naar Menjangan ofwel een golfuitje naar de Bali Handara Golfclub.

Vorig jaar vierden wij haar verjaardag op de camping in Kijkduin. In aanloop naar die dag zocht ik in een van de betere boekhandels in Den Haag naar een tropische planten- en bomengids. Het betrof 'Elseviers Gids van Tropische Planten' (1982), samengesteld door Wilhelm Lötschert en Gerhard Beese. Wat je noemt een standaardwerk. Deze encyclopedie van tropische flora is een must voor tuinkabouters-met-aanleg. Een van de hobbies van mijn liefje is tuinieren en in de nieuw aan te leggen tropische tuin in Bali is veel te doen. Ik bedacht dat het dan leuk is te weten wat er zoals beschikbaar is, wat er groeit en bloeit en hoe je het moet behandelen. Die zoektocht liep vorig jaar niet goed af: het boek was compleet uitverkocht, het leek nergens meer te krijgen.
Dit jaar deed ik een nieuwe poging. De aanhouder wint tenslotte. Allereerst deed ik dat via vrienden die hun boekhandel in Nederland raadpleegden. Helaas, het boek was nog steeds uitverkocht, onbestelbaar. Na enig zoekwerk op internet vond ik echter -surprise, surprise- een zeer fraaie uitvoering van de gids.

Ik was ermee in mijn nopjes: eerste druk, uitgevoerd in linnen, met veel mooie foto's (274 afbeeldingen in kleur). Ik bestelde de encyclopedie bij 'Antiquariaat De Bilt', gespecialiseerd in bijzondere uitgaven. Een weekje later ontving ik een mail van de eigenaar. Hij liet mij weten dat de gids klaar lag voor verzending en verzocht mij het verschuldigde bedrag op zijn rekening over te maken. Na ontvangst van het geld zou hij het boek naar het postadres in Nederland versturen. Zo gezegd, zo gedaan. Tenminste aan mijn kant. Het wachten was nu op het ontvangstbewijs via onze vrienden. Dat niet kwam... en maar niet kwam. Ik begon mij zorgen te maken over de tijdige levering. Ik mailde de man en het bedrijf meermalen. Ook liet ik berichten achter op zijn mobiele en zijn vaste telefoonnummer. Er kwam geen reactie. “Zou ik voor het eerst in mijn leven worden opgelicht?” Dat het dan juist bij dit kadootje, bij deze gelegenheid moest gebeuren.?!

Tot ik drie dagen voor de verjaardag van mijn liefje een telefoontje kreeg van mijn Hollandse dealer, de koerier van het gewraakte boek. En wat bleek? Zij meldde mij dat de eigenaar van het antiquariaat met een gebroken rug in het ziekenhuis ligt... Tja, dan kun je inderdaad geen emails beantwoorden en boeken opsturen. Dat begrijp ik. Ik heb oprecht met de man te doen. Hij maakte zich nog wel even zorgen over mijn betaling... Zijn ex-echtgenote -zij waren naar verluid net gescheiden; ook dat nog!- zou vervolgactie ondernemen. Twee dagen voor het geplande vertrek naar Spanje, werd het boek op het Nederlandse adres van onze vrienden afgeleverd.
Het kado is nu eindelijk in bezit van mijn liefje. Ongeschonden en wel. Haar groene vingers bladerden al meermalen gretig door de 256 rijk geïllustreerde pagina's. Ik hoop van harte dat zij er spoedig op lokatie mee aan de slag kan. Met veel dank aan onze vrienden en de gehele familie van het antiquariaat!

Wij bereiden ons thans voor op de 2de chemotherapie morgen (dinsdag 15 september). Ik breng jullie daarvan later in de week weer op de hoogte.


zaterdag 12 september 2009

¡Feliz Cumpleaño!

Voor de leukste sudoku-speelster die ik ken... Hierbij jouw eigen puzzle (geïmporteerd uit Australië) die je ook na vandaag kunt blijven spelen.

Copyright Sudoku.com.au


De puzzl'itis
Onder de infectieziekten
waaraan menigeen thans lijdt,
is er één, de Puzzl'itis,
die zich meer en meer verbreidt.
Als 't buiten nat en guur is
en de kachel heerlijk brandt,
wordt de ziekte epidemisch
en besmet ze 't hele land.
Aangenaam zijn haar symptomen
en de lijders lijden niet
maar men kan nooit meer genezen...
medicijnen helpen niet!

Noch vaccin, noch aspirine,
zelfs geen warme groc of thee:
wie er eens door is getroffen,
draagt haar heel het leven mee!
Doch, collega Puzzle-dokter,
die de ziekte heeft ontdekt,
en door 't kweken van de coccen
de infectie heeft verwekt:
laat u in uw werk niet storen,
maak, dat deze ziekte blijft.
Dankbaar zijn dan uw patiënten,
Oók de lijder, die dit schrijft.


Dr Dussan, Dr Brugarolas, Dr Rebollo en...

.